Drie op de vier Nederlandse werknemers gebruiken WhatsApp voor werkgerelateerde communicatie (74 procent). Hiermee staat Nederland bovenaan in Europa en de Verenigde Staten met zakelijk WhatsApp-gebruik. Dat blijkt uit internationaal onderzoek van workforce management platform Quinyx.

Werknemers die WhatsApp op hun persoonlijke smartphone gebruiken, ervaren vaak vervaagde grenzen tussen werk en privé. “Dat betekent dat zij ook buiten werktijd meldingen krijgen van werkgerelateerde berichten. De verwachting om snel te reageren en het onvermogen om los te koppelen, verhoogt het risico op stress en een burn-out”, vertelt Ned Gammell, Vice President of Frontline Portal bij Quinyx.

WhatsApp als belangrijkste communicatietool voor werk.

Er zijn ook risico’s voor gegevensbeveiliging, blijkt volgens Quinyx uit het onderzoek. “Hoewel WhatsApp end-to-end encryptie biedt, is het communicatieplatform niet ontworpen voor zakelijk gebruik. Hierdoor worden organisaties blootgesteld aan beveiligingslekken, datalekken en ongeautoriseerde toegang tot gevoelige informatie. Bedrijfsgegevens, klantgegevens en zelfs persoonlijke gegevens van werknemers kunnen gevaar lopen wanneer deze via dergelijke informele kanalen worden gedeeld.”

Het jaarlijkse onderzoek genaamd “State of the Frontline Workforce” wordt uitgevoerd door onderzoeksbureau Pollfish in opdracht van Quinyx.

Quinyx biedt AI-ondersteunde software voor personeelsbeheer en is gevestigd in Nederland, Duitsland, Noorwegen, Finland, Denemarken, Zweden, Verenigd Koninkrijk, Verenigde Staten en Australië.

Vertiv, wereldwijd leverancier van kritieke digitale infrastructuur en continuïteitsoplossingen, voegt vandaag nieuwe modellen met hoge capaciteit toe aan zijn Vertiv Liebert AFC-reeks van chillers met een inverter-schroefcompressor en koelmiddel met een laag global warming potential (GWP).

De nieuwe modellen zijn verkrijgbaar in de EMEA-regio en bieden een koelvermogen tot 2,2 MW in één bezhuizing. Dit zorgt voor een kleinere CO2-voetafdruk. Er hoeven bovendien minder units te worden geïnstalleerd om het vereiste koelvermogen te verkrijgen. Exploitanten van datacenters zijn daarnaast minder tijd en kosten kwijt aan installatie en onderhoud.

De nieuwe modellen uit de Liebert AFC-reeks zijn outdoor chillers met vrije koeling en een hoge dichtheid. Ze bieden het hoogste koelvermogen van alle chillers in één fysieke behuizing. Deze toekomstbestendige chillers maken een hybride aanpak mogelijk voor datacenters die gebruikmaken van toepassingen op basis van vloeistofkoeling voor AI en high performance computing (HPC). Ze voldoen daarnaast aan de huidige eisen van de EU-regelgeving. De chillers vormen een kerncomponent van de integrale oplossing van Vertiv om de implementatie en het beheer van datacenters te vereenvuodigen. Door de Liebert AFC-chillers te combineren met koelwateroplossingen kunnen exploitanten van datacenters efficiënt voorzien in de koelbehoeften van colocatie- en cloud-datacenteromgevingen. Denk hierbij aan oplossingen als:

  • Het Vertiv Liebert PCW perimeter luchtbehandelingssysteem.
  • De vloeistofkoelingdistributie-unit Vertiv Liebert XDU.
  • Het Vertiv Liebert CWA thermisch wandsysteem.
  • Het slimme beheersysteem voor koelwateroplossingen Vertiv Liebert iCOM CWM.

“De vraag naar AI- en HPC-toepassingen neemt toe”, zegt George Hannah, senior global director Chilled Water Systems bij Vertiv. “Steeds meer organisaties hebben daardoor behoefte aan oplossingen die een hoger koelvermogen combineren met een compacte voetafdruk. Onze nieuwe Liebert AFC-chillers met een laag GWP bieden een koelvermogen tot 2,2 MW. Hun fysieke ontwerp zorgt voor een forse vermindering van de tijd, kosten en complexiteit die gepaard gaan met de implementatie van deze units. Deze oplossing onderschrijft ons streven om op verantwoorde wijze om te gaan met het milieu en voldoet aan de actuele eisen van de wet- en regelgeving. Dit sluit aan op onze doelstelling om onze toonaangevende expertise in toepassingen voor lucht- en vloeistofkoeling verder uit te breiden.”

De Vertiv Liebert AFC biedt een jaarlijks energieverbruik dat tot twintig procent lager is ten opzichte van oplossingen met vaste schroef. De door een inverter aangestuurde compressor verbruikt minder energie, met name de stroom die tijdens piekperioden nodig is. Hierdoor is er meer stroom beschikbaar voor de IT-apparatuur. De innovatieve regelalgoritmen zorgen voor grip op de temperatuur van de vloeistof die aan de indoor units wordt geleverd, zodat de continuïteit en betrouwbaarheid van de koeling geoptimaliseerd worden. De unit is ontwikkeld voor het gebruik van het milieuvriendelijkere koelmiddel R1234ze HFO. Dit stelt eigenaars van datacenters in staat om te voldoen aan de EU F-gassenverordening 2024/573, waardoor hun klanten hun urgente duurzaamheidsdoelen kunnen realiseren.

Getac kondigde vandaag de lancering aan van zijn Essentials Suite: een breed aanbod van krachtige softwareoplossingen, speciaal ontworpen om bedrijven te helpen uitdagende operationele situaties op te lossen en de efficiëntie van remote personeel in verschillende sectoren te verbeteren.

Bedrijven worden voortdurend geconfronteerd met tal van complexe uitdagingen rond het succesvol implementeren en beheren van hun robuuste apparaten. Belangrijke taken zoals de invoer en configuratie van nieuwe apparaten, het op afstand installeren van firmware-updates en het ophalen van systeemlogboeken zijn essentieel voor het behoud van operationele efficiëntie en het voorkomen van onvoorziene uitvaltijd. Zonder de juiste tools is het echter bijzonder moeilijk om deze taken doeltreffend uit te voeren, vooral voor personeel dat verspreid is over grote geografische gebieden.

De Getac Essentials Suite is ontworpen om dit soort situaties te beheren. Het bestaat uit drie kernelementen: Essential Control, Essential Apps en Essential Utilities, met elk hun eigen evolutieve, sectorspecifieke tools, die gebruikers helpen bij toepassing, beheer en onderhoud tijdens elke levensfase van hun robuuste apparaten.

Essential Control – Schept orde in complexiteit

Essential Control is gemaakt om te voldoen aan specifieke eisen van IT-managers en bevat een reeks innovatieve softwareoplossingen waarmee gebruikers gelijktijdig grote aantallen robuuste apparaten kunnen beheren.

Monitoring: maakt het mogelijk om alle geïmplementeerde Getac-apparaten te monitoren via een centraal, cloud-gebaseerd dashboard, waardoor potentiële problemen kunnen worden opgespoord, nog voordat ze remote personeel kunnen bereiken.
Management: laat gebruikers Getac Android-apparaten over-the-air implementeren, configureren en beheren, wat het risico op dure beveiligingsinbreuken en onvoorziene uitvaltijd beperkt.
OEMConfig: biedt toegang tot persoonlijke instellingen voor Getac Android-apparaten die worden beheerd via EMM- en/of MDM-platforms, voor een gestroomlijnde implementatie vanaf één locatie.

Essential Apps – Geoptimaliseerde productiviteit en veiligheid van personeel

Essential Apps bevat de meest innovatieve en gebruiksvriendelijke softwareoplossingen van Getac, ontworpen om dagelijkse taken te optimaliseren, productiviteit te verbeteren en veiligheid van personeel te vergroten. Deze oplossingen bestaan uit KeyWedge, dat remote personeel een intuïtieve software-gebaseerde oplossing biedt voor het scannen van barcodes; Driving Safety, dat voertuigpersoneel beschermt tegen afleiding dankzij schermblokkeringstechnologie, en Virtual-GPS, dat GPS-gegevens doorschakelt naar verschillende virtuele COM-poorten, waardoor de compatibiliteit van oudere toepassingen aanzienlijk wordt uitgebreid.

Essential Utilities – Meer gebruiksgemak en functionaliteit

Essential Utilities is een verzameling van geavanceerde toepassingen die het gebruiksgemak, de functionaliteit en de productiviteit van Getac-apparaten verbeteren. Het combineert bekende Getac-apps zoals G-Utility, G-Camera en Barcode Manager, met drie nieuwe softwareoplossingen: SmartUpdate, Diagnostic en Log Tool, gemaakt om het beheer van Getac-apparaten te stroomlijnen.

“Bedrijven in robuuste sectoren worden geconfronteerd met tal van uitdagingen voor de juiste inzet en efficiënt beheer van hun apparaten,” zegt James Hwang, CEO van Getac Technology Corporation. “De Getac Essentials Suite maakt dit eenvoudiger, door krachtige softwareoplossingen en apps te combineren in een uitgebreid softwarepakket. Hiermee worden bedrijven in staat gesteld om te blijven navigeren in een snel ontwikkelend digitaal landschap en om hun personeel de juiste tools bieden, waarmee het werk efficiënt uitgevoerd kan worden.”

Getac Essentials Suite is vanaf nu beschikbaar.

Anne Nillesen is vanaf vandaag de nieuwe Sales Director bij Copaco. In deze nieuwe functie is zij verantwoordelijk voor het leiden van de salesteams, het ontwikkelen van strategische plannen en het stimuleren van de groei van Copaco.

Nillesen is afkomstig van Dustin (en de voorgangers CentralPoint en Scholten Awater) waar ze diverse salesfuncties vervulde. De afgelopen jaren heeft Copaco naar eigen zeggen een constante groei doorgemaakt. Met de toevoeging van Nillesen aan het managementteam wil de organisatie verder bouwen aan de ontwikkeling van de strategie en groei.

De AI-volwassenheid van organisaties in Europa neemt aanzienlijk toe. Dat schrijft Digital Realty in het rapport “The State of Data and AI in Europe” rapport, onderdeel van de onlangs gelanceerde 2024 Global Data Insights Survey.

Het onderzoek, uitgevoerd onder ruim 2.000 IT-leiders in Europa, toont een aanzienlijke toename in AI-volwassenheid binnen grote organisaties. Een grote meerderheid van de bedrijven in Europa (85%) implementeert AI-strategieën, en 42 procent (39% in Nederland) behaalt hier al financiële voordelen mee.

Ondanks deze vooruitgang belicht het onderzoek volgens de onderzoekers ook een belangrijke kloof: de inspanningen om financieel voordeel te behalen uit AI(-strategieën) leiden nog niet tot fundamenteel bedrijfssucces. Slechts 27 procent van de respondenten in Europa (23% in Nederland) beschouwt het huidige AI-gebruik van de organisatie als baanbrekend voor de organisatie. Dit benadrukt de noodzaak voor meer investeringen in digitale infrastructuur om het volledige potentieel van AI te benutten.

Bewustzijn

Steeds meer bedrijven in Europa zijn zich echter wel bewust van het belang van een duidelijke datastrategie. Zo vindt twee derde (65%) van de respondenten in Europa datastrategieën essentieel voor het effectief beheren en benutten van data en AI-initiatieven succesvol uit te voeren. Toch zijn er aanzienlijke uitdagingen op dit gebied.

Veel bedrijven hebben nog niet de digitale infrastructuur die nodig is voor succesvol datamanagement en AI-gebruik, zegt Digital Realty. “De belangrijkste uitdaging is dataopslag: 57 procent van de bedrijven in Europa (69% in Nederland) geeft aan over onvoldoende opslagcapaciteit te beschikken om hun datastrategieën succesvol uit te voeren. Daarnaast erkent 57 procent dat hun IT-infrastructuur strategisch gepositioneerd moet zijn voor de effectieve implementatie van een datastrategie. Het fenomeen ‘Data Gravity’, waarbij data zich ophoopt in specifieke delen van de infrastructuur, verergert deze problemen. Hierdoor is de data moeilijker te verplaatsen door onder meer beperkte netwerkbandbreedte, applicatie-afhankelijkheid en prestatieproblemen.”

Uitdagingen in Nederland

Volgens de onderzoekers ondervinden ook bedrijven in Nederland aanzienlijke uitdagingen bij het verkrijgen van inzichten uit data. Bijna de helft van de Nederlandse respondenten (49%) geeft aan dat het gebrek aan interne kennis het grootste obstakel is om technische capaciteit op te bouwen en data te analyseren. De tweede grote belemmering is het ontbreken van een duidelijke vraag of opdracht van het management (47%), gevolgd door de uitdaging om data uit verschillende silo’s en afdelingen samen te voegen (44%).

Bijna driekwart van de respondenten in Europa (72%) deelt de mening dat het prioriteren van de datalocatie van groot belang is voor het aanpakken van uitdagingen met betrekking tot opslag, verwerking, interconnectie, compliance en geschiktheid van infrastructuur.

Tekort aan rekenkracht

Een tekort aan rekenkracht is ook een groeiende zorg, zegt het rapport. “Meer dan de helft (53%) van de bedrijven in Europa (59% in Nederland) beschikt niet over de benodigde rekenkracht om AI-processen uit te voeren waar nodig. Organisatie-gerelateerde obstakels, zoals onvoldoende kennis op managementniveau of onvoldoende ondersteuning voor AI-strategieën op basis van data, vormen een verdere belemmering voor vooruitgang.”

Bedrijfs- en IT-leiders passen budgetten aan om de groeiende datahoeveelheid te beheren en de concurrentievoordelen van AI te benutten. Toch maakt slechts 14 procent (5% van de Nederlandse respondenten) momenteel gebruik van AI om een concurrentievoordeel te creëren. Dit toont aan dat bedrijven dringend hun datastrategieën moeten herzien om significante waarde uit AI-investeringen te behalen.

Een op de vijf de Nederlandse werkenden met apparatuur van de zaak is hierop wel eens informatie van diens voorganger tegengekomen. Dit blijkt uit onderzoek van IT-bedrijf Aces Direct ruim duizend werkende Nederlanders, werkzaam in organisaties met 250 tot 1200 medewerkers.

Het gaat onder andere om foto’s, mails en andere gegevens. Over het algemeen is het bij organisaties de regel dat medewerkers hun werkapparatuur aan het einde van hun dienstverband weer inleveren. Deze apparatuur wordt vervolgens doorgegeven aan nieuwe medewerkers. Toch zegt maar liefst vijftien procent dat zij hun smartphone, laptop of tablet van de zaak nooit hebben ingeleverd toen zij uit dienst gingen. Ook blijkt dat niet elke werkgever de uitgegeven apparatuur terug hoeft: een op de vijf (21%) Nederlanders mag na het einde van hun dienstverband hun smartphone, laptop, desktop of tablet van de zaak houden.

Weinig beveiliging

Uit het onderzoek zou ook blijken dat slechts 37 procent van werkend Nederland zegt dat de software binnen hun organisatie goed beveiligd is tegen datalekken. De meeste databeveiliging wordt bij organisaties geregeld met tweestapsverificatie (56%) of via netwerkbeveiliging (39%). Aanzienlijk minder populair zijn het testen met audits door een extern bedrijf (15%) en testen met ethisch hacken (13%). Dit terwijl databeveiliging bij medewerkers juist hoog op de agenda staat. Wanneer zij een laptop van de zaak ontvangen, is voor de helft (48%) goede beveiliging van data het belangrijkste aspect. Ook voor werktelefoons staat dit met 46 procent hoog op het eisenlijstje.

90% van de organisaties in EMEA heeft te maken gehad met beveiligingsincidenten die NIS2-compliance had kunnen voorkomen. Dat zegt Veeam in een onderzoeksrapport. Het onderzoek toont volgens het bedrijf aan dat slechts 43% van de IT-leiders in EMEA gelooft dat NIS2 de cyberbeveiliging in de EU aanzienlijk verbetert.

Alarmerend genoeg heeft 44% meer dan drie beveiligingsincidenten meegemaakt. 65% van deze incidenten is gecategoriseerd als ‘zeer kritiek’. Om NIS2-compliance te bereiken moeten organisaties essentiële maatregelen nemen, zoals het definiëren van incidentresponseplannen, het beveiligen van hun supply chain, het beoordelen van kwetsbaarheden en het evalueren van beveiligingsniveaus.

Respondenten hebben echter te maken met verschillende uitdagingen om NIS2-compliance daadwerkelijk te bereiken, zegt het rapport. Belangrijke uitdagingen zijn technical debt (24%), gebrek aan begrip bij het leiderschap (23%) en onvoldoende budget/investeringen (21%). Opvallend is dat 40% van de respondenten aangeeft dat hun IT-budgetten zijn gedaald sinds NIS2 in januari 2023 werd aangekondigd, ondanks de strenge straffen die op niet-compliance staan. Deze straffen zijn vergelijkbaar met de wet voor dataprotectie: de AVG. 63% van de respondenten beschouwt de AVG als streng, 62% heeft hetzelfde gevoel over NIS2.

Lagere urgentie

Respondenten rangschikken NIS2 lager in urgentie dan andere kwesties, zoals de vaardigheidskloof, winstgevendheid en digitale transformatie. 42% van de respondenten die NIS2 als onbelangrijk beschouwen voor het verbeteren van het cyberbeveiligingsniveau van de EU, schrijft dit toe aan de ontoereikende gevolgen van niet-compliance. 74% van de respondenten ziet NIS2 als nuttig, maar 57% twijfelt aan de substantiële impact ervan op het cyberbeveiligingsniveau van de EU.

Sceptici noemen aanvullende belemmeringen zoals het gebrek aan volledigheid van NIS2 (35%), de overtuiging dat compliance geen garantie biedt voor veiligheid (34%) en overlapping met bestaande regelgeving (25%). Andere uitdagingen zijn een gebrek aan focus op NIS2-compliance (20%), een te strakke tijdlijn (19%), een tekort aan cyberbeveiligingsvaardigheden (19%), de complexiteit van de richtlijn (19%) en organisatorische silo’s (19%). Ondanks tegenstrijdige meningen ervaart de meerderheid van de respondenten NIS2 als positief in de context van de wettelijke verplichtingen van hun organisatie. Ze voelen zich optimistisch (33%), zelfverzekerd (32%) en aangemoedigd (27%).

Het onderzoek werd uitgevoerd door Censuswide, in opdracht van Veeam, tussen 29 augustus en 2 september 2024, en omvat ruim 500 IT-besluitvormers uit België, Frankrijk, Duitsland, Nederland en het VK.

Een derde van de kleine bedrijven onderneemt geen enkele actie om veilig online te zijn. Dat schrijft het Digital Trust Center in het Alert Online trendonderzoek. De aankomende NIS2-richtlijn, die gericht is op een versterking van de digitale en economische weerbaarheid, is nog onbekend bij het merendeel van de medewerkers.

In opdracht van het ministerie van Economische Zaken voerde Ipsos I&O onderzoek uit naar de kennis en beleving van de digitale veiligheid van Nederlanders. Ruim een kwart (27%) van de medewerkers schat hun eigen kennis over online veiligheid in als (zeer) goed. In 2023 lag dit percentage op 21%. IT-verantwoordelijken schatten hun kennis hoger in dan andere medewerkers. Het aandeel IT-verantwoordelijken dat zijn of haar kennis als (zeer) goed beoordeelt, is 53%. Aan de andere kant maken vier op de tien (40%) IT-verantwoordelijken zich zorgen over de eigen online veiligheid op het werk. Voor medewerkers is dit percentage significant lager: 23% zegt zich zorgen te maken.

NIS2-richtlijn nog onbekend

De NIS2-richtlijn voor informatiebeveiliging gaat vanaf komende maand in. Een derde (33%) van de IT-verantwoordelijken heeft wel eens van de NIS2-richtlijn gehoord of is goed op de hoogte. In de sectoren die onder de NIS2-richtlijn vallen, is 45% van de IT-verantwoordelijken bekend met de richtlijn. Medewerkers binnen alle andere typen bedrijven zijn minder goed op de hoogte: 85% heeft nog nooit van NIS2 gehoord. Negen op de tien zijn er niet van op de hoogte dat hun bedrijf (waarschijnlijk) onder de richtlijn gaat vallen.

Inloggen in twee stappen is de meest genomen actie ten behoeve van online veilig gedrag bij bedrijven (medewerkers: 38%). Ook door IT-verantwoordelijken (54%) en medewerkers van grote bedrijven (50%) wordt deze maatregel het vaakst genoemd. Bij drie op de vijf medewerkers maakt de werkgever automatische back-ups van alle bestanden.

Kleine bedrijven ondernemen minder acties. Bovendien onderneemt een derde van deze bedrijven (32%) geen enkele actie ten behoeve van veilig online gedrag. Grote bedrijven ondernemen naar verhouding juist meer acties. Bij bedrijven waar afspraken zijn gemaakt over veilig online gedrag, vinden vier op de vijf medewerkers het gemakkelijk om zich aan die afspraken te houden.

Opvallend is dat kleine bedrijven met minder dan 10 werknemers vaker dan in 2023 aangeven geen maatregelen te nemen ten behoeve van veilig online gedrag. In 2023 nam 19% van de bedrijven geen enkele actie, dat percentage is nu gestegen naar 32%.

Phishing komt het vaakst voor

Zes op de tien (58%) medewerkers ontvingen in de afgelopen twaalf maanden een phishingmail. Onder IT-verantwoordelijken was dit zelfs 72%. Bij beide groepen is dit de vorm van cybercriminaliteit die men het meest meemaakt. Net zoals in 2023 hebben IT-verantwoordelijken vaker te maken met verschillende voorgelegde vormen van cybercriminaliteit dan andere medewerkers. Ruim de helft van de medewerkers zou zich schamen wanneer hij of zij op een phishinglink heeft geklikt, driekwart zou het meteen aan anderen of aan de ICT-afdeling vertellen als hij of zij per ongeluk een virus gedownload heeft.

Elk jaar wordt een onderzoek gedaan naar de kennis, houding en gedrag van verschillende doelgroepen op het gebied van online veiligheid. Het onderzoek bestaat uit een hoofdrapport en deelrapporten over het bedrijfsleven en de overheid. Voor het deelrapport Bedrijfsleven is het onderzoek uitgevoerd onder 738 medewerkers en 417 IT-verantwoordelijken.

Jan Oetjen is met ingang van vandaag aangesteld als nieuwe CEO bij AVM, maker van onder meer FRITZ!-producten. Hij volgt daarmee voormalig CEO en woordvoerder van de Raad van Bestuur Johannes Nill op.

Het nieuwe managementteam bestaat hiermee uit Chief Executive Officer Jan Oetjen, voormalig Chief Technology Officer en medeoprichter Peter Faxel en Jan-Christian Werner als Chief Financial Officer. Oetjen is afkomstig van 1&1 Mail & Media Applications SE waar hij eveneens CEO was. Verder was Oetjen daarvoor onder meer verantwoordelijk voor het beheer van e-mailproviders Web.de en GMX, en advertentieverkoper United Media.

AVM, opgericht in Berlijn in 1986 door Johannes Nill, Ulrich Müller-Albring en Peter Faxel, is een Europese speler op het gebied van producten voor breedbandverbindingen en het digitale huis. Het bedrijf heeft zich vanaf het begin ingezet op de ontwikkeling van eigen producten. In 2023 realiseerde de in Berlijn gevestigde onderneming met 890 werknemers een omzet van 580 miljoen euro.

Als onderdeel van een geplande generatieswitch is Imker Capital Partners, een Europees familiebedrijf, recent binnengehaald als nieuwe investeerder. De oprichters blijven bij het bedrijf als minderheidsaandeelhouders, terwijl Johannes Nill en Ulrich Müller-Albring toetreden tot de adviesraad.

De Nederlandse Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) heeft Vodafone een boete opgelegd van 160.000 euro.

De provider zou volgens de RDI tussen 2013 en 2019 verkeersgegevens van ‘een groot aantal abonnees’ hebben gebruikt voor een samenwerkingsproject met een niet nader genoemde ‘aanbieder van mobiliteitsinformatie’.  De data werden gebruikt om te kijken hoeveel mensen in een bepaald tijdsbestek in een bepaalde periode aanwezig waren.

Vodafone had deze gegevens niet aan een derde partij mogen verstrekken – ook niet als de data geanonimiseerd worden. De provider heeft hiermee volgens de RDI de Telecommunicatiewet overtreden. De boete valt lager uit dan verwacht omdat de Vodafone niet alle data had doorgegeven en omdat de provider heeft meegewerkt aan het onderzoek.

In maart van dit jaar werd ODIDO eveneens beboet voor een dergelijke overtreding. De provider werkte in 2018 en 2019 samen met het CBS om te zien hoe groepen mensen zich verplaatsen. Hierbij werden eveneens ongeoorloofd verkeersgegevens van klanten gebruikt. Het ging toen om een boete van 175.000 euro.