Het aantal aanvallen gericht op webapplicaties en API’s (Application Programming Interfaces) is in 2023 aanzienlijk toegenomen. Dat schrijft cybersecuritybedrijf Barracuda in een overzicht. Webapplicaties zijn een belangrijk doelwit voor cyberaanvallen. Volgens het 2023 Verizon Data Breach Investigations Report waren webapplicaties in 2023 de belangrijkste aanvalsvector; ze werden gebruikt bij 80% van de incidenten en 60% van de inbreuken.
Volgens Barracuda bevatten veel webapplicaties kwetsbaarheden of configuratiefouten. Verder bevatten deze applicaties vaak zeer waardevolle informatie, zoals persoonlijke en financiële gegevens. Een succesvolle aanval geeft criminelen direct toegang tot die gegevens. Onderzoek toont dat 40% van de IT-professionals die betrokken zijn geweest bij ethisch hacken van mening is dat aanvallen op webapplicaties tot de meest lucratieve vormen van cybercrime behoren, terwijl 55% hetzelfde zegt over API’s.
OWASP-aanvallen
Om te begrijpen waar aanvallers zich op richten, heeft Barracuda webapplicatie-incidenten onderzocht die in december 2023 zijn gedetecteerd en tegengehouden door Barracuda Application Security, waarbij specifiek is gekeken naar aanvallen die zijn geïdentificeerd door het Open Worldwide Application Security Project (OWASP).
Dit was het resultaat:
• 30% van alle aanvallen tegen webapplicaties was gericht op securityfouten – zoals programmeer- en implementatiefouten.
• 21% betrof code-injectie. Dit waren niet alleen SQL-injecties (die over het algemeen gericht zijn op het stelen, vernietigen of manipuleren van gegevens) maar ook Log4Shell en LDAP-injectieaanvallen. LDAP wordt door organisaties gebruikt voor rechten- en resourcebeheer en toegangscontrole, bijvoorbeeld om single sign-on (SSO) voor applicaties te ondersteunen.
De OWASP Top-10 lijst wordt jaarlijks bijgewerkt en recent zijn er enkele wijzigingen aangebracht in deze lijst. Daarbij gaat het vooral om de integratie van ‘top-level’ aanvalstactieken in andere categorieën. Voorbeelden hiervan zijn cross-site scripting (XSS) en cross-site request forgery (CSRF), waarmee aanvallers gegevens proberen te stelen of hun slachtoffer willen verleiden tot het uitvoeren van acties. Beide tactieken worden nog steeds zeer veel gebruikt. Vooral XSS wordt veel gebruikt door beginnende bug bounty hunters of door aanvallers die proberen in te breken in netwerken.
Pas op voor bots
Uit anti-botnet detectiegegevens blijkt dat ruim de helft (53%) van de botaanvallen van december 2023 die gericht waren op webapplicaties, zogenaamde volumetrische DDoS-aanvallen (Distributed Denial of Service) waren. Deze aanvallen worden over het algemeen uitgevoerd door grote botnets van IoT-apparaten. Ze maken gebruik van ‘brute force’-technieken die het doelwit overspoelen met datapakketten om bandbreedte en bronnen te bezetten. Dit soort aanvallen wordt soms gebruikt als dekmantel voor serieuzere, meer doelgerichte aanvallen. De data wijzen verder uit dat ongeveer een derde (34%) van de botaanvallen DDoS-aanvallen op applicaties waren, gericht op een specifieke applicatie, terwijl het in 5% ging om pogingen om accounts over te nemen.
Kwetsbare en verouderde app-componenten
Kwetsbare en verouderde componenten in applicaties blijven waardevol voor aanvallers. Zo zijn de ProxyShell-kwetsbaarheden uit 2021 voortdurend misbruikt, wat heeft geleid tot een aantal spraakmakende inbreuken, waaronder ransomware. Verder zijn er nog enkele oudere, minder prominente kwetsbaarheden die zo nu en dan weer het doelwit zijn van aanvallers – zoals de huidige Androxgh0st Malware, waarvoor het Amerikaanse Cybersecurity and Infrastructure Agency (CISA) op 16 januari 2024 een waarschuwing heeft gegeven. Uit telemetrie van Barracuda-detectiesystemen blijkt dat de scanpogingen voor al deze kwetsbaarheden op ongeveer hetzelfde moment begonnen, met vergelijkbare pieken. Dit suggereert dat het om één enkele of gecoördineerde aanvalscampagne gaat.
Herkomst scans
Interessant is dat Nederland hier met 9% op de derde plaats staat, na de VS en Frankrijk. Dit is volgens Barracuda zeer waarschijnlijk het gevolg van het grote aantal hostingbedrijven met publieke servers in Nederland en de zeer goede infrastructuur. Daarnaast zijn er interessante veranderingen in de loop van de tijd. Begin december stond Tor nog in de top 5 van ‘regio’s’, maar later in de maand daalde dit op de lijst – waarschijnlijk omdat Tor vaak volledig wordt geblokkeerd. Tor (The Onion Router) is open source software waarmee gebruikers volledig anoniem op het web kunnen surfen. Hoewel niet daarvoor bedoeld, biedt Tor aanvallers een manier om hun activiteiten te verbergen, omdat de identiteit en het punt van herkomst van een Tor-gebruiker niet kunnen worden vastgesteld.