Microsoft test in een experimentele build van Windows 11 een instelling waarmee gebruikers per desktopapp kunnen bepalen of deze toegang krijgt tot camera en microfoon. Voorheen gold voor desktopapps alleen een instelling voor alle apps tegelijk. De functie zit nog niet in een reguliere update.
Gebruikers van Windows 11 konden tot nu toe maar één instelling gebruiken om camera- en microfoontoegang voor desktopapps te regelen: alle desktopapps hadden toegang, of geen enkele. Voor apps uit de Microsoft Store gold die beperking niet, daar was per app al aan te geven of toegang was toegestaan.
Volgens Windows Latest brengt de nieuwe Experimental Insider build 26340.9212 die mogelijkheid nu ook naar desktopapps. Via de privacy-instellingen kunnen gebruikers voortaan per app aangeven of deze toegang heeft tot microfoon en camera, apart in te stellen voor beide onderdelen. Zo kan een gebruiker een browser als Chrome bijvoorbeeld wel cameratoegang geven, maar geen toegang tot de microfoon.
Ook locatie en meldingen aangepast
Dezelfde aanpassing geldt voor de locatietoegang van gebruikers, die eerder ook als alles-of-niets-instelling was ingericht. Daarnaast zijn er meldingen toegevoegd die om toestemming vragen voor toegang tot microfoon en camera. Dit soort meldingen verscheen tot nu toe niet bij desktopapps, in tegenstelling tot bij Store-apps.
Microsoft noemt de wijzigingen niet in de releasenotes van de Experimental build, meldt Windows Latest. Het is daarom niet duidelijk of het bedrijf de functie als definitief onderdeel van Windows 11 beschouwt of nog verder aanpast. De wijzigingen worden geleidelijk uitgerold binnen het Experimental Channel, waardoor niet alle testers de opties al zien.
Nog geen datum voor brede uitrol
De functie bevindt zich in een experimentele testfase van Windows 11. Dat betekent dat reguliere gebruikers de update op dit moment niet hebben en dat onduidelijk is wanneer de instelling breder beschikbaar komt. Microsoft heeft hierover nog geen uitspraken gedaan.