Nederlandse leidinggevenden (75%) zijn ervan overtuigd dat ze extern en hybride werken ondersteunen, terwijl maar liefst 39 procent van de werknemers het helemaal niet eens is met deze bewering. Dat blijkt uit onderzoek van Alludo, de nieuwe naam van Corel Corporation, het bedrijf achter onder meer Parallels, CorelDraw en WordPerfect. Voor het onderzoek zijn 2034 kenniswerkers ondervraagd die hun werk feitelijk extern kunnen uitvoeren.

De medewerkers verklaren dat de leiding de managementstijl helemaal niet heeft veranderd en 29% geeft aan dat er zelfs sprake is van micromanagement. Maar liefst 41% van de medewerkers overweegt hun baan op te zeggen of zelfs van carrière te veranderen als leidinggevenden zich niet aanpassen aan de nieuwe manier van werken. De onderzoekers hebben ook gevraagd aan de deelnemers in hoeverre ze extern of hybride mogen werken van hun werkgever. De helft (50%) van de Nederlands werknemers geeft aan dat ze niet altijd hybride of extern mogen werken. 25 procent van de deelnemers moet minimaal 1 of 2 dagen op kantoor zijn, 10 procent mag 1 dag in de week thuiswerken en 15 project niet. De andere helft van de ondervraagden mogen wel altijd extern of hybride werken.

“Echt leiderschap krijg je niet door mensen in een ruimte te zetten en te laten doen wat je wilt,” aldus Christa Quarles, CEO bij Alludo. “Het gaat erom dat werknemers de ruimte krijgen om resultaten te leveren. De afgelopen jaren is bewezen dat kenniswerkers ook thuis productief kunnen zijn. Het is daarom tijd dat organisaties de verplichte van 9 tot 5 mentaliteit op kantoor laten voor wat het is.”

Naast de locatie waarop ze werken, willen werknemers flexibiliteit voor wanneer ze werken. De onderzoeksresultaten bevestigen dat 80 procent van de werknemers niet langer van 9 tot 5 wil werken. Toch moet bijna 30 procent van de werknemers nog steeds werken op deze manier.

De kosten van een beveiligingsincident in Nederland bedragen gemiddeld 270 duizend euro, een halve ton meer dan het wereldwijde gemiddelde. Dat blijkt uit onderzoek van beveiligingsspecialist ESET Nederland. Het rapport Mkb Digital Security Sentiment Report 2022 is gebaseerd op onderzoek onder 1.200 besluitvormers in cybersecurity in het Europese en Noord-Amerikaanse midden- en kleinbedrijf.

Gegevensbeveiligingsincidenten zijn relatief duur volgens de Nederlandse respondenten. De kosten van een incident wordt geraamd op bijna 270.000 euro, tegenover een globaal gemiddelde van 220.000 euro. Alleen Denemarken komt in de buurt van Nederland met een gemiddelde raming van bijna 268.000 euro. Nederlandse MKB-bedrijven maken zich vergeleken met hun internationale tegenhangers dan vooral zorgen om de financiële impact van een incident (74%). Wereldwijd maken respondenten zich het meest zorgen om gegevensverlies, wat in Nederland met 62% op de tweede plek komt. Andere zorgen zijn het verlies van klantvertrouwen (53%), verstoring van de bedrijfsvoering (51%) en imagoschade (46%).

Weinig vertrouwen in de verdediging

Uit het onderzoek blijkt dat het Nederlandse mkb veel vertrouwen heeft in technologie: 76% gelooft dat technologische vooruitgang veel zakelijke kansen biedt. Tegelijkertijd zien de respondenten in dat ze deze nieuwe technologie veel beter moeten beschermen. 44% van de respondenten geeft daarbij aan dat budgetbeperkingen en een gebrek aan investeringen op het gebied van cybersecurity een grote uitdaging zijn voor de IT-afdelingen binnen het mkb. 72% van de Nederlandse mkb-ondernemers voelt zich bovendien kwetsbaarder dan grotere enterprise-organisaties en slechts 14% van de Nederlandse respondenten heeft veel vertrouwen in hun digitale weerbaarheid, vergeleken met 50% van de respondenten die hier maar weinig vertrouwen in heeft.

Dave Maasland, CEO bij ESET Nederland: “Het mkb staat in Nederland voor een grote uitdaging. De kosten van een beveiligingsincident zijn zeer hoog en de dreigingen waar het mkb mee te maken krijgt, neemt alleen maar toe. Tegelijkertijd wordt verwacht dat mkb-bedrijven doorlopend innoveren en zich continu blijven aanpassen aan ontzettend snel veranderende marktomstandigheden. Cybersecurity moet voor deze bedrijven schaalbaar en simpel zijn. Hier ligt een enorme kans voor Nederlandse IT-dienstverleners om het hart van onze economie veilig te houden.”

Risico’s in het vizier  

Nederlandse respondenten geven aan dat een vijftal factoren het risico op een cyberaanval significant vergroten:

  • Het gebrek aan cybersecurity awareness onder werknemers (85%)
  • Een wildgroei aan gebruikte applicaties (80%)
  • Gebruik van Remote Desktop Protocol (79%)
  • Blijvend hybride- of thuiswerken (78%)
  • De mogelijkheid van aanvallen door statelijke actoren als gevolg van de oorlog in Oekraïne (74%)

 

Ashley Schut, Head of SMB & MSP bij ESET in Nederland: “Het mkb kampt al met forse uitdagingen, onder meer wat betreft human resources, technische volwassenheid en financiële stress. In de groeiende behoefte naar digitale weerbaarheid kunnen en moeten met name IT-dienstverleners, waaronder Managed Service Providers, hun verantwoordelijkheid pakken. Zij hebben de expertise en tooling in huis om middels hun dienstverlening de juiste resources, volwassenheid en schaalbare oplossingen naar het mkb te brengen.”

Een beetje verrassend was het wel, de overname van Datto door Kaseya in april van dit jaar. De grote vraag was natuurlijk wat er met de naam Datto gaat gebeuren, dat een goede reputatie heeft onder zowel MSP’s als eindklanten. -ChannelConnect sprak met Matthé Smit, General Manager Datto RMM over een geïntegreerde aanpak als de beste oplossing. “Datto maakt het leven van de MSP gemakkelijker, zeker nu we producten van Kaseya integreren.”

Matthé Smit, wereldwijd verantwoordelijk voor de productontwikkeling bij Datto en lid van het management team, is een man met een missie: “Wij willen de dienstverleners, onze partners, helpen hun niveau omhoog te trekken en hun klanten veilig maken.” Daarbij past volgens hem alleen een geïntegreerde aanpak.

“Security is breed en het product-aanbod vaak heel erg versnipperd”, zegt Smit. “Dat is niet alleen lastig voor MSP’s, maar leidt ook onherroepelijk tot hogere kosten.” 

Volgens Smit kost alleen al het in kaart brengen van alle producten en oplossingen veel te veel tijd en energie voor zowel dienstverlener als eindklant. “Er zijn enorm veel tools op de markt en de meeste daarvan zijn niet geïntegreerd. En is er eenmaal gekozen voor verschillende best of breed producten en oplossingen, dan wordt zeker 20 tot 50 procent van de capaciteit ervan niet optimaal gebruikt.” Een van de grootste problemen ziet Smit in ‘vendor fatigue’: “Als MSP én als eindklant moet je contacten onderhouden met heel veel verschillende bedrijven om alles up-to-date en up & running te houden. Elke leverancier heeft zijn eigen tools, eigen dashboards en voor elke vendor moet je apart inloggen.”

Eén dashboard en single sign on

Vooral voor bedrijven die te klein zijn om een eigen IT-afdeling te onderhouden ligt vendor fatigue op de loer. Voor partners van Datto – en hun eindklanten – is de overname door Kaseya dan ook goed nieuws. De merknaam Datto blijft bestaan, want het heeft een goede naam als het gaat om back-up en recovery. Maar de strategie wijzigt wel, zegt Smit. “We willen nu doorpakken met ‘IT-complete’ producten, die naadloos met elkaar samenwerken. Het meest zichtbare daaraan wordt dat alles onder één portaal valt én met een single sign on.” Workflow integratie is een ander belangrijke focus in de nieuwe strategie. Werkzaamheden die verlangen dat je verschillende tools gebruikt, -worden daarmee veel gemakkelijker.”

Daarvoor zijn er voor Datto klanten diverse nieuwe oplossingen in het portfolio beschikbaar. Zo kunnen ze nu gebruik maken van het in februari dit jaar door Kaseya overgenomen RocketCyber, een managed -security operations center dat nu ook met Datto werkt. “Het is de perfecte oplossing voor MSP’s om de beveiliging van hun mkb-klanten te monitoren zonder daarvoor zelf security specialisten aan te nemen” Dat gebeurt door het installeren van een extra sensor op elke endpoint met Datto RMM. “Onze MSP’s vroegen erom en we hebben het nu mogelijk gemaakt”, zegt Smit.

Matthé Smit

Synergie en een complete suite

Door de overname van Datto door Kaseya ontstaat er nog veel meer synergie tussen de verschillende onderdelen van het bedrijf. Een tweede oplossing die nu al beschikbaar is, is de integratie met de IT-documentatiesoftware IT Glue. “Ook dit was een veel geuite wens van onze MSP-partners. Zo groeien we gestaag door naar een complete suite aan producten en oplossingen voor de MSP en MSSP, die allemaal met elkaar zijn geïntegreerd.”

We willen nu doorpakken met ‘IT-complete’ producten, die naadloos met elkaar samenwerken

Zulke oplossingen zijn bittere noodzaak voor de MSP, constateert Smit. “MSP’s moeten steeds meer doen met minder mensen, die ook nog eens moeilijker te vinden zijn, ook in security. Automatiseren van taken is een oplossing, maar je kunt niet alles automatiseren. Daarom proberen we bij Datto om het leven voor de MSP gemakkelijker te maken.” Met Datto RMM bijvoorbeeld hoef je dankzij de integratie geen extra tools uit te rollen. “Het zijn allemaal kleine dingen, waardoor je steeds een beetje tijd bespaart. Tien minuten hier, een half uurtje daar. Maar alles bij elkaar telt het lekker op en bespaar je uiteindelijk op de kosten.”

Software wordt niet optimaal gebruikt

Wat daar zeker ook aan moet bijdragen is dat de Datto MSP’s nu ook kennis gaan maken met Cooper, de intelligente assistent in de producten van Kaseya. “Cooper is genoemd naar de hond van Kaseya CEO Fred Voccola, maar hoe grappig dat ook lijkt, het levert een serieuze bijdrage aan een efficiëntere workflow”, zegt Smit. “Met Cooper worden onze partners geattendeerd op functies in de producten waarvoor ze wel betalen, maar die ze niet gebruiken, omdat ze die wellicht over het hoofd zien. Het blijkt dat heel veel software, ook die van ons, gewoon niet optimaal wordt gebruikt. Er zijn voortdurend updates met nieuwe -features en dat is niet bij te houden. Cooper zorgt dat deze onder de aandacht komen.” Cooper kan ook verwijzen naar online video’s waarin de functionaliteiten verder worden uitgelegd en hoe je de workflow als MSP kunt verbeteren.

Het blijkt dat heel veel software, ook die van ons, gewoon niet optimaal wordt gebruikt

De overname van Datto door Kaseya is voor MSP’s dus eigenlijk alleen maar goed nieuws. En dat wordt nog benadrukt door het feit dat Kaseya de prijzen van Datto producten en oplossingen heeft verlaagd. “En dat werkt door op de security propositie van onze partners”, besluit Smit. 

 

 

Securityspecialist Barracuda introduceert een nieuw platform in de strijd tegen cybercriminelen. Het gaat om een serie vlogs onder de naam Cybersecurity TV Nederland.

Het bedrijf wil hiermee het bedrijfsleven op begrijpelijke wijze informeren over de methoden en achtergronden van cybercriminelen. Cybersecurity TV Nederland start op donderdag 17 november met een serie van vier afleveringen, waarin securityexperts actuele onderwerpen bespreken, inzichten bieden over achtergronden en tips geven.

In de eerste aflevering van Cybersecurity TV Nederland bespreken Erik Westhovens, ethisch hacker (die o.a. kwetsbaarheden in DigID aan het licht bracht) en auteur van het boek ‘13. Ransomwared’, Stefan van der Wal, security expert bij Barracuda, en tafelheer Judah van Wees de hacker-mindset. Hoe kun je een hacker beter begrijpen? En met welke cybersecurity innovaties kan je cybercriminelen te slim af zijn?

Dit zijn de onderwerpen van de vier afleveringen van Cybersecurity TV Nederland:

  • Cybersecurity TV Nederland Episode 1 (17 november) – Met Erik Westhovens, hacker van DigiD, over de hacker-mindset
  • Cybersecurity TV Nederland Episode 2 (1 december) – Met Dave Maasland van ESET, over een digitaal veilig Nederland
  • Cybersecurity TV Nederland Episode 3 (15 december) – Met de Nederlandse Politie, over moderne cybercrime en No More Leaks
  • Cybersecurity TV Nederland Episode 4 (12 januari) – Terug- en vooruitblik, met securityspecialisten van Microsoft Nederland

Cybersecurity TV Nederland wordt steeds om 11:00 uitgezonden. Aanmelden kan hier.

Cloudleverancier Nutanix komt met nieuwe ‘Cloud Bundels’ als aanvulling op de in 2020 gelanceerde partnerinitiatieven voor het commerciële marktsegment. De bedoeling is dat klanten kunnen standaardiseren op het Nutanix Cloud Infrastructuuur-platform (NCI) en channelpartners gestroomlijnde opties krijgen om te integreren met hun eigen waardeproposities.

“Onze NCI-oplossing bestaat uit een servergebaseerd, softwaregedefinieerd model. De nieuwe Cloud Bundels maken het voor ons partnernetwerk in EMEA eenvoudiger om hybride cloud-infrastructuur-, multicloud management-, unified storage-, database en desktop services-oplossingen aan te kopen. Nutanix is een partner-gedreven organisatie, en we willen onze partners uitrusten met innovatieve oplossingen waarop zij hun eigen diensten met toegevoegde waarde kunnen leveren”, zegt Adam Tarbox, Vice President of EMEA Channel Sales bij Nutanix.

De nieuwe Cloud Bundels voor de commerciële markt zijn beschikbaar in drie versies:

– Starter Bundle – de kerncomponenten van een hyperconverged omgeving met NCI Starter, dat de gehele datacenter stack convergeert, inclusief compute, storage, networking en virtualisatie.

– Pro Bundle voorziet NCI Pro en Nutanix Cloud Manager (NCM) Starter beide op cores. NCM biedt dekking voor Nutanix en VMware private clouds. NCM kan ook worden afgestemd op het creëren van een ‘onzichtbare cloud’ door ontwikkelaars via een marktplaatsachtig platform toegang te geven tot hybride multicloud-resources, te controleren wat voor hen zichtbaar is, of te beschikken over governance-beleid rond resourceverbruik.

– Ultimate Bundle bestaat uit NCI Ultimate en NCM Starter. Het levert hyperconverged prestaties op schaal in een gevarieerde toepassingsomgeving.

De drie bundels zijn beschikbaar met ondersteuning op productieniveau en kunnen worden aangeboden voor een kerncapaciteit tussen 72 en 192 cores. Dit betekent dat de nieuwe bundels, anders dan voorheen, geen vaste configuratie hebben, maar alleen worden beperkt door een het minimum en maximum aantal cores. Een promotionele NUS Pro-bundel kan ook worden toegevoegd aan elk van de drie versies. Deze bundel kan worden aangeboden voor een capaciteit van 5 tot 10 TiBs.

Alle bestaande Nutanix Cloud Bundel-aanbiedingen zijn geldig tot eind december 2022, wanneer de overgang naar de nieuwe Cloud Bundels is voltooid. Voor legacy bundel klanten werkt Nutanix aan het proces om hen de nieuwe versies van cloud bundels aan te bieden op het moment van verlenging.

Verzuim op het werk wordt steeds vaker toegeschreven aan de werkdruk. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Onderwijs loopt hierbij voorop, maar ook werknemers in de UCT klagen over te hoge werkdruk.

Bijna 520 duizend werknemers (6,7 procent) van 15 tot 75 jaar noemden in 2021 werkdruk als belangrijkste reden voor hun laatste verzuim op het werk. Deze werknemers waren twee keer zo lang afwezig van het werk vergeleken met alle werknemers die hadden verzuimd. Dit meldt het CBS op basis van cijfers uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van het CBS en TNO. Werknemers die aangaven dat de reden voor hun meest recente verzuim werkgerelateerd was, met werkdruk als belangrijkste reden, waren gemiddeld 38 werkdagen niet inzetbaar. De gemiddelde afwezigheid van een werknemer bij verzuim is 17 werkdagen. Van alle werknemers die verzuimden vanwege werkdruk, was 33 procent langdurig (20 werkdagen of meer) afwezig. Dat is ruim twee keer zo hoog als gemiddeld bij werknemers die verzuimden.

Verzuim door werkdruk hoogst bij docenten

10,9 procent van de werknemers met een pedagogisch beroep noemde in 2021 werkdruk als belangrijkste reden voor het laatste verzuim. Docenten in het wetenschappelijk onderwijs, het hoger onderwijs en op middelbare scholen gaven dit het vaakst aan. Verzuim door werkdruk werd ook relatief vaak genoemd door werknemers met een ICT-beroep, een creatief- en taalkundig beroep, of een zorg- en welzijnsberoep. Bij werknemers in agrarische beroepen, in beroepen in transport en logistiek, en in dienstverlenende beroepen, kwam verzuim door werkdruk veel minder vaak voor.

In aandeel stabiel maar in aantal toegenomen

De afgelopen jaren is het aandeel werknemers dat verzuimde door werkdruk ongeveer gelijk gebleven (6 tot 7 procent). Doordat de werkzame beroepsbevolking is toegenomen, verzuimen er meer werknemers: in 2014 verzuimden 450 duizend werknemers vanwege werkdruk, in 2021 waren dit er 520 duizend. De meeste meldingen van verzuim door werkdruk (116 duizend) zijn van werknemers met een bedrijfseconomisch en administratief beroep. Dit komt omdat de omvang van deze beroepsklasse het grootst is (ruim 1,5 miljoen). Ook waren er naar verhouding veel werknemers met verzuim door werkdruk met een zorg- of welzijnsberoep (90 duizend), technisch beroep (65 duizend) of pedagogisch beroep (57 duizend).

 

Jeroen Kuerble wordt per 1 december de nieuwe algemeen directeur van Cloudwise. Kuerble volgt daarmee Ludo Hertroijs op.

Kuerble is afkomstig uit de uitgeverij in de onderwijssector. Na zijn studie bedrijfskunde in Groningen werkte hij in Nederland, Duitsland, België en het VK bij uitgeverijen. In zijn laatste rol was Kuerble statutair directeur van Noordhoff. De oprichters van Cloudwise, een dienstverlener die zich met name richt op de onderwijsmarkt Huig Ouwehand, Gertjan van Popering en Gijs Stijnman hebben vertrouwen in deze keuze. Ouwehand: “Met zijn ervaring, kunde en enthousiasme hebben we met Jeroen een sterk persoon gevonden die Cloudwise kan helpen de volgende stap te zetten.”

Kuerble: “Ik geloof in samen mooie dingen maken en problemen oplossen voor klanten. Ik geloof in de kracht van teams, van transparantie en van dialoog. Cloudwise is een prachtig bedrijf met veel potentieel zowel in Nederland alsook internationaal.”

Datacenters krijgen in 2023 te maken met strengere overheidsregelgeving en intensiever toezicht. Dit is het gevolg van het toenemende energie- en waterverbruik van de datacenterbranche bovenop de aanhoudende klimaatverandering. Dat voorspellen de datacenterexperts van Vertiv.

De toenemende focus op de impact van datacenters op het milieu en de samenleving is één van de vijf branchetrends voor 2023 die Vertvi signaleert.

“De datacentermarkt maakt een snelle groei door, doordat steeds meer applicaties om rekenkracht en opslagcapaciteit vragen”, zegt Giordano Albertazzi, chief operating officer en bestuursvoorzitter voor Noord- en Zuid-Amerika bij Vertiv. “Dit gaat gepaard met een even snelle toename van het energie- en waterverbruik door datacenters. De sector heeft begrepen dat sterk inzetten op energie- en waterefficiëntie van cruciaal belang is voor toekomstig succes en zelfs zijn voortbestaan. Strengere regelgeving is dus onvermijdelijk, en zal leiden tot belangrijke innovaties in onze sector. Dit is geen eenvoudig proces en heeft evenmin een lineair karakter.”

In een recent rapport getiteld Silicon heatwave: the looming change in data center climates wees het Uptime Institute op cijfers van de Standard Performance Evaluation Corporation (SPEC), waaruit blijkt dat het energieverbruik van servers sinds 2017 met 266 procent is toegenomen. Dit draagt bij aan de focus op duurzaamheid, een centraal thema binnen de trends voor 2023 die Vertiv voorspelt.

De regelgeving rond datacenters wordt steeds uitgebreider

Overheden staan van alle kanten onder druk om tegemoet te komen aan de vraag van burgers naar energie en water. Dit dwingt hen om kritisch te kijken naar het overmatige gebruik van deze schaarse resources door datacenters. Deze zijn namelijk verantwoordelijk voor zo’n 3 procent van het wereldwijde energieverbruik, wat volgens de prognoses in 2030 de 4 procent zal aantikken.

Een grotere focus op de dichtheid van racks

Volgens een recente enquête door Omdia zegt 99 procent van alle exploitanten van datacenters dat voorgefabriceerde, modulaire datacenterontwerpen deel uitmaken van hun toekomstige datacenterstrategie. Vertiv verwacht dat hyperscalers in 2023 steeds vaker een beroep zullen doen op deze prefab ontwerpen met het oog op de snelheid en efficiëntie die standaardisatie biedt.

Dieselgeneratoren krijgen geduchte concurrentie

De dieselgenerator is lange tijd een allesbehalve perfect doch onvermijdelijk onderdeel van het ecosysteem van datacenters geweest. Deze generator bevat opgeslagen energie die grotendeels ongebruikt blijft, maar na perioden van inactiviteit nog altijd onderhoud vereist en met brandstof moet worden bijgevuld. En zodra generatoren worden ingeschakeld om noodstroom te leveren, produceren ze de CO2-uitstoot die exploitanten van datacenters juist met man en macht proberen te voorkomen. De experts van Vertiv verwachten dat er in 2023 een voorkeursalternatief naar de voorgrond zal treden: brandstofcellen op basis van waterstof. Deze cellen zullen in eerste instantie op sterk vergelijkbare wijze als een dieselgenerator functioneren door tijdelijke stroom te leveren. Ze bezitten echter de potentie om langdurig of zelfs continu te worden ingezet.

Nieuwe strategieën voor warmtebeheer door een hogere rackdichtheid

De niveaus van rackdichtheid zijn jarenlang onveranderd gebleven, maar in 2023 zullen steeds meer exploitanten van datacenters om racks met een hogere dichtheid vragen. Volgens de 2022 Global Data Center Survey van het Uptime Institute zegt ruim een derde van alle exploitanten van datacenters dat hun rackdichtheid de afgelopen drie jaar snel is toegenomen. Dit sluit aan op de volwassenheid van de ontwikkeling van vloeistofgekoelde servertechnologieën en de toenemende acceptatie en het gebruik daarvan. De snelle toename van het energieverbruik door servers en de noodzaak om de capaciteit steeds verder uit te breiden, stellen exploitanten van datacenters voor tal van problemen. Hen rest daarom weinig anders dan het opzoeken van de grenzen van hun bestaande datacenters. Dat doen ze onder meer door servers in nauwe ruimtes onder te brengen, de rackdichtheid op te voeren en warmteprofielen te creëren die om vloeistofkoeling vragen. Deze technologie levert efficiënte en probleemloze toepassingen in datacenteromgevingen met een hoge dichtheid.

5G en de metaverse ontmoeten elkaar aan de edge van het netwerk

Omdia voorspelt in zijn 2022 Mobile Subscription and Revenue Forecast dat bijna de helft van alle mobiele abonnementen in 2027 betrekking zal hebben op 5G-diensten. Daarmee wordt de rekenkracht steeds dichter bij de gebruiker gebracht. De metaverse is een voorbeeld van een toepassing die om een computing netwerk met hoge dichtheid en lage latency vraagt. In 2023 zullen deze twee fenomenen samenkomen: implementaties van de metaverse zullen voor de broodnodige ultralage latency gebruikmaken van 5G-netwerken. Dit vraagt om de inzet van artificial intelligence en planning- en beheersystemen voor virtual reality en een toenemend gebruik van UPS-systemen met lithium-ionbatterijen aan de edge (rand) van het netwerk.

“Duurzaamheid is de afgelopen jaren het belangrijkste aandachtsgebied voor de datacenterbranche geweest. Dit sluit aan op de focus die in 2023 ligt op de strengere overheidsrichtlijnen en de belangstelling voor alternatieve energiebronnen”, zegt Karsten Winther, bestuursvoorzitter voor de regio EMEA bij Vertiv. “Met de toenemende innovatie en transformatie binnen de sector, zeker op het gebied van 5G en de metaverse, belooft 2023 een enerverend jaar te worden voor de datacenterbranche.”

Europese bedrijven omarmen de trend van managed services op grote schaal, waarbij driekwart een hogere omzet daaruit anticipeert. Dat blijkt uit de eerste Ecosystem Benchmark Study van TD SYNNEX.

Uit het onderzoek blijkt dat er groei zit in elke categorie diensten. Naast de 74 procent ondervraagden die de groei van managed services verwacht, zullen ook professional services (65%), op consumptie gebaseerde XaaS (50%), packaged services (44%) en product lifecycle services (38%) naar verwachting stijgen.

Hardware blijft belangrijk

De meeste Europese partners (63 procent) voorspellen dat de wederverkoop van hardware van fundamenteel belang zal zijn voor hun bedrijfsmix. 25 procent zegt dat de categorie zal stijgen en 38 procent zegt dat er geen verandering zal zijn. Respondenten zeggen dat het verkopen van hun eigen IP, dat momenteel vier procent van hun zaken vertegenwoordigt, een groter deel van hun bedrijfsmix wordt, waarbij meer dan een derde verwacht dat dit getal de komende 24 maanden zal groeien.

Metaverse nog niet top of mind

Minder dan één vijfde van de bedrijfsleiders van Europese technologische ecosystemen zegt dat ze augmented reality- en virtual reality-diensten gaan aanbieden in 2024. Dit ondanks een door IDC verwachte metaverse-markt van $ 16 miljard en een verwachte stijging van de investeringen met 150 procent in de komende 24 maanden.

Duurzaamheid en ESG steeds belangrijker

IT-bedrijfsleiders weten dat ze capaciteiten moeten ontwikkelen rond duurzaamheid en ESG (milieu, sociaal en governance). Drieënveertig procent van de Europese partners is van plan om de komende twee jaar duurzaamheidsrapporten aan te bieden, zegt het rapport.

“Als wereldwijde IT-distributeur en -solutions aggregator heeft TD SYNNEX een uniek perspectief vanuit het centrum van een technologisch ecosysteem in ontwikkeling,” zegt Patrick Zammit, TD SYNNEX President voor Europa en Azië/Pacific. “Het TD SYNNEX Technology Ecosystem Benchmark Report laat zien hoe het IT-kanaal anticipeert en reageert op innovaties die de manier waarop we communiceren en consumeren verandert. Door het potentieel van opkomende trends te benutten, zal het kanaal goed gepositioneerd zijn om de acceptatie van nieuwe technologieën te helpen versnellen die exponentiële vooruitgang in efficiëntie, connectiviteit en veiligheid zullen bevorderen.”

TD SYNNEX heeft onlangs een duurzaamheidscertificering gelanceerd voor klanten en partners, waarmee ze hun ambities op dit gebied kunnen onderstrepen.

Ecosysteem Benchmark Report

Het Ecosystem Benchmark Report onderstreept dat elk bedrijf verbonden is in een wereldwijd technologisch ecosysteem, en er is een snelle verandering gaande die leidt tot continue transformatie. Het rapport is ontwikkeld op basis van een onderzoek bij middelgrote partners in het technologie-ecosysteem (tot 1000 medewerkers). Respondenten in Europa hebben de volgende fundamentele factoren geïdentificeerd waarmee hun bedrijven te maken hebben:

· Anticiperen op en voldoen aan de technologische verwachtingen van eindgebruikers
· Effectief beheer van de bedrijfsactiviteiten van het technologische ecosysteem
· Betrokkenheid, verrijking en enablement van het technologische ecosysteem

Ondanks deze uitdagingen verwacht 82% van de Europese partners dit fiscale jaar een groei te melden, waarbij 43% van de partners zegt dat security, servers en opslag de belangrijkste inkomstenbron zijn, en 40% zegt dat deze technologieën het meest winstgevend zijn. Security was de meest winstgevende technologie voor Europese partners.

Meer betrokkenheid bij IT-ecosysteem

Europese IT-partners geven aan dat samenwerking een belangrijke groeistrategie is. Negenenzeventig procent van de respondenten gaf betrokken ecosysteempartners aan als belangrijk of zeer belangrijk voor toekomstige groei.

“Waarde leveren aan eindgebruikers betekent het ontwikkelen van zakelijke mogelijkheden die aansluiten bij de meest efficiënte en effectieve manieren om deze technologieën te kopen, configureren, leveren, beveiligen, beheren en onderhouden,” aldus Andy Gass, Chief Digital Officer bij TD SYNNEX. “In een omgeving van voortdurende snelle technologische veranderingen moeten Europese IT-bedrijven oplossingen sneller op de markt brengen. Samenwerking in het ecosysteem versnelt die time-to-market, verlaagt de kosten en minimaliseert hiaten in technologische vaardigheden.”

De Nederlandse versie van het rapport is hier te vinden.

 

Volgens het CBS is de Nederlandse industrie het afgelopen jaar weer afhankelijker geworden van de import uit China. De telecomsector is daarbij koploper: 26 procent van de totale import van de sector is uit het land afkomstig. Ter vergelijking: zes jaar geleden bedroeg dat nog 14 procent.

De totale import uit China bedraagt 48 miljard euro, waarvan een groot deel direct weer wordt geëxporteerd. Onderaan de streep staat dan een netto import van 14 miljard euro. Het gaat dan vooral om computers (1,5 miljard euro), telefoons (881 miljoen) plus halffabrikaten voor computers (589 miljoen), verlichting (217 miljoen) en transformatoren (299 miljoen).

Er moet bij worden aangetekend dat er op dit moment een grote afhankelijkheid bestaat voor China van Nederland. ASML, dat lithografiemachines levert voor de productie van computerchips, mag niet alle typen machines meer leveren. De meest geavanceerde – de Extreme Ultraviolet machines – nodig voor de productie van nanochips, mogen al niet meer naar China worden uitgevoerd. Met name de VS wil dat Nederland ook stopt met de levering van Deep Ultraviolet machines aan China.