Internetabonnementen met een bandbreedte van 300 Mbps of meer worden populairder. Bijna een kwart van de vaste aansluitingen heeft inmiddels een snelheid van 1 Gbps of hoger. Ook het mobiele dataverbruik groeit weer na een periode van stagnatie. Dat blijkt uit de Telecommonitor van de ACM over het tweede kwartaal van 2026.
De Autoriteit Consument & Markt (ACM) neemt in de ACM Telecommonitor over het tweede kwartaal voor het eerst gedetailleerdere cijfers over internetsnelheden op. De toezichthouder onderscheidt nu vier segmenten: 30 tot 100 Mbps, 100 tot 300 Mbps, 300 tot 1000 Mbps en 1 Gbps of hoger. De verschuiving naar snellere abonnementen is op zichzelf niet nieuw, maar met de nieuwe indeling wordt de verdeling over de segmenten beter zichtbaar.
Verdeling over snelheidssegmenten
Met 46 procent valt het grootste deel van de abonnementen in de categorie 100 tot 300 Mbps. Ruim 21 procent zit in het segment 300 tot 1000 Mbps en 24,9 procent heeft een bandbreedte van 1 Gbps of meer. Die laatste twee categorieën zijn ten opzichte van het voorgaande kwartaal het hardst gegroeid.
De ACM noemt die groei opvallend. Eerder onderzoek van de toezichthouder wees uit dat 50 tot 100 Mbps voor veel huishoudens volstaat, maar dat online snelheidsadviezen en upselling ertoe leiden dat consumenten vaak hogere snelheden afnemen. De ACM adviseert daarom kritisch te kijken of een snel abonnement echt nodig is. Telecomaanbieders zijn verplicht klanten jaarlijks en bij het aflopen van het contract goed te informeren over hun internetabonnement. Om die verplichting te verduidelijken heeft de ACM onlangs conceptbeleidsregels gepubliceerd.
Mobiel dataverbruik op recordniveau
Na enkele maanden van stagnatie nam het mobiele dataverbruik in het tweede kwartaal met 4,7 procent toe tot 856 miljoen GB. Daarmee ligt het verbruik ruim boven het vorige record van 829 miljoen GB uit het vierde kwartaal van 2025. Het aantal simkaarten in apparaten groeide met 3,8 procent tot 22,1 miljoen.
Het aantal belminuten blijft afnemen. Mobiele bellers waren samen goed voor 7,7 miljard minuten, tegen 7,9 miljard in het eerste kwartaal. Bij vaste telefonie daalde het aantal belminuten van 0,86 miljard naar 0,80 miljard. Ook het aantal vaste telefonie-aansluitingen liep verder terug, tot 3,63 miljoen.
Glasvezel groeit verder
Nieuw in deze editie is de categorie gerealiseerde aansluitingen (homes connected). Dit zijn aansluitingen tot in de meterkast, waardoor huishoudens eenvoudig diensten via glasvezel kunnen afnemen. Dat aantal bedraagt 6,69 miljoen, een stijging van 1,8 procent. Het aantal aansluitingen tot de erfgrens (homes passed) steeg met 1,4 procent naar 9,18 miljoen. Het aantal glasvezelaansluitingen dat daadwerkelijk in gebruik is, groeide met 1,6 procent tot 3,75 miljoen.
Daarmee zet de bekende trend door: glasvezel wint aandeel ten koste van koper (xDSL), terwijl het aantal kabelaansluitingen stabiel blijft. Tussen gerealiseerde en actief gebruikte glasvezelaansluitingen zit nog een flink verschil: van de 6,69 miljoen aansluitingen tot in de meterkast is ruim de helft in gebruik.
Over de Telecommonitor
De ACM publiceert de Telecommonitor elk kwartaal om de trends in de telecomsector in kaart te brengen. De grootste partijen in de sector leveren periodiek gegevens aan, die de toezichthouder controleert. Je kunt de cijfers raadplegen in een interactief dashboard met data vanaf 2013.
Het volledige rapport is te lezen via ACM Telecommonitor.