Op dinsdag 4 juni openen datacenters door heel Nederland hun deuren voor het grote publiek, tijdens de Nationale Datacenter Dag, een initiatief van Dutch Data Center Association (DDA).

“De vanzelfsprekendheid van uitstekend internet zorgt ervoor dat we niet altijd stilstaan bij de oorsprong. De wereld van datacenters is namelijk voor velen onbekend. Daarom zetten op dinsdag 4 juni datacenters door heel Nederland hun deuren open voor het publiek,” schrijft de DDA.

Door de strenge beveiliging in en rondom de gebouwen zijn datacenters normaal gesproken niet elke dag te bezoeken. Daarom wil de sector op deze manier de mogelijkheid bieden dat wel te doen. Met dit initiatief hoopt de branche organisatie meer bewustzijn te creëren voor het belang van datacenters. Zo geeft NorthC Datacenters aandacht aan hoe datacenters door middel van ‘immersion cooling’ efficiënt gekoeld kunnen worden. Verder geeft Kees Verhoeven, oud-Tweede Kamerlid, een presentatie bij Interconnect in Den Bosch.

“De Nationale Datacenter Dag is inmiddels gegroeid tot een begrip binnen onze industrie. Het biedt onze deelnemers, de datacenters, een mooie kans om te laten zien wat de invloed is van datacenters op ons dagelijks leven. Daarnaast kunnen datacenters een sleutelrol spelen in de energietransitie. Niet alleen door efficiënter te opereren, maar ook door het terugleveren van energie en het bijdragen aan slimme en geïntegreerde energienetwerken,” vertelt Stijn Grove, Managing Director van de DDA.

Bij de aanpak van cybersecurity is sprake van aanzienlijke veranderingen. Dat zegt CompTIA in zijn State of Cybersecurity-rapport 2024 Benelux. In het afgelopen jaar is 37% van de organisaties in de Benelux meer nadruk gaan leggen op procesverbeteringen, 35% gaf een hogere prioriteit aan het bepalen van de juiste reactie op incidenten en 35% vergrootte de aandacht voor de opleiding van medewerkers.

Het onderzoek richt zich op de vele variabelen waarmee rekening moet worden gehouden bij het vinden van de juiste balans in cybersecurity. Risicobeheer blijkt steeds belangrijker te worden bij het vinden van een balans tussen cybersecurity-maatregelen en zakelijke vooruitgang. De overgrote meerderheid van de bedrijven in het onderzoek heeft op zijn minst enige discussie over risicobeheer.

Ruim een derde van de bedrijven kiest voor een serieuzere aanpak, waarbij risico’s in de hele organisatie worden beoordeeld, maar zonder gebruik te maken van een formeel raamwerk voor risicobeheer. Bijna vier op de tien ondervraagde bedrijven maken risicobeheer leidend. Ze gebruiken een formeel raamwerk om de risico’s en de daarmee samenhangende uitgaven te identificeren en te beheren.

Personeel

De vraag is waar bedrijven de juiste mensen vandaan halen. Uit het onderzoek blijken grote veranderingen, zeggen de onderzoekers. De belangrijkste trend is om medewerkers uit de IT-infrastructuur te promoveren naar een cybersecurity-rol. Vorig jaar deed 41% dat tegen 29% in 2022. Eveneens in opkomst is de recruitering van jong afgestudeerden die op de universiteit of hogeschool kennis van cyberbeveiliging hebben opgedaan. In 2022 wist 31% zijn teams zo te versterken, terwijl dat nu al 41% is.

Bedrijven verwachten de komende twee tot drie jaar een breed scala aan mogelijke toepassingen van AI op het gebied van cyberbeveiliging. 48% ziet potentieel gebruik van AI bij de monitoring van netwerkverkeer en de detectie van malware. 45% verwacht software te kunnen toepassen die automatisch reageert op cybersecurity-incidenten. Eenzelfde percentage rekent op software die voorspelt welke gebieden het meest kwetsbaar zijn voor toekomstige lekken. 42% verwacht veel van software die afwijkende gedragspatronen van gebruikers naar boven haalt.

Cyberaanvallen zijn in Nederland ruim dubbel zo hard gestegen in het eerste kwartaal als gemiddeld wereldwijd. In Nederland is de onderwijs- en onderzoekssector de meest geviseerde sector met gemiddeld 1301 aanvallen per week. Dat blijkt uit onderzoek van Check Point Software.

In Q1 2024 zag Check Point Research het gemiddeld aantal cyberaanvallen per organisatie per week stijgen tot 1308. Dat is een stijging van 5% ten opzichte van Q1 2023. De sector Onderwijs/Onderzoek kreeg het zwaar te verduren met een gemiddelde van 2454 aanvallen per organisatie per week en voerde daarmee de lijst aan, gevolgd door de sectoren Overheid/Militair (1692 aanvallen per week) en Gezondheidszorg (1605 aanvallen per organisatie). Deze top drie duidt op een alarmerende kwetsbaarheid in sectoren die cruciaal zijn voor het functioneren van de maatschappij.

Er is echter ook een substantiële jaar-op-jaar toename van aanvallen op de sector van hardware leveranciers, met een stijging van 37%, die een strategische verschuiving in doelwitvoorkeur door cybercriminelen onderstreept. De toenemende afhankelijkheid van de hardwaresector voor IoT en slimme apparaten maakt deze leveranciers tot lucratieve doelwitten voor cybercriminelen.

Europa

In Q1 2024 werd Noord-Amerika het meest getroffen door ransomware-aanvallen, goed voor 59% van de bijna 1000 gepubliceerde ransomware-aanvallen, gevolgd door Europa (24%) en APAC (12%). De grootste toename in gemelde aanvallen ten opzichte van Q1 2023 was te zien in Europa, met een aanzienlijke stijging van 64%. Deze significante toename kan volgens de onderzoekers worden toegeschreven aan factoren zoals de toegenomen digitalisering van diensten en regelgevende omgevingen die organisaties kwetsbaarder of zichtbaarder als doelwit kunnen maken.

Noord-Amerika daarentegen zag een toename van 16%, wat volgens Check Point duidt op een aanhoudende focus van aanvallers op deze regio. De productiesector werd wereldwijd het meest getroffen door ransomware met 29% van de gepubliceerde aanvallen en een toename van 96% op jaarbasis, gevolgd door de gezondheidszorg met een toename van 63% op jaarbasis. De communicatiesector kende de grootste jaar-op-jaar stijging van 177%, waarschijnlijk vanwege de snelle digitale transformatie en de kritieke rol van deze sector.

Nederland

Voor Nederland merkt Check Point Research een stijging van 12% ten opzichte van Q1 2023 op, met gemiddeld 692 aanvallen per week. Nederlandse bedrijven worden het meest aangevallen vanuit de US (49%), Nederland (17%) en Duitsland (7%). De onderwijssector wordt het meest geviseerd met gemiddeld 1301 aanvallen per week; hiermee volgt Nederland de wereldwijde trend. Op de tweede plaats volgt de gezondheidszorg met gemiddeld 1173 aanvallen per week en overheidsinstellingen/militaire instellingen komen op de derde plaats met gemiddeld 1077 aanvallen per week.

Het meest voorkomende type kwetsbaarheid is Remote Code Execution, goed voor 54% van alle kwetsbaarheden in Nederland. Een RCE-aanval is een aanval waarbij een aanvaller kwaadaardige code kan uitvoeren op de computers of het netwerk van een organisatie. De mogelijkheid om door de aanvaller gecontroleerde code uit te voeren, kan voor verschillende doeleinden worden gebruikt, waaronder het implementeren van aanvullende malware of het stelen van gevoelige data.

Ruim de helft van de IT-beslissers (57%) is van mening dat IT een grotere rol kan spelen in het duurzamer maken van hun organisatie. Veel duurzaamheidsbeslissers (49%) delen deze mening. Maar IT ziet ook een grotere rol voor zichzelf weggelegd; 43 procent is van mening dat IT een cruciale factor is in het oplossen van duurzaamheidsproblematiek in de wereld. Dit blijkt uit onderzoek van Conclusion onder 529 beslissers en beïnvloeders op IT-gebied en 330 op duurzaamheidsgebied.

Als het gaat om de verduurzaming binnen organisaties, zien IT- en duurzaamheidsbeslissers verschillende kansen. Allebei de groepen zien digitalisering om papierverbruik te verminderen als grootste kans, met respectievelijk 45 en 41 procent. Denk hierbij aan digitaal ondertekenen. Ook slimme meters en technologieën voor energiebeheer worden als belangrijke kans gezien, net als remote werken om CO2-uitstoot te verminderen.

Opvallend is dat de verduurzaming van IT zelf door beide groepen nauwelijks wordt genoemd, terwijl hier wel mogelijkheden zijn die veel impact hebben. Ook de inzet van AI of IoT, bijvoorbeeld ten behoeve van predictive maintenance, medical intelligence of precisie landbouw, staan niet op de radar.

Een oorzaak kan zijn dat organisaties moeite hebben om de juiste keuzes te maken op het gebied van verduurzaming en de rol van IT daarin. Om hierin richting te geven, is de koppeling tussen duurzaamheidsdoelstellingen en IT-doelstellingen een goed startpunt. Hier hebben organisaties nog stappen te zetten. Slechts 37 procent van de duurzaamheidsbeslissers ziet deze koppeling binnen hun organisatie. Van de IT-beslissers ziet de helft dit (49%).

Het Amsterdamse detacheringsbureau Linden-IT neemt per direct branchegenoot ICTZaakwaarnemer over. Met de 120 IT-specialisten van ICTZaakwaarnemer groeit Linden-IT naar ruim 600 medewerkers. De werkzaamheden worden in de loop van dit jaar geïntegreerd en voortgezet onder de naam Linden-IT.

Het is de volgende stap in de plannen van Linden-IT oprichters Gerbert Jan Valk, Guido Vervelde en Cok Mudde, die eerder onder meer succesvol waren als oprichters van PEAK-IT in Nederland en Zweden. “ICTZaakwaarnemer heeft een indrukwekkende groei laten zien in de afgelopen jaren”, zegt Valk, CEO van Linden-IT. “Met deze overname vergaren we een breder aanbod van IT-specialisten, waardoor wij onze dienstverlening verder kunnen ontwikkelen.”

Maarten Goedmakers, CEO van ICTZaakwaarnemer, krijgt de rol van Business Unit Directeur binnen Linden-IT. Goedmakers: “ICTZaakwaarnemer is in goede handen. Het ondernemende karakter, de langetermijnvisie en diepgaande sectorervaring van Linden-IT overtuigden ons ervan dat we samen met hen deze volgende stap konden zetten. Zowel Linden-IT als ICTZaakwaarnemer zetten persoonlijke aandacht voor de IT professionals voorop en stimuleren persoonlijke ontwikkeling. Na vijf jaar zien wij als oprichters in dat we voor de volgende stap een sterkte partner moeten aanhaken, en daar is Linden-IT de beste kandidaat voor.”

MKB-ondernemers digitaal weerbaarder maken en ze helpen hun informatiebeveiliging te ontwikkelen en certificeren, tot aan ISO 27001. Met dat doel tekenden Patrick van den Brink van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV) en Evelien Bras van Stichting CYRA vandaag een samenwerkingsconvenant. CYRA en het CCV willen samen de criteria en de methode van CYRA voor cybersecurity van bedrijven tot een open landelijke standaard brengen en het beheer van de bewezen laagdrempelige CYRA-aanpak onderbrengen bij het CCV.

CYRA biedt bedrijven een instap- en groeimodel voor informatiebeveiliging in de vorm van self-assessment en certificatie. Hiermee kunnen bedrijven stap voor stap toewerken naar certificatie volgens ISO 27001, de norm voor informatiebeveiliging. Dit is belangrijk volgens de organisaties omdat informatiebeveiliging een steeds grotere rol gaat spelen in aanbestedingen en in de toeleveringsketen. Opdrachtgevers eisen dat opdrachtnemers hun informatiebeveiliging op orde hebben en cybersecurityrisico’s hebben afgedekt. Met certificatie volgens de CYRA-criteria kunnen opdrachtnemers dat aantonen.

Het self assesment-model van Cyra kent 4 niveau’s waarop gecertificeerd kan worden. Deze worden bepaald door de situatie of de behoefte van de ondernemer.Met name bedrijven in de high tech, maakindustrie en de weg- en waterbouw zijn al vertrouwd met de CYRA-aanpak.

Het CCV is beheerder van certificatie- en inspectieschema’s, onder meer op het gebied van cybersecurity. Belangrijk kenmerk van het CCV is de onafhankelijke positie die ze heeft als beheerder. Onderdeel daarvan is dat alle belanghebbenden mogen meepraten over de criteria. De uitvoering van certificatie staat open voor alle certificatie-instellingen die aan de eisen voldoen.

In de afgelopen 12 maanden is het aantal gebruikers dat te maken kreeg met Trojaanse paarden voor mobiel bankieren aanzienlijk gestegen. De aanvallen op Android-gebruikers zijn met 32 procent toegenomen. Dat blijkt uit het jaarlijkse Financial Threats Report van Kaspersky.

Het rapport toont een aanzienlijke toename van malware voor mobiel bankieren en crypto-gerelateerde phishing. De meest voorkomende banktrojaan was Bian.h, goed voor 22 procent van alle Android-aanvallen. Geografisch gezien registreerden Afghanistan, Turkmenistan en Tadzjikistan het hoogste percentage gebruikers dat te maken kreeg met Trojaanse paarden voor bankieren, waarbij Turkije koploper is bij aanvallen met malware voor mobiel bankieren, met bijna drie procent van de getroffen gebruikers (2,98%).

Het aantal gebruikers dat werd getroffen door financiële malware voor de pc daalde in 2023 met 11 procent. Daarbij werden Ramnit en Zbot geïdentificeerd als de belangrijkste malwarefamilies, gericht op meer dan 50 procent van de getroffen gebruikers. Consumenten bleven het primaire doelwit, 61 procent van alle aanvallen werd op hen gericht.

In 2023 bleef financiële phishing een belangrijke bedreiging. Ruim 27 procent van alle phishingaanvallen op zakelijke gebruikers en 31 procent op thuisgebruikers was financiële phishing. E-shopmerken werden geïdentificeerd als het belangrijkste lokmiddel, in 42 procent van de gevallen werden deze merken gebruikt. Amazon bleek de meest nagebootste webwinkel, goed voor 34 procent van de phishingpogingen, gevolgd door Apple met 19 procent en Netflix met 15 procent.

Daarnaast vertegenwoordigde phishing via PayPal ongeveer 55 procent van de phishingpagina’s die gericht zijn op gebruikers van elektronische betaalsystemen. Het rapport benadrukt ook een jaar-op-jaar groei van 16 procent in cryptocurrency phishing, met 5,84 miljoen detecties in 2023 vergeleken met 5,04 miljoen in 2022.

In het eerste kwartaal van dit jaar hebben cybercriminelen voornamelijk Business Email Compromise (BEC) gebruikt als aanvalstool. BEC is een tactiek waarbij cybercriminelen toegang krijgen tot een zakelijk e-mailaccount en het gebruiken om een werknemer of leidinggevende na te bootsen om het bedrijf of zijn werknemers, klanten of partners te misleiden. Dat blijkt uit het kwartaalonderzoek van Cisco Talos.

Bij maar liefst 46 procent van alle cyberaanvallen die werden waargenomen in het eerste kwartaal van 2024 werd BEC toegepast. BEC-aanvallen zijn vaak financieel gedreven, gericht op het misleiden van organisaties om geld of gevoelige informatie over te maken naar cybercriminelen.

Productiebedrijven waren dit kwartaal het meest in het vizier, op de voet gevolgd door onderwijsinstellingen. Ook eind vorig jaar waren dit de populairste doelwitten. In de maakindustrie zag Talos liefst 20 procent meer aanvalspogingen. Cybercriminelen weten dat operationele downtime een uitdaging vormt voor productiebedrijven. Talos zag onder meer financieel gedreven aanvallen, zoals BEC en ransomware, maar ook brute force-aanvallen op VPN-infrastructuur.

Lichte daling van ransomware
Ransomware was dit kwartaal goed voor 17 procent van de aanvallen, een daling van 11 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal. Talos IR heeft dit kwartaal voor het eerst nieuwe varianten van Akira- en Phobos-ransomware waargenomen, twee ransomware-as-a-service (RaaS)-modellen.

Akira werd begin 2023 ontdekt en maakt gebruik van een dubbel afpersingsschema waarbij gegevens worden geëxfiltreerd voordat ze worden versleuteld. Ze richten zich op kleine tot middelgrote bedrijven in verschillende branches en landen.

Phobos dook eind 2018 voor het eerst op. In tegenstelling tot andere ransomwarefamilies zijn er veel varianten van Phobos, zoals Eking, Eight, Elbie, Devos en Faust. Dit kwartaal ontdekte Talos IR voor het eerst de BackMyData-variant. Er is weinig informatie bekend over het bedrijfsmodel van Phobos, maar Talos meent dat de ransomwarefamilie wordt beheerd door een centrale autoriteit, aangezien er slechts één decryptiesleutel is voor alle waargenomen aanvallen.

Zwakke plek in de beveiliging
Voor het eerst waren gebruikers die vreemde MFA-pushmeldingen accepteerden de meest waargenomen zwakke plek in de beveiliging, goed voor 25 procent van de onderzochte gevallen dit kwartaal. Het gebrek aan een goede MFA-implementatie volgde op de voet en was goed voor 21 procent, een daling van 44 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal.

In zijn kwartaalrapport vermeldt Talos ook enkele opvallende cijfers uit de aanvalsdatabase MITRE ATT&CK. De onderzoekers stelden vast dat software voor toegang op afstand, zoals SplashTop en AnyDesk, dit kwartaal in 17 procent van aanvallen wordt toegepast.

Het uitgebreide kwartaalrapport is hier te vinden.

De Groep Graafrechten, een samenwerkingsverband van een elftal aanbieders van vaste telecommunicatie-infrastructuur, wordt onderdeel van branchevereniging NLconnect. Voortaan opereert het samenwerkingsverband als de NLconnect Groep Graafrechten.

De Groep Graafrechten is opgericht in 2002 en houdt zich bezig met de randvoorwaarden voor uitrol, beheer en exploitatie van vaste telecomnetwerken vanuit het perspectief van regelgeving en beleid. Binnen de Groep Graafrechten werken elf aanbieders met vaste telecommunicatie-infrastructuur in Nederland samen: BT, COLT, DELTA Fiber, euNetworks, Eurofiber, EXA Infrastructure, GlasDraad, KPN, Odido, Open Dutch Fiber en VodafoneZiggo.

Door de groep binnen NLconnect onder te brengen beogen partijen de onderlinge samenwerking verder te versterken. Feyo Sickinghe, voorzitter van de Groep Graafrechten, blijft leidinggeven aan de NLconnect Groep Graafrechten.

Feyo Sickinghe, voorzitter Groep Graafrechten: ‘Investeringen in digitale connectiviteit zijn belangrijk voor onze economie en maatschappij. Daarom is een voorspelbaar en uniform overheidsbeleid rondom uitrol van telecomnetwerken essentieel. Met de integratie van de Groep Graafrechten in NLconnect en één gezamenlijke stem namens de telecomindustrie kunnen wij hieraan een goede bijdrage leveren.’

Mathieu Andriessen, directeur NLconnect: ‘De komende jaren willen onze leden verder investeren in hun hoogwaardige breedbandnetwerken en die verder uitbouwen. NLconnect werkt al jaren intensief samen met de Groep Graafrechten, waarbij de Groep Graafrechten de focus legt op Regulatory Affairs en NLconnect op Public Affairs. Met de integratie van de groep als NLconnect Groep Graafrechten brengen we die expertise nu samen, zodat we de belangen van de aangesloten leden nog sterker kunnen vertegenwoordigen en één duidelijk aanspreekpunt namens de telecomindustrie vormen.’

Compasity en WeSeeDo hebben aangekondigd te gaan samenwerken op het gebied van planning en contact binnen verzuimsoftware. Artsen en medewerkers kunnen via de planningstool PlanIT van Compasity afspraken plannen en daarbij ook beeldbellen als optie gebruiken dankzij de integratie van WeSeeDo.

“De samenwerking met WeSeeDo binnen onze verzuimsoftware is een belangrijke stap in onze missie om innovatieve oplossingen te bieden voor efficiënte planning en directe communicatie. Met WeSeeDo integreren we niet alleen functionaliteit, maar versterken we ook de persoonlijke verbinding tussen artsen en medewerkers binnen onze verzuimsoftware”, aldus Paul Kanbier, directeur van Compasity.

“We zijn erg blij met de samenwerking met Compasity”, vertelt Iebele Otten, eigenaar bij WeSeeDo. “Het is inspirerend om te zien hoe we samen innovatieve oplossingen kunnen ontwikkelen die de planning en communicatie in de verzuimsector efficiënter en flexibeler maken. De voordelen van WeSeeDo, zoals 100% veiligheid, stabiele beeldbelverbindingen en gebruiksgemak, leiden tot een hogere succesfactor, omdat beeldbellen meer is dan alleen beeld opbouwen.”.