Odin Groep heeft Victa overgenomen, een specialist op het gebied van data management, analytics en AI. Victa wordt onderdeel van dochteronderneming Previder en blijft als zelfstandig label opereren. Met de overname breidt Odin Groep zijn positie op het gebied van data en AI verder uit.

Odin Groep heeft Victa overgenomen, een bedrijf dat zich richt op data management, data analytics, business consultancy, data science en AI. Victa wordt onderdeel van Previder, de dochteronderneming van Odin Groep die klanten ondersteunt op het gebied van cloud, security en continuïteit.

Victa is actief in Borne en Amsterdam en telt 62 medewerkers. Het bedrijf ondersteunt volgens eigen opgave meer dan 2.000 organisaties bij het verkrijgen van data-inzichten en het maken van datagedreven keuzes, en doet dat al ruim zestien jaar.

Zelfstandig label binnen Odin Groep

Victa blijft na de overname opereren als zelfstandig label. Bestaande klanten behouden hun vertrouwde contactpersonen en krijgen tegelijkertijd toegang tot de schaal en structuur van Previder en Odin Groep.

Arno Witvliet, CEO van Odin Groep, stelt dat data voor steeds meer organisaties een sleutelrol speelt in hoe zij sturen en vernieuwen. Volgens Witvliet voegt Victa op dat vlak inhoudelijke expertise toe aan Previder en helpt het de groep om klanten beter te ondersteunen bij concrete datavraagstukken.

Marcel Baart, algemeen directeur van Victa, geeft aan dat de stap naar Odin Groep toegang biedt tot schaalvoordelen, aanvullende kennis en ondersteuning. Baart verwacht dat Victa zich samen met Previder verder ontwikkelt richting een bredere Microsoft- en cloudpropositie.

Uitbreiding van de propositie

Met de toevoeging van Victa beoogt Previder zijn dienstenaanbod uit te breiden van infrastructurele IT naar datagedreven werken en AI. Odin Groep meldt dat de expertise van Victa aansluit op de koers van Previder, waarbij het de combinatie van een IT-fundament met data- en AI-dienstverlening als leidend principe hanteert.

Foto: Carlo Vruwink, eigenaar Victa, Arno Witvliet, CEO Odin Groep, Marcel Baart, Algemeen Directeur Victa, Rinse Tamsma, CRO Odin Groep.

KnowBe4 brengt een herstructurering van zijn Security Awareness Training-portfolio uit, met twee nieuwe abonnementsniveaus en een Content Creation Agent die op basis van generatieve AI organisatiespecifieke trainingsmodules genereert. De nieuwe opzet maakt deel uit van de bredere AI Defense Agents-suite (AIDA) van het bedrijf. Beide SAT-niveaus en de nieuwe agent zijn nu wereldwijd beschikbaar.

KnowBe4 presenteert twee nieuwe niveaus voor zijn Security Awareness Training: SAT Foundation en SAT Advanced. SAT Foundation is gericht op kernbeheer van beveiligingsrisico’s en biedt toegang tot een beperkte contentbibliotheek met een selectie AI-functionaliteiten. SAT Advanced geeft toegang tot de volledige contentbibliotheek van KnowBe4, gecombineerd met de volledige suite van AI Defense Agents, die KnowBe4 aanduidt als AIDA.

Content Creation Agent als nieuwe AIDA-component

AIDA omvat onder meer een Orchestration Agent voor geautomatiseerd programmabeheer en een Deepfake Training Content Agent waarmee organisaties deepfake-trainingsmateriaal kunnen genereren met een eigen leidinggevende als onderwerp. Nieuw binnen AIDA is de Content Creation Agent. Volgens KnowBe4 zet deze agent interne beleidsdocumenten en organisatiematerialen via natural language prompting om naar trainingsmodules, inclusief quizzen. Organisaties kunnen daarbij stijl, toon en duur zelf bepalen, of een training vanaf nul opbouwen via een tekstprompt.

De gegenereerde trainingen zijn beschikbaar in 30 talen en kunnen rechtstreeks worden gepubliceerd in een trainingscampagne of worden geëxporteerd naar een extern Learning Management System. KnowBe4 meldt dat de integratie met Synthesia directe generatie van gelokaliseerde AI-video’s mogelijk maakt.

SmartRisk Engine analyseert 316 indicatoren

Onder de SAT-oplossingen werkt de SmartRisk Engine van KnowBe4, die op basis van meer dan 15 jaar aan dreigingsinformatie en gebruikersgedragsdata 316 indicatoren analyseert. Het systeem kijkt daarbij onder andere naar het zogeheten Phish Prone Percentage van medewerkers, hun vermogen om deepfakes te herkennen en hun omgang met AI-tools. De uitkomst is een individuele risicoscore per gebruiker, op basis waarvan AIDA trainingsinhoud personaliseert en programma’s aanpast aan nieuwe dreigingen.

Greg Kras, Chief Product Officer bij KnowBe4, geeft aan dat de uitbreiding van AIDA en de nieuwe SAT-structuur zijn gericht op het bieden van meer gebruiksgemak via automatisering, waarbij de trainingsinhoud doorlopend aansluit op het actuele dreigingslandschap.

Beschikbaarheid

SAT Foundation en SAT Advanced zijn nu wereldwijd beschikbaar. De Content Creation Agent is toegankelijk voor klanten met een KSAT Diamond + AIDA-abonnement of een SAT Advanced-abonnement. Meer informatie is beschikbaar via knowbe4.com.

Vrijwel alle IT-dienstverleners in de Benelux passen AI toe, maar slechts 19 procent heeft de technologie structureel ingebed in strategie en bedrijfsvoering. Dat meldt branchevereniging Global Technology Industry Association (GTIA) in het State of the Channel 2026-onderzoek. Tegelijk neemt de ontevredenheid over technologiepartners sterk toe, mede door veranderende licentiestructuren die AI met zich meebrengt.

Bijna alle IT-dienstverleners in de Benelux zetten AI in, maar slechts 19 procent kwalificeert zich als ‘AI-driven’. Dat zijn organisaties met formeel AI-leiderschap, geïntegreerde strategieën en aantoonbare AI-omzet. De rest bevindt zich nog in een vroege fase van strategische adoptie. Dat blijkt uit het State of the Channel 2026-onderzoek van GTIA, gebaseerd op een enquête onder IT-dienstverleners in de Benelux.

Carolyn April, Vice President of Research & Market Intelligence bij GTIA, geeft aan dat AI weliswaar breed aanwezig is in het kanaal, maar dat een beperkte groep de technologie weet om te zetten in structurele groei. Volgens April verandert het kanaal snel, aangedreven door AI, toenemende technologische complexiteit en de verdere opkomst van managed services en cloudmodellen.

Ontevredenheid over techpartners verdrievoudigd

Een opvallende uitkomst van het onderzoek is de sterke daling in tevredenheid over technologiepartners. De ontevredenheid verdrievoudigde van 3 naar 15 procent, terwijl de tevredenheid over de meest gebruikte oplossingen daalde van 77 naar 64 procent. GTIA stelt dat de introductie van AI hieraan bijdraagt. Meertaligheid en versnipperde ondersteuning versterken die druk in de Benelux, omdat programma’s niet altijd voldoende zijn aangepast aan kleinere, lokale markten.

Estelle Johannes, Director, Head of Regional Communities bij GTIA, constateert dat AI de relatie tussen IT-dienstverleners en hun technologiepartners verder onder druk zet. Leveranciers herzien hun licentiestructuren mede als gevolg van AI-integratie, wat IT-dienstverleners dwingt tot uitleg aan klanten over een nieuwe prijsopbouw.

Verschuiving naar verbruiksgebaseerde tarieven

Johannes legt uit dat softwarepakketten van samenstelling veranderen en dat klanten zelf moeten beoordelen welke variant het beste bij hen past. Veel leveranciers stappen af van tarieven gebaseerd op het aantal gebruikers en gaan over op verbruik van AI-diensten. Dat geeft onzekerheid, zowel bij IT-dienstverleners als bij hun klanten.

Een nieuw fenomeen dat Johannes signaleert is resultaatgerichte facturatie, waarbij een leverancier een deel van de toegevoegde waarde van AI verwerkt in de rekening. Nieuwe AI-functies worden toegevoegd aan bestaande pakketten, maar het is niet altijd duidelijk hoeveel die worden gebruikt en welke impact ze hebben op de factuur. Als die functies onderdeel zijn van de basislicentie maar de klant maakt er geen gebruik van, ontstaat snel het gevoel te veel te betalen. Bovendien wijzigen leveranciers regelmatig de contractvoorwaarden, aldus Johannes.

IT-dienstverleners verwachten van hun partners meer ondersteuning rond AI, betere aansluiting op hun businessmodel en sterkere lokale ondersteuning in de Benelux.

AI als voornaamste groeimotor

Voor de komende jaren verwachten IT-dienstverleners in de Benelux vooral groei vanuit nieuwe domeinen. AI-diensten worden het vaakst genoemd als groeimotor: 30 procent verwacht de komende twee jaar aanzienlijke groei op dit vlak, terwijl 10 procent aangeeft dat AI de belangrijkste inkomstenbron wordt.

Het volledige rapport is beschikbaar voor GTIA-leden via gtia.org/research.

Veeam Software heeft tijdens VeeamON 2026 in New York City het DataAI Command Platform aangekondigd. Het platform combineert databeveiliging, governance, compliance, privacy en resilience in één infrastructuurlaag die specifiek is ontworpen voor omgevingen waar autonome AI-agents opereren. De aankondiging volgt op de overname van Securiti AI en markeert een nieuwe productcategorie binnen het Veeam-portfolio.

Veeam Software kondigt het DataAI Command Platform aan, een platform dat data, toegang, identiteiten en AI-agents samenbrengt in één geïntegreerde infrastructuurlaag. Volgens Veeam richt het platform zich op de governance en beveiliging van zowel productie- als back-updata voor elke agent, identiteit en elk model binnen de IT-omgeving van een organisatie.

Het platform is het resultaat van de overname van Securiti AI, gecombineerd met Veeams achtergrond in dataprotectie en resilience. Veeam meldt meer dan 550.000 klanten te bedienen in ruim 150 landen, waaronder 77% van de Global 2000.

CEO Anand Eswaran stelt dat de infrastructuur om AI te implementeren al bestaat, maar dat de infrastructuur om AI te vertrouwen ontbreekt. Volgens hem verschuift het controlepunt voor beveiliging naar de data zelf wanneer AI-agents toegang krijgen tot bedrijfsdata, en vraagt dat om een andere benadering van vertrouwen.

Zes componenten

Het platform bestaat uit zes geïntegreerde componenten. De DataAI Command Graph vormt de basislaag en biedt via meer dan 300 connectors naar clouds, SaaS-applicaties en on-premises-omgevingen inzicht in welke data waar staat, wie er toegang toe heeft en welke wijzigingen risico’s hebben veroorzaakt. Veeam geeft aan dat de graph zowel live- als back-upsystemen omvat, wat volgens het bedrijf onderscheidend is ten opzichte van bestaande point solutions.

DataAI Security combineert data security posture management (DSPM), identiteitsintelligentie en resilience-inzichten in één overzicht. DataAI Governance dwingt beveiligingscontrole af bij de databron zelf, zodat zowel bekende als onbekende agents geen toegang krijgen tot gevoelige data, ongeacht of die agents zijn goedgekeurd of kwaadaardig.

DataAI Compliance ondersteunt volgens Veeam meer dan 100 regelgevingsframeworks, waaronder de EU AI Act, DORA, GDPR, HIPAA, NIST en AI RMF, en genereert controleerbaar bewijsmateriaal voor toezichthouders. DataAI Privacy dwingt privacyregels realtime af bij de bron op basis van gebruiker en jurisdictie, ondersteund door een People Data Graph die persoonsgegevens uit hybride multicloudomgevingen samenvoegt.

De zesde component, DataAI Precision Resilience, is gericht op herstel na incidenten. Veeam stelt dat het platform door zijn gedetailleerd databegrip gericht kan herstellen — alleen terugdraaien wat fout ging, zonder een volledig systeem te resetten.

Preview van twee oplossingen

Tegelijk met de platformaankondiging kondigt Veeam een preview aan van twee specifieke resilience-oplossingen. Veeam Intelligence ResOps for M365 brengt de intelligentie van de DataAI Command Graph beschikbaar voor Microsoft 365-omgevingen. De DataAI Resilience Module geeft bestaande Veeam Data Platform-klanten toegang tot de cross-domain intelligence- en agentic-mogelijkheden van het nieuwe platform, zonder dat migratie van bestaande data noodzakelijk is.

Veeam beoogt met het platform in te spelen op de toename van autonome AI-agents in organisaties. Het bedrijf stelt dat deze agents in veel gevallen over buitensporige toegangsrechten beschikken en dat de snelheid waarmee ze opereren de detectie- en responstijd voor dreigingen verkort.

Red Hat kondigt tijdens de Red Hat Summit in Atlanta een reeks nieuwe mogelijkheden aan voor soevereine en private clouds. De aankondigingen richten zich op geautomatiseerde compliance, lokale softwarelevering en AI-diensten die volledig binnen de eigen infrastructuur draaien. Daarmee wil het bedrijf organisaties meer controle geven over hun technologie en data, onafhankelijk van geopolitieke of marktontwikkelingen.

Red Hat presenteert tijdens zijn jaarlijkse Summit in Atlanta uitbreidingen op zijn platform voor soevereine en private clouds. Volgens het bedrijf draait soevereiniteit niet alleen om wet- en regelgeving, maar ook om de keuzevrijheid van organisaties om hun eigen koers te bepalen — ongeacht wijzigingen in leveranciersvoorwaarden of geopolitieke omstandigheden.

De aangekondigde mogelijkheden bouwen voort op een fundament dat bestaat uit Red Hat OpenShift, Red Hat Enterprise Linux, Red Hat Ansible Automation Platform en Red Hat AI. Dit fundament is bedoeld voor gebruik in air-gapped, soevereine en private clouds.

Geautomatiseerde compliance en landing zones

Red Hat meldt dat het zijn compliance-framework heeft uitgebreid. Nieuwe Compliance Profiles voor de Red Hat OpenShift Compliance Operator werken samen met Red Hat Advanced Cluster Security for Kubernetes om technische controles te automatiseren. Daarmee kunnen teams bewijsstukken aanmaken voor regelgeving zoals de Cyberbeveiligingswet, de AVG en DORA.

Daarnaast introduceert het bedrijf een platformonafhankelijke installer die vooraf geconfigureerde en geïsoleerde compute-omgevingen oplevert op basis van Red Hat Enterprise Linux, OpenShift en Ansible Automation Platform. Red Hat geeft aan dat deze zogenoemde landing zones referentiearchitecturen direct inzetbaar maken als infrastructuur, zodat compliant workloads sneller kunnen worden ingericht zonder handmatige basiscontroles.

AI-diensten en telemetrie binnen eigen grenzen

Een nieuwe interface voor service provisioning stelt partners en klanten in staat om virtuele machines, clusters en AI-diensten op OpenShift uit te rollen. Red Hat stelt dat organisaties deze tools kunnen gebruiken om GPU-as-a-service, models-as-a-service en inferencing-as-a-service aan te bieden als bouwstenen voor private, AI-gedreven clouds, waarbij zij volledige regie houden over de levenscyclus van hun AI-modellen.

Red Hat Lightspeed krijgt daarnaast telemetrie voor kostenbeheer in OpenShift die volledig binnen de door klanten beheerde omgevingen blijft. Operationele data hoeft daardoor niet over soevereine grenzen te worden verstuurd, aldus het bedrijf.

Lokale softwarelevering en regionale weerbaarheid

Red Hat kondigt aan de softwareketen verder te willen lokaliseren. Content delivery binnen de eigen regio maakt het mogelijk Red Hat Enterprise Linux lokaal te downloaden. Het bedrijf biedt dit regionale netwerk als eerste in de EU aan en verwacht deze oplossing voor aanvullende producten uit te breiden voor eind 2026.

Partnerschappen met NVIDIA, Google en IBM

De aankondigingen gaan vergezeld van samenwerkingen met grote technologiepartners. Red Hat geeft aan dat het een gevalideerd platform levert voor de AI Cloud Ready-status binnen het NVIDIA Cloud Partner-programma, waarmee NVIDIA-partners multi-tenant AI-resources kunnen aanbieden.

Via Red Hat OpenShift on Google Cloud Dedicated kunnen organisaties met strenge interne controlevereisten gebruikmaken van geïsoleerde infrastructuur. Bij IBM vormen Red Hat OpenShift, Red Hat Enterprise Linux, Ansible Automation Platform en Red Hat AI de basis voor IBM Sovereign Core, de oplossing van IBM voor soevereine en private clouds.

Cybersecuritybedrijf Nedscaper en verzekeringsmakelaar Acrisure gaan samenwerken om Microsoft-first organisaties continu inzicht te geven in hun cyberrisico’s en die risico’s te vertalen naar verzekeringsadvies. De samenwerking combineert technische monitoring met een gestructureerd stappenplan voor risicobeheer en verzekerbaarheid. Beide bedrijven richten zich op de groeiende groep organisaties die werkt met Microsoft 365, Azure en SaaS-omgevingen.

Nedscaper en Acrisure kondigen een samenwerking aan waarbij technische cybersecuritydiensten worden gekoppeld aan risico- en verzekeringsadvies. De focus ligt op organisaties die draaien op Microsoft-technologie.

Technische monitoring gekoppeld aan verzekeringsadvies

Binnen de samenwerking levert Nedscaper de technische component: via Managed XDR en een 24/7 Security Operations Center (SOC) monitoren analisten continu de digitale omgevingen van klanten. Acrisure vertaalt de uitkomsten van die monitoring naar risico- en verzekeringsadvies. Volgens Acrisure stellen verzekeraars steeds hogere eisen aan de aantoonbare cyberweerbaarheid van organisaties en hanteren zij meer uitsluitingen bij de acceptatie van cyberverzekeringen.

Commercieel directeur publieke sector Wim Mulder van Acrisure geeft aan dat verzekeraars steeds kritischer beoordelen hoe volwassen de cyberbeveiliging van een organisatie werkelijk is. Organisaties moeten daar structureel inzicht in hebben en actief op sturen, stelt hij.

Vijf stappen

De samenwerking werkt met een stappenplan dat vijf onderdelen omvat. Het begint met het vastleggen van bestuurlijke verantwoordelijkheid en risicoacceptatie (governance en risicobereidheid), gevolgd door een inventarisatie van kritieke systemen, processen en ketenafhankelijkheden. Stap drie bestaat uit doorlopende technische assessments waarbij de uitkomsten worden vertaald naar risico, compliance en verzekerbaarheid. Op basis daarvan stellen de partijen een verbeterplan op dat ook leveranciersrisico’s meeneemt. De laatste stap omvat het bepalen van het restrisico, het adviseren over passende cyberdekking en het voorbereiden op incidentrespons en herstel.

Het doorlopende technische assessment van Nedscaper wordt een integraal onderdeel van dit stappenplan, meldt Acrisure.

Gericht op Microsoft-omgevingen

De samenwerking richt zich specifiek op organisaties die werken met Microsoft 365, Azure en SaaS-omgevingen. Nedscaper en Acrisure stellen dat juist in deze omgevingen technische signalen en beveiligingsniveaus continu meetbaar zijn. Nedscaper geeft aan dat vrijwel alle Nederlandse organisaties gebruikmaken van Microsoft 365, wat de samenwerking schaalbaar maakt voor een breed deel van de markt.

CEO Thomas Verwer van Nedscaper wijst op de aankomende NIS2-verplichting, die naar verwachting per juli van kracht wordt. Verwer stelt dat organisaties die niet aantoonbaar compliant zijn, onnodig een hoog risicoprofiel houden.

Commercieel manager risico’s en verzekeringen Ruud Bindels van Acrisure voegt daaraan toe dat bestuurders onder wet- en regelgeving zoals NIS2 en DORA steeds nadrukkelijker persoonlijk verantwoordelijk worden gesteld voor aantoonbare digitale weerbaarheid, met mogelijke juridische en financiële gevolgen als die aantoonbaarheid ontbreekt.

Foto: Joris Hoogenbosch (Nedscaper) Wim Mulder (Acrisure), Ruud Bindels (Acrisure) en Thomas Verwer (Nedscaper)

OneXillium en XsolveIT gaan na een fusie verder onder één naam: OneXillium. De gecombineerde organisatie bedient meer dan 5.000 klanten in Nederland en België en richt zich op cybersecurity, enterprise information management en managed print services. Jo Van Onsem wordt voorzitter van de Raad van Bestuur.

OneXillium en XsolveIT hebben een fusie afgerond en opereren voortaan als één groep onder de naam OneXillium. De organisatie bestaat uit twee entiteiten: OneXillium Nederland en OneXillium België. Met een gecombineerd klantenbestand van meer dan 5.000 organisaties positioneert de groep zich als een van de grotere Benelux-spelers op het gebied van cybersecurity, enterprise information management (EIM) en managed print services (MPS).

De Raad van Bestuur staat onder voorzitterschap van Jo Van Onsem, die eerder CEO was bij OneXillium. Alle bestaande aandeelhouders van beide bedrijven blijven betrokken bij de nieuwe groep.

Eén koepel, lokale teams

Volgens Van Onsem is de fusie ingegeven door de wens om cybersecurity, informatiebeheer en printdiensten onder één dak te brengen. Hij stelt dat organisaties door de groei van digitale informatie gebaat zijn bij een aanpak waarbij systemen, processen en beveiliging op elkaar zijn afgestemd. OneXillium beoogt hiermee ‘veilig digitaal werken’ als integraal dienstenpakket aan te bieden.

Frank Flebus, voormalig CEO van XsolveIT, geeft aan dat de lokale teams in Nederland en België behouden blijven. Flebus stelt dat nabijheid en kennis van de lokale markt voor klanten belangrijk blijven, ook binnen een grotere groepsstructuur.

Eerdere overnames geïntegreerd

In de nieuwe groepsstructuur zijn ook de bedrijven opgenomen die XsolveIT eerder overnam, waaronder Smartify en Kantoorautomatisering Limburg. Volgens OneXillium kunnen klanten daarmee rekenen op één aanspreekpunt dat in beide landen actief is met gedeelde standaarden en werkwijzen.

De groep hanteert ‘veilig digitaal werken’ als centrale positionering en verwacht dat de schaalvergroting leidt tot een breder dienstenaanbod voor bestaande en nieuwe klanten in de Benelux.

Foto: Jo Van Onsem en Frank Flebus

Apple heeft iOS 26.5 en iPadOS 26.5 uitgebracht met een reeks beveiligingspatches die verder gaan dan een routineupdate. De kwetsbaarheden vormen samen een gevaarlijke keten die aanvallers in theorie volledige controle over een apparaat kan geven.

De update verhelpt problemen in meerdere lagen van het besturingssysteem: lekken in de WebKit-browserengine, geheugenproblemen in de kernel en een zogenaamde sandbox-escape via App Intents. Juist die combinatie maakt de update kritiek. Een aanval kan beginnen bij de browser en via de kernel doorstoten naar de diepere lagen van het systeem.

Opvallend is de herkomst van de ontdekkingen. Een van de kernelproblemen werd gerapporteerd door de Threat Analysis Group van Google, een team dat zich richt op staatsgesponsorde spionage. Een WebKit-kwetsbaarheid werd gevonden door onderzoekers van Anthropic tijdens werk met de AI-assistent Claude, wat de groeiende rol van kunstmatige intelligentie bij het opsporen van softwarefouten onderstreept.

Apple geeft aan dat er geen meldingen zijn van actief misbruik, maar dat verandert zodra de patches publiek bekend zijn. Het venster voor aanvallers opent zich op het moment dat de kwetsbaarheden bekend zijn maar toestellen nog niet zijn bijgewerkt.

Proact IT Group heeft een partnerschap gesloten met het Scandinavische cybersecuritybedrijf Truesec. De samenwerking combineert de infrastructuurervaring van Proact met de security-specialisaties van Truesec, waaronder threat intelligence, incident response en security monitoring. Proact beoogt hiermee zijn cybersecuritydienstverlening uit te breiden voor middelgrote en grote organisaties en de publieke sector.

Proact IT Group kondigt een samenwerking aan met Truesec, een Scandinavisch cybersecuritybedrijf met meer dan 400 specialisten en het grootste Security Operations Center (SOC) in de Noordse landen. Het partnerschap is gericht op het integreren van cybersecurity in het bestaande dienstenportfolio van Proact.

Combinatie van infrastructuur en security

Volgens Proact groeit de vraag naar gecombineerde infrastructuur- en securityopleveringen, met name in complexe IT-omgevingen. Danny Duggal, Commercial Director bij Proact IT Group, geeft aan dat de samenwerking het ecosysteem van het bedrijf versterkt en de mogelijkheid vergroot om organisaties te ondersteunen bij het verhogen van hun weerbaarheid.

Truesec levert Managed Security Services, advies en incident response aan organisaties die te maken hebben met cyberdreigingen. Het bedrijf heeft naar eigen zeggen meer dan 120.000 uur aan incident response-ervaring opgebouwd. René Damgaard, Commercial Director bij Truesec, stelt dat de samenwerking met Proact cyberbeveiliging toegankelijker moet maken voor organisaties van uiteenlopende omvang.

Strategische focus op terugkerende inkomsten

Proact stelt dat het partnerschap aansluit bij de strategie om de serviceactiviteiten uit te breiden en het aandeel van terugkerende inkomsten te vergroten. De samenwerking versterkt volgens het bedrijf ook de positie binnen beveiligde data-infrastructuur voor missiekritieke en maatschappelijk essentiële operaties.

De integratie van Truesecs specialisaties — waaronder proactieve securitymonitoring en threat intelligence — in het dienstenportfolio van Proact is gericht op zowel de private sector als publieke organisaties in Nederland en de bredere Scandinavische en Europese markt.

Organisaties buiten de Verenigde Staten en China kunnen geen volledig soevereine cloud opbouwen. Dat stelt Gartner-analist Douglas Toombs op een conferentie in Sydney. Zelfs on-premises clouddiensten van Amerikaanse leveranciers blijven afhankelijk van verbindingen met buitenlandse partijen. Intussen waarschuwt een tweede Gartner-analist dat Europese organisaties nauwelijks beschikken over een exitstrategie voor hun cloudleverancier.

Alleen de VS en China produceren alle technologie die nodig is voor een volledig soevereine cloud. Dat stelt Douglas Toombs, VP analist bij Gartner, tijdens het IT Infrastructure, Operations & Cloud Strategies Conference in Sydney. Organisaties elders kunnen een afhankelijkheid van buitenlandse aanbieders niet vermijden, ongeacht hoe hun infrastructuur is opgezet.

Volgens Toombs geldt dit ook voor on-premises oplossingen van Amerikaanse cloudleveranciers. Diensten als AWS Outposts, Azure Local en Oracle Dedicated Cloud Regions moeten verbinding maken met systemen van de moederorganisatie. Zolang deze aanbieders in handen zijn van Amerikaanse bedrijven, is een garantie op volledige soevereiniteit niet te geven.

Eerdere Europese pogingen liepen stuk

Toombs verwijst naar Franse initiatieven als Andromeda, Numergy en Gaia-X als voorbeelden van soevereine cloudprojecten die geen doorgang vonden. De projecten leverden vooral beleidsdocumenten op, maar geen werkende alternatieven voor de grote Amerikaanse platforms.

Hij baseert zijn verwachting over de cloudmarkt op de Rule of Three and Four, een principe van Boston Consulting Group, dat stelt dat een stabiele markt niet meer dan drie grote spelers kent. Volgens Toombs heeft de cloudmarkt zich daarmee al geconsolideerd rond AWS, Google en Microsoft. Hij geeft aan dat kleinere cloudaanbieders wel levensvatbaar kunnen zijn als basis voor soevereine SaaS-producten en -diensten.

Als illustratie van de grenzen van on-premises alternatieven noemt Toombs een Nederlandse zorginstelling die eigen infrastructuur opbouwde, maar toch een uitval ervoer doordat een leverancier afhankelijk was van een grote cloudprovider.

Europese organisaties missen exitstrategie

Adrian Wong, Director Analyst bij Gartner, signaleert op dezelfde conferentie dat de geopolitieke spanningen Europese organisaties aanzetten tot heroverweging van hun cloudstrategie. Een deel van hen vreest dat Amerikaanse cloudaanbieders zich terugtrekken uit Europa, wat ingrijpende migraties zou vereisen.

Wong stelt dat exitstrategieën structureel worden genegeerd. Organisaties zijn sterk afhankelijk van hun huidige cloudleverancier, zeker wanneer ze gebruik maken van cloud-native diensten of platform-as-a-service. Een migratie binnen minder dan twee jaar vraagt volgens Wong om aanzienlijke planning en investeringen.

Naast het ontbreken van een exitstrategie noemt Wong negen andere veelgemaakte fouten. Daartoe behoren het starten van cloudgebruik met bedrijfskritische en complexe applicaties zoals ERP, de aanname dat de cloud geschikt is voor alle workloads, en de verwachting dat multi-cloud de beschikbaarheid verbetert. Wong stelt dat een multi-cloudaanpak alleen zinvol is als organisaties daarmee toegang krijgen tot specifieke functionaliteit per platform, en niet als middel om de weerbaarheid te verhogen. Daarvoor is eerst het portabel maken van applicaties nodig, wat een kostbaar en complex traject is.