Pegasystems heeft een nieuwe AI-tool aangekondigd die organisaties helpt bij het analyseren en omzetten van bestaande Lotus Notes- en Domino-applicaties. De tool, Notes to Blueprint, richt zich niet op e-mailmigratie, maar op het ontsluiten en herontwerpen van maatwerkapplicaties die in de loop der jaren bovenop het Notes-platform zijn gebouwd.

Hoewel Lotus Notes bij veel organisaties al jaren niet meer wordt gebruikt als messagingplatform, draaien wereldwijd nog duizenden Notes- en Domino-omgevingen als applicatieplatform voor interne processen. Volgens Pegasystems gaat het om tienduizenden organisaties die Notes-applicaties inzetten voor onder meer goedkeuringsflows, documentbeheer, claimsafhandeling en escalaties. Ook externe datasets laten zien dat Notes nog bij enkele duizenden organisaties actief wordt gebruikt, met name in grote en legacy-rijke omgevingen.

Die omgevingen draaien niet uitsluitend op verouderde software. Onder beheer van HCL Software verschijnen nog steeds nieuwe versies van Domino en Notes, die ondersteund worden op moderne infrastructuur. Dat betekent dat Notes technisch blijft functioneren, maar volgens veel organisaties steeds minder goed aansluit op hedendaagse IT-architecturen, cloudintegraties en data- en AI-strategieën.

Notes to Blueprint fungeert in dat licht als analyse- en conversietool. De software scant Notes-databases en brengt applicaties, datastructuren en proceslogica in kaart, inclusief logica die verspreid zit over formulieren, scripts en agents. Die informatie wordt vervolgens ingelezen in Pega Blueprint, waar bestaande processen functioneel worden vertaald naar configureerbare workflows binnen het Pega-platform. Het gaat daarbij niet om een één-op-één migratie, maar om het herontwerpen van processen op basis van bestaande functionaliteit.

De technologie is gebaseerd op tooling die Pega recent heeft overgenomen van het Zweedse Adopteq, dat gespecialiseerd was in analyse en migratie van Lotus Notes-omgevingen. Het gaat onder meer om software voor het uitlezen van Notes-databases en het ontsluiten van vastgelegde proceslogica.

Voor organisaties die deze omzetting willen uitvoeren, werkt Pegasystems samen met Capgemini. Via AWS Marketplace bieden de partijen een gezamenlijke aanpak aan waarin analyse, conversie, datamigratie en validatie zijn opgenomen. Financiële details over de overname van Adopteq zijn niet bekendgemaakt.

 

Futureproof Group neemt F1 Solutions over, een IT-dienstverlener die actief is in kantoorautomatisering, netwerk- en serverbeheer en telefonie voor het mkb. F1 Solutions werd in 1997 opgericht door Clemens Blom en Marcel Huijbens. Volgens de betrokken partijen past de overname binnen de bredere schaalvergroting in de ict-markt.

Blom en Huijbens geven aan dat de eisen aan kennis en dienstverlening de afgelopen jaren zijn toegenomen. Door de aansluiting bij Futureproof Group wil F1 Solutions het aanbod verder ontwikkelen, terwijl bestaande klantrelaties behouden blijven. Voor medewerkers biedt de stap volgens hen extra mogelijkheden voor samenwerking en kennisdeling.

Binnen de groep gaat F1 Solutions samenwerken met Veldwerk, dat vestigingen heeft in Eemnes, Amsterdam en Heteren. In dat kader verhuist F1 Solutions dit voorjaar naar de hoofdlocatie van Veldwerk in Eemnes. Volgens Veldwerk-directeur Reijer van Wegen sluiten de activiteiten en werkwijze van F1 Solutions goed aan bij die van Veldwerk.

Futureproof Group bestaat uit meerdere labels die gezamenlijk ict-infrastructuren en cloudomgevingen ontwerpen, leveren en beheren, aangevuld met diensten op het gebied van security, outsourcing en consultancy. Met de toevoeging van F1 Solutions vergroot de groep zijn aanwezigheid in het midden van Nederland.

F1 Solutions blijft onder eigen naam opereren binnen de groep. De naam verwijst naar de functietoets F1, als symbool voor ondersteuning en helpdesk.

 

Organisaties zetten AI steeds vaker structureel in binnen hun kernprocessen. Dat blijkt uit nieuw wereldwijd onderzoek van Deloitte, waarin toegang tot goedgekeurde AI-tools, opschaling en governance centraal staan. Tegelijk blijft de stap van experiment naar productie voor veel bedrijven weerbarstig.

Het Deloitte AI Institute publiceerde de 2026-editie van The State of AI in the Enterprise: The Untapped Edge. Het rapport is gebaseerd op onderzoek onder meer dan 3.000 leidinggevenden wereldwijd die direct betrokken zijn bij AI-initiatieven binnen hun organisatie. Volgens het onderzoek is de toegang tot AI voor werknemers in een jaar tijd met 50 procent toegenomen. Inmiddels beschikt de meerderheid van de werknemers wereldwijd over door de organisatie goedgekeurde AI-tools.

De bredere beschikbaarheid vertaalt zich volgens Deloitte ook in ambitieuzere inzet. Zo gebruikt 34 procent van de ondervraagde organisaties AI voor diepgaande bedrijfstransformatie. Daarmee verschuift de focus van experimenten en losse pilots naar grootschaliger toepassing en integratie in primaire bedrijfsactiviteiten. Deloitte ziet dat AI steeds minder als afzonderlijke technologie wordt benaderd, maar vaker als onderdeel van bestaande werkprocessen en besluitvorming.

Tegelijkertijd blijft de overgang van pilot naar productie een knelpunt. Slechts een kwart van de respondenten geeft aan dat minimaal 40 procent van hun AI-pilots daadwerkelijk in productie is genomen. Veel organisaties blijken te worstelen met concurrerende prioriteiten: het draaiende houden van bestaande activiteiten aan de ene kant en investeren in nieuwe AI-gedreven vernieuwing aan de andere. Volgens het onderzoek leidt dit regelmatig tot zogenoemde pilotmoeheid, waarbij experimenten blijven hangen zonder structurele verankering.

De waardering van AI verschuift daarbij langzaam van louter productiviteitswinst naar bredere impact. Een kwart van de ondervraagde leidinggevenden stelt dat AI inmiddels een transformerend effect heeft op de eigen organisatie, meer dan een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder. Toch past slechts 30 procent de kernprocessen daadwerkelijk aan rondom AI. Bij 37 procent blijft het gebruik vooral beperkt tot ondersteunende of oppervlakkige toepassingen, zonder ingrijpende veranderingen in de onderliggende processen.

In het rapport komt ook agentic AI nadrukkelijk naar voren. Bijna driekwart van de organisaties zegt binnen twee jaar met deze vorm van AI aan de slag te willen. Daar staat tegenover dat slechts 21 procent beschikt over een volwassen governancemodel voor het inzetten van AI-agents. Deloitte ziet dat organisaties die succesvol opschalen doorgaans beginnen met toepassingen met een lager risicoprofiel en parallel daaraan hun governance en beheersing opbouwen.

Het onderzoek past binnen een bredere ontwikkeling waarin AI steeds zichtbaarder onderdeel wordt van organisatiebrede strategieën, maar ook hogere eisen stelt aan sturing, inrichting en vaardigheden. De cijfers laten zien dat de technologische adoptie versnelt, terwijl organisatorische verankering en governance nog niet overal gelijke tred houden.

Sophos breidt zijn portfolio uit met Workspace Protection, een oplossing die hybride werken beveiligt via de werkplek zelf, met de browser als centraal aangrijpingspunt. Daarmee positioneert Sophos zich nadrukkelijk tegenover traditionele SASE- en SSE-architecturen, die volgens het bedrijf vaak complex en kostbaar zijn om te implementeren en te beheren.

De kern van Sophos Workspace Protection is de Sophos Protected Browser, een bedrijfsbrowser op basis van Chromium, ontwikkeld in samenwerking met Island. Vanuit de browser krijgen organisaties zicht op applicatiegebruik, datastromen en webverkeer, ongeacht waar medewerkers werken. Het beheer verloopt via het Sophos Central-platform.

Volgens Sophos verschuift beveiliging hiermee van het netwerk naar de werkplek. In plaats van verkeer om te leiden via centrale infrastructuur, worden beveiligingsmaatregelen direct toegepast op gebruikersniveau. Dat moet de operationele last beperken en tegelijk meer grip geven op moderne werkpatronen, waarin het merendeel van het werk via de browser plaatsvindt.

Focus op zichtbaarheid rond AI-gebruik

Een belangrijk aandachtspunt binnen Workspace Protection is zichtbaarheid op Shadow IT en Shadow AI. Nu steeds meer medewerkers generatieve AI-tools gebruiken in hun dagelijkse werk, neemt volgens Sophos het risico toe dat gevoelige data buiten het zicht van IT- en securityteams wordt gedeeld. Door beleid en controle op browser- en werkplekniveau toe te passen, wil Sophos organisaties helpen dit gebruik beter te monitoren en te sturen.

De oplossing combineert meerdere bestaande en nieuwe componenten, waaronder Zero Trust Network Access (ZTNA), DNS-beveiliging en e-mailmonitoring. Organisaties kunnen deze onderdelen gezamenlijk of afzonderlijk inzetten, afhankelijk van hun behoeften.

Marktbeweging richting werkplek- en browsersecurity

De introductie past in een bredere marktbeweging waarin browser-gebaseerde security steeds nadrukkelijker in beeld komt. Analisten zien hierin een pragmatische benadering voor organisaties die wel meer controle willen over applicaties en data, maar terugschrikken voor grootschalige SASE-implementaties.

“Sophos Workspace Protection laat zien dat beveiliging steeds vaker dichter bij de gebruiker wordt georganiseerd”, zegt Mike Jude, Research Director bij IDC. Volgens hem speelt deze aanpak in op de groeiende complexiteit rond hybride werken, SaaS en AI-gebruik.

Sophos Workspace Protection wordt vanaf februari 2026 beschikbaar voor klanten en partners.

Midwich Benelux heeft een distributieovereenkomst gesloten met Yealink voor de Benelux. Daarmee krijgen resellers en system integrators in Nederland, België en Luxemburg via Midwich toegang tot het portfolio videovergader- en samenwerkingsoplossingen van de fabrikant.

Met de overeenkomst wordt Yealink toegevoegd aan het AV- en UC-aanbod van Midwich Benelux, dat onderdeel is van de Midwich Group. Het portfolio bestaat onder meer uit all-in-one meeting bars, collaboration boards en complete room systems voor videovergaderen. Volgens de betrokken partijen sluit de samenwerking aan bij de groeiende vraag naar geïntegreerde vergaderoplossingen voor hybride werkomgevingen.

Midwich Benelux richt zich op distributie met aanvullende ondersteuning, zoals technische begeleiding en projectondersteuning. Door Yealink op te nemen in het assortiment breidt de distributeur zijn aanbod in professionele videovergaderoplossingen verder uit. De samenwerking is bedoeld voor partners die actief zijn in zowel commerciële omgevingen als het publieke domein.

Yealink ontwikkelt oplossingen voor videovergaderen, spraakcommunicatie en collaboration en is actief in meer dan 140 landen. Met deze overeenkomst vergroot de fabrikant zijn distributiebereik in de Benelux.

De aankondiging past binnen een bredere ontwikkeling in de markt, waarin videovergaderen verschuift van losse endpoints naar complete ruimteoplossingen. Hardware, software en beheer worden daarbij vaker als samenhangend geheel aangeboden, wat leidt tot nauwere samenwerking tussen fabrikanten en distributeurs rond ontwerp, implementatie en ondersteuning.

 

Info Support heeft Dion van der Arend benoemd tot commercieel unitmanager Managed Services. Met de benoeming wil het bedrijf Managed Services verder positioneren als onderdeel van de groeistrategie, met nadruk op sectorfocus, langdurige klantrelaties en schaalbare dienstverlening.

Van der Arend brengt ervaring mee in het aansturen en doorontwikkelen van managed services-organisaties. In eerdere functies was hij betrokken bij het opschalen van serviceactiviteiten, omzetontwikkeling en teamopbouw. Binnen Info Support krijgt hij de verantwoordelijkheid voor de verdere uitbouw van Managed Services als vaste pijler in het dienstenportfolio.

De rol richt zich op het combineren van beheer, doorontwikkeling en optimalisatie van IT-omgevingen. Volgens Info Support sluit deze aanpak aan bij de behoefte van klanten aan continuïteit, terwijl er ruimte blijft voor gecontroleerde vernieuwing. De eenheid Managed Services moet daarbij bijdragen aan stabiele dienstverlening en voorspelbare groei.

Met de aanstelling kiest Info Support voor een commerciële aansturing met behoud van technische expertise. Het bedrijf meldt dat sector- en dienstverantwoordelijkheid worden gecombineerd met inhoudelijke kennis, om zo de aansluiting met complexe IT-vraagstukken te behouden. De benoeming past binnen de bredere ontwikkeling van de organisatie, waarin Managed Services een grotere rol krijgen naast projectmatige dienstverlening.

De opkomst van generatieve AI verschuift de aandacht van ceo’s van ransomware naar fraude en identiteitsmisbruik. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van het World Economic Forum. Tegelijk groeit bij consumenten de zorg over identiteitsdiefstal, zo blijkt uit cijfers van Experian.

Volgens het World Economic Forum is cyber-enabled fraude in korte tijd een dominante zorg geworden. In het onderzoek geeft 73 procent van de ondervraagde ceo’s aan dat zijzelf, of iemand in hun professionele of privéomgeving, in 2025 te maken had met digitale fraude. Phishing, vishing en smishing worden het vaakst genoemd, gevolgd door betalingsfraude en identiteitsdiefstal. Daarmee is de focus verschoven ten opzichte van een jaar eerder, toen ransomware nog als belangrijkste dreiging gold.

Het forum plaatst deze ontwikkeling in de context van het bredere gebruik van generatieve AI. Die technologie verlaagt de drempel voor aanvallers en maakt aanvallen overtuigender en beter schaalbaar. Fraude en impersonatie profiteren daarbij van realistisch taalgebruik, stemimitatie en synthetische beelden, waardoor het voor slachtoffers lastiger wordt om echt van nep te onderscheiden.

Ook aan consumentenzijde nemen de zorgen toe. Experian meldt dat 68 procent van de ondervraagden identiteitsdiefstal als grootste risico ziet, gevolgd door misbruik van creditcardgegevens. Dat beeld sluit aan bij recente cijfers van de Amerikaanse toezichthouder FTC, waaruit blijkt dat gemelde fraudeverliezen in 2024 opliepen tot 12,5 miljard dollar, een stijging van 25 procent op jaarbasis.

Volgens Konstantin Levinzon, medeoprichter van Planet VPN, versnelt AI deze ontwikkeling verder. Hij wijst erop dat aanvallers sociale engineering eenvoudiger kunnen vertalen en lokaliseren, waardoor campagnes geloofwaardiger worden en zich sneller over regio’s verspreiden. Ook hyperrealistische deepfake-aanvallen zijn met AI toegankelijker geworden.

Het WEF benadrukt dat bepaalde groepen extra kwetsbaar zijn. Kinderen en vrouwen worden vaker doelwit van impersonatie en misbruik van synthetische beelden. Tegelijkertijd staat de weerbaarheid van organisaties onder druk door structurele tekorten aan cybersecurityspecialisten. In Europa en Centraal-Azië zegt een derde van de bedrijven onvoldoende expertise te hebben, in Noord-Amerika ligt dat aandeel vergelijkbaar. In delen van Latijns-Amerika en Afrika loopt dit op tot rond de 70 procent.

AI kan volgens het rapport helpen om delen van dat tekort op te vangen, bijvoorbeeld door automatisering van beveiligingstaken. Tegelijk waarschuwt het forum voor nieuwe risico’s bij gebrekkige implementatie, zoals verkeerde configuraties, vertekeningen in besluitvorming en een te grote afhankelijkheid van automatisering.

De bevindingen passen binnen een bredere ontwikkeling waarin digitale veiligheid steeds minder een puur technisch vraagstuk is. De snelle adoptie van generatieve AI vergroot de urgentie om fraude en identiteitsmisbruik structureel mee te nemen in risicobeoordelingen, binnen bedrijven en daarbuiten.

DEFION Security heeft Talitha Papelard benoemd tot Chief Client Officer. Zij wordt verantwoordelijk voor de aansturing van de dienstverlening aan klanten en voor de verdere positionering van het bedrijf als strategische cybersecuritypartner in de Benelux.

Met de benoeming van een Chief Client Officer brengt DEFION Security commerciële verantwoordelijkheid en klantrelaties samen in één functie. Papelard richt zich op het ondersteunen en adviseren van bestuur en management bij vraagstukken rond cybersecurity. Daarnaast krijgt zij de eindverantwoordelijkheid voor de totale dienstverlening aan opdrachtgevers.

Papelard heeft ervaring op het gebied van cybersecurity, strategie en commercie. Voor haar komst naar DEFION was zij actief als General Manager Benelux bij Northwave. In die functie was zij betrokken bij de groei van de organisatie en bij trajecten waarin cybersecurity op managementniveau werd gepositioneerd. Ook werkte zij met bestuurders en directies aan het structureel organiseren van cybersecurity binnen hun organisaties.

Bij DEFION gaat Papelard zich bezighouden met de integrale ondersteuning van bestuur, management en securityverantwoordelijken bij klanten. Daarbij ligt de nadruk op het inrichten van securitymanagement, het ondersteunen van besluitvorming rond risico’s en het verhogen van de volwassenheid van cybersecurity binnen organisaties.

Oprichter en CEO Hartger Ruijs meldt dat de benoeming past bij de ambitie van DEFION om klanten breder te ondersteunen bij cybersecurityvraagstukken, waarbij risico, controle en compliance een belangrijke rol spelen.

Papelard geeft aan zich in haar nieuwe rol te willen richten op het versterken van digitale weerbaarheid bij organisaties, in samenwerking met klanten en de specialisten binnen DEFION.

Incidenten waarbij AI-applicaties betrokken zijn, zijn het afgelopen jaar met 43 procent toegenomen. Dat blijkt uit wereldwijd onderzoek van KnowBe4 onder securityverantwoordelijken en medewerkers. Governance, toezicht en technische detectie lopen volgens het onderzoek achter op het tempo waarin AI binnen organisaties wordt ingezet.

AI is daarmee, na e-mail, de snelst groeiende factor in het dreigingslandschap. Het onderzoek, uitgevoerd onder 700 cybersecurity-leiders en 3.500 medewerkers wereldwijd, wijst op de snelle adoptie van generatieve AI, autonome agents en AI-gedreven workflows. Deze toepassingen introduceren nieuwe aanvalsvectoren die lastiger te beheersen zijn dan traditionele IT-risico’s.

Respondenten geven aan dat gevoelige documenten regelmatig worden geüpload naar externe AI-tools. Tegelijkertijd kunnen AI-systemen zelf doelwit zijn van manipulatie. Aanvallers zetten AI bovendien in om phishing en andere aanvallen overtuigender en beter schaalbaar te maken. Voor 45 procent van de securityleiders vormt het bijhouden van deze AI-gedreven dreigingen de grootste uitdaging bij het beïnvloeden van menselijk gedrag.

Ook het gebruik van deepfakes neemt toe. Bij 32 procent van de organisaties is het aantal incidenten met deepfakes het afgelopen jaar gestegen. Deze technieken worden ingezet voor stem- en identiteitsvervalsing, waardoor social engineering-aanvallen persoonlijker en geloofwaardiger worden. Medewerkers zijn zich hiervan bewust: 86 procent zegt zich zorgen te maken over misleiding via deepfakes, bijvoorbeeld om toegang te krijgen tot systemen of vertrouwelijke informatie.

Weerbaarheid blijft achter

Tegelijk blijft de technische weerbaarheid achter. Slechts 35 procent van de organisaties heeft technologie geïmplementeerd om deepfakes te detecteren. Veel AI-gedreven aanvallen blijven daardoor onopgemerkt of worden pas laat ontdekt. Training en e-mailbeveiliging worden volgens het onderzoek vaker ingezet dan gespecialiseerde detectiemiddelen.

Een ander terugkerend thema is de opkomst van zogenoemde shadow AI. Hoewel 98 procent van de organisaties aangeeft maatregelen te hebben genomen om AI-gerelateerde cyberrisico’s te beheersen, ervaren medewerkers in de praktijk beperkingen. Slechts 26 procent zegt snel toegang te hebben tot de AI-tools die nodig zijn voor het werk. Meer dan de helft ervaart de toegang als te traag of geheel afwezig.

Die kloof tussen beleid en praktijk leidt tot risicovol gedrag. Zeventien procent van de medewerkers gebruikt AI-tools zonder toestemming van IT- of securityteams. Dit vergroot de kans op datalekken, het delen van gevoelige informatie en onzichtbare manipulatie van AI-agents, doordat gebruik buiten het zicht van toezicht en logging plaatsvindt.

Human Risk

Het onderzoek plaatst AI nadrukkelijk binnen het domein van Human Risk Management. AI fungeert daarbij niet alleen als externe dreiging, maar ook als interne risicofactor die direct samenhangt met menselijk gedrag. Zonder duidelijke richtlijnen, realtime begeleiding en inzicht in gebruik verschuift werk naar omgevingen met een hoger risicoprofiel.

Volgens Javvad Malik, Lead CISO Advisor bij KnowBe4, is de productiviteitswinst van AI te groot om te negeren. Hij stelt dat mens en AI steeds nauwer zullen samenwerken en dat beveiligingsprogramma’s deze realiteit moeten volgen door ook de AI-laag expliciet mee te nemen.

Trend Micro heeft zijn cybersecurityplatform Trend Vision One beschikbaar gemaakt binnen de AWS European Sovereign Cloud. Daarmee kan het platform worden ingezet in een Europese cloudomgeving die is ingericht voor organisaties met strikte eisen rond datalocatie, governance en compliance.

De stap bouwt voort op de bestaande samenwerking tussen Trend Micro en Amazon Web Services. De focus ligt op organisaties in sterk gereguleerde sectoren, zoals overheid, defensie en kritieke infrastructuur, waar cloudgebruik steeds vaker botst met juridische en organisatorische randvoorwaarden.

De AWS European Sovereign Cloud is opgezet als een zelfstandig beheerde cloudomgeving, met infrastructuur en operationele aansturing binnen Europa. AWS stelt dat klanten toegang houden tot hetzelfde dienstenportfolio en dezelfde technische bouwstenen als in andere regio’s, waaronder de bekende architectuur, API’s en het AWS Nitro System, terwijl wordt voldaan aan aanvullende Europese soevereiniteitsvereisten.

Trend Vision One draait binnen deze omgeving met behoud van de bestaande functionaliteit. Het platform is gericht op het centraal beheren van cyberrisico’s en combineert detectie, respons en preventie binnen één architectuur. Onderdeel daarvan zijn onder meer extended detection and response, geautomatiseerde security orchestration en het correleren van dreigingsinformatie over verschillende lagen van de IT-omgeving.

Volgens Trend Micro sluit de beschikbaarheid binnen een soevereine cloud aan op een markt waarin organisaties steeds vaker zoeken naar een balans tussen schaalbaarheid en controle. De combinatie van toenemende dreigingscomplexiteit en strengere eisen rond dataverwerking maakt dat cloudkeuzes minder vrijblijvend worden, vooral in gereguleerde omgevingen.

Trend Micro en AWS werken al meer dan tien jaar samen op het gebied van cloudbeveiliging. De uitbreiding naar de European Sovereign Cloud past binnen een bredere ontwikkeling in Europa, waarbij leveranciers hun diensten aanpassen aan nationale en Europese wet- en regelgeving rond digitale soevereiniteit.

Met deze stap positioneert Trend Micro zijn platform binnen een cloudmodel dat expliciet is ontworpen voor Europese compliance-eisen, zonder dat het functionele bereik van het platform verandert.