Zoom breidt zijn Contact Center uit met Zoom Workforce Management. Dit platform ondersteunt personeelsbeheer in alle vier de stadia van de workforce managementcyclus (WFM): forecasting, planning, dagelijks beheer en evaluatie.

In de gehele cyclus maakt Zoom gebruik van AI om het werk van planners efficiënter te maken. Hierdoor kunnen zij volgens Zoom de personeelsbezetting accurater inschatten, wat de werklast van callcentermedewerkers verlicht zodat ze klanten beter kunnen ondersteunen.

Het WFM-platform haalt historische data over contactvolume rechtstreeks uit het Zoom Contact Center. Op basis van deze data kunnen planners de forecastingfunctie gebruiken om automatisch de personeelsvraag tot vier weken vooruit te voorspellen.

Naast deze vraagvoorspelling kan Zoom WFM de gemiddelde afhandelingsduur over dezelfde periode voorspellen, waarbij automatisch rekening wordt gehouden met verschillende metrics, zoals serviceniveau en de bezettingsgraad.

Planners kunnen ook op een meer gedetailleerd niveau werken, door historisch en voorspeld volume te segmenteren op basis van verschillende personeelsgroepen. Ook kunnen planners hun eigen, unieke prognoses maken voor piektijden en hypothetische scenario’s, waarbij ze handmatige aanpassingen kunnen maken op basis van ervaring.

KPN heeft maandag de resultaten bekendgemaakt van het tweede kwartaal 2023. In het tweede kwartaal bleef de omzet in de zakelijke markt toenemen, vooral uit diensten aan het mkb.

De omzet van KPN groeide het afgelopen kwartaal met 1,6 procent naar 1,3 miljard euro. De nettowinst kwam uit op 216 miljoen. Vorig jaar was dat 186 miljoen. Ook in de consumentenmarkt noteerde KPN groei, dankzij de mobiele diensten en een verbeter(en)de trend in het vaste segment.

De positieve cijfers waren mede te danken aan de overnames van Primevest en Youfone afgelopen kwartaal. KPN-CEO Joost Farwerck: “Met Primevest versterken we onze glasvezelpositie in grote steden en met de voorgenomen overname van Youfone onze positie in het mobiele ‘no-frills’-segment.”

Farwerck: “We blijven goede vooruitgang boeken met onze Accelerate to Grow-strategie. De omzet uit diensten blijft groeien en dat zien we terug in al onze segmenten. […] Met onze versnelde uitrol van glasvezel liggen we op koers. We gaan volop door met het vervangen van ons kopernetwerk door glasvezel. Nu we het einde van de huidige strategische periode naderen, kijken we ernaar uit om een strategie-update te delen op onze Capital Markets Day op 7 november 2023.”

Amazon heeft deze week het jaarlijkse Sustainability Report uitgebracht over 2022. In het Sustainability Report is te lezen hoe Amazon bouwt aan een meer duurzame organisatie.

“Onze Climate Pledge is de toezegging van Amazon om tegen 2040 CO2-neutraal te zijn, en elke dag werken we aan dit doel.” stelt Kara Hurst, Vice President en Head of Worldwide Sustainability bij Amazon. “Het is een uitdagende taak, maar we hebben er alle vertrouwen in dat we die kunnen volbrengen. Bij AWS helpen we klanten hun impact op het milieu te verminderen door geavanceerde engineering, datacenters en cloud computing aan te bieden die de uitstoot van energie en werklast verminderen.”

In het Sustainability Report 2022 benadrukt Amazon onder meer dat AWS de CO2-voetafdruk van de werklast van klanten met bijna 80% kan verlagen in vergelijking met computerwerklasten op locatie en de werklast tot 96% kan verlagen zodra AWS wordt aangedreven met 100% hernieuwbare energie. AWS kondigt ook aan dat het tegen 2030 waterpositief zal zijn, waardoor meer water wordt teruggegeven aan gemeenschappen en het milieu dan wordt gebruikt in de directe activiteiten.

Verder schrijft het bedrijf dat het op weg is om de activiteiten van 100% hernieuwbare energie te voorzien, en ligt het op schema om dit tegen 2025 te doen, vijf jaar eerder dan gepland. In 2022 werd 90% van de door Amazon verbruikte elektriciteit opgewekt door hernieuwbare energiebronnen, dankzij meer dan 400 wind- en zonne-energieprojecten over de hele wereld.

In 2022 had Amazon wereldwijd meer dan 9.000 elektrische bestelwagens in gebruik en werden 145 miljoen pakketten bezorgd door elektrische voertuigen in de VS en Europa. Het doel is om tegen 2030 100.000 elektrische bestelauto’s van Rivian op de weg te krijgen.

Om tegen 2040 CO2-neutraal te zijn, moet Amazon zijn CO2-voetafdruk in het hele bedrijf verkleinen, inclusief de uitgebreide wereldwijde toeleveringsketen. Zoals veel bedrijven van dezelfde omvang is dit een uitdaging, aangezien dit activiteiten zijn die buiten de directe operationele controle plaatsvinden. Amazon zal, om de ecologische voetafdruk te verkleinen, samenwerken met partners in de toeleveringsketen om hen te helpen hun eigen activiteiten koolstofarm te maken. Vanaf 2024 updatet Amazon de Supply Chain Standards om van leveranciers te eisen dat ze hun CO2-emissiegegevens met het bedrijf delen en CO2-doelen stellen.

“We weten dat er geen quick fix is om een duurzaam bedrijf te zijn, en we weten dat de voortgang er elk jaar anders uit kan zien. We werken vandaag aan oplossingen – grote sprongen wagen, grote uitdagingen aangaan en uitvinden namens onze klanten – en we zijn enthousiast over wat ons morgen te wachten staat.” besluit Hurst.

Lees het de ‘9 takeaways from Amazon’s 2022 Sustainability Report’ in het volledige blog van Kara Hurst, Vice President en Head of Worldwide Sustainability bij Amazon hier en download het volledige 2022 Sustainability Report hier.

Paul Smit, CTO en Co-Founder bij ForeNova, las op 14 juli het State of Cybersecurity Resilience rapport van Accenture dat schetst dat het afstemmen van cybersecurity op bedrijfsdoelstellingen de omzetgroei helpt.

Het onderzoek is gedaan met organisaties met 1 miljard omzet of meer. Logisch voor Accenture, maar het is natuurlijk maar een beperkt deel van de markt. Net zoals op dit moment het merendeel van de security-oplossingen op de markt geschikt is voor grote organisaties, is voor middelgrote en kleinere bedrijven een vertaling noodzakelijk. Graag kijk ik, vanuit hetzelfde oogpunt waarmee we als ForeNova cybersecurity binnen het bereik van middelgrote organisaties brengen, naar hoe de aanbevelingen vanuit dit onderzoek voor grote bedrijven door het mkb toegepast kunnen worden.

Cyber Transformers

Accenture stelt dat organisaties cybersecurity stevig moeten integreren in hun digitale transformatie-inspanningen om veerkracht in deze dynamische tijden te waarborgen. Men noemt organisaties die dit doen Cyber Transformers. Deze Cyber Transformers zijn beter in staat om klanttevredenheid te verbeteren en de kosten van cybersecurity-incidenten te verlagen met gemiddeld 26 procent. Dat wil elk bedrijf natuurlijk wel. Maar voor veel mkb-bedrijven is het niet zo eenvoudig om zich tot Cyber Transformer te ontwikkelen.

De laatste, verder niet uitgewerkte aanbeveling uit het artikel – stel een verantwoordelijke aan voor cybersecurity – is namelijk vaak de bottleneck voor allerlei cybersecurity-initiatieven binnen middelgrote en kleine organisaties. Er is meestal geen budget of capaciteit voor het aannemen van een in-house IT’er om zich erop te focussen. Uitbesteding is dan de snelste weg om cybersecurity-programma’s aan te pakken.

Kennis inhuren door mkb

Voor kleine bedrijven zal het inschakelen van een ms(s)p de meest voor de hand liggende optie zijn. Maar het is toch nog wel van belang om iemand in huis te hebben om beveiligingschecks te doen. En om actie te kunnen ondernemen wanneer nodig. Een budgetvriendelijke optie hiervoor is bijvoorbeeld het inhuren van IT-securitykennis voor een paar uur per maand. Mooie initiatieven zoals die van Cybermeister maken het mogelijk om gemakkelijk betrouwbare expertise te vinden.

Cybersecurity as a service

Accenture omschrijft Cyber Transformers met een viertal kenmerken. Laten we per aanbeveling kijken hoe een dergelijke aanpak in een mkb-organisatie overeind blijft.

Ten eerste zijn Cyber Transformers volgens Accenture organisaties die cybersecurity met risicobeheer integreren. Voor een mkb-bedrijf is risicobeheer niet echt dagelijkse kost. Laat staan het integreren met cybersecurity. Ook hiervoor zul je dus als mkb tijdelijk kennis moeten inhuren. Los van mensen en kennis zie ik steeds meer het inhuren van cybersecurity services als standaard voor mkb-bedrijven.

Ten tweede zetten Cyber Transformers Cybersecurity as a Service (CSaaS) in om de beveiliging te verbeteren. Waar CSaaS hier voor grote bedrijven al een aanbeveling is, is het voor bedrijven die niet de capaciteit hebben om in-house securityoplossingen en -specialisten binnen te halen eigenlijk de enige haalbare en betaalbare route.

Cybersecurity checks

Accenture benoemt als derde het nemen van maatregelen om hun ecosysteem of supply chain-partners te beveiligen. Als voorbeeld wordt er geopperd om cybersecurity-checks in te bouwen voordat nieuwe diensten of producten worden gelanceerd. Indringers komen vaak bij grotere bedrijven binnen via hun kleinere mkb supply chain partners met minder uitgebreide beveiliging. Het is dus inderdaad cruciaal om op de hoogte te zijn van de veiligheid van jouw supply chain partners.

Het standaardiseren van cybersecurity-checks voor het integreren van nieuwe diensten of producten is dan ook een goede stap om de veiligheid van jouw bedrijf te waarborgen. Zo geef je ook direct een goed voorbeeld voor de beveiliging van jouw supply chain partners.

Automatisering belangrijk voor mkb

Tot slot beschouwen Cyber Transformers automatisering als een belangrijk onderdeel van de cybersecurity-programma’s. Voor het mkb is dit net zo actueel. Met automatisering kun je een deel van menselijke fouten voorkomen. Denk aan betalingen waarbij het met handmatig werken nog voor zou kunnen komen dat iemand een betaling doet die niet is gewenst. Maar ook het automatiseren van updates op systemen kan voorkomen dat systemen gemist worden in de patchronden en voor langere tijd wellicht minder goed afgedekt zijn.

Als laatste aanbeveling klinkt het belang van gefaseerde integratie van cybersecuritymaatregelen. Hier zie je weer de belevingswereld van de organisaties die binnen het State of Cybersecurity Resilience-rapport zijn meegenomen. Voor mkb-bedrijven is dit minder relevant. Vaak is de structuur van het mkb-bedrijf makkelijker om dit in één keer goed te regelen. Wel van belang is het blijven herhalen en het bereiken van ‘awareness’ bij het personeel.

Inhuren van IT’ers goede basis

Conclusie: De ‘best practices’ van de Cyber Transformers snijden ook hout voor het mkb, al verwacht ik dat weinig mkb’ers het ‘Cyber Transformer worden’ bovenaan hun prioriteitenlijst zullen zetten. Het vinden van een oplossing voor hun capaciteitsprobleem staat daar meestal wel. Het inhuren van een IT’er op uurbasis en het inzetten van Cybersecurity as a Service kunnen daarbij helpen en de basis leggen voor de volgende stappen in de goede richting.

Slechts 20% van alle medewerkers wil (nog) volledig vanuit kantoor werken. 70% van de werknemers kiest voor een vorm van hybride werken, blijkt uit onderzoek van HP. De leverancier zet dan ook vol in op oplossingen voor hybride werken en betrekt daarbij zoveel mogelijk zijn partners.

Al tijdens een grote conferentie die HP eerder dit jaar hield bleek dat de IT-leverancier groot inzet op hybride werken. De overname van Poly, dat met audio- en video-oplossingen het samenwerken tussen medewerkers op verschillende locaties optimaliseert, past bij de ambitie om, samen met de partners, hybride werken voor elk bedrijf mogelijk te maken.

HP geeft daarbij zelf het voorbeeld, legt Koen van Beneden, sinds begin dit jaar Managing Director Benelux bij HP uit. “De Nederlandse tak en de HP-organisatie in België en Luxemburg zijn samengevoegd en ook de medewerkers van Poly maken nu deel uit van de familie,” vertelt Van Beneden. “We hebben kantoren in Nederland, België en Luxemburg en daarnaast werken veel medewerkers remote. Tien jaar geleden zou die manier van werken niet mogelijk zijn geweest.” Vanuit die ervaring, zegt de Managing Director, doet HP de belofte “de wereld naar geweldig hybride werk te brengen.”

Persona’s definiëren

Partners zijn daarbij van groot belang. Van Beneden: “Een eerste belangrijke taak voor hen is te analyseren op welke manier de individuele medewerkers het best functioneren.” De Managing Director geeft aan dat het creëren van verschillende persona’s kan helpen om overzicht te krijgen in de verschillende rollen van werknemers, zowel in de kantooromgeving als wanneer ze thuis of onderweg werken. “Van daaruit kan de partner adviseren welke hard- en software het best bij een bepaald persona past. De tijd dat een standaard pc voor de meeste werknemers voldeed is niet meer. De partner kan in de vorm van consultancy een belangrijke rol vervullen.”

Ook het beheer is grotendeels op afstand mogelijk en kan een taak zijn voor de partners. Want duidelijk is wel dat hybride werken niet zal leiden tot meer IT-personeel, want dat is haast niet te vinden. Maar de workload wordt groter, nu mensen niet meer op een locatie aanwezig zijn en IT ook een grotere taak kreeg door de inzet van audio- en video-oplossingen.

Beheer op afstand

“Het is niet reëel te verwachten dat medewerkers die grotendeels remote werken toch naar kantoor moeten komen voor updates. Dat kan een msp moeiteloos overnemen.” Om de partner daarbij te helpen en de impact van een eventuele storing zo klein mogelijk te houden, ontwikkelde de leverancier HP Tech Pulse. “Die software monitort en analyseert continu de prestaties van de pc. Als daaruit, bijvoorbeeld, blijkt dat een harde schijf warmer wordt dan normaal, dan krijgt de partner een notificatie en kan die ingrijpen voordat het component werkelijk stuk gaat.”

AI inzetten bij security

Van Beneden noemt hiermee aspecten van het hybride werken die voor medewerkers en partners zichtbaar zijn. “Minstens zo belangrijk is het niet-zichtbare stuk in onze oplossingen,” maakt de Managing Director duidelijk. “Met het hybride werken is behoefte aan security groter geworden. De dreiging nam toe en cybercriminelen zijn zo goed georganiseerd dat elk bedrijf van mkb tot enterprise ermee te maken kan krijgen.”

Het kwetsbare punt is meer dan ooit het endpoint. 70% van de aanvallen verloopt via het endpoint. 97% aanval is gericht op een menselijke fout. Van Beneden: “Daar spelen we op in.” Concreet zet HP zet AI in om dreigingsniveaus te analyseren en, als een medewerker bijvoorbeeld op een kwaadaardige link klikt, meteen het endpoint containeriseert. “Het gevaar zal zich dan niet verspreiden over het hele netwerk.”

Firmware bescherming

Een andere oplossing die HP in de devices inbouwt is een bescherming tegen firmware attacks. “Een microcontroler checkt of het bios is aangevallen nog voor het opstarten van essentiële onderdelen of applicaties van het device. Als daarbij een afwijking geconstateerd wordt zal het opstarten stoppen. De msp kan dan terugvallen op de laatste ‘veilige’ dataset en vermijdt zo risico’s.”

Aan de hand van drie vragen en vier stellingen gaan vijf specialisten op het gebied van datacenters en cloud met elkaar in gesprek. Hoe verhouden cloud en datacenters zich tot elkaar? Waar is de grootste innovatie op het gebied van performance en duurzaamheid te verwachten? En hoe zien nieuwe datacenters er over tien jaar uit? “Met cyberdreigingen leerden we omgaan, maar een terreuraanslag moeten we vrezen.”

Vraag 1: Wat is een datacenter?

Datacenters zijn er in vele vormen, van een cluster aan servers voor edge-computing, via micro- en mini-datacenters tot hyperscalers. Wanneer hebben we het eigenlijk over een datacenter?

Erik Hoeboer, EMEA Channel Marketing Manager bij Netgear, reageert als eerste. “Het is voor mij een soort gewetensvraag. Voor ik bij Netgear ging werken zou ik waarschijnlijk gezegd hebben dat een datacenter echt een verzamelgebouw moet zijn waar grote bedrijven hun servers en IT-infrastructuur neer kunnen zetten. Een gebouw met goede connectiviteit, redundant aangesloten op de AMS-IX.” Sinds Hoeboer werkt bij Netgear is zijn oordeel iets anders. “Het kan ook heel goed een cabinet of een rek zijn dat geoptimaliseerd is voor het werken met, en verwerken van data. Met daarin een aantal switches, een router en servers. Apparatuur zoals Netgear die levert. Wij stellen resellers en mkb-klanten in staat om een eigen mini- of micro-datacenter te bouwen op basis van enter­prise-grade hardware tegen aantrekkelijke prijzen.”Dat is een andere wereld dan de ­datacenters van de verschillende ­hyperscalers, weet Hoeboer. “Die bouwen hun eigen dienstverlening en bieden dat als een service aan. Maar je hebt ook altijd data die ­privacygevoelig is of applicaties waarvan je wilt dat de IT-mensen erbij kunnen. Die je bij je wilt hebben. Dat kan in een lokaal datacenter zijn, maar ook op de eigen locatie.”

Bij ABB is geen eigen definitie die een omgeving de kwalificatie ‘datacenter’ geeft. “We hebben intern drie subsegmenten binnen het data­center segment,” legt Freek van Alphen, Head of Data Center Solutions Benelux bij ABB, uit. “Hyperscale, Colocation en Enterprise, maar binnen enterprise zou dan een edge voor een IoT-toepassing op een plant van een raffinaderij een voorbeeld zijn van een klein datacenter. En dat kan ook geplaatst zijn in een container. Dat is dan al een datacentertje.”

Voor hem is de manier waarop een datacenter gebouwd of ingericht wordt uiteindelijk afhankelijk van de usecase. “Welke IT heb je ter plaatse nodig, en wat kan vanuit de cloud?”

Freek van Alphen,                        ABB

Rick van den Hoogenhof, Copaco

Hans ten Hove,                          Datto

Erik Hoeboer, Netgear

Sebastiaan Smit, Huawei

Stroom, koeling en connectiviteit

“Ik vind een omgeving een datacenter op het moment dat het een ruimte is die je optimaliseert voor het plaatsen van hardware.” Dat is de definitie van een datacenter die Rick van den Hoogenhof, Manager Copaco Cloud bij Copaco, geeft. “Van oorsprong hebben we het dan over servers, maar het kan inmiddels ook allerlei IoT-hardware zijn.” Dat betekent, geeft hij aan, dat die ruimte moet voorzien in stroom, koeling en connectiviteit. “Dat is eigenlijk de basis. En ja, dan kun je zelf on-prem een datacenter hebben.”

Voor Sebastiaan Smit, Salesdirector bij Huawei Enterprise Group Nederland, is een datacenter een centrale locatie die geconditioneerd is voor IT-toepassingen op verschillende hardware die bij elkaar gebracht wordt. “Bij voorkeur verdeeld over twee redundante locaties, maar dat betekent niet dat die redundantie bepaalt of iets een datacenter is. Dat geldt wel voor andere zaken die continuïteit mogelijk maken, zoals noodstroom, brandveiligheid en vooral ook toegangsbeveiliging. Dat laatste wordt nogal eens onderschat.”

Hans ten Hove, Area Vice President Continental Europe bij Datto, reageert op zijn beurt op de vraag. “Als je teruggaat naar het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw, zie je dat iedereen een eigen definitie van een datacenter had. Er was ook toen geen standaard.” Rond de eeuwwisseling zijn we gewend geraakt aan aparte gebouwen voor data-opslag en -verwerking, met eigen specifieke voorzieningen. “Tot die tijd waren het gewoon kasten met racks.”

Centraliseren bij een specialist

Van den Hoogenhof (Copaco) heeft eerder binnen een datacenterorganisatie gewerkt en herkent zich in de historische schets van Ten Hove. “Rond de eeuwwisseling besloten steeds meer bedrijven hun hard­ware buiten de deur te plaatsen. Zij maakten een bewuste keuze tussen verschillende datacenters.” Zaken als redundantie, beveiliging en de precieze locatie werden daarbij tegen elkaar afgewogen. “Nu vinken gebruikers een cloudservice aan en realiseren zich niet dat die dienst draait dankzij een datacenter.”

Gebruikers gaan er, kortom, zonder meer van uit dat hetgeen waar ­datacenters de hele dag min of meer onzichtbaar mee bezig zijn, en wat je kunt samenvatten als: zorgen voor de noodzakelijke continuïteit, goed geregeld is.

“Het is te vergelijken met energiecentrales. Die stroom wekten we, voor de opmars van zonnepanelen op daken, lange tijd ook niet zelf op, maar we centraliseerden dat en besteedden dat uit aan een klein aantal echte specialisten. Dat is precies wat we met data ook doen: daar zijn specialisten voor die datacenters bouwen en beheren. Die kunnen dat beter en, uiteindelijk, ook duurzamer dan wanneer elk bedrijf dat afzonderlijk gaat doen.”

Van cloud naar on-premise

In dit kader is het van belang niet te onderschatten hoeveel bedrijven zelf nog eigen servers in een datacenter hebben staan, betoogt Smit (Huawei). “Datacenters associëren we nu over het algemeen met cloud, maar colocatie, waarbij de IT-apparatuur eigendom is van de eindklant en komt veel voor. Dat geldt ook voor eigen datacenters on-prem die je nog veel ziet bij onder meer banken, maar ook in de manufacturing.”

Hij legt uit dat die bedrijven (deels) niet afhankelijk willen zijn van de cloud. “Sterker nog: je ziet een ontwikkeling waarbij men de cloud toch weer verruilt voor on-premise, als gevolg van ransomware. Partijen willen er dichter opzitten, al was het maar omdat de recovery-snelheid na een incident daarmee omhooggaat.”

Het is volgens Ten Hove (Datto) inderdaad wel relevant dat we naar het gebruikersperspectief kijken. “Heb je het over datacenters of heb je het over cloud?” Daar ziet hij een interessante verschuiving. “Rond 2000 zeiden bedrijven: ‘Ik breng mijn on-premise omgeving naar een veilig datacenter’, dat wordt minder, omdat de dienstverlening waarom het de eindklant gaat naar de cloud is gegaan.”

Ten Hove bedoelt daarmee dat de eindklant niet geïnteresseerd is in het onderliggende ijzer, maar in de applicatie die hij gebruikt, zoals Van den Hoogenhof al aangaf. “Inderdaad draait die cloud in datacenters, maar de eindklant kiest niet voor dat datacenter, maar voor een service die zich onderscheidt van een andere service.”

‘Techniek is goed geregeld’

Hij wordt bijgevallen door Hoeboer (Netgear). “Daar ben ik het mee eens. Ik zie cloud-dienstverlening niet als datacenterdienstverlening. Het is een service die het gebruik van een applicatie mogelijk maakt voor de eindgebruiker, die ervan uitgaat dat de techniek achter die service goed geregeld is om zo een optimale beschikbaarheid van de applicatie te garanderen.”

Ook Van den Hoogenhof (Copaco) merkt op dat bepaalde klanten op dit moment (deels) terugkeren vanuit de cloud, bijvoorbeeld vanwege de kosten. “Op dat moment realiseert men zich, dat die kosten ook gebaseerd zijn op de onderliggende techniek en men vraagt zich af welke voordelen private cloud, colocatie of on-premise oplossingen kunnen bieden. Klanten kiezen voor datacenters bij bekende partijen, waarbij data in Nederland blijven. Deze datacenters zijn bovendien gebouwd door specialisten in samenwerking met partijen als ABB en Netgear. Zo maakt iedereen zijn eigen keuze.”

Hoeboer (Netgear) keert terug naar de vraag die centraal stond bij dit deel van de discussie. “Wij leveren onze AV-switches ook voor omroepwagens. In die voertuigen hebben ze een eigen stroomvoorziening en security, is dat daarmee een mobiel datacenter?” Als we stellen dat een datacenter een ruimte is die geoptimaliseerd is voor data-opslag en dataverwerking, dan is die bus een datacenter, is de mening van Ten Hove (Datto). “Een flexibel en ­mobiel datacenter,” bevestigt Van den Hoogenhof (Copaco).

De eindklant kiest niet voor een datacenter, maar voor een service die zich onderscheidt van een andere service

Stelling 1

Cloud en datacenters zijn niet hetzelfde

Het onderwerp kwam eerder al aan de orde, maar wordt hier verder uitgediept. “Het gaat om de loskoppeling van een fysieke locatie, de servers in het datacenter enerzijds, en de diensten die uiteindelijk wel gebruik maken van die fysieke locatie anderzijds,” legt Ten Hove uit. Ooit kochten bedrijven hardware en zetten die in het bedrijf neer, dat was de IT van een organisatie, met software erop en een netwerk tussen de componenten. “Al die componenten zag je terug in de offerte van een leverancier, aangevuld met een post projectcoördinatie en eventueel beheer. Dat is nu helemaal anders.” End-to-end diensten spelen nu de hoofdrol gaat hij verder, “maar de eindklant kent die tussenliggende partijen die de functionaliteit van de applicatie mogelijk maken niet. Daar valt ook het datacenter onder.”

Van den Hoogenhof (Copaco) is wel van mening dat je cloud en datacenters niet helemaal los van elkaar kunt zien. “Als je een eigen datacenter hebt, waar voor het hele bedrijf de applicaties staan, dan bied je die eigenlijk as-a-service aan het eigen personeel aan.” Hij meent dat het begrip datacenter vooral gekoppeld is aan techniek, waar het bij cloud naast een techniek juist om een businessmodel gaat. “Het datacenter is een ruimte en heeft klanten – waaronder veel cloudproviders.”Hoeboer van Netgear herkent veel in wat Van den Hoogenhof zegt. “Met een datacenter ben je eigenlijk je eigen cloudprovider.”

Cloud of virtualisatie?

Smit (Huawei) vindt dat het begrip cloud niet altijd ­eenduidig wordt gebruikt. “Is het cloud of virtualisatie?” Hij vermoedt dat aanstaande regelgeving, zoals NIS2, impact gaat hebben, zeker op de kleinere msp’s. Dit omdat ze met nieuwe problematiek te maken gaan krijgen. “Kunnen kleinere partijen dat aan?” Het antwoord komt van Van den Hoogenhof: “Wij van Copaco, maar zeker ook Datto, zijn er nu juist om de msp te helpen om die stap te maken.”

Ten Hove (Datto) sluit aan bij een eerdere opmerking van Rick van den Hoogenhof, als hij stelt dat er nog een belangrijk verschil is tussen datacenters en de adoptie van cloud. “Twintig jaar geleden was er nog geen cloud, maar waren er wel datacenters. Wie overwoog te gaan outsourcen dacht heel goed na bij de keuze van het datacenter. Bij de overstap naar cloud doen bedrijven dat niet. Niemand stelt eigenlijk vragen over de datacenters waarop de cloud­applicaties draaien.”

Van Alphen (ABB) reageert nog op een eerdere ­constatering tijdens het gesprek, dat sommige partijen weer op hun beslissing naar de cloud te gaan terugkomen. “Dat is eigenlijk niets nieuws. Ook bij outsourcing zijn er golven.Men besteedt uit en neemt het later toch weer terug. De IT ademt mee op de bewegingen van het bedrijf.”

Vraag 2: datacenter van de toekomst

Als je over tien jaar door een net opgeleverd datacenter loopt, wat is dan het grootste verschil met nu?

Van Alphen (ABB) verwacht dat een klein datacenter tegen die tijd echt heel veel data kan verwerken, vooral dankzij het gebruik van high density computing. “En datacenters kunnen, ook door de forse koeling die ­nodig is, een warmteleverancier zijn.” Daarnaast verwacht Van Alphen dat de locaties onbemand zijn, mede dankzij intelligente hardware die even­tuele verstoringen ruim van ­tevoren kan voorspellen, in combinatie met automatisering en robotisering om onderhoud en beheer voor een deel uit te voeren.“Ik verwacht dat het er doodstil zal zijn,” geeft Ten Hove (Datto) aan. “Dankzij vloeistofkoeling heb je geen ventilatoren meer nodig.” Hij voegt eraan toe dat er echt wel het een en ander moet gebeuren in bij datacenters. “Als je kijkt naar de snelheid waarmee de hoeveelheid data toeneemt, dan is daar eigenlijk niet tegenop te bouwen.”Een oplossing is volgens Hoeboer (Netgear) dat de apparatuur steeds kleiner wordt, er passen nu al meerdere switches in dezelfde U-ruimte, waardoor de footprint naar beneden gaat. Hiernaast nemen de prestaties toe, terwijl de apparatuur minder energie nodig heeft. Ook Van den Hoogenhof (Copaco) verwacht meer high density en de daaraan verbonden noodzaak sterk te ­koelen. “Inderdaad kunnen datacenters dan een bron van warmte zijn voor tuinbouw en de gebouwde omgeving. Nu roepen we dat natuurlijk al langer; het gebeurt alleen nog niet veel.”

Ook bij outsourcing zijn er steeds golven. Men besteedt uit en neemt het later toch weer terug

Verandering valt mee

Dat leidt tot de reactie van Smit (Huawei). “Laten we over 10 jaar afspreken in een nieuw datacenter. Ik denk dat er niet veel veranderd is. Ja, apparatuur is efficiënter, maar ­robots en warmtenetten, ik zie het niet gebeuren, tenzij het businessmodel voor het datacenter duidelijk is, zoals bij het opslaan van zonnestroom in battery packs voor eigen gebruik.

Van Alphen reageert hierop: “De ontwikkelingen gaan hard en er is veel mogelijk, maar wie neemt het initiatief om waarin te investeren? Datacentereigenaren gaan echt geen buizen aanleggen naar een woonwijk, daar moet de overheid een regierol oppakken.”

Algemeen verwachten de deelnemers dat ‘vuile’ diesel over tien jaar vervangen zal zijn door duurzamere alternatieven. Netgear ziet kansen voor meer gebruik van Power over Ethernet in mini- en micro-datacenters in combinatie met de mkb-kantooromgeving. Maar, zo blijkt uit de rondgang, heel duidelijk is het beeld van de veranderingen die we binnen tien jaar mogen verwachten niet. “Eigenlijk zijn we helemaal niet in staat om tien jaar vooruit te kijken,” vat Ten Hove (Datto) kernachtig samen.

Stelling 2

Er is voor de meeste bedrijven in Nederland geen reden om níet voor public cloud te kiezen.

“De meeste bedrijven in Nederland zouden gebruik kunnen maken van public cloud,” is de mening van Van den Hoogenhof (Copaco). “En misschien zouden ze er zelfs wel voor móeten kiezen. Als je kijkt naar de schaalbaarheid en het technologische voordeel dat ze met de public cloud kunnen behalen.”Voor Smit (Huawei) zou de vraag moeten zijn: “Wat is de drijfveer voor een specifieke onderneming op naar de cloud te gaan. Is dat schaalbaarheid, is dat prijsefficiency?” De aanname, geeft Smit aan, is vaak dat cloud goedkoper is. “Dat is echter in de praktijk nog maar de vraag.” Van den Hoogenhof (Copaco) reageert hierop dat dit inderdaad een belangrijke kwestie is. Hij gelooft niet dat alles naar de cloud gaat. “Ziekenhuizen, banken en de industrie zullen deels on-premise blijven. Je hebt bijvoorbeeld minder last van latency. Aan de andere kant zorgt public cloud voor schaalbaarheid. En vaak ook voor kostenvoordeel.”Het feit dat een bedrijf over het algemeen gebruik zal maken van een hybride model herkent Hoeboer (Netgear). “De schaalvoordelen van public cloud zullen bij standaardoplossingen te vinden zijn.”

Investeren in governance

Het beeld bestaat nog steeds bij ondernemingen dat je met een stap naar de ­cloud van alle zorgen bevrijd bent. “Je blijft echter verantwoordelijk voor de integriteit van de data,” geeft Van Alphen (ABB) aan. “Je hebt een regie-­organisatie nodig en controlesystemen.” Hij is het wel eens met de stelling. “Maar als je voor die public cloud kiest moet je investeren in de governance.”

Ook Ten Hove (Datto) onderschrijft de stelling. “De meeste bedrijven in ­Nederland bevinden zich in het mkb-segment en hebben één tot vijf ­medewerkers. Vaak zijn de oplossingen die zij gebruiken cloud based. De public cloud zal voor hen bijna altijd prima zijn.”

Stelling 3

De echte innovatie vindt bij datacenters niet bij de servers en switches plaats, maar op het gebied van koeling, waterbeheer en energie.

Deze stelling wordt door geen van de deelnemers onderschreven. “De innovatie in serverkracht gaat nog steeds door,” stelt Van Alphen (ABB). “Juist daar spelen interessante ontwikkelingen als immersion cooling, waarbij de apparatuur wordt ondergedompeld in een vloeistof voor de meest effectieve koeling.” Hierdoor kunnen de servers bij hogere temperaturen werken, waardoor warmteteruglevering eenvoudiger wordt. “Er zijn ook bij de switches zeker nog innovaties te zien,” vult Hoeboer (Net­gear) aan. “Denk aan devices die Power over Ethernet ondersteunen. Of aan de AV-Switches van Netgear, waarvan we de ventilator minder kunnen laten koelen waardoor ze nagenoeg geluidloos zijn en ook bij audioregistraties goed te gebruiken zijn.” Dat neemt niet weg dat er, zeker bij de datacenters grote innovatiekracht zichtbaar is, ook op het gebied van duurzaamheid en waterbeheer.

Hogere temperaturen mogelijk

“Er spelen meerdere zaken die bij elkaar komen,” meent Smit (Huawei): “Temperatuurgevoeligheid van de apparatuur enerzijds en de omgevingstemperatuur anderzijds bepalen de koelingsbehoefte en daarmee het energiegebruik.” Hij vertelt dat de apparatuur van Huawei ook gebruikt wordt in Azië en Afrika en daar probleemloos bij hogere temperaturen werkt, mede dankzij een ander design. “Ook zaken als verglazing binnen een device, dat minder warmte-ontwikkeling kent dan koper, het gebruikte OS en de chipset hebben invloed op de warmte-ontwikkeling. In de praktijk hoeft de temperatuur in een datacenter echt niet precies 21 graden te zijn.”

Van den Hoogenhof (Copaco) reageert hierop: “In principe heeft elk datacenter een incentive om enorm zuinig te opereren. Dat drukt de bedrijfskosten en vergroot de marge. Maar emotie en gewoontes houden dit tegen.”

Vraag 3: uitdagingen

Waar ligt de eigenaar of directeur van een datacenter op zakelijk gebied van wakker?

Ook bij deze vraag geeft Freek van Alphen, van ABB, als eerste een antwoord. “Zoals bij elke onderneming speelt ook bij een datacenter de war for talent. De directeur zoekt goed personeel, maar kan dat niet ­vinden.” Weliswaar heeft een datacenter niet heel veel personeel nodig, maar het aantal datacenters neemt nog steeds toe, “en de mensen die er werken hebben brede kennis nodig.”

Er is, wordt aangegeven, natuurlijk een verschil tussen verschillende ­datacenters: is de persoon die wakker ligt de eigenaar van het gebouw en de technische installaties, of ook van de IT-apparatuur in het datacenter? Van den Hoogenhof (Copaco): “In dat laatste geval is security, en dan met name ransomware, een uitdaging.”

Slotgracht om datacenters

Van Alphen (ABB) was nog niet klaar met zijn opsomming: “Ook het ­imago van datacenters speelt een rol. De weerstand van veel ­mensen tegen de grote panden, waarvan men vooronderstelt dat ze veel stroom verbruiken, is niet te onderschatten, de sector heeft een probleem met zijn reputatie.” Hoeboer vult aan dat veranderende wet­geving, beschikbaarheid van kosten van energie, een forse uitdaging is.

“En de aansprakelijkheid die dat met zich mee kan brengen,” voegt Smit (Huawei) toe. Hij benoemt een groter probleem en Van Alphen valt hem bij: “De meeste van de genoemde issues in zekere zin bekend, en daar zullen de directeuren niet meer van wakker liggen. De fysieke bedreiging, echter, bijvoorbeeld een terreuraanslag omdat bepaalde groepen mensen weten of vermoeden dat servers van een organisatie in jouw datacenter staan, wordt een serieus probleem. Er ligt geen slotgracht om de datacenters, je kunt je er eigenlijk niet tegen wapenen. ­Cybercrime raakt vooral jouw klant en diens klant, maar een bom raakt jou als eigenaar.”

Stelling 4

Datacenterdiensten zijn te goedkoop voor de kritische functionaliteit die ze bieden.

Van den Hoogenhof (Copaco) maakt een vergelijking. “Vergelijk het met water. Toegang tot drinkwater is van groot belang voor mensen en (veel) bedrijven. We gaan ervan uit dat het altijd uit de kraan komt en dat is in Nederland ook zo. Ook datacenters spelen een essentiële rol in de samenleving, en ook daarbij gaan we ervan uit dat het werkt. Alles wat we doen gaat via een datacenter. Toch is water heel goedkoop, ondanks het belang ervan. Dat geldt voor datacenterdiensten net zo.” Zoals we vroeger de uitdrukking ‘wees wijs met water’ hadden, zo moeten we verstandiger omgaan met ons datagebruik, meent Van den Hoogenhof. “We moeten nadenken over de explosie aan data en de bouw van steeds meer datacenters die dat met zich meebrengt.”

Smit (Huawei) kiest een andere insteek. “Er zijn beslist datacenters die zich onderscheiden in prijs en kwaliteit. Zij vragen voor een goede en betrouwbare dienst een hogere prijs.” Maar erkent hij: in vergelijking met zelf een serverruimte inrichten ben je als bedrijf een stuk goedkoper uit in een datacenter. “Uiteindelijk gaat het om besef van de kwaliteit en het belang van datacenters ook om de positionering,” stelt Hoeboer (Netgear). “Het publiek realiseert zich niet wat er gebeurt in een datacenter, hoe belangrijk ze zijn. Ze zien alleen grote dozen langs de snelweg staan.”

Digital Realty heeft een conformiteitscertificaat ontvangen van het Climate Neutral Data Center Pact.

Digital Realty werkte samen met onafhankelijke auditors van Bureau Veritas om te evalueren of het bedrijf zich houdt aan de Self-Regulatory Initiatives (‘SRI’s’) die door het Pact in Europa zijn opgesteld.

De audit bevestigde dat Digital Realty op koers ligt om de specifieke SRI-doelstellingen voor 2030 te behalen: dat de Europese industrie klimaatneutraal is in 2030.

Digital Realty bereikte in 2022 wereldwijd 62 procent duurzame energiedekking, met 100 procent duurzame energiedekking voor zijn Amerikaanse colocatie en Europese portefeuilles, evenals CO2-neutraliteit in Frankrijk.

Digital Realty blijft zijn duurzame portfolio uitbreiden, zo voegde het bedrijf 315.000 megawattuur (MWh) aan zonne- en windenergie toe aan zijn energieportfolio, en heeft het inmiddels meer dan 1 gigawatt (GW) aan zonne- en windenergie gecontracteerd in haar wereldwijde portefeuille.

NorthC Group zet zijn expansie in de DACH-regio (Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland) door met de overname van een datacenter in Winterthur (nabij Zürich). Hiermee komt het aantal NorthC datacenters in Zwitserland op vier, na de overname van drie datacenters van Netrics, in april 2022.

Deze overname is een volgende stap in NorthC’s groeistrategie voor de Benelux en de DACH-regio, nadat het bedrijf in september 2021 de internationale uitbreiding inzette met de overname van twee datacenters in Duitsland. Ook in Nederland blijft NorthC uitbreiden, onder andere met een tweede datacenter in Eindhoven, dat momenteel wordt gebouwd en in het najaar van 2024 operationeel wordt.

Alexandra Schless, CEO van NorthC Group: “Dit wordt het 17e NorthC datacenter. Het bevindt zich in een belangrijke groeimarkt in Zwitserland: de regio Zürich. Net als in onze andere datacenters in Nederland, Duitsland en Zwitserland zullen we in de regio Zürich een ecosysteem van regionale IT-partners opbouwen om lokale bedrijven te ondersteunen bij hun digitale transformatie.”

Kyndryl Switzerland GmbH, onderdeel van de Kyndryl Group, een van ’s werelds grootste aanbieders van ICT-infrastructuurdiensten, heeft een Managed Service Agreement gesloten voor co-locatiediensten in het datacenter in Winterthur. Kyndryl wordt daarmee de eerste klant van NorthC in dit datacenter. Daarnaast zal NorthC het datacenter in Winterthur openstellen voor andere klanten in de regio.

Het datacenter in Winterthur is een belangrijk knooppunt voor datacommunicatie in de regio. NorthC zal dit datacenter tevens verbinden met de drie andere datacenters van NorthC in Zwitserland, die zich bevinden in Münchenstein (regio Basel) en Biel (regio Bern).

De Nederlandse Rijksoverheid heeft ervoor gekozen om Oracle Cloud Infrastructure (OCI) op te nemen in haar cloudserviceaanbod voor overheidsinstanties als onderdeel van een verlenging van haar bestaande servicecontract met Oracle.

De verlenging van de overeenkomst omvat een versie van de standaard cloudvoorwaarden en een Data Processing Agreement op basis van de Data Protection Impact Assessment (DPIA) van de overheid van beschikbare clouddiensten.

“Deze vernieuwde overeenkomst met Oracle markeert een belangrijk moment in onze strategische samenwerking”, zo zegt Richard Wiersema, Directeur Operatie DICTU van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en tevens Strategisch Leveranciersmanager Oracle voor de Rijksoverheid. “Met Oracle hebben we als Rijksoverheid een belangrijke partner in huis die ons helpt bij het verwezenlijken van onze digitale doelstellingen en te voldoen aan de behoeften van de Nederlandse samenleving. De cloud speelt daarin een cruciale rol.”

 

37 procent van de Nederlanders zou overwegen ChatGPT voor het werk te gebruiken en 38 procent doet dat al, zo blijkt uit onderzoek van Kaspersky. Medewerkers die zich niet bewust zijn van de mogelijke privacy-implicaties van deze tools kunnen volgens het securitybedrijf onbewust een gevaar vormen.

ChatGPT is erg populair in Nederland met bijna 1,5 miljoen gebruikers in de eerste maanden na de lancering. Dat de tool voor het werk wordt gebruikt is dan ook geen verrassing, maar de kans op misbruik blijft groot.

Ondanks dat 69 procent van de respondenten weet hoe de informatieverwerking van ChatGPT werkt, vindt de meerderheid het niet belangrijk om gesprekken en chatgeschiedenis privé te houden; en als ze dat wel doen, geven ze toe toch privégegevens te delen.

31 procent van de ondervraagden geen idee te hebben hoe ChatGPT zijn informatie verwerkt. En hoewel 69 procent denkt op de hoogte te zijn, zegt het merendeel (42%) slechts ongeveer te begrijpen hoe het werkt.

“De hoge potentie onder Nederlanders om ChatGPT te gebruiken voor werk, gecombineerd met een gebrek aan dataprivacy en beveiligingsbewustzijn is zorgwekkend, vooral omdat veel AI-diensten input van gebruikers kunnen hergebruiken om hun systemen te verbeteren, wat kan leiden tot datalekken. Dit is ook het geval als hackers de inloggegevens van gebruikers zouden stelen, omdat ze toegang zouden kunnen krijgen tot de potentieel gevoelige informatie die is opgeslagen als chatgeschiedenis”, zegt Vladislav Tushkanov, Data Science Lead, Kaspersky.

Tushkanov: “Medewerkers die zich niet bewust zijn van de mogelijke privacyimplicaties van deze tools kunnen onbewust een gevaar vormen, waarbij gevoelige informatie in verkeerde handen valt in het geval van een aanval. Het is daarom belangrijk om duidelijke richtlijnen te hebben voor het gebruik van AI-tools op het werk om dit soort scenario’s te voorkomen.”