Panasonic TOUGHBOOK presenteert ELEVATE, een nieuw gestructureerd Europees partnerprogramma voor kanaalpartners. Het programma omvat drie resellerniveaus, dealregistratie met prijsgaranties, een certificeringstraject en prestatiegerichte financiële incentives. Panasonic stelt dat dit de grootste verandering in zijn channel-strategie is in de 30-jarige Europese geschiedenis van het bedrijf.

Panasonic TOUGHBOOK heeft ELEVATE uitgerold, een gelaagd partnerprogramma voor Europese kanaalpartners in de rugged mobility-markt. Het programma is opgebouwd rond drie resellerniveaus — Authorised, Expert en Elite — aangevuld met een gecertificeerd ISV-traject en een distributiekader met toegewezen accountmanagementondersteuning.

Dealregistratie en certificering

Centraal in ELEVATE staat een dealregistratiesysteem dat partners volgens Panasonic commerciële voorspelbaarheid geeft in hun dealpijplijnen. Bij het registreren van verkoopkansen ontvangen partners duidelijkheid over prijzen en komen zij in aanmerking voor premiumkortingen.

Voor training introduceert het bedrijf het platform Basecamp, dat drie leerroutes bevat: Rugged Foundations, Winning with TOUGHBOOK en TOUGHBOOK Technical Expertise. Partners die een certificering behalen ontvangen deelbare badges en certificaten. Panasonic geeft aan dat certificering bovendien toegang geeft tot aanvullende voordelen binnen het dealregistratiesysteem.

Elite-niveau en distributiepartners

TOUGHBOOK Elite Resellers kunnen samenwerken met Panasonic op basis van jaarlijkse groeiplannen en kwartaalreviews. Zij komen in aanmerking voor prestatiegebonden groeibonussen gekoppeld aan overeengekomen omzetdoelstellingen, en kunnen deelnemen aan incentiveprogramma’s voor partnerwerving. Geautoriseerde distributeurs opereren binnen een apart distributiekader met ondersteuning van Panasonic-accountmanagementteams.

Bredere investeringen in Europa

De introductie van ELEVATE valt samen met een reeks andere investeringen die Panasonic TOUGHBOOK in Europa doorvoert. Het bedrijf meldt de opening van twee Service- en Solutions Centers in Cardiff en Boedapest, de ontwikkeling van Mobile-IT As-A-Service als levenscyclusoplossing, en de komst van nieuwe rugged devices met AI-functionaliteit op basis van het zogeheten Engineered for Motion-designprincipe.

Damien Fernandez, European Partner and Channel Manager bij Panasonic TOUGHBOOK, stelt dat ELEVATE partners de commerciële structuur en financiële incentives geeft om planmatig te groeien. Volgens Fernandez biedt het programma het partnerecosysteem een betrouwbaar kader voor een channel-first aanpak, vergelijkbaar met het vertrouwen dat Panasonic bij eindgebruikers in mission-critical omgevingen heeft opgebouwd.

Fellowmind en Responders.NOW kondigen een samenwerking aan waarbij de twee bedrijven de keten van cyberbeveiliging en incidentafhandeling combineren. Fellowmind monitort klantomgevingen en brengt cyberweerbaarheid in kaart; Responders.NOW neemt het over bij een daadwerkelijk incident. Volgens beide partijen kunnen klanten daardoor in een crisis direct schakelen zonder tijd te verliezen aan overdracht en uitzoekwerk.

Fellowmind, Microsoft-partner gevestigd in Amersfoort, en het onafhankelijke incident response-bedrijf Responders.NOW gaan samenwerken op het gebied van cyberbeveiliging. De samenwerking richt zich op de volledige keten: van het monitoren en versterken van cyberweerbaarheid tot begeleiding bij een daadwerkelijk incident.

Rolverdeling tussen de partijen

Fellowmind monitort de IT-omgevingen van klanten continu en brengt de cyberweerbaarheid in kaart op technisch en beleidsmatig niveau. Responders.NOW neemt bij een incident taken over als crisismanagement, forensisch onderzoek en ransomware-onderhandelingen. Omdat Responders.NOW via Fellowmind al bekend is met de betreffende IT-omgeving, stellen beide bedrijven dat directe inzet mogelijk is zonder tijdverlies door overdracht.

Proactieve inzet van incident response-kennis

De samenwerking beperkt zich volgens de partijen niet tot reactieve ondersteuning. De expertise van Responders.NOW wordt ook aan de voorkant ingezet: samen helpen ze organisaties bij het opstellen en simuleren van incident response-plannen, zodat bij een incident duidelijk is welke stappen gezet moeten worden.

Martien Merks, CEO van Fellowmind Nederland, geeft aan dat organisaties de impact van een cyberincident regelmatig onderschatten. Merks stelt dat de samenwerking klanten toegang geeft tot een onafhankelijke specialist die direct beschikbaar is zodra een incident zich voordoet.

Floris de Koning, Incident Responder bij Responders.NOW, meldt dat cybersecurity door toenemende incidentaantallen en nieuwe wet- en regelgeving hoger op de agenda staat bij organisaties. De Koning geeft aan dat de toegevoegde waarde van de samenwerking zit in de complementaire rolverdeling: doordat Fellowmind de klantomgevingen kent, kan Responders.NOW bij een incident meteen doorpakken.

AI-agents die autonoom acties uitvoeren in bedrijfsapplicaties brengen beveiligingsrisico’s met zich mee die vergelijkbaar zijn met die van een insider threat. Orange Cyberdefense identificeert vier specifieke risico’s en stelt dat de inzet van deze systemen in de praktijk te vaak ad hoc gebeurt. Bestaande beveiligingsprincipes als least privilege en zero trust zijn volgens het bedrijf toereikend, maar worden bij AI-agents onvoldoende consequent toegepast.

AI-agents onderscheiden zich van andere AI-systemen doordat ze zelfstandig acties uitvoeren in bedrijfsapplicaties, zoals data ophalen, combineren en taken afhandelen. Volgens Orange Cyberdefense loopt de beveiliging van deze systemen structureel achter op de snelheid waarmee organisaties ze implementeren.

Vier risico’s

Het bedrijf beschrijft vier categorieën van risico. Ten eerste hebben AI-agents vaak toegang tot meer informatie dan nodig is voor de taak die ze uitvoeren. Waar een medewerker nog een afweging maakt over wat hij deelt, ontbreekt bij een agent dat beoordelingsvermogen.

Ten tweede handelen agents op basis van de input die ze ontvangen, zoals e-mails, documenten en queries, zonder die input kritisch te beoordelen. Bij onvolledige of kwaadaardige invoer kan een agent extra data ophalen, veiligheidsprotocollen omzeilen of informatie op de verkeerde plek publiceren.

Een derde risico is dat fouten in een vroege stap van een geautomatiseerde keten ongemerkt doorwerken in latere acties. Doordat agents op een snelheid opereren die menselijke controle bemoeilijkt, kan een kleine fout uitgroeien tot een groter incident voordat iemand ingrijpt.

Tot slot stelt Orange Cyberdefense dat de beslissingslogica van AI-agents moeilijker te reconstrueren is dan die van menselijke medewerkers. Daardoor zijn incidenten lastiger te onderzoeken en is het moeilijker vast te stellen waar het misging.

Consequentere toepassing van bestaande principes

Matthijs van der Wel-ter Weel, Strategic Advisor bij Orange Cyberdefense, geeft aan dat de inzet van AI-agents geen volledig nieuwe beveiligingsaanpak vereist. Bestaande principes als least privilege, zero trust, logging en monitoring zijn volgens hem toereikend, maar moeten wel consequenter worden toegepast dan nu vaak het geval is.

Van der Wel-ter Weel wijst erop dat organisaties bij medewerkers en traditionele systemen doorgaans al duidelijke kaders hanteren, maar dat de inzet van AI-agents in de praktijk te vaak ad hoc plaatsvindt. Hij noemt drie concrete aandachtspunten.

Eerste punt: elke AI-agent verdient een duidelijke identiteit, rol en afbakening. Organisaties moeten vastleggen welke taak een agent heeft, welke data daarvoor nodig zijn en binnen welke grenzen de agent mag handelen. Zonder die afbakening ontstaat het risico dat een agent meer toegang of handelingsruimte krijgt dan de taak vereist.

Tweede punt: beslissingen van AI-agents moeten herleidbaar zijn. Traditionele logging legt vast wát een systeem heeft gedaan, maar niet waaróm een agent tot een bepaalde actie of beslissing kwam. Om incidenten te kunnen onderzoeken en verantwoordelijkheid te kunnen vaststellen, is inzicht nodig in de input, bronnen en context die een rol speelden.

Derde punt: voor acties met grote impact op de operatie, financiën of compliance is realtime controle en menselijke tussenkomst noodzakelijk. Denk aan het delen van gevoelige informatie, het aanpassen van rechten of het starten van externe communicatie. Van der Wel-ter Weel stelt dat de vraag niet alleen is of een agent toegang heeft, maar ook of een actie op dat moment verantwoord is.

AI-agent-sprawl als risico

Orange Cyberdefense waarschuwt voor wat het omschrijft als AI-agent-sprawl: een wildgroei aan agents zonder centraal overzicht, duidelijke grenzen of eigenaarschap. Van der Wel-ter Weel roept organisaties op nu beleid te ontwikkelen voor de inzet van AI-agents, inclusief governance, training, bewustwording en een centraal register van toepassingen, verantwoordelijkheden en risico’s. Dat beleid raakt volgens hem niet alleen aan techniek, maar ook aan ethiek, compliance en leiderschap.

Infoblox heeft de overname van Axur afgerond, een aanbieder van AI-gestuurde detectie van externe dreigingen en digital risk protection. De combinatie koppelt DNS-gebaseerde beveiliging aan dreigingsdetectie buiten de traditionele netwerkgrenzen, waaronder sociale media, app-stores en het dark web. Infoblox kondigt tegelijk Digital Risk Protection Services aan en legt hiermee de basis voor een breder Exposure Management-platform.

Met de afronding van de overname integreert Infoblox de capaciteiten van Axur in zijn eigen beveiligingsportfolio. Axur is actief in het detecteren van dreigingen op het externe aanvalsoppervlak: phishing, merkmisbruik, directie-imitatie en gelekte inloggegevens, verspreid over het web, sociale platforms, mobiele apps en het dark web.

Digital risk protection als nieuwe dienst

Infoblox kondigt Digital Risk Protection Services (DRPS) aan. Volgens het bedrijf scant de dienst dagelijks meer dan 40 miljoen URL’s met behulp van multimodale AI om dreigingen te detecteren en te valideren. Daarna bevestigt het systeem daadwerkelijk misbruik en automatiseert het het offline halen van aanvallersinfrastructuur.

DRPS-bevindingen worden rechtstreeks gekoppeld aan Infoblox Threat Defense, zodat kwaadaardige bestemmingen geblokkeerd kunnen worden terwijl takedowns nog lopen. Infoblox stelt dat hierbij ook wordt vastgesteld welke interne systemen contact maken met deze bestemmingen, en dat het bijbehorende risico binnen enkele minuten na detectie herleid kan worden naar de organisatie.

Stap naar continuous threat exposure management

Infoblox positioneert DRPS als de eerste bouwsteen van een breder Exposure Management-platform. Het bedrijf geeft aan dit platform de komende maanden stapsgewijs uit te breiden, met als doel een continue aanpak te bieden voor het verminderen van risico’s over het volledige aanvalsoppervlak van een organisatie.

President en CEO Scott Harrell stelt dat de combinatie van Axurs detectie- en takedown-capaciteiten met de DNS-gebaseerde aanpak van Infoblox de beveiliging uitbreidt voorbij de traditionele netwerkgrenzen.

Verrijking van threat intelligence

De overname versterkt ook Infoblox Threat Intel. Waar Infoblox zich richtte op DNS als middel om dreigingen te detecteren en te verstoren, was Axur gericht op het ontstaan van dreigingen in het bredere digitale ecosysteem. Renée Burton, vice president threat intelligence bij Infoblox, geeft aan dat de gecombineerde databronnen externe signalen koppelen aan inzicht op DNS-niveau, wat klanten meer context biedt bij het reageren op dreigingen.

Fabio Ramos, CEO van Axur, meldt dat de aansluiting bij Infoblox de mogelijkheid biedt om externe threat intelligence te combineren met diepgaand netwerkinzicht en de activiteiten wereldwijd op te schalen.

Infoblox geeft aan de integratie van Axurs mogelijkheden stapsgewijs door te voeren. Verdere details worden gedeeld naarmate de integratie vordert.

Microsoft heeft een patch uitgebracht voor een kwetsbaarheid in de Windows Shell die al actief wordt misbruikt. Het lek stelt aanvallers in staat om via een spoofing-aanval toegang te krijgen tot afgeschermde informatie. Gebruikers worden aangespoord om hun systemen direct bij te werken via Windows Update.

De kwetsbaarheid, geregistreerd als CVE-2026-32202, is door Microsoft geclassificeerd als ‘Belangrijk’. Het lek was op het moment van publicatie al publiekelijk bekend en er is misbruik in de praktijk vastgesteld.

Hoe de aanval werkt

Het probleem zit in het falen van een beschermingsmechanisme (CWE-693) binnen de Windows Shell, het onderdeel dat de interface van het besturingssysteem beheert. De aanval verloopt via het netwerk en kent een lage complexiteit, maar vereist wel interactie van de gebruiker. Het slachtoffer moet een kwaadaardig bestand ontvangen en dit handmatig uitvoeren.

Zodra dat gebeurt, kan een aanvaller informatie inzien die normaal afgeschermd is. De CVSS-score bedraagt 4.3. Dat betekent dat de impact beperkt blijft tot vertrouwelijkheid: een aanvaller kan meekijken, maar gegevens aanpassen of de toegang tot het systeem blokkeren is via dit lek niet mogelijk.

Ontdekking via coordinated disclosure

De kwetsbaarheid werd ontdekt in samenwerking met beveiligingsonderzoekers van Akamai. Microsoft meldt dat het lek via een zogeheten coordinated vulnerability disclosure werd gemeld, waarbij onderzoekers kwetsbaarheden eerst privé rapporteren zodat er een oplossing beschikbaar is voordat er op grote schaal misbruik van wordt gemaakt.

Patch beschikbaar via Windows Update

Microsoft heeft inmiddels een officiële fix uitgebracht. De patch herstelt het falende beschermingsmechanisme en voorkomt dat kwaadaardige bestanden de Windows Shell kunnen manipuleren voor spoofing-doeleinden. Systemen bijwerken via Windows Update is de aangewezen stap.

Cisco heeft de overname van het Israëlische cybersecuritybedrijf Astrix Security afgerond. De transactie bedraagt ongeveer 400 miljoen dollar. Astrix richt zich op de beveiliging van niet-menselijke identiteiten zoals AI-agenten, geautomatiseerde processen en API-sleutels, een segment dat door de opkomst van AI snel aan belang wint.

Astrix Security werd in 2021 opgericht door Alon Jackson en Idan Gour, beiden veteranen van de Israëlische militaire inlichtingeneenheid 8200. Het bedrijf ontwikkelde technologie voor het beveiligen van software-agenten, geautomatiseerde processen en API-sleutels. Waar traditionele identiteitsbeveiliging zich richt op menselijke gebruikers, opereren deze niet-menselijke identiteiten vaak buiten het zicht van IT-afdelingen, terwijl ze wel over verregaande toegangsrechten beschikken.

Groeiend aanvalsoppervlak

Bedrijven integreren AI-agenten in hoog tempo in hun dagelijkse operaties. Deze agenten krijgen vaak brede machtigingen om te communiceren met interne systemen en externe diensten. Volgens CTECH is slechts een kwart van de organisaties momenteel in staat effectieve monitoring toe te passen op de activiteiten van dergelijke autonome systemen, wat een aanvalsoppervlak creëert dat met reguliere tools voor identiteitsbeheer lastig te controleren is.

Integratie in Cisco-portfolio

Cisco is van plan de technologie van Astrix te integreren in het eigen beveiligingsportfolio. De mogelijkheden van de startup worden toegevoegd aan Cisco Identity Intelligence en Zero Trust-applicaties zoals Duo en Secure Access. Het bedrijf stelt dat de combinatie van zijn zichtbaarheid op netwerkniveau met de gespecialiseerde kennis van Astrix het mogelijk maakt om niet alleen de identiteit van een agent vast te stellen, maar ook afwijkend gedrag in realtime te detecteren. Deze data worden vervolgens doorgezet naar systemen zoals Splunk voor incidentrespons.

Cisco geeft aan hiermee de volledige levenscyclus van een AI-agent te willen beheren, van eerste autorisatie tot het intrekken van toegangsrechten. Het bedrijf verwacht dat dit voorkomt dat overmatige privileges leiden tot datalekken of aanvallen op de toeleveringsketen.

Financiële achtergrond

Astrix had voor de overname in totaal 85 miljoen dollar aan durfkapitaal opgehaald, waaronder een ronde van 45 miljoen dollar in december 2024. Onder de investeerders bevonden zich Menlo Ventures en Anthropic.

Esprit ICT benoemt Maarten de Roos tot nieuwe CEO. Hij treedt op 1 juni 2026 aan en volgt daarmee Tom Tank op, die het bedrijf de afgelopen twaalf jaar leidde. De Roos richt zich volgens Esprit ICT op internationale expansie en verdere ontwikkeling van digitale zorgoplossingen.

Esprit ICT, een Nederlandse aanbieder van digitale werkplekoplossingen en alarmeringsoplossingen voor de zorgsector, kondigt aan dat Maarten de Roos per 1 juni 2026 aantreedt als CEO. Hij volgt Tom Tank op, die twaalf jaar aan het hoofd stond van het bedrijf.

Achtergrond van de nieuwe CEO

De Roos bekleedde de afgelopen tien jaar meerdere CEO-functies, waaronder bij Circular IT Group en BauWatch Group. Esprit ICT geeft aan dat zijn achtergrond ligt in het bouwen en transformeren van organisaties.

Volgens het bedrijf komt de nadruk onder zijn leiding te liggen op internationale groei en de verdere uitbouw van het aanbod in digitale zorgoplossingen. In de komende weken werken De Roos en Tank samen aan de overdracht.

Vertrek van Tom Tank

Tank leidde Esprit ICT door een periode van groei en consolidatie. Hij geeft aan het leiderschap over te dragen met vertrouwen in de koers die het bedrijf onder De Roos zal volgen. De Roos stelt dat hij kansen ziet om de bestaande positie van het bedrijf verder uit te bouwen en internationaal te versnellen.

Distributeur Hammer houdt in mei twee Tech Talks in België, bedoeld voor MSP’s en integrators. De bijeenkomsten zijn opgezet als ‘lunch and learn’: een combinatie van locatiebezoek, presentaties en netwerken.

Op 22 mei is de locatie Datacenter United in Machelen. Deelnemers krijgen een rondleiding door het datacenter, gevolgd door sessies van Nvidia, Hammer zelf (met de nieuwe Ai.works-community), OT-beveiligingsspecialist Defend-OT en IT-recycler Out of Use.

Op 27 mei verhuist het evenement naar het magazijn van Out of Use in Beringen. Het programma is vergelijkbaar, maar Nvidia maakt plaats voor Supermicro.

Beide dagen starten om 10:30 uur en sluiten af met een netwerkmoment. De Tech Talks zijn ook toegankelijk voor MSP’s en integrators uit Nederland.

Eerder dit jaar organiseerde Hammer een vergelijkbare editie in Luxemburg. Het bedrijf wil de reeks een terugkerend karakter geven voor zijn partnerkanaal.

Meer informatie en aanmelden via de website van Hammer Distribution.

Microsoft trekt een reeks oudere Azure Virtual Machine-series gefaseerd uit de ondersteuning. De uiterste pensioendatum voor de meeste series ligt op 31 mei 2027, maar de verkoop van nieuwe Reserved Instances stopte al op 2 april 2026. Beheerders die niet tijdig migreren, riskeren hogere kosten en capaciteitsproblemen.

Microsoft heeft een migratiegids gepubliceerd voor organisaties die nog gebruikmaken van verouderde Azure VM-series. Meerdere generaties, van general purpose tot HPC- en GPU-workloads, worden uitgefaseerd. De aanbevolen vervangers zijn de v5- en v6-generaties, die gebruikmaken van NVMe-schijfcontrollers en snellere netwerkadapters (MANA). Volgens Microsoft levert dit een betere prijs-prestatieverhouding op.

Welke series verdwijnen

Voor general purpose workloads worden gebruikers van de Dv2/Dsv2- en Ev3-series doorverwezen naar de nieuwste v5- en v6-varianten. Microsoft geeft aan dat de v6-serie een modern besturingssysteem vereist met ondersteuning voor NVMe en Generatie 2 VM’s.

Voor HPC-workloads geldt de HBv2-serie als vervallen per 31 mei 2027. Microsoft wijst hiervoor naar de HBv3 tot en met HBv5 als opvolgers. Het bedrijf stelt dat validatie van MPI-workloads noodzakelijk is vanwege de overgang naar nieuwe AMD EPYC-processors en InfiniBand-technologie.

Gebruikers van de FPGA-gebaseerde NP-series staan voor een omvangrijkere migratie. Microsoft geeft aan dat zij moeten overstappen naar GPU-gebaseerde VM’s zoals de NDv2 of NCads_H100_v5. Dit vereist het herschrijven of aanpassen van applicaties van Xilinx/FPGA-frameworks naar CUDA (NVIDIA).

Financiële gevolgen van uitfasering

De uitfasering heeft directe gevolgen voor bestaande Reserved Instances. De verkoop van nieuwe Reserved Instances voor de verouderde series stopt op 2 april 2026. Bestaande reserveringen blijven geldig tot het einde van hun looptijd, maar zijn na 1 juli 2026 niet meer verlengbaar voor de meeste uitgefaseerde series.

Loopt een reservering af zonder dat er is gemigreerd, dan vallen de kosten terug naar het pay-as-you-go-tarief. Microsoft adviseert klanten hun reserveringen tijdig om te wisselen voor nieuwere series of over te stappen op een Azure Savings Plan.

Stappenplan voor beheerders

Microsoft beschrijft een stappenplan om verstoringen te beperken. Eerst een workload-analyse om te bepalen welke nieuwe VM-grootte past bij de huidige CPU- en geheugenbehoefte. Vervolgens het controleren van beschikbaar quotum in het Azure Portal voor de v6-series in de gewenste regio. De feitelijke migratie bestaat uit het stopzetten (deallocate) van de huidige VM, het wijzigen van de grootte naar de nieuwe serie en het opnieuw opstarten.

Microsoft raadt beheerders aan niet te wachten tot de definitieve pensioendatum van 31 mei 2027, om capaciteitsproblemen en onverwachte kostenstijgingen te voorkomen.

Zyxel Networks brengt een nieuwe GenAI Protection-oplossing uit die is gericht op het monitoren en beheren van generatieve AI-gebruik binnen organisaties. De oplossing combineert uitgebreide firewallmogelijkheden met het AnyInsight.ai-platform, ontwikkeld door AI-startup Heartbot AI. Zyxel richt zich daarbij specifiek op het MKB en MSP’s.

Zyxel Networks kondigt een nieuwe GenAI Protection-oplossing aan voor het MKB en MSP’s. De oplossing combineert uitgebreide functies in de USG FLEX H-serie firewalls met een samenwerking met Heartbot AI, de ontwikkelaar van het cloud-native AI-platform AnyInsight.ai.

Volgens Zyxel groeide de behoefte aan dergelijke oplossingen doordat het gebruik van generatieve AI op de werkplek snel toeneemt. Het bedrijf verwijst naar onderzoek waaruit blijkt dat 44% van de werknemers AI gebruikt op manieren die in strijd zijn met het bedrijfsbeleid. Zyxel geeft aan dat dit risico’s meebrengt op het vlak van datalekken, beveiligingsincidenten en compliance-schendingen.

Firewallcontroles voor generatieve AI

De USG FLEX H-serie firewalls van Zyxel krijgen uitgebreide mogelijkheden om AI-applicatiegebruik binnen netwerken te beheren. Beheerders kunnen via een speciale applicatiecategorie alle generatieve AI-toepassingen in één keer blokkeren, selectief toegestane diensten toelaten of gebruikers doorsturen naar een goedgekeurd alternatief. Verder stelt de zogenoemde applicatiepatrouille IT-teams in staat om specifieke AI-tools te prioriteren, te vertragen of te blokkeren — verder dan standaard URL-filtering.

Zyxel stelt dat realtime applicatie-inzichten ook het bandbreedtegebruik en verkeerspatronen zichtbaar maken, wat beheerders in staat stelt om ongebruikelijke activiteiten vroegtijdig te signaleren.

AnyInsight.ai als centraal toegangsplatform

Door de samenwerking met Heartbot AI komt AnyInsight.ai beschikbaar als aanvulling op de firewalloplossing. Volgens Zyxel biedt het platform beheerde toegang tot meer dan 20 grote taalmodellen, meer dan 350 AI-agenten en gekoppelde toepassingen via één cloud-native interface.

Toegangsrechten worden bepaald door vooraf gedefinieerde rollen en rechten, stelt Zyxel. Organisaties kunnen daarnaast aanpasbare AI-agenten inzetten die zijn afgestemd op specifieke taken of workflows. Een ingebouwde AI Application Firewall registreert gebruikersactiviteit en datagebruik, en handhaaft beveiligingsregels om te voorkomen dat gevoelige gegevens, workflows of bedrijfskennis worden blootgesteld.

Ken Tsai, president van Zyxel Networks, geeft aan dat de combinatie van zichtbaarheid, controle en bescherming MKB-bedrijven en MSP’s in staat stelt om AI verantwoord in te zetten en tegelijkertijd gegevensverlies te voorkomen.

Beschikbaarheid en prijsstelling

AnyInsight.ai is beschikbaar als zelfstandige gelicentieerde dienst naast de firewalloplossingen van Zyxel, wat flexibiliteit biedt voor organisaties die extra beheermogelijkheden zoeken. Bestaande firewallklanten van Zyxel kunnen tijdelijk gebruikmaken van een korting van 40% op AnyInsight.ai.