Het gebruik van AI-toepassingen binnen organisaties groeit sneller dan het toezicht erop. Daardoor ontstaan nieuwe beveiligingsrisico’s, waarschuwt Zscaler in zijn nieuwste ThreatLabz AI Threat Report. Veel bedrijven hebben volgens de onderzoekers onvoldoende zicht op welke AI-tools worden gebruikt en welke data daarin terechtkomt.

Uit het rapport blijkt dat de AI- en machine learning-activiteit in 2025 met 91 procent is toegenomen. Tegelijkertijd ontbreekt bij veel organisaties een overzicht van actieve AI-modellen en ingebouwde AI-functionaliteiten. Daardoor weten zij vaak niet waar gevoelige informatie wordt verwerkt of opgeslagen.

Volgens Zscaler vormt dat een groeiend probleem. AI wordt niet alleen ingezet voor productiviteit, maar ook steeds vaker misbruikt bij cyberaanvallen. In omgevingen waar geen centraal toezicht bestaat, kunnen aanvallers relatief eenvoudig misbruik maken van kwetsbaarheden.

Op basis van Red Team-tests stelt Zscaler dat AI-systemen in veel organisaties snel zijn binnen te dringen. In alle onderzochte omgevingen werden kwetsbaarheden aangetroffen. De mediane tijd tot de eerste kritieke storing lag op zestien minuten. In negentig procent van de gevallen was een systeem binnen anderhalf uur gecompromitteerd.

Volgens Deepen Desai, EVP Cybersecurity bij Zscaler, maakt vooral de opkomst van autonome en semi-autonome AI-agents aanvallen gevaarlijker. Deze agents kunnen verkenning, exploitatie en laterale beweging grotendeels automatiseren, waardoor aanvallen op ‘machine-speed’ verlopen. Een belangrijk aandachtspunt in het rapport is het toenemende gebruik van ingebouwde AI-functionaliteiten in SaaS-applicaties. Deze functies zijn vaak standaard ingeschakeld en blijven daardoor buiten het zicht van IT- en securityteams.

Volgens Zscaler vormt dit een groeiend risico op datalekken. Gevoelige informatie kan ongemerkt in externe AI-modellen terechtkomen, zonder dat daar beleid of controle op zit. In het onderzoek wordt onder meer gewezen op samenwerkings- en ontwikkelplatforms waarin AI breed wordt toegepast. Naast ingebedde AI blijft ook het gebruik van standalone tools zoals ChatGPT en code-assistenten toenemen. In 2025 werden via deze platforms tientallen miljarden transacties uitgevoerd.

De hoeveelheid bedrijfsdata die via AI-toepassingen wordt verwerkt, groeit sterk. In 2025 ging het volgens Zscaler om ruim 18.000 terabyte, een stijging van 93 procent ten opzichte van een jaar eerder. Daarmee worden AI-platforms steeds grotere verzamelplaatsen van bedrijfsinformatie. Die concentratie maakt deze omgevingen aantrekkelijk voor cybercriminelen. Zscaler rapporteert honderden miljoenen overtredingen van Data Loss Prevention-beleid, waaronder pogingen om persoonsgegevens, broncode en medische gegevens te verwerken via AI-tools. Volgens de onderzoekers verschuift AI-governance daarmee van een beleidsdiscussie naar een direct operationeel vraagstuk.

Voor IT-dienstverleners en msp’s betekent deze ontwikkeling dat AI-beveiliging steeds vaker onderdeel wordt van hun dienstverlening. Veel klanten gebruiken inmiddels meerdere AI-tools, vaak zonder centrale regie. Daardoor ontstaan blinde vlekken in beveiliging en compliance. Zscaler stelt dat klassieke firewalls en VPN-oplossingen onvoldoende zijn toegerust op dynamische AI-omgevingen. Door het toenemende gebruik van cloudapplicaties en AI-diensten ontstaat versnipperd verkeer dat lastig centraal te controleren is. Volgens het bedrijf is een meer geïntegreerde aanpak nodig, met nadruk op zichtbaarheid, datacontrole en toegangsbeheer. Daarbij wordt onder meer verwezen naar zero trust-architecturen als mogelijke basis.

Waar AI-beleid lange tijd vooral een strategisch onderwerp was, verschuift de aandacht volgens Zscaler naar de dagelijkse praktijk. Securityteams krijgen steeds vaker te maken met incidenten waarbij AI-tools een rol spelen. Organisaties die geen structureel toezicht inrichten op AI-gebruik, lopen volgens het rapport het risico grip te verliezen op hun data en infrastructuur.

Kleine en middelgrote bedrijven hebben steeds meer moeite om bij te blijven met de inzet van AI. Waar grotere organisaties tijd, geld en kennis hebben om AI structureel in te zetten, blijft die technologie voor veel lokale ondernemers lastig bereikbaar. Dat blijkt uit onderzoek dat platform Trustoo heeft laten uitvoeren.

Uit cijfers van de MKB Barometer blijkt dat personeelstekorten en hoge werkdruk digitalisering in de weg staan. De helft van de mkb-bedrijven kampt met een gemiddeld tekort van zes fte. Tegelijk vindt slechts 6 procent van de ondernemers dat hun organisatie voldoende is geautomatiseerd. Ruim de helft geeft aan dat het lastiger is om snel te profiteren van nieuwe technologieën zoals AI.

Vooral kleinere bedrijven lopen achter. Van de ondernemers met minder dan vijftig medewerkers gebruikt 28 procent AI, tegenover 42 procent bij middelgrote bedrijven. Toch ziet een meerderheid verdere automatisering wel als prioriteit. Zes op de tien ondernemers denken dat een gebrek aan digitalisering direct bijdraagt aan het missen van kansen. Tijdgebrek, beperkte budgetten en een tekort aan technische kennis vormen de grootste drempels. Volgens het onderzoek noemt 42 procent een tekort aan tijd en personeel als belangrijkste obstakel, gevolgd door financiering en kennis.

Ook op het gebied van klantcommunicatie groeit het verschil tussen grote en kleine bedrijven. Uit onderzoek van Trustoo blijkt dat 57 procent van de consumenten binnen een dag een reactie verwacht, waarvan een vijfde zelfs binnen enkele uren. Grotere organisaties vangen dit steeds vaker op met geautomatiseerde antwoorden en chatbots, terwijl lokale dienstverleners hier zonder ondersteuning moeite mee hebben.

Het onderzoek laat zien dat de AI-kloof binnen het mkb voorlopig niet kleiner wordt. Zonder extra ondersteuning, begeleiding of toegankelijke oplossingen dreigt AI vooral een voordeel te blijven voor grotere organisaties, terwijl kleinere bedrijven achterblijven.

Beveiligingsonderzoekers signaleren dat Outlook-add-ins in Microsoft 365 misbruikt kunnen worden om e-mailgegevens te exfiltreren zonder zichtbaarheid in auditlogs. De techniek benut beperkingen in logging binnen Outlook Web Access en blijft daarmee buiten het zicht van standaard monitoring.

Onderzoek van Varonis laat zien dat kwaadwillenden Outlook-add-ins kunnen inzetten als onzichtbaar exfiltratiekanaal. De add-ins functioneren als webapplicaties binnen Outlook en kunnen worden geïnstalleerd via Outlook Web Access. Juist daar ontbreekt auditlogging voor zowel installatie als uitvoering van add-ins, ook wanneer Microsoft 365-auditlogging volledig is ingeschakeld.

De onderzoekers tonen aan dat een add-in kan meeluisteren op het moment dat een gebruiker een e-mail verzendt. Onderwerpregels, inhoud, ontvangers en metadata worden daarbij onderschept en automatisch doorgestuurd naar een externe server. Omdat dit gebeurt binnen het normale gebruik van Outlook Web Access, verschijnen deze activiteiten niet in de Unified Audit Log.

Dat verschil tussen omgevingen speelt een centrale rol. In de desktopversie van Outlook wordt de installatie van add-ins vastgelegd in Windows Event Logs. In de webvariant ontbreekt die registratie volledig. Daardoor kunnen add-ins langdurig actief blijven zonder dat beveiligingsteams daar zicht op hebben.

Volgens Varonis maakt dit meerdere aanvalsscenario’s mogelijk. Een gecompromitteerd gebruikersaccount volstaat om een add-in te installeren die structureel meeleest met uitgaande communicatie. Ook misbruik door insiders of het organisatiebreed uitrollen van een add-in via beheerdersrechten behoort tot de mogelijkheden. Daarnaast wijst het onderzoek op supply chain-risico’s, waarbij ogenschijnlijk legitieme add-ins data extern verwerken zonder dat dit controleerbaar is via logging.

De bevindingen sluiten aan bij bredere zorgen rond zichtbaarheid en governance binnen cloud-ecosystemen. Functionaliteit die sterk leunt op extensies en add-ins vergroot het aanvalsoppervlak, terwijl logging en toezicht daar niet altijd in meegroeien. In omgevingen waar e-mail een primaire drager is van gevoelige informatie, ontstaat zo een lastig te detecteren datalekrisico.

Varonis pleit voor uitbreiding van auditlogging rond add-ins, specifiek binnen Outlook Web Access, en voor meer fijnmazige registratie van add-in-activiteiten. Tot die tijd blijft detectie grotendeels afhankelijk van aanvullende beveiligingsmaatregelen buiten de standaard Microsoft 365-logs.

Midwich Benelux gaat het volledige ClickShare-portfolio van Barco distribueren in Nederland, België en Luxemburg. Daarmee vult de distributeur het gat dat is ontstaan na het stoppen van Exertis AV in de Benelux.

De uitbreiding van de samenwerking betekent dat resellers en system integrators in de Benelux via Midwich toegang houden tot het volledige aanbod ClickShare-oplossingen van Barco. Het gaat onder meer om ClickShare en ClickShare Hub, inclusief recent gecertificeerde bundels voor Microsoft Teams Rooms.

Na het beëindigen van de activiteiten door Exertis AV zat Barco tijdelijk zonder distributiepartner voor ClickShare in de regio. Met de uitbreiding van de samenwerking met Midwich wordt die rol nu opnieuw ingevuld, inclusief levering, ondersteuning en begeleiding voor partners in Nederland, België en Luxemburg.

ClickShare en ClickShare Hub zijn bedoeld voor draadloos presenteren, videovergaderen en samenwerken in vergaderruimtes van verschillende groottes. Beheer en beveiliging worden centraal ingericht, zodat IT-afdelingen controle houden over het gebruik binnen organisaties. Daarmee spelen de oplossingen in op de groeiende behoefte aan gestandaardiseerde en beheersbare vergaderomgevingen.

Het portfolio omvat ook bundels waarin ClickShare Hub wordt gecombineerd met TeamConnect bars. Volgens de betrokken partijen sluiten deze samenstellingen aan op hybride werkomgevingen, waarin samenwerking plaatsvindt tussen medewerkers op locatie en op afstand.

De distributie richt zich op uiteenlopende vergaderruimtes, van kleinere overlegplekken tot grotere vergaderomgevingen. Midwich Benelux verzorgt naast levering ook technische ondersteuning en begeleiding bij implementatie. Daarmee wil het bedrijf partners ondersteunen bij projecten rondom vergaderruimte-inrichting en -beheer.

Barco geeft aan dat de uitbreiding van de samenwerking past binnen de bredere Europese kanaalstrategie. Midwich Benelux stelt dat de toevoeging van het volledige ClickShare-portfolio het bestaande aanbod verder verbreedt en aansluit op de vraag naar gestandaardiseerde vergaderoplossingen.

Veel organisaties hebben moeite om hun cloudomgevingen effectief te beveiligen door een groeiend aantal losse securitytools en een gebrek aan overzicht. Dat blijkt uit het 2026 State of Cloud Security Report van Fortinet, gebaseerd op een wereldwijd onderzoek onder ruim 1.100 securitybeslissers.

Volgens het onderzoek investeren organisaties steeds meer in cybersecurity, maar vertaalt die toename zich niet automatisch in betere weerbaarheid. Beveiligingsteams raken het overzicht kwijt doordat verschillende oplossingen naast elkaar worden ingezet, zonder onderlinge samenhang. Bijna 70 procent van de respondenten noemt deze fragmentatie een van de belangrijkste obstakels voor effectieve cloudbeveiliging.

Naast versnipperde tooling vormt ook personeelstekort een structureel probleem. Driekwart van de respondenten geeft aan dat het lastig is om voldoende gekwalificeerde securityprofessionals te vinden. Daardoor staan teams onder druk en neemt de kans toe dat incidenten te laat worden opgemerkt of afgehandeld. Tegelijkertijd zegt bijna 60 procent dat hun organisatie zich nog in een vroeg stadium van volwassenheid bevindt op het gebied van cloudbeveiliging.

De snelheid waarmee cyberaanvallen worden uitgevoerd, vormt een derde belangrijk knelpunt. Aanvallers maken steeds vaker gebruik van automatisering en AI om kwetsbaarheden te identificeren en te misbruiken. Meer dan 80 procent van de ondervraagde experts zegt weinig vertrouwen te hebben in het vermogen om dreigingen in real time te detecteren en te neutraliseren. Dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan een jaar eerder.

Het onderzoek laat ook zien dat multicloud- en hybride omgevingen de complexiteit verder vergroten. Inmiddels werkt bijna negen op de tien organisaties met meerdere cloudomgevingen of een combinatie van cloud en on-premises infrastructuur. Meer dan 80 procent heeft bedrijfskritische workloads bij meerdere cloudproviders ondergebracht.

Deze versnippering leidt tot extra beheerlast. Veel securityteams besteden een groot deel van hun tijd aan het koppelen van systemen en het samenbrengen van beveiligingsinformatie. Als organisaties opnieuw zouden mogen kiezen, geeft bijna twee derde aan liever te werken met één geïntegreerd beveiligingsplatform.

Voor msp’s en IT-dienstverleners onderstreept het rapport het belang van vereenvoudiging en standaardisatie binnen cloudomgevingen. Klanten verwachten steeds vaker dat dienstverleners niet alleen tooling leveren, maar ook zorgen voor samenhangend beheer, centrale monitoring en duidelijke verantwoordelijkheden.

Het rapport concludeert dat verdere groei van cloud- en AI-toepassingen alleen beheersbaar blijft wanneer organisaties hun beveiligingsarchitectuur vereenvoudigen, investeren in vaardigheden en processen beter op elkaar afstemmen. Zonder die basis blijft de kloof tussen complexiteit en weerbaarheid bestaan.

AI speelt een steeds grotere rol in IT-support- en klantomgevingen, maar veel organisaties hebben de organisatorische randvoorwaarden nog niet op orde. Dat blijkt uit het nieuwe Voice of the Agent Report van Calabrio, gebaseerd op onderzoek onder ruim 500 support- en contactcenterprofessionals in Europa en Noord-Amerika.

Volgens het onderzoek ervaren medewerkers dat AI-tools hun werk in sommige gevallen vereenvoudigen, maar tegelijkertijd bestaat er onzekerheid over de impact van automatisering. Meer dan de helft van de respondenten geeft aan zorgen te hebben over hoe AI hun rol verandert. Slechts een derde weet welke systemen binnen de organisatie daadwerkelijk gebruikmaken van AI.

Daarnaast blijkt dat training en begeleiding vaak tekortschieten. Ongeveer 40 procent van de medewerkers zegt geen passende scholing te hebben gekregen voor het werken met AI-ondersteuning. Hierdoor ontstaat een kloof tussen de technische mogelijkheden en het daadwerkelijke gebruik in de praktijk.

Het rapport laat zien dat AI routinetaken steeds vaker overneemt, waardoor medewerkers zich meer bezighouden met complexe en inhoudelijke vragen. Dat vraagt om andere vaardigheden, meer autonomie en betere ondersteuning vanuit de organisatie. Tegelijkertijd blijven veel teams opereren binnen bestaande structuren, waarin governance, procesafspraken en verantwoordelijkheden niet altijd zijn aangepast aan nieuwe technologie.

Voor msp’s en IT-dienstverleners is deze ontwikkeling herkenbaar. Ook binnen servicedesks en supportafdelingen wordt AI steeds vaker ingezet voor ticketafhandeling, monitoring, kennisbeheer en klantinteractie. Het onderzoek onderstreept dat succesvolle inzet niet alleen afhangt van tooling, maar ook van duidelijke richtlijnen, transparantie en opleiding.

Opvallend is dat medewerkers die regelmatig coaching en voortgangsgesprekken krijgen, vaker vertrouwen hebben in het gebruik van AI. Ook organisaties met duidelijke loopbaanpaden en ontwikkelprogramma’s scoren hoger op tevredenheid en betrokkenheid. Volgens de onderzoekers draagt dit bij aan een stabielere adoptie van nieuwe technologie.

Het rapport wijst er verder op dat veel organisaties de voordelen van AI inmiddels erkennen, maar moeite hebben met de volgende stap: structurele inbedding in processen en dienstverlening. Gebrek aan overzicht, onvoldoende afstemming tussen afdelingen en beperkte governance vormen daarbij belangrijke belemmeringen.

Voor IT-dienstverleners ligt hier een rol in het begeleiden van klanten bij niet alleen de technische implementatie, maar ook bij de inrichting van beheer, training en toezicht. Het onderzoek laat zien dat AI in supportomgevingen steeds normaler wordt, maar dat volwassen gebruik pas mogelijk is wanneer technologie en organisatie beter op elkaar zijn afgestemd.

Steeds meer organisaties in Europa en het Midden-Oosten bevinden zich in een gevorderd stadium van AI-adoptie. Tegelijkertijd blijft de inrichting van governance, risicobeheersing en toezicht achter. Dat blijkt uit het Lenovo CIO Playbook 2026, gebaseerd op onderzoek van IDC onder 800 IT- en zakelijke beslissers in de regio.

Volgens het onderzoek heeft bijna de helft van de organisaties inmiddels AI-toepassingen vanuit pilots naar productie gebracht. Veel organisaties verwachten dat AI-investeringen de komende jaren financieel rendement opleveren en zijn van plan hun budgetten verder te verhogen.

Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat de organisatorische basis vaak nog onvoldoende is ingericht. Slechts 27 procent van de respondenten geeft aan dat AI-governance volledig op orde is. Beperkingen in datakwaliteit, interne expertise, integratie met bestaande systemen en afstemming tussen afdelingen zorgen ervoor dat ambities niet altijd aansluiten op de praktijk.

Een opvallende ontwikkeling is de groeiende belangstelling voor zogenoemde agentic AI, waarbij systemen zelfstandig taken uitvoeren en beslissingen nemen. Hoewel veel organisaties aangeven hier binnen twaalf maanden mee te willen opschalen, maakt slechts een klein deel er momenteel structureel gebruik van. Het merendeel bevindt zich nog in de test- of pilotfase.

Daarnaast blijkt dat hybride AI-architecturen steeds vaker de voorkeur krijgen. Bijna zestig procent van de organisaties kiest voor een combinatie van cloud, private infrastructuur en on-premises systemen. Deze aanpak moet helpen om innovatie te combineren met controle over data, kosten en compliance.

Volgens de onderzoekers verschillen de volwassenheid en het tempo van adoptie sterk per regio. In onder meer Scandinavië, het Verenigd Koninkrijk en Italië zijn organisaties verder met structurele implementaties. In delen van Zuid- en Oost-Europa bevinden veel bedrijven zich nog in eerdere fasen. In het Midden-Oosten groeit de belangstelling voor grootschalige en geavanceerde AI-toepassingen relatief snel.

Voor msp’s en IT-dienstverleners onderstreept het onderzoek het belang van begeleiding bij AI-implementaties. Naast technische infrastructuur spelen governance, beveiliging, compliance en beheerprocessen een steeds grotere rol. Organisaties die AI op grotere schaal willen inzetten, hebben daarbij vaak ondersteuning nodig bij het inrichten van deze randvoorwaarden.

Het rapport laat zien dat AI binnen veel organisaties is doorgeschoven van experiment naar structureel gebruik, maar dat verdere opschaling afhankelijk blijft van de mate waarin beheer, toezicht en integratie professioneel zijn ingericht.

Nutanix Cloud Clusters (NC2) is beschikbaar gekomen op Google Cloud. Met de uitbreiding kunnen organisaties hun Nutanix-omgevingen ook binnen het cloudplatform van Google draaien, naast bestaande implementaties in eigen datacenters en andere public clouds.

NC2 wordt als softwareoplossing ingezet op bare metal-instances binnen Google Cloud. De dienst wordt niet aangeboden als managed service. Organisaties blijven daardoor zelf verantwoordelijk voor het beheer, de configuratie en de beveiliging van hun workloads.

De oplossing draait rechtstreeks op fysieke servers binnen Google Compute Engine en opereert binnen de virtuele netwerken van klanten. Hierdoor kan NC2 worden geïntegreerd in bestaande cloudomgevingen, zonder dat aparte infrastructuur of beheerlagen nodig zijn.

Met NC2 kunnen workloads worden verplaatst tussen on-premises omgevingen, edge-locaties en public cloud. Applicaties hoeven daarbij in principe niet te worden aangepast. De oplossing is onder meer bedoeld voor organisaties die hun bestaande virtualisatieomgevingen willen uitbreiden naar de cloud.

NC2 ondersteunt migratie van workloads die draaien op platforms zoals VMware ESXi en Microsoft Hyper-V. Deze kunnen worden overgezet naar Google Cloud zonder herontwerp van applicaties. Bestaande Nutanix-licenties voor on-premises gebruik kunnen daarbij worden meegenomen.

Via de koppeling met Google Cloud kunnen organisaties gebruikmaken van aanvullende diensten op het gebied van data-analyse en AI, waaronder BigQuery en Vertex AI. Deze diensten kunnen worden gecombineerd met bestaande applicaties en infrastructuur.

NC2 is beschikbaar in zeventien Google Cloud-regio’s en wordt aangeboden via de Google Cloud Marketplace. Klanten kunnen de oplossing daarmee opnemen in hun bestaande cloudcontracten en budgetstructuren.

Met de beschikbaarheid op Google Cloud breidt Nutanix het bereik van zijn hybride cloudplatform verder uit. De oplossing is gericht op organisaties en IT-dienstverleners die hybride en multicloudomgevingen willen beheren vanuit één platform.

LANCOM Systems presenteert tijdens de retailbeurs EuroShop 2026 in Düsseldorf nieuwe netwerkoplossingen voor winkelomgevingen. Centraal staat het Wi-Fi 7 access point LX-7200E, dat is bedoeld voor grootschalige retailnetwerken met veel aangesloten apparaten en centrale aansturing.

De Duitse fabrikant richt zich met de oplossing op organisaties die hun draadloze infrastructuur willen moderniseren voor toepassingen zoals mobiel betalen, zelfscankassa’s, klantenapps en digitale displays. Daarbij ligt de nadruk op stabiliteit, beveiliging en centraal beheer.

Het access point ondersteunt tri-band Wi-Fi, waaronder de 6GHz-band, en is geschikt voor omgevingen met hoge dichtheid. Via de LANCOM Management Cloud kunnen meerdere vestigingen centraal worden gemonitord en beheerd. Volgens het bedrijf maakt dit het mogelijk om configuraties, updates en beveiligingsinstellingen op afstand uit te rollen.

Voor msp’s en IT-dienstverleners is vooral de combinatie van hardware en cloudbeheer relevant. Retailorganisaties werken steeds vaker met externe partijen voor het beheer van hun netwerken, waarbij schaalbaarheid en standaardisatie een belangrijke rol spelen. Centraal management moet daarbij helpen om beheerlast te beperken en dienstverlening efficiënter in te richten.

De oplossing ondersteunt daarnaast Electronic Shelf Label-systemen en digitale signage. De geïntegreerde interface maakt het mogelijk om elektronische prijsetiketten en displays via het bestaande netwerk aan te sturen. Hierdoor is in sommige gevallen geen aanvullende infrastructuur nodig. Ook biedt het access point ondersteuning voor bluetooth-toepassingen.

LANCOM benadrukt dat het platform binnen Europa wordt ontwikkeld en gehost. In de retailsector groeit de aandacht voor datalocatie en afhankelijkheid van niet-Europese leveranciers. Voor dienstverleners en retailers kan dit een rol spelen bij de keuze voor netwerk- en cloudoplossingen.

Tijdens EuroShop geeft LANCOM ook toelichting op migraties naar Wi-Fi 7 en de integratie met bestaande netwerkomgevingen. Daarbij wordt onder meer ingegaan op beveiliging, beheerstructuren en samenwerking met partners.

Met de introductie speelt LANCOM in op de verdere professionalisering van retailnetwerken, waarin connectiviteit, centraal beheer en security steeds vaker onderdeel worden van managed diensten.

Op 3 en 4 februari 2026 vindt in de RAI Amsterdam de negende editie van Kickstart Europe plaats. Het evenement trekt naar verwachting meer dan 2.000 bezoekers uit bijna veertig landen. Onder het centrale thema Unlocking Growth staat de conferentie in het teken van de verdere groei van de datacentersector, met aandacht voor AI, netcongestie en digitale soevereiniteit.

De datacenterindustrie groeit stevig, maar loopt tegelijk tegen structurele beperkingen aan. Tijdens Kickstart Europe komen onder meer de beperkte beschikbaarheid van elektriciteit, de schaarste aan ruimte in traditionele datacenterregio’s en de toenemende vraag vanuit AI-toepassingen aan bod. Ook de geopolitieke context en de roep om meer Europese digitale autonomie spelen een belangrijke rol in het programma.

Digitale positie van Europa

De conferentie opent op 4 februari met een keynote van Michiel Vos, getiteld Time to Act: Europe’s Digital Wake-Up Call. Vos, advocaat en journalist, plaatst de Europese digitale ambities in een trans-Atlantisch perspectief. Hij vergelijkt de Amerikaanse en Europese aanpak en gaat in op de vraag hoe Europa een sterkere positie kan innemen als digitale infrastructuurhub.

Dit thema wordt verder uitgediept in de paneldiscussie Defining Europe’s strategic position in the AI era, onder leiding van DDA-directeur Stijn Grove. Experts uit de sector bespreken hier hoe Europa kan omgaan met de toenemende internationalisering van digitale infrastructuur. Daarbij komen beleidsdoelen, investeringsklimaat en operationele uitdagingen uitgebreid aan bod.

Netcongestie en energievoorziening

Op 4 februari is er ook veel aandacht voor de problematiek rond energievoorziening. In de sessie Power challenges throughout Europe brengen specialisten uit verschillende landen in kaart hoe nationale netwerken omgaan met capaciteitsproblemen en netmodernisering.

Daarnaast richt de sessie Powering data centers in congested Tier 1 markets zich op de gevolgen van netcongestie in de belangrijkste Europese datacentermarkten. De toenemende vraag vanuit AI-workloads vergroot daar de druk op bestaande infrastructuur.

Een andere opvallende sessie is Why Decentralized Compute Is Essential for Agentic AI. Hier staat de verschuiving naar inference en edge computing centraal. Deelnemers bespreken hoe een gedistribueerd datacenterlandschap kan bijdragen aan lagere latency en betere prestaties van AI-toepassingen.

Introductie van Kickstart Invest

Nieuw dit jaar is Kickstart Invest, dat op 3 februari plaatsvindt. Dit besloten executive forum richt zich op investeringen in digitale infrastructuur. C-level bestuurders van banken, investeerders, private equity-partijen en datacenteroperators komen hier samen voor strategische gesprekken en kennisuitwisseling.

Kickstart Invest moet een platform bieden voor het afstemmen van investeringsstrategieën in een markt die steeds complexer en kapitaalintensiever wordt.

ChannelConnect is mediapartner van het event.

Kickstart Europe 2026
3 en 4 februari
RAI Amsterdam