De rijksoverheid gaat de drie bestaande cybersecurityorganisaties samenvoegen. Het gaat om het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV), het Digital Trust Center (DTC) en het Computer Security Incident Response Team voor digitale dienstverleners (CSIRT-DSP), beide van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK).

De overheid ziet een toenemende dreiging vanuit verschillende hoeken en wil de weerbaarheid van bedrijven en organisaties verhogen. Volgens het Kabinet past daarbij ‘één centrale, zichtbare en effectieve nationale cybersecurityorganisatie’.

Herkenbaar loket

Na de integratie kunnen alle organisaties in Nederland terecht bij één herkenbaar loket voor cybersecurityadvies en bijstand bij digitale incidenten. De nieuwe cybersecurityorganisatie moet snel en adequaat reageren op informatie over dreigingen en incidenten op nationaal en sectoraal niveau. Volgens de verantwoordelijke ministers Yeşilgöz van Justitie en Veiligheid en Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat zijn de eerste belangrijke stappen inmiddels gezet. De organisaties werken al zoveel mogelijk samen, bijvoorbeeld door het gezamenlijk organiseren van het waarschuwen van slachtoffers en doelwitten van een cyberaanval, en het geven van handelingsperspectieven aan alle organisaties in Nederland waardoor zij zich beter kunnen weren tegen aanvallers.

Overgang in fasen

De minister van JenV wordt de eigenaar van de vernieuwde organisatie. De ministerie van JenV en EZK vervullen samen de rol van opdrachtgever. De overgang verloopt in twee fasen zodat er zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met aankomende wetgeving en lopende trajecten uit de Nederlandse Cybersecurity Strategie (NLCS).

In de eerste fase tot 1 oktober 2024 werken de organisaties al zoveel mogelijk samen. Bijvoorbeeld bij het waarschuwen over concrete cyberdreigingen en kwetsbaarheden. In de tweede fase tot 1 januari 2026 worden taken en processen geïntegreerd en geoptimaliseerd. In die periode moet de nieuwe organisatie zich onder meer bezighouden met de Wet beveiliging en informatiesystemen (Wbni), waaronder ook de NIS2-richtlijn valt. Ook krijgt ze te maken met de Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven (Wbdwb) die momenteel in de Tweede Kamer ligt.

Beveiligingsleverancier ForeNova brengt een bundel beveiligingsoplossingen op de markt, gericht op het middenbedrijf. Met NovaMDR 360 hoeven ondernemingen geen langdurige contracten aan te gaan.

NovaMDR 360 combineert MDR Endpoint en MDR Network voor organisaties vanaf 150 medewerkers, met aandacht voor sectorspecifieke werkplekbenutting. Voor instellingen in de gezondheidszorg wordt bijvoorbeeld rekening gehouden met het feit dat meerdere werknemers dezelfde werkplek bezetten in 24/7-schema’s. Voor productieomgevingen geldt juist dat de meerderheid van de werknemers geen kantoortoepassingen met internet gebruikt.

SOC

ForeNova’s Security Operations Center (SOC) monitort de IT-infrastructuur continu op cyberdreigingen met een responstijd van 10 minuten. FoeNova belooft succes managers die de vertaalslag maken van de meldingen uit het SOC en die assisteren bij een dreiging of incident. Verder is er elk kwartaal een speciale sessie om specifieke dreigingen of belangrijke trends door te nemen.

NovaMDR maakt gebruik van het NovaCommand Network Detection & Response security platform en monitort real time het netwerk op cyberdreigingen, en biedt een 360-gradenbeeld over de IT-infrastructuur met inzicht in alle activiteiten binnen het netwerk. NovaGuard EDR is bedoeld als bescherming voor de endpoints. Volgens het bedrijf integreert NovaMDR naadloos met de bestaande IT-beveiligingsinfrastructuur en met 3rd party securityoplossingen zoals firewalls, endpoint protectie-oplossingen, SIEM’s en non-security platforms als VMWare en Macmon.

AI-specialist Dataiku brengt kant en klare generatieve AI-toepassingen op de markt. Deze Generative AI Use Case Collection bestaat uit op klantervaringen gebaseerde oplossingen voor diverse doeleinden. 

Dataiku wil hiermee bedrijven bedienen die behoefte hebben aan min of meer gestandaardiseerde functionaliteit, waarvoor voorheen maatwerktoepassingen op het gebied van AI nodig waren. Het bedrijf biedt in eerste instantie 16 van zulke ‘use cases’, waaronder rapportage van de prestaties van productiemachines, automatisch gegenereerde promotie e-mails en AI-assistenten die queries kunnen uitvoeren op complexe bedrijfsdocumenten.

Framework

Daarnaast komt Dataiku met een nieuw framework dat bedrijven kunnen gebruiken om AI-toepassingen te ontwikkelen met het oog op privacy en de komende regelgeving daarover, onder meer de Europese AI Act. Dit RAFT framework is gebaseerd op de input van experts in publiek beleid, digitale ethiek en vooroordelen op het gebied van AI, zegt het bedrijf.

Dataiku lanceert ook Prompt Studio, waarmee de generatieve chatbots beter en gestructureerder kunnen worden uitgevraagd, en AI Prepare. Dat laatste is bedoeld om productieklare gegevenstransformaties te bouwen.

Distributeur Arrow Electronics gaat de beveiligingsproducten van Trellix distribueren in 17 EMEA-landen. Het vorig jaar opgerichte Trellix  omvat de producten van FireEye en de zakelijke tak van McAfee. 

Trellix levert onder meer XDR-oplossingen voor de zakelijke markt. De focus ligt daarbij op het automatisch reageren op mogelijke cyberdreiging. Het bedrijf zet daarvoor ook machine learning in. Afgelopen februari kondigde Trellix een nieuw partnerprogramma aan, het Xtend Global Channel Partner Program.

Hackerscollectief LockBit heeft volgens cybersecurity-experts van Kaspersky onlangs zijn activiteiten uitgebreid met een verbeterde multiplatform functionaliteit. LockBit staat bekend om meedogenloze aanvallen op bedrijven over de hele wereld en volgens Kaspersky zijn ze druk bezig om hun bereik uit te breiden naar andere platforms, waaronder macOS.

In de beginfase opereerde LockBit zonder lekportalen, dubbele afpersingstactieken of data-exfiltratie voordat het slachtoffergegevens versleutelde, zeggen de onderzoekers. De groep heeft echter voortdurend zijn infrastructuur en beveiligingsmaatregelen ontwikkeld om zijn activa te beschermen tegen verschillende bedreigingen, waaronder aanvallen op zijn beheerpanelen en ontwrichtende DDoS-aanvallen (Distributed Denial-of-Service). Het blijkt dat LockBit code overneemt van andere beruchte ransomware-groepen, zoals BlackMatter en DarkSide. Deze strategische zet stroomlijnt niet alleen de operaties, maar verbreedt ook de reeks aanvalsvectoren die LockBit gebruikt. Recente bevindingen van Kaspersky’s Threat Attribution Engine (KTAE) laten zien dat LockBit ongeveer 25 procent van de code heeft overgenomen die eerder werd gebruikt door de inmiddels verdwenen Conti-ransomwarebende, wat heeft geresulteerd in een nieuwe variant die bekend staat als LockBit Green.

ARM-platforms

Een belangrijke doorbraak was de ontdekking door Kaspersky-onderzoekers van een ZIP-bestand met LockBit-voorbeelden die specifiek zijn afgestemd op meerdere architecturen, waaronder Apple M1, ARM v6, ARM v7, FreeBSD en meer. Grondige analyse en onderzoek met behulp van de KTAE bevestigde dat deze samples afkomstig waren van de LockBit Linux/ESXi versie die eerder werd waargenomen.

Hoewel sommige samples, zoals de macOS-variant, extra configuratie vereisen en niet goed zijn ondertekend, is het duidelijk dat LockBit zijn ransomware actief test op verschillende platforms. Dit duidt op een aanstaande uitbreiding van de aanvallen. Deze ontwikkeling onderstreept de dringende noodzaak van robuuste cybersecuritymaatregelen op alle platforms en een verhoogd bewustzijn binnen het bedrijfsleven.

Het mkb laat allerlei digitale sporen achter op internet. In deze ‘internet footprint’ kunnen criminelen vaak eenvoudig gegevens vinden die kunnen worden misbruikt voor aanvallen. Dat blijkt uit onderzoek van IT-dienstverlener ACA IT-Solutions, samen met MKB Eindhoven en de Fontys ICT Hogeschool.

Volgens de onderzoekers is slechts een klein deel van de cyberaanvallen doelbewust op een organisatie gericht. Het merendeel is veel opportunistischer en maakt gebruik van informatie die via internet te vinden is. Daarbij gaat het om niet bijgewerkte systemen en applicaties, niet goed ingestelde domein records (dat e-mail spoofing mogelijk maakt), gelekte e-mailadressen (waarmee phishing eenvoudiger wordt), bestanden met gevoelige informatie die vrij op internet te vinden zijn, open poorten en WordPress met verouderde plug-ins.

Onderzoek in twee fasen

Het onderzoek vond plaats onder mkb-organisaties in Noord-Brabant in twee fases. In de eerste fase doorliepen directie, (IT-)management en IT-(mede)verantwoordelijken van bijna 200 Brabantse organisaties een vragenlijst, waarbij zij hun visie op cybersecurity gaven en de wijze waarop dit in hun organisatie is gerealiseerd.

Een deel van de deelnemende 30 bedrijven participeerde in een verdiepingsslag. Daarin werden de openbare veiligheidsrisico’s van de organisaties getoetst met behulp van een Open Source Intelligence scan, een onderzoeksmethodiek die cybercriminelen gebruiken ter oriëntatie en voorbereiding op een cyberaanval.

“Regelmatig horen wij uit het bedrijfsleven: ‘Waarom zou een cybercrimineel ons bedrijf hier in Brabant willen aanvallen?'” Een enorme misvatting volgens de onderzoeker, want een cybercrimineel is niet geïnteresseerd in geografische gegevens. “Doordat kwetsbaarheden van het bedrijf tijdens scans verschijnen, word je automatisch een doelwit.”

 

KPN kondigt vandaag aan dat het van plan is om de Nederlandse activiteiten van Youfone over te nemen. Volgens het bedrijf krijgt het daarmee ruim 540 duizend klanten erbij.

Youfone is een van oorsprong Rotterdamse provider met activiteiten in Nederland en België. De overname gaat alleen over het Nederlandse deel, dat voor mobiele telefonie al gebruik maakt van het netwerk van KPN. Youfone biedt daarnaast ook tv, internet en vaste telefonie aan particulieren.

Youfone blijft als apart merk fungeren binnen het portfolio van KPN. De overname wacht nog op goedkeuring van de mededingingsautoriteit.

Oracle heeft zijn specifiek op de EU gerichte cloud geïntroduceerd, de EU Sovereign Cloud. Deze voldoet volgens het bedrijf aan alle eisen op het gebied van dataprivacy en -soevereiniteit.

Volgens Oracle biedt de EU Sovereign Cloud dezelfde diensten en mogelijkheden als de openbare cloudregio’s van de Oracle Cloud Infrastructure. Ook zijn de prijzen, SLA’s en de ondersteuning gelijk. Behalve dat de data zich fysiek in de EU bevinden, geldt dat ook voor het personeel en de juridische entiteiten die zorgen voor het beheer.

EU Sovereign Cloud van Oracle is beschikbaar voor klanten in alle 27 lidstaten van de EU en daarbuiten. Klanten van Oracle kunnen ook toegang krijgen tot andere programma’s, zoals Oracle Support Rewards. Daarnaast wordt de Oracle Fusion Cloud Applications Suite, die momenteel beschikbaar is in het European Restricted Access (EURA)-aanbod, naar verwachting binnenkort ook beschikbaar in de Oracle EU Sovereign Cloud.

Beveiligingsbedrijf ESET voegt nieuwe functionaliteit toe aan het Protect-platform. Met Vulnerability & Patch Management krijgen klanten inzicht in kwetsbaarheden en automatisch patch management.

ESET werkt voor de nieuwe functionaliteit samen met OPSWAT, dat zich specialiseert in zero-day kwetsbaarheden. De functie scant veel bekende applicaties, waaronder Adobe Acrobat, Mozilla Firefox en Zoom Client, op algemene kwetsbaarheden en blootstellingen (CVE’s). Kwetsbaarheden kunnen worden gefilterd en geprioriteerd op basis van blootstelling een risicoscore, ernst en score gedurende een bepaalde tijd. Via de cloudgebaseerde console kunnen bedrijven rapportages opstellen over de meest kwetsbare software en getroffen apparaten.

ESET Vulnerability & Patch Management biedt een voortdurend bijgewerkte inventarislijst van patches, met de patchnaam, versie van de app, CVE, de ernst/belang van de patch en de getroffen applicaties. De update kan direct starten of handmatig wanneer een patch is geïdentificeerd.

De nieuwe functionaliteit is per direct beschikbaar op Protect Complete en op het nieuwe beveiligingsniveau Protect Elite voor enterprise en mkb. Eind juli komt het ook beschikbaar op het standaard Protect-platform.

 

Het consortium Digital Industry Boost (DIB) heeft een subsidie van 7 miljoen gekregen van het ministerie van EZK voor de digitalisering van de Brabantse maakindustrie. Het consortium wil hiermee de komende vier jaar de aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven verder vormgeven.

DIB is een samenwerking van Fontys Hogeschool, Mikrocentrum, Summa College, Brainport Industries, samenwerkingspartners van de EdiH Zuid en Provincie Noord-Brabant. Volgens het consortium is het bundelen van de krachten nodig om de juiste kennis over te dragen aan studenten en professionals in deze industrie, zodat ze klaar zijn voor de toekomstige arbeidsmarkt. Ella Hueting, directeur Fontys Engineering vertelt waarom de hogeschool deelneemt: “Er is een enorm tekort aan technici in Nederland en in de regio Brainport in het bijzonder. Steeds minder jongeren kiezen voor een technisch profiel, daarom is het noodzakelijk om mensen bij- en om te scholen voor technische beroepen. Dat kan alleen maar als we de handen ineen slaan.”

Bert-Jan Woertman, directeur Mikrocentrum vult aan: “We staan gezamenlijk voor de uitdaging om met minder mensen economische groei te realiseren. Digitalisering en automatisering vormen in grote mate een oplossing voor dit dilemma. Daarom is het van essentieel belang om volop te investeren in Leven Lang Ontwikkelen, waarbij we continu blijven groeien en ons aanpassen aan nieuwe technologieën om de productiviteit te bevorderen.”

Sneller en flexibeler

De verschillende onderwijspartners ontwikkelen een doorlopende leerlijn van voortgezet onderwijs via mbo en hbo naar masteropleiding. Door zowel publieke als private opleidingsmogelijkheden aan te bieden, willen de samenwerkingspartners sneller, flexibeler en vraaggericht reageren op de behoefte vanuit het bedrijfsleven.

Kennisecosysteem

Digital Industry Boost streeft ernaar dat er over vier jaar een kennisecosysteem is ontstaan, waarin samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven gewoon is. Het bedrijfsleven moet een actieve partner in dit ecosysteem worden en samen met het onderwijs de uitdagingen aangaan. John Blankendaal, directeur Brainport Industries en Saartje Janssen, directeur Summa Techniek benadrukken allebei dat “arbeidscapaciteit, productiviteit en kwaliteit cruciaal zijn voor het behouden van concurrentiepositie en innovatiekracht van de Brainport regio. Het is cruciaal om de productiviteit te vergroten met in verhouding minder arbeidskrachten. Daarnaast is het aantrekken en beter ontwikkelen van talent voor het hightech toelevernetwerk een belangrijke levensader. Door het samenvoegen van alle initiatieven tot één ecosysteem kunnen we hier een bijdrage aan leveren.”