Check Point Research publiceert het AI Security Report 2026, waarin het bedrijf stelt dat kunstmatige intelligentie zich heeft ontwikkeld van hulpmiddel bij aanvallen naar zelfstandige uitvoerder van complete inbraken. Volgens het onderzoek daalt de reactietijd voor verdedigers, terwijl AI-adoptie sneller gaat dan de ontwikkeling van bijbehorende governance en beveiligingsmaatregelen.
Check Point Software Technologies publiceert het jaarlijkse AI Security Report 2026 van Check Point Research. Het rapport beschrijft volgens het bedrijf een verschuiving waarbij AI niet langer alleen wordt ingezet om aanvallen voor te bereiden, maar met minimale menselijke aansturing ook zelfstandig inbraken uitvoert. Het onderzoek is gebaseerd op praktijkvoorbeelden, telemetriedata en casestudies die Check Point Research het afgelopen jaar verzamelde.
Aanvallen zonder tussenkomst
De onderzoekers documenteerden aanvallen waarbij AI exploitatieprocessen autonoom uitvoerde. Bij een inbraak bij negen Mexicaanse overheidsinstanties gebruikte een aanvaller volgens Check Point twee commerciële AI-tools tegelijk: Claude Code voor het binnendringen en verkennen van netwerken, en GPT-4.1 voor de analyse van gestolen gegevens en het aansturen van vervolgacties. Sectorrapportages waarnaar Check Point verwijst, spreken van 5.317 uitgevoerde commando’s verdeeld over 34 aanvalssessies.
Kortere reactietijd
Het bedrijf meldt dat het tijdsvenster om kwetsbaarheden te verhelpen is teruggelopen van dagen naar uren, doordat AI een nieuw openbaar gemaakte kwetsbaarheid binnen enkele uren kan omzetten in een werkende exploit. Als gevolg hiervan hebben overheden volgens het rapport de verplichte responstijd voor de meest kritieke, internettoegankelijke systemen verkort tot twaalf uur.
Prompt injection en identiteitsfraude
Check Point registreerde tussen maart en mei 2026 een verveelvoudiging van detecties van kwaadaardige prompt-injectieaanvallen met ongeveer een factor vijf. Het bedrijf concludeert dat indirecte prompt injectie een veelgebruikte aanvalsmethode is geworden, waarbij AI-systemen zelf doelwit zijn.
Daarnaast stelt Check Point dat identiteit niet langer op zichzelf als betrouwbare beveiligingsmaatregel kan gelden. Stemmen, gezichten, documenten en live videobeelden zijn inmiddels overtuigend na te bootsen met AI. Uit het onderzoek blijkt dat getrainde beoordelaars AI-gegenereerde gezichten slechts in ongeveer 41 procent van de gevallen correct herkennen. Het bedrijf adviseert organisaties daarom over te stappen op sterkere identiteitsverificatie, waaronder multifactor-authenticatie en verificatie via onafhankelijke kanalen.
Risicovol gebruik binnen organisaties
Volgens het rapport is het aandeel risicovolle AI-prompts binnen bedrijven verdubbeld, van ongeveer een op de vijftig interacties naar een op de vijfentwintig. Een gemiddelde organisatie gebruikt inmiddels tien AI-applicaties per maand, waarvan een deel zonder formele goedkeuring. Tussen de 87 en 93 procent van de organisaties ervaart maandelijks minstens één AI-interactie met een hoog risico. De meeste blootstelling van bedrijfsgegevens ontstaat volgens Check Point niet door aanvallen, maar door regulier gebruik van goedgekeurde AI-tools, waarbij medewerkers meer context en gevoelige informatie delen dan zij zich realiseren.
Lotem Finkelstein, vicepresident van Check Point Research, geeft aan dat AI vorig jaar vooral fungeerde als vermenigvuldiger van aanvalskracht. Dit jaar constateert Finkelstein dat AI onderdeel is geworden van de aanvalsketen zelf en taken uitvoert waarvoor eerder een compleet team van ervaren aanvallers nodig was. Volgens hem verdwijnt de kennisbarrière die ervaren cybercriminelen onderscheidde van minder ervaren aanvallers snel, en kunnen verdedigers er niet meer van uitgaan dat een mens het tempo van een aanval bepaalt. Finkelstein stelt dat organisaties die voorop blijven lopen hun AI-gebruik beheersen, de AI-systemen waarop zij vertrouwen beveiligen en dreigingen op machinesnelheid bestrijden.
Aanbevolen aandachtsgebieden
Het rapport benoemt drie aandachtsgebieden die aansluiten bij de eigen aanpak van Check Point. Bij Security for AI gaat het om bescherming van AI-systemen zelf: het bedrijf zegt in realtime te controleren hoe AI-agents omgaan met prompts, tools en data, en test AI-applicaties via red teaming. Bij Security by AI verwijst Check Point naar zijn ThreatCloud AI-dienst, die dreigingen op machinesnelheid moet detecteren en blokkeren binnen netwerken, e-mail, endpoints, mobiele apparaten en cloudomgevingen. Security with AI richt zich op beheer van AI-gebruik binnen organisaties: Workforce AI Security brengt volgens Check Point zowel goedgekeurde als ongeautoriseerde AI-toepassingen in kaart en moet voorkomen dat gevoelige gegevens via generatieve AI worden gedeeld, terwijl Threat Exposure Management is bedoeld om blootgestelde gegevens en gelekte inloggegevens buiten de organisatie op te sporen.