Tijdens het congres Telecom Insights 2025 zetten Joost Farwerck, CEO van KPN, en Dean Bubley, Founder & Director van Disruptive Analysis, de ontwikkelingen in de telecomsector op een rij. “De groei in het dataverkeer vlakt af.”
Je moet je als telecombedrijf voort-durend afvragen of je op alle lagen actief moet zijn,” zei Joost Farwerck -tijdens zijn toespraak. Hij doelde op de drie bekende lagen in het telecommodel: infrastructuur, platformen en diensten. “Op die lagen kom je allerlei verschillende partijen -tegen: concurrenten, partners en technologiebedrijven. Het is telkens de vraag: wie doet wat?”
Ook Bubley verwees naar die gelaagdheid. “We zien een proliferatie van netwerktypes en nieuwe soorten operators. Door virtualisatie en software-gedreven netwerken wordt het speelveld diffuser.”
De traditionele operator staat volgens hem onder druk van meerdere zijden: nieuwe toetreders, hyperscalers en industrie-clusters met private netwerken. “Er ontstaat een wildgroei aan actoren. Dat vraagt discipline en visie van gevestigde partijen.”
Beide sprekers waren het erover eens dat die visie niet gebaseerd moet zijn op hype, maar op de lange termijn. Voor Farwerck is dat pure noodzaak. “Dataverkeer verdubbelt elke twee jaar. Elk jaar bouwen we bij. Dat is kapitaalsintensief. Je kunt niet wachten tot het nodig is om dan pas te investeren.” Hij wijst op de parallellen met de energiesector, waar een decennium van te weinig investering leidde tot krapte. “Dat haal je niet zomaar in.”
Ook Bubley legde de nadruk op vooruitdenken. Hij signaleerde zelfs een omgekeerde trend: de technologie verbetert sneller dan het verkeer groeit. In Europa, zo stelde hij, vlakt het mobiele dataverkeer in sommige landen af. “In Nederland daalde het mobiele verkeer in Q4 licht.” Dat leidt volgens hem tot een verrassende paradox: “Er ontstaat overcapaciteit in sommige netwerken. En dat terwijl providers nog niet eens winst-gevend zijn geworden op 5G.”
AI en security
AI kwam bij beiden heren uitvoerig aan bod. Farwerck noemde AI ‘de transformatie die telecombedrijven eindelijk dwingt om end-to-end te digitaliseren.’ Hij wees erop dat veel telco’s nog steeds functioneren als vijftien jaar geleden. “Ze hebben winkels, callcenters, fysieke post. Terwijl AI de kans biedt om het hele operationele model opnieuw te ontwerpen.”
Bubley deelde die analyse, maar voegde daar een onverwachte wending aan toe. “AI is niet alleen een interne optimalisatietool. Het wordt ook klant, regulator en concurrent.” In zijn toespraak schetste hij het scenario waarin een AI-systeem belt met een klantenservice: “Hallo, dit is ChatGPT namens Dean. Ik weet dat je me 17 procent korting gaat geven, dus laten we geen tijd verspillen.” Hij erkende dat dit misschien een karikatuur is, maar volgens hem illustreert het wel wat er gebeurt wanneer AI niet langer alleen ondersteunend is, maar ook transacties en besluitvorming overneemt.
Waar AI de toekomst raakt, is cybersecurity het domein van de hedendaagse plicht. Voor Farwerck is het meer dan een compliance-onderwerp. “Security is voor ons sinds 2012, toen KPN gehackt werd, een kern-onderdeel. Het is onze license to operate.” Hij pleitte voor meer verantwoordelijkheid binnen de keten.
Bubley benaderde het onderwerp vanuit de bedreigingen die hij ziet groeien. Hij noemde GPS-spoofing, quantumdecryptie, het doorsnijden van onderzeese kabels en geopolitieke spanningen. “We hebben nul zicht en nul controle op sommige dreigingen. Maar we moeten er wel klaar voor zijn.”
De impact van regelgeving
De beide sprekers deelden een zekere frustratie over de Europese context.
Farwerck: “In Europa reguleren we, in de VS en -China innoveren ze.” Hij hekelde de traagheid van besluitvorming, de onduidelijkheid over -kleine overnames en het uitblijven van -beweging rond tarieven en markttoegang.
Bubley sloot zich daarbij aan. Hij noemde de nieuwe Digital Networks Act van de Europese Commissie een onzekere factor. “Sommigen willen meer regulering, anderen minder. De balans is zoek. En de Europese consolidatieagenda botst met de nationale belangen van operators, die juist hun internationale activiteiten afstoten.”
Ondertussen schuiven de grenzen van het telecombedrijf zelf op. Farwerck beschreef hoe KPN zich opnieuw richt op de toegevoegde waarde per huishouden, niet op afzonderlijke producten als mobiel of breedband. “We rapporteren die nog wel, maar de focus ligt op het geheel. Wat leveren we aan het huishouden en waar kunnen we waarde toevoegen?”
Ook Bubley meldde die beweging. Maar hij waarschuwde dat die waardecreatie in veel gevallen niet voort zal komen uit de pure infrastructuur. “De markt versplintert. We zien duizenden kleine en middelgrote private netwerken ontstaan. In havens, fabrieken, zelfs hotels en recreatieparken.” Hij spreekt van de democratisering van 5G: “Je kunt tegenwoordig je eigen netwerk starten, met een lokale licentie of in onvergund spectrum.”
De conclusie die beide impliciet trekken, is dat telecombedrijven zich opnieuw moeten uitvinden, maar dan wel op hun eigen fundamenten. “Blijf bij je kern,” zei Farwerck in zijn slotwoord. “Laat zien dat je daar geld mee kunt verdienen. Dat is wat telecombedrijven nu moeten doen.”
Bubley verwoordde het op zijn manier: “Wat willen we eigenlijk dat 6G oplost? Niet -abstracte toekomstvisies, maar -concrete problemen: veerkracht, energieverbruik, -privacy en goede indoor-dekking.”