Veeam presenteert versie 13 van het Veeam Data Platform. De update bevat nieuwe beveiligingsfuncties, forensische inzichten, identiteitscontroles en een integratie-API voor hypervisors. Het bedrijf richt zich op snellere dreigingsdetectie, betrouwbaar herstel en bredere workloadondersteuning.

Veeam Data Platform v13 is volgens het bedrijf ontworpen voor een omgeving met toenemende ransomwaredreigingen en snelle veranderingen in infrastructuren. De oplossing biedt dataprotectie en herstel voor fysieke, virtuele en cloudomgevingen. Veeam meldt dat meer dan 550.000 klanten het platform gebruiken. De update bevat een uitgebreid hypervisor-integratiemodel en nieuwe beveiligingsfuncties die zijn gericht op analyse, detectie en herstel.

Een belangrijk onderdeel is Recon Scanner 3.0, dat nu direct is ingebouwd in het platform. Recon Scanner markeert verdacht gedrag op endpoints, zoals brute-forcepogingen en afwijkende bestandsactiviteit. De geconsolideerde triage-inbox moet het beheer van incidenten vereenvoudigen. Integratie met Veeam ONE Threat Center levert dashboardinformatie over dreigingen. Volgens Veeam helpt koppeling met Microsoft Sentinel bij het correleren van signalen uit verschillende bronnen. De tool verzamelt forensische data en relateert die aan het MITRE ATT&CK-model.

Daarnaast bevat v13 een intelligence-gestuurde Malware Analysis-agent die malware detecteert, classificeert en rapporteert. De agent biedt begeleide herstelinformatie. Veeam breidt ook identiteits- en toegangscontroles uit met gecentraliseerde authenticatie en SAML-gebaseerde SSO. Back-ups zijn standaard onveranderlijk om herstelpunten te beschermen tegen ongeautoriseerde wijzigingen. Integraties met onder andere CrowdStrike, Palo Alto Network, Splunk en ServiceNow moeten detectie en respons ondersteunen.

De update versterkt de ondersteuning van diverse workloads. Direct herstel naar Microsoft Azure maakt gecontroleerd herstel mogelijk in een cleanroomomgeving. Ondersteuning voor Scale Computing HyperCore is beschikbaar. Veeam geeft aan dat later ook ondersteuning volgt voor platforms als HPE Morpheus VM Essentials, Citrix XenServer en XCP-ng. Voor 2026 staan functies gepland zoals back-up en herstel voor OpenShift Virtualization en de Universal Hypervisor Integration API. Dit framework moet leveranciers in staat stellen om native integraties te bouwen met back-up- en herstelmogelijkheden van Veeam.

Versie 13 voegt verder een Linux-appliance toe die hoge beschikbaarheid ondersteunt en zichzelf kan updaten. De appliance elimineert volgens Veeam de beheerlast van het onderliggende besturingssysteem en werkt zonder hardwaregebonden ontwerp. Ook is er een nieuwe webconsole die lokaal wordt gehost en de installatie en het beheer vereenvoudigt.

Veeam stelt dat de update de basis vormt voor verdere ontwikkeling van een uniform data- en AI-platform. Gebruikers zoals Darktrace melden volgens Veeam dat de nieuwe versie helpt om beheer te centraliseren en de installatie te vereenvoudigen. Veeam Data Platform v13 is beschikbaar via geautoriseerde partners, resellers en distributeurs. Recon Scanner 3.0 maakt onderdeel uit van de Premium-editie en wordt later beschikbaar voor VCSP-partners.

Google heeft in Winschoten een nieuw datacenter geopend. De faciliteit ondersteunt de groei van datagedreven diensten en versterkt de bestaande cloud­infrastructuur van het bedrijf in Nederland. Het centrum maakt deel uit van Googles wereldwijde netwerk van regio’s en sluit aan op eerdere investeringen in energie, waterbeheer en digitale infrastructuur.

Het datacenter moet de capaciteit vergroten voor diensten zoals Cloud, Workspace, Zoeken en Maps. Volgens Google past de opening binnen de langlopende investeringsplannen in Europa. Het bedrijf meldt dat het datacenter is uitgerust met luchtkoeling om het waterverbruik te beperken en dat het gebouw zonnepanelen heeft. De locatie is voorbereid om restwarmte terug te leveren aan het warmtenet, zodat toekomstige afnemers die warmte kunnen benutten voor onder meer woningen en bedrijven.

Google geeft aan dat het wereldwijd werkt aan datacenters met een laag energieverbruik en dat het bedrijf streeft naar volledig CO₂-vrije energie in alle operaties. In Nederland ondersteunt Google volgens eigen gegevens meer dan 1 gigawatt aan schone energie­capaciteit. Het bedrijf verwijst daarbij naar recente stroomafnameovereenkomsten, waaronder een contract met Shell voor een verlengde levensduur van een offshore windpark.

Het bedrijf werkt verder aan initiatieven op het gebied van waterbeheer. Google streeft naar een gemiddelde teruglevering van 120 procent van het gebruikte water in 2030. Daarbij verwijst het naar de investering in een waterzuiveringsinstallatie uit 2021, die water uit het Eemskanaal verwerkt voor industriële koeling, waaronder in de Eemshaven.

Google koppelt de opening aan onderzoeken van adviesbureaus die in opdracht van het bedrijf zijn uitgevoerd. Daaruit zou blijken dat generatieve technologie het Nederlandse bbp kan verhogen en dat de publieke sector kosten kan besparen door automatisering. Google meldt dat het inmiddels 3,7 miljard euro heeft geïnvesteerd in digitale infrastructuur in Nederland. Volgens een studie van Deloitte leverden deze investeringen een gemiddelde bijdrage van 1,96 miljard euro per jaar aan het bbp in de periode 2022 tot 2024 en ondersteunden ze gemiddeld 12.600 banen per jaar.

De bouw in Winschoten begon in december 2023. Google zegt samen te werken met bijna 160 Nederlandse leveranciers voor datacenteractiviteiten, waarvan 77 in de provincie Groningen. De datacenters van Google in Nederland bieden samen werk aan ongeveer 700 mensen in vaste en projectmatige functies.

De gemeente Oldambt spreekt waardering uit voor de opening, die volgens de gemeente bijdraagt aan lokale werkgelegenheid. De samenwerking tussen Google en lokale partijen richt zich onder meer op het Circulair Centrum dat tegenover het datacenter wordt ontwikkeld. Het project, gedragen door Google, de gemeente Oldambt, WerkPro, Afeer en Cosis, richt zich op het verzamelen, sorteren en opnieuw gebruiken van materialen. Het centrum moet tegelijk een sociale en educatieve functie krijgen. De loods van 196 vierkante meter wordt ingericht voor reparatie en demontage van elektrische apparatuur en biedt ruimte aan ongeveer 10 fulltime medewerkers. Jaarlijks worden 12 studenten begeleid. Zodra de locatie volledig draait, kan 10 tot 12 ton materiaal per jaar worden verwerkt.

Google geeft aan dat sinds 2018 meer dan 2,5 miljoen euro is besteed aan maatschappelijke initiatieven rond de Nederlandse datacenterlocaties. Het bedrijf ziet het Circulair Centrum als onderdeel van bredere activiteiten om de omgeving van de locaties te ondersteunen.

Foto: Erich Wünker, wethouder Economie en Grondontwikkeling & Diensten van de gemeente Oldambt en Marco Ynema, datacenter lead van Google in Nederland.

Observability speelt een grotere rol nu bedrijven steeds meer AI inzetten en de onderliggende infrastructuren complexer worden. Dat blijkt uit het nieuwe Splunk State of Observability 2025-rapport. Het onderzoek laat zien dat IT-teams vaker afhankelijk zijn van uniforme dataverzameling, betere zichtbaarheid in systemen en snellere incidentafhandeling.

Volgens de respondenten is observability uitgegroeid tot een onderwerp dat niet alleen in technische teams leeft, maar ook bij directies. Digitale diensten vormen vaak het primaire klantcontact, waardoor inzicht in prestaties en knelpunten steeds strategischer wordt. Bedrijven gebruiken observability onder andere om verstoringen te voorkomen en om te begrijpen waar vertragingen of fouten in processen ontstaan.

AI-gestuurde observability wordt inmiddels breed toegepast. De meeste ondervraagden verwachten dat AI helpt bij het sneller achterhalen van de oorzaak van problemen en bij het detecteren van securityrisico’s. Tegelijkertijd groeit de complexiteit. Het monitoren van AI-workloads blijkt lastiger dan traditionele systemen en veel teams gebruiken nog steeds een versnipperd landschap aan tooling. Ook kennis blijkt een aandachtspunt, omdat veel organisaties onvoldoende ervaring hebben met het monitoren van moderne AI- en cloudomgevingen.

Het rapport laat verder zien dat OpenTelemetry vaker wordt ingezet als standaard voor het verzamelen van logdata, traces en metrics. Organisaties die dieper leunen op deze open standaard rapporteren meer consistentie en een hoger niveau van automatisering. In dat kader wint ook observability-as-code terrein, omdat dit helpt bij schaalbaarheid en reproduceerbaarheid van configuraties.

Tot slot signaleert het onderzoek dat bedrijven die observability structureel aanpakken betere resultaten zien in productiviteit en snellere probleemoplossing. Vooral de samenwerking tussen engineering-, ITOps- en securityteams lijkt hierbij doorslaggevend.

Microsoft heeft tijdens Ignite 2025 een reeks vernieuwingen aangekondigd die de richting bepalen voor de komende jaren. De rode draad is dat AI-agents een vaste plek krijgen binnen applicaties, infrastructuur en security. Daarnaast ontvouwt Microsoft een duidelijker datavisie en worden de Windows- en cloudomgevingen verder aangepast voor agent-gedreven werk.

De introductie van Microsoft Agent 365 vormt het zwaartepunt van de conferentie. Dit nieuwe beheerplatform moet organisaties helpen om AI-agents te registreren, te controleren en af te schermen. Microsoft voegt identiteiten, toegangsmodellen en gedragstracking toe, zodat agents in bedrijfsprocessen veiliger en controleerbaarder kunnen opereren. Het platform ondersteunt ook agents van externe leveranciers. Daarmee verschuift het gesprek van losse AI-experimenten naar een beheerde en structurele inzet binnen de werkvloer.

Ook aan de datakant zet Microsoft stappen. SQL Server 2025 is nu beschikbaar en bevat functionaliteiten die inspelen op AI-gedreven workloads, zoals semantische zoekopdrachten en betere ondersteuning voor edge-scenario’s. Daarnaast toont Microsoft de preview van Azure HorizonDB, een nieuwe databasevorm die moet aansluiten op Microsoft Fabric en moderne AI-architecturen. De boodschap is dat AI pas goed kan functioneren wanneer data-structuren, integratiemodellen en opslaglagen in hetzelfde ritme bewegen.

Binnen Windows verandert de gebruikerservaring richting een agent-first benadering. De taakbalk krijgt een Ask Copilot functie waarmee opdrachten, data-acties en agent-interacties direct kunnen worden aangestuurd. Agents worden zichtbaar als beheersbare objecten binnen Windows, en Windows 365 krijgt een variant waarin agents in een gecontroleerde cloud-PC kunnen draaien. De scheidslijn tussen lokale werkomgeving, cloudinfrastructuur en AI-automatisering wordt zo dunner.

Op het gebied van security presenteert Microsoft nieuwe beheerlagen voor agentgedrag en risicobeoordeling. De aankondiging van een Security Dashboard for AI moet zorgen voor centraal overzicht van activiteiten in Defender, Purview en Entra. Microsoft koppelt dit aan het bredere Secure Future Initiative, waarin de governance van autonome AI-processen centraal staat. De nadruk ligt op inzicht, auditbaarheid en duidelijke verantwoordelijkheden rond agent-activiteiten.

De kern van Ignite 2025 is dat Microsoft AI niet langer ziet als aanvulling op applicaties, maar als laag die platform, database, identiteit en beveiliging verbindt. Voor IT-dienstverleners en partners betekent dit dat de stap van traditioneel beheer naar agent-gedreven omgevingen sneller dichterbij komt. Dat raakt licenties, inrichting van cloudomgevingen, adoptieprogramma’s en security-processen. De richting is helder. Microsoft bouwt zijn volledige ecosysteem om naar AI-agents die in elke laag van de infrastructuur kunnen meedraaien, onder toezicht en binnen een centraal beheermodel.

Google heeft de derde generatie van zijn Gemini-model beschikbaar gemaakt. De nieuwe versie is ontworpen voor multimodale toepassingen en kan tekst, beeld, audio en video verwerken binnen één model. Volgens Google moet Gemini 3 betere prestaties leveren bij complexe taken en krijgt het model een grotere contextcapaciteit.

Gemini 3 wordt geïntegreerd in verschillende zakelijke producten, waaronder Vertex AI en Gemini Enterprise. Bedrijven kunnen het model gebruiken voor toepassingen zoals analyse van documenten, beeldverwerking, planning en het automatiseren van bedrijfsprocessen. Voor ontwikkelaars komt ondersteuning beschikbaar via de Gemini API en nieuwe tooling in de ontwikkelomgeving van Google.

De zoekmachine van Google krijgt eveneens een update. Daarbij wordt de zogeheten AI-modus toegevoegd waarmee gebruikers uitgebreidere antwoorden kunnen krijgen op complexe vragen. Deze functie wordt stapsgewijs uitgerold.

Google houdt vast aan een gefaseerde introductie. Niet alle functies zijn direct beschikbaar in elke regio en voor iedere gebruiker. Het bedrijf geeft aan dat veiligheidsmechanismen en beoordelingsprocessen worden meegenomen bij de uitrol van het model.

Met Gemini 3 wil Google inspelen op de toenemende vraag naar AI-oplossingen die verschillende soorten data kunnen combineren. Hoe snel bedrijven de nieuwe mogelijkheden gaan toepassen hangt volgens Google af van de integratie in bestaande workflows en de kosten die komen kijken bij het gebruik van een omvangrijk taalmodel.

Het gebruik van AI groeit snel bij kleine en middelgrote bedrijven. Nieuwe cijfers van ING Sector Banking laten zien dat vooral bedrijven met minder dan honderd medewerkers sterk toenemen in adoptie, waardoor het verschil met grotere organisaties kleiner wordt. De analyse is opgesteld door Samantha Reilly, sectoreconoom bij ING.

Waar AI jarenlang vooral werd toegepast bij grote ondernemingen met uitgebreide data-infrastructuren en gespecialiseerde teams, zien kleinere bedrijven nu de grootste groei. Dat komt vooral door de beschikbaarheid van generatieve AI-toepassingen zoals ChatGPT en Copilot. Deze tools nemen een groot deel van de technische complexiteit weg, waardoor mkb-bedrijven direct kunnen instappen zonder forse investeringen.

In bedrijven tot honderd medewerkers steeg het gebruik van AI volgens ING gemiddeld met 66 procent. Bij organisaties met meer dan honderd medewerkers bleef de groei steken op 35 procent. De cijfers wijzen erop dat AI in 2024 en 2025 een stuk laagdrempeliger is geworden.

Steeds meer kleine en middelgrote bedrijven gebruiken AI, waardoor het verschil met grote bedrijven snel kleiner wordt.

Ondanks de groei blijven veel bedrijven tegen praktische barrières aanlopen. Het op orde brengen van data, het bepalen van rendabele toepassingen en het vinden van voldoende expertise zijn veelgenoemde uitdagingen. Daarnaast spelen vragen rond privacy, juridische aspecten, bias, kostenbeheersing en duurzaamheid een grote rol bij het vormgeven van AI-strategieën.

ING merkt op dat er behoefte is aan extra stimulering vanuit de overheid. Duidelijke voorlichting over risico’s en kansen en ondersteuning bij adoptie moeten versnippering tegengaan en bedrijven helpen om productiviteitswinst te realiseren. Zonder die impuls bestaat het risico dat een deel van het bedrijfsleven achterblijft bij de internationale concurrentie.

De digitale infrastructuur verschuift in hoog tempo. Waar datastromen ooit netjes via een centraal datacenter liepen, ontstaat nu een krachtig web van apparaten, sensoren en AI-modellen die vooral aan de rand opereren. Wat betekent dit voor je netwerkinfrastructuur?

 

Edge computing, IoT en AI vormen samen een nieuwe laag die steeds meer verkeer genereert en steeds hogere eisen stelt. Daardoor komen klassieke netwerkarchitecturen onder druk te staan en ontstaat de behoefte aan segmentatie, SD-WAN, SASE en een stevige automatiseringslaag.

Edge-locaties worden volwassen. De groei van realtime toepassingen, videostreaming, sensordata en snelle besluitvorming vraagt om verwerking dicht bij de bron. Dat maakt de rand niet langer een verlengstuk van de kern, maar een laag waar kritieke processen plaatsvinden. Zodra latency oploopt of bandbreedte beperkt is, merk je hoe snel het netwerk de beperkende factor wordt.

De rand als volwaardige uitvoeringslaag

Edge computing staat inmiddels stevig op de kaart. Niet als vervanging van de cloud, maar als extra laag waar beslissingen dichter bij data worden genomen. In sectoren zoals industrie, zorg en mobiliteit neemt de hoeveelheid data aan de rand sneller toe dan verbindingen aankunnen. Daardoor verschuift een deel van de rekenlast naar lokale nodes die zelfstandig handelen of voorverwerking doen voordat de data de cloud bereikt.

Deze verschuiving verandert de verkeerspatronen ingrijpend. In plaats van lineaire stromen ontstaat een gedistribueerd netwerk waarin devices onderling communiceren en pas later richting centrale systemen sturen. Dat vraagt om een netwerk dat flexibel meebeweegt, prioriteert en risico’s beperkt.

IoT groeit, maar niet zonder risico’s

IoT-apparatuur heeft een eigen dynamiek. Waar sensoren vroeger vooral statusupdates verstuurden, leveren ze nu continu datastromen die realtime moeten worden geïnterpreteerd. Denk aan productieapparatuur, medische instrumenten, camera’s, slimme beveiliging of logistieke systemen. De diversiteit aan apparaten en protocollen maakt beheer complex, zeker wanneer updates lastig zijn of systemen geen ingebouwde beveiliging hebben.

In deze omgevingen wordt microsegmentatie een logische stap. Door groepen apparaten te isoleren, beperk je de impact van kwetsbaarheden en houd je meer grip op het verkeer. Segmentatie wordt pas echt effectief wanneer beleid automatisch kan worden uitgerold en aangepast, bijvoorbeeld bij groeiende aantallen devices of nieuwe applicaties.

AI verschuift analyse naar de rand

AI-workloads veranderen de infrastructuur fundamenteel. Training staat meestal in een datacenter of cloudomgeving, maar inference (de fase waarin een AI-systeem nieuwe input verwerkt en daar direct een antwoord, beslissing of bewerking op uitvoert) verschuift steeds vaker naar edge-locaties. Dat geldt voor fabrieken die afwijkingen willen detecteren, retailers met geautomatiseerde beeldanalyse of zorginstellingen die sensordata in realtime beoordelen.

De impact hiervan op het netwerk is groot. Inference-workloads verdragen nauwelijks vertraging en werken vaak met zware input, zoals video of continue sensordata. Hierdoor moet het netwerk deze stromen kunnen routeren zonder overbelasting of vertraging. Dat vraagt om keuzes over waar data wordt verwerkt, waar beveiliging wordt toegepast en hoe datastromen worden geprioriteerd.

SD-WAN als fundament voor verspreide omgevingen

In een landschap waarin workloads zich over locaties, cloud en edge verdelen, vormt SD-WAN een robuuste basis. Het biedt de flexibiliteit om verbindingen te combineren, applicaties centraal te beheren en prioriteiten toe te kennen op basis van actuele omstandigheden. Wanneer je meerdere vestigingen wilt koppelen of grote hoeveelheden IoT- en edge-data moet beheren, dan merk je dat SD-WAN helpt om stabiliteit en inzicht te behouden.

Doordat verkeer slim wordt verdeeld en geoptimaliseerd, ontstaat een netwerk dat beter aansluit bij dynamische workloads. SD-WAN vormt bovendien vaak de opstap naar een bredere SASE-strategie.

SASE en SSE brengen beveiliging dichter bij de bron

Als applicaties, gebruikers en data steeds verder verspreid raken, verschuift ook de beveiliging. SASE en SSE integreren netwerk en security in één model, gebaseerd op identiteit, beleid en context. Inspectie, filtering en toegangscontrole vinden plaats op locaties die dicht bij de gebruiker staan, of zelfs volledig cloudgebaseerd.

De opkomst van AI binnen securityproducten versnelt deze beweging. Detectie, analyse en risk scoring worden sneller en accurater, waardoor je beleid zich automatisch kan aanpassen aan veranderende omstandigheden. Dit maakt het mogelijk om gedistribueerde netwerken te beschermen zonder dat beheer onhandelbaar wordt.

Automatisering als noodzakelijke voorwaarde

De explosie van apparaten, policies, datastromen en locaties maakt handmatig beheer onhoudbaar. Automatisering wordt daardoor een noodzakelijke bouwsteen. Configuraties, segmentatieregels en securitybeleid moeten zich zelfstandig kunnen aanpassen en consistent kunnen blijven, ongeacht de grootte of complexiteit van het netwerk.

Steeds meer netwerkplatforms werken met intent-based modellen. Daarbij geef je aan wat het netwerk moet bereiken, waarna het platform zelf de benodigde configuraties genereert. Het netwerk past zich aan wanneer nieuwe apparatuur wordt toegevoegd, wanneer datastromen veranderen of wanneer risico’s worden gesignaleerd.

De infrastructuur van morgen is gedistribueerd

Edge, IoT en AI zorgen samen voor een netwerk dat niet langer rond één centraal punt draait. De waarde verschuift naar abstractie, orkestratie en beveiliging die overal kan worden toegepast. De klassieke scheiding tussen core, access en WAN vervaagt en maakt plaats voor een gelaagde aanpak waarin capaciteit minder belangrijk is dan flexibiliteit en intelligentie.

Dat vraagt om keuzes over waar data wordt verwerkt, hoe je segmentatie toepast en welke functies je naar de rand verplaatst. De komende jaren wordt deze discussie meer urgent. Dataverkeer groeit harder aan de rand dan ooit, AI-toepassingen nemen toe en IoT blijft doorgroeien. Een netwerk dat daarop kan inspelen, vormt het fundament voor een digitale omgeving die continu in beweging is.

De Kubernetes-community stopt met de verdere ontwikkeling van Ingress NGINX. Het project, jarenlang een veelgebruikte ingress-controller binnen Kubernetes-omgevingen, gaat in maart 2026 met pensioen. Daarna wordt het gearchiveerd en ontvangt het geen beveiligings- of bugfixupdates meer.

Volgens de aankondiging van SIG Network blijft de huidige versie tot die tijd beschikbaar in een best-effortmodel. Installaties blijven functioneren en ook de bestaande container-images en Helm-charts blijven online staan. De community geeft wel aan dat organisaties tijdig moeten overstappen naar alternatieven die actief worden onderhouden. Gateway API is daarbij de voorkeursroute, al worden ook andere ondersteunde controllers genoemd.

De beslissing volgt op jaren waarin het aantal maintainers beperkt bleef en structurele aandachtspunten rondom beveiliging niet duurzaam konden worden opgelost. De mogelijkheid om via annotaties eigen NGINX-configuraties mee te geven, levert volgens de community risico’s op die niet langer verantwoord zijn binnen een moderne Kubernetes-architectuur.

Voor organisaties die Ingress NGINX gebruiken verandert er op korte termijn weinig, maar na maart 2026 vervalt ondersteuning volledig. De Kubernetes-community adviseert daarom om migratieplannen tijdig op te stellen en alternatieven te beoordelen.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

De AI black box wordt beter zichtbaar

Onderzoekers presenteren een methode om neurale netwerken te ontleden via ‘sparse circuits’, waarmee in real-time zichtbaar wordt welke interne stappen een model neemt. De aanpak moet transparantie vergroten en helpt bij het opsporen van fouten en ongewenst gedrag.
Bron: openai.com

OpenAI introduceert GPT-5.1 met nieuwe “thinking” modus

OpenAI brengt versie GPT-5.1 uit met een modus die antwoorden stap-voor-stap opbouwt. De functie is bedoeld voor complexere probleemoplossing en beter contextbegrip.
Bron: ChannelConnect

Yann LeCun vertrekt bij Meta en start eigen AI-bedrijf

Yann LeCun verlaat zijn rol als chief AI scientist bij Meta om een eigen startup te beginnen, meldt de Financial Times. Hij richt zich daarbij op “world models”, die leren van beelden, video’s en ruimtelijke data.
Bron: Financial Times

Apple werkt aan drie nieuwe AI-functies voor iOS 27

Volgens berichten krijgt iOS 27 een vernieuwde Siri, een privacygerichte AI-zoekfunctie en een Health+-agent die persoonlijke gezondheidsinzichten biedt. De functies verschijnen in 2026.
Bron: 9to5Mac

Nvidia-CEO zegt dat China de AI-race gaat winnen

Jensen Huang waarschuwt dat China een voorsprong kan nemen door lagere energiekosten, flexibeler toezicht en een grote ontwikkelaarsbasis. Hij is kritisch over de complexe regelgeving in het Westen.
Bron: Financial Times

Tools*

Stratup.ai genereert startup-ideeën op grote schaal

Stratup.ai helpt ondernemers nieuwe kansen te vinden door automatisch grote aantallen startupconcepten te genereren. De tool doorbreekt keuzestress en versnelt het verkennen van marktniches.
Bron: stratup.ai

Remio koppelt wat je ziet aan een persoonlijke AI-assistent

Remio legt automatisch vast wat je bekijkt of noteert en verbindt dit met chats en bestanden. Zo ontstaat een doorzoekbare persoonlijke kennislaag die vragen kan beantwoorden.
Bron: remio.ai

Monobot CX automatiseert routinegesprekken

Monobot CX gebruikt AI-voice agents voor verificaties, ordercontroles en het plannen van afspraken, waardoor supportteams zich kunnen richten op complexere vragen.
Bron: monobot.ai

Superlist combineert taken en notities in één workflow

Superlist brengt taken en notities samen zodat projectcontext behouden blijft en informatie niet verspreidt over meerdere apps.
Bron: superlist.com

ScreenSnapAI beantwoordt vragen over wat er op je scherm staat

ScreenSnapAI toont een AI-chatvenster dat direct context uit je scherm haalt om uitleg te geven zonder app-wissels.
Bron: screensnap.ai

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland en Europa

AFM waarschuwt voor risico’s rond AI en crypto

De AFM ziet onderliggende kwetsbaarheden in de financiële markt en wijst op de verwevenheid met crypto, de opkomst van AI-hyperpersonalisatie en afhankelijkheid van internationale IT-ketens.
Bron: aiwereld.nl

Kabinet werkt aan internationale AI-strategie

Het kabinet ontwikkelt een internationale AI-strategie met aandacht voor regelgeving, samenwerking en verantwoord gebruik.
Bron: Dutch IT Channel

AI-gedreven groei: Nederland blijft achter bij de VS

Nederland investeert in de eerste helft van 2025 ruim 3 % in IT-hardware en software, terwijl de VS rond 23 % groei laat zien.
Bron: Analist.nl

EU steekt 50 miljoen euro in cybersecurity-innovatie

De Europese Commissie investeert 50 miljoen euro in nieuwe cybersecurityprojecten binnen Horizon Europe, gericht op detectie, incidentrespons en bescherming van kritieke infrastructuur.
Bron: Computable

OpenAI heeft een nieuwe versie van zijn GPT-5-model gelanceerd. GPT-5.1 komt beschikbaar in twee varianten: een snellere Instant-modus en een uitgebreidere Thinking-modus. Volgens het bedrijf moet de update zorgen voor natuurlijkere gesprekken, betere instructieopvolging en flexibelere prestaties bij uiteenlopende taken.

In de Instant-variant richt GPT-5.1 zich op snelheid en directere interacties. Thinking past de verwerkingstijd aan op de complexiteit van de opdracht; eenvoudige vragen worden snel afgehandeld, bij complexe opdrachten krijgt het model meer ruimte om te redeneren. Beide varianten worden geleidelijk uitgerold naar Plus-, Pro-, Business- en Go-gebruikers, gevolgd door gratisgebruikers.

Daarnaast introduceert OpenAI nieuwe instellingen voor toon en stijl. Gebruikers kunnen kiezen uit verschillende voorinstellingen, zoals Professional of Friendly, om de output beter af te stemmen op de gewenste communicatievorm. Op benchmarkgebied noemt OpenAI geen grote sprongen, de nadruk ligt vooral op gebruikservaring. Ook blijven oudere GPT-5-modellen voorlopig beschikbaar via een apart menu, zodat gebruikers gefaseerd kunnen overstappen.

Voor bedrijven en ontwikkelaars kan de Thinking-modus interessant zijn voor taken waarbij meer redeneren nodig is, terwijl Instant geschikt is voor toepassingen waar responstijd voorop staat.