Service management leverancier TOPdesk heeft Raymond Hüner aangesteld als Senior Vice President Global Sales. Hij moet de internationale groei versnellen en een wereldwijde salesorganisatie opbouwen. Hüner brengt 25 jaar ervaring mee van bedrijven als IBM, HP en Freshworks.

 


TOPdesk heeft Raymond Hüner benoemd tot Senior Vice President Global Sales om de internationale expansie te leiden. Het Delftse bedrijf wil volgens eigen zeggen doorgroeien van internationale speler naar wereldwijde groeimotor.

Transformatie salesorganisatie

In zijn nieuwe rol wordt Hüner verantwoordelijk voor het opzetten van de wereldwijde go-to-marketstrategie van TOPdesk. Hij moet leiding geven aan de transformatie van de internationale salesorganisatie, die momenteel 150 medewerkers telt. Het bedrijf stelt dat standaardisatie, structuur en samenwerking binnen het team centraal staan in deze aanpak.

Hüner brengt meer dan 25 jaar ervaring mee in internationale sales en het opbouwen van salesteams. Hij werkte eerder bij techbedrijven zoals IBM en HP, en heeft volgens TOPdesk een sterke achtergrond in Software-as-a-Service.

Ervaring bij Freshworks en Pleo

Bij Freshworks was Hüner 3,5 jaar actief als General Manager Europe, waar hij de Europese go-to-marketstrategie vanaf de basis opbouwde. De afgelopen drie jaar werkte hij als Senior Vice President Head of Regions bij fintechbedrijf Pleo, waar hij verantwoordelijk was voor de groei van de Europese organisatie.

Volgens Hüner werkt TOPdesk vanuit een people-first mentaliteit, wat hij belangrijk vindt voor zijn eigen aanpak. Het bedrijf stelt dat als je medewerkers op de eerste plaats zet, dit zich uiteindelijk vertaalt naar betere dienstverlening voor klanten.

Internationale expansie

TOPdesk CEO Wolter Smit geeft aan dat het bedrijf de afgelopen jaren in Europa een stevige basis aan klanten en samenwerkingen heeft opgebouwd. Volgens hem is het nu tijd voor de volgende stap om ook buiten Europa actief te worden in service management.

Het bedrijf beoogt met de aanstelling van Hüner wereldwijd uit te groeien tot een toonaangevende speler in de service management markt. TOPdesk stelt dat een go-to-marketstrategie niet zomaar van het ene land naar het andere gekopieerd kan worden, en dat het vinden van de juiste aanpak per markt cruciaal is.

Google heeft grote updates aangekondigd voor zijn AI-assistent Gemini in Workspace-applicaties. De dienst kan voortaan complete documenten, spreadsheets en presentaties genereren vanuit natuurlijke taalinstructies. IT-dienstverleners krijgen nieuwe mogelijkheden voor contentcreatie en databeheer voor hun klanten.

 


Google heeft uitgebreide AI-functionaliteit toegevoegd aan zijn Workspace-suite, waarbij Gemini nu als ‘creatieve partner’ functioneert in Docs, Sheets, Slides en Drive. Volgens het bedrijf kunnen gebruikers voortaan complete documenten laten genereren door simpelweg te beschrijven wat ze nodig hebben.

Van lege pagina naar compleet document

De nieuwe ‘Help me create’-functie in Google Docs stelt gebruikers volgens Google in staat om documenten te laten genereren op basis van informatie uit Drive, Gmail, Chat en het web. Het systeem zou automatisch bronmateriaal kunnen samenvoegen tot een geformatteerd document met stijlen en smart chips.

Google toont als voorbeeld het genereren van een marketingcampagneplan, waarbij Gemini relevante details uit eerdere succesvolle campagnes zou ophalen en structureren. Daarnaast kan de AI-assistent specifieke secties verfijnen zonder het hele document opnieuw te genereren.

Een nieuwe functie genaamd ‘Match writing style’ analyseert volgens het bedrijf documenten en suggereert bewerkingen om toon en stijl consistent te maken – nuttig bij samenwerkingsdocumenten van meerdere auteurs.

Spreadsheets bouwen met natuurlijke taal

In Google Sheets kunnen gebruikers nu volgens Google complete spreadsheets laten bouwen door in natuurlijke taal te beschrijven wat ze nodig hebben. Het systeem zou data uit bestanden, e-mails en chats kunnen ophalen en structureren in geformatteerde tabellen met grafieken.

Google claimt dat Gemini in Sheets een succespercentage van 70,48% behaalt op de SpreadsheetBench-dataset, wat de prestaties van concurrenten zou overtreffen. De nieuwe ‘Fill with Gemini’-functie kan tabellen automatisch aanvullen met gecategoriseerde data, wat volgens het bedrijf negen keer sneller gaat dan handmatige invoer bij taken van 100 cellen.

Voor complexe optimalisatievraagstukken integreert Google onderzoek van DeepMind en Google Research OR-Tools. Gebruikers kunnen volgens het bedrijf vragen stellen over planning en optimalisatie, zoals personeelsplanning voor maximale winst.

Presentaties en kennisbeheer

In Google Slides genereert Gemini volgens Google automatisch slides met passende lay-outs en messaging die aansluit bij bestaande presentatiestijlen. Het systeem kan brainstormschetsen en tabellen omzetten naar bewerkbare grafieken en diagrammen.

Binnenkort wordt het mogelijk om complete presentaties te laten genereren vanuit een beschrijving, waarbij Gemini Workspace-data zou gebruiken voor on-brand presentaties.

Google Drive krijgt AI Overviews voor semantisch zoeken en ‘Ask Gemini in Drive’ voor gedetailleerde vragen gebaseerd op bestandsinhoud uit Drive, Gmail, Calendar en Chat. Gebruikers kunnen bronnen selecteren en opslaan als herbruikbare projecten met ingebouwde beveiligingscontroles.

Beschikbaarheid en beveiliging

De functies worden uitgerold voor Gemini Alpha-zakelijke klanten en Google AI Pro & Ultra-abonnees, aanvankelijk alleen in het Engels. Google stelt dat alle functionaliteiten dezelfde enterprise-grade databescherming hebben als de rest van Workspace. De Drive-functies komen eerst beschikbaar voor Amerikaanse klanten, met een bredere uitrol in de komende maanden.

 

Medewerkers blijven illegale software installeren op werkdevices, ondanks de hoge risico’s op malware-infecties. Barracuda ontdekte meerdere gevallen waarin gekraakte software werd gedownload via browsers. De illegale programma’s bevatten vaak schadelijke code die kan leiden tot ransomware-aanvallen en diefstal van inloggegevens.

Het Security Operations Center (SOC) van Barracuda heeft recent verschillende pogingen onderschept waarbij gebruikers illegale software probeerden te installeren op hun werkcomputers. Volgens het bedrijf bevatten gekraakte softwareversies regelmatig malware die kan leiden tot ransomware, diefstal van inloggegevens en andere beveiligingsincidenten.

Verdachte bestanden gedetecteerd

Het onderzoeksteam identificeerde drie specifieke bestandstypes die regelmatig voorkwamen: activate.exe, activate.x86.exe en activate.x64.exe. Barracuda stelt dat deze generieke bestandsnamen bewust zijn gekozen om legitiem te lijken en vaak onderdeel zijn van illegale softwarebundels.

De verdachte bestanden werden volgens het bedrijf aangetroffen in voor gebruikers toegankelijke mappen, zoals Downloads. Ze werden vaak direct na browseractiviteit via Chrome of Microsoft Edge gestart, wat duidt op handmatige installatie door gebruikers.

Waarschuwingssignalen

Volgens Barracuda zijn er verschillende indicatoren die wijzen op illegale software-activiteit. Naast de genoemde executable-bestanden wijst het bedrijf op de aanwezigheid van instructiebestanden in softwarepakketten en pogingen om licentiechecks te omzeilen.

Het bedrijf benadrukt dat illegale software niet kan worden gepatcht zoals legitieme versies, waardoor beveiligingslekken blijven bestaan. Alle gedetecteerde gevallen werden volgens Barracuda geneutraliseerd voordat ze zich konden vestigen in de systemen.

Preventieve maatregelen

Barracuda adviseert organisaties om meerdere beveiligingslagen in te voeren. Het bedrijf recommendeert het blokkeren van onbekende uitvoerbare bestanden in real-time en het beperken van lokale adminrechten voor gebruikers.

Verder raadt het bedrijf aan om alleen goedgekeurde software toe te staan op werkdevices en regelmatig te controleren op executables in Downloads- en Temp-mappen. Gebruikersvoorlichting en een acceptable use-beleid moeten volgens Barracuda risicovol gedrag verder terugdringen.

Het bedrijf wijst erop dat medewerkers die gratis, niet-officiële software downloaden een aanzienlijk veiligheidsrisico vormen voor organisaties, omdat ze de toegangspoort kunnen worden voor ernstige beveiligingsincidenten.

Sander Noordijk is per half januari overgestapt van Omnissa naar Liquidware. Hij gaat als Field CTO zijn ervaring in end user computing inzetten voor werkplek modernisatie bij partners en eindklanten.

Liquidware heeft Sander Noordijk aangesteld als Field CTO. Hij begon half januari in zijn nieuwe rol na zijn overstap van Omnissa, waar hij werkzaam was als Senior Partner Solutions Engineer.

In zijn functie bij Liquidware zet Noordijk zijn jarenlange ervaring in end user computing in om partners en eindklanten te begeleiden bij werkplek modernisatie. Het bedrijf richt zich op software voor digitale werkplekbeheer en -optimalisatie.

Achtergrond end user computing

Noordijk brengt uitgebreide kennis mee van moderne werkplekoplossingen. Bij Omnissa, het bedrijf dat ontstond uit de splitsing van VMware’s End User Computing divisie, werkte hij aan partneroplossingen voor virtualisatie en werkplekbeheer.

Liquidware ontwikkelt tools voor werkplekanalyse, applicatiemigratie en gebruikersomgevingsbeheer. Het bedrijf positioneert zich als specialist in het optimaliseren van digitale werkplekken voor organisaties die overstappen naar moderne platforms.

Microsoft introduceert de Microsoft 365 E7 suite, een nieuwe enterprise-aanbieding die Microsoft 365 E5, Copilot en Agent 365 combineert. Het pakket richt zich op AI-gestuurd werk en kost $99 per gebruiker per maand. De suite integreert AI-functionaliteit met beveiliging en productiviteitstools.

Microsoft heeft de Microsoft 365 E7 suite aangekondigd, die het bedrijf positioneert als zijn eerste “Frontier Suite”. Het pakket combineert volgens Microsoft drie bestaande diensten: Microsoft 365 E5, Microsoft 365 Copilot en de nieuwe Agent 365-functionaliteit.

AI-integratie centraal

De E7 suite plaatst AI-functionaliteit centraal in de gebruikerservaring. Microsoft integreert zijn Copilot AI-assistent dieper in de Office-applicaties en voegt nieuwe AI-agents toe via Agent 365. Deze agents moeten volgens het bedrijf repetitieve taken automatiseren en complexe workflows ondersteunen.

Het pakket bevat ook Work IQ-functionaliteit, waarmee Microsoft inzicht wil bieden in productiviteitspatronen en werkstromen binnen organisaties. Deze feature analyseert volgens het bedrijf hoe teams samenwerken en waar AI-ondersteuning het meest effectief kan zijn.

Beveiliging en compliance

Microsoft behoudt alle beveiligingsfeatures uit de E5-licentie in het nieuwe pakket. Dit omvat Advanced Threat Protection, Data Loss Prevention en de compliance-tools die enterprise-klanten verwachten. Het bedrijf stelt dat de AI-functionaliteit werkt binnen dezelfde beveiligingsparameters als bestaande diensten.

De suite ondersteunt volgens Microsoft ook geavanceerde governance-mogelijkheden voor AI-agents, zodat organisaties kunnen bepalen welke processen geautomatiseerd mogen worden en welke menselijke controle vereisen.

Prijsstelling en beschikbaarheid

Microsoft prijst de E7 suite op $99 per gebruiker per maand. Dit is een significante stap omhoog ten opzichte van de huidige E5-licentie, die rond de $57 per gebruiker kost. Het bedrijf rechtvaardigt de prijsverhoging met de toegevoegde AI-functionaliteit en de geïntegreerde agent-mogelijkheden.

De suite wordt gefaseerd uitgerold, beginnend met grote enterprise-klanten. Microsoft heeft nog geen definitieve datum genoemd voor algemene beschikbaarheid, maar verwacht de rollout in de loop van dit jaar te voltooien.

Het bedrijf positioneert E7 als een compleet platform voor organisaties die AI willen integreren in hun dagelijkse werkprocessen, zonder aparte licenties voor verschillende AI-diensten te hoeven aanschaffen.

Russische staatshackers hebben in een gerichte cybercampagne WhatsApp- en Signal-accounts van onder meer Nederlandse overheidsmedewerkers gecompromitteerd. Dat melden de AIVD en MIVD in een gezamenlijk cyberadvies. De aanvallen richten zich op politici, ambtenaren, militairen en journalisten in verschillende landen, waaronder Nederland.

Volgens de inlichtingendiensten maken de aanvallers gebruik van social engineering om toegang te krijgen tot accounts. Daarbij doen zij zich bijvoorbeeld voor als medewerkers van Signal of WhatsApp en sturen zij berichten waarin wordt gewaarschuwd voor een vermeende beveiligingsmelding of datalek. Slachtoffers worden vervolgens gevraagd een verificatiecode te delen of een apparaat te koppelen aan hun account.

Met die code kunnen aanvallers hun eigen apparaat aan het account toevoegen en zo gesprekken meelezen of zich voordoen als het slachtoffer in chats. De diensten benadrukken dat de end-to-end-encryptie van de berichtenapps zelf niet is gekraakt. De aanvallen zijn gericht op het misleiden van gebruikers.

De campagne wordt toegeschreven aan Russische statelijke actoren. Volgens de AIVD en MIVD maakt deze groep al langer gebruik van phishing en social engineering om toegang te krijgen tot communicatiekanalen van overheden en organisaties.

De diensten waarschuwen dat chatapps zoals WhatsApp en Signal niet bedoeld zijn voor het delen van staatsgeheime of zeer vertrouwelijke informatie. Tegelijkertijd erkennen zij dat dergelijke apps in de praktijk veel worden gebruikt voor snelle communicatie tussen medewerkers.

Om het risico op accountovername te beperken adviseren de inlichtingendiensten gebruikers om nooit verificatiecodes te delen, onbekende apparaten regelmatig uit gekoppelde accounts te verwijderen en alert te blijven op onverwachte beveiligingsmeldingen of verzoeken die afkomstig lijken van app-beheerders.

De waarschuwing past in een bredere trend waarbij statelijke hackers steeds vaker proberen toegang te krijgen tot persoonlijke accounts van beleidsmakers en ambtenaren. Door communicatiekanalen over te nemen kunnen aanvallers niet alleen informatie verzamelen, maar ook vertrouwen misbruiken om verdere aanvallen uit te voeren binnen netwerken van overheden en organisaties.

ProRail heeft na een aanbestedingstraject het contract met Nsecure verlengd voor toegangscontrole en beveiliging. De samenwerking moet ProRail helpen voldoen aan strengere Europese veiligheidsregels zoals CER en NIS2. Nsecure blijft verantwoordelijk voor het beheer van toegangssystemen op ProRail-locaties.

ProRail en Nsecure hebben hun samenwerking op het gebied van toegangscontrole en beveiliging verlengd. De nieuwe overeenkomst volgt op een aanbestedingstraject en zorgt ervoor dat Nsecure de komende jaren verantwoordelijk blijft voor het beheer en de technologische oplossingen voor toegang tot ProRail-locaties.

Strengere Europese veiligheidsregels

De verlenging komt op een moment dat de regels voor digitale en fysieke veiligheid strenger worden door nieuwe Europese wetgeving. De regels voor kritieke entiteiten (CER) en de richtlijn voor cyberbeveiliging (NIS2) moeten vitale organisaties zoals spoor, energie en water beter beschermen.

Voor ProRail betekenen deze regelingen dat systemen en processen duidelijker moeten kunnen aantonen dat ze veilig en betrouwbaar zijn. Volgens het spoorbeheerder helpt de verlengde samenwerking met Nsecure om daar structureel aan te blijven voldoen, zonder de operatie te verstoren.

Foto: Alex Smaling (Nsecure) en Joost Mors (ProRail).

Het Amerikaanse Cybersecurity and Infrastructure Security Agency (CISA) heeft een kritieke waarschuwing uitgegeven over drie beveiligingslekken in Apple-producten die actief worden misbruikt. Op 5 maart 2026 voegde de organisatie de kwetsbaarheden toe aan haar catalogus van Known Exploited Vulnerabilities (KEV).

De kwetsbaarheden betreffen geheugenbeheer- en rekenkundige problemen in meerdere Apple-platformen, waaronder macOS, iOS, iPadOS, Safari, tvOS en watchOS. Twee van de drie lekken zijn zogenoemde use-after-free-kwetsbaarheden, waarbij een programma een geheugenverwijzing blijft gebruiken nadat het geheugen al opnieuw is toegewezen. Aanvallers kunnen hier misbruik van maken om kwaadaardige code uit te voeren. Het derde lek betreft een integer overflow, waarbij een rekenoperatie een waarde oplevert die te groot is voor de beschikbare opslag, met onverwacht systeemgedrag als gevolg.

In alle drie de gevallen kunnen aanvallers de lekken misbruiken door gebruikers ertoe te verleiden speciaal vervaardigde webcontent te verwerken. Een van de kwetsbaarheden treft specifiek iOS en iPadOS en stelt een kwaadaardige app in staat code uit te voeren met kernelprivileges, waarmee een aanvaller diep in het systeem kan doordringen.

CISA geeft aan dat het vooralsnog onbekend is of de lekken worden ingezet bij ransomware-aanvallen. Het risico op willekeurige code-uitvoering en toegang op kernelniveau maakt directe actie desondanks noodzakelijk.

Op grond van Binding Operational Directive 22-01 moeten Amerikaanse federale overheidsdiensten hun systemen uiterlijk 26 maart 2026 hebben gepatcht. CISA dringt er bij alle organisaties, ook buiten de overheid, op aan de beschikbare updates zo snel mogelijk te installeren via de officiële Apple-instructies.

Kleine en middelgrote bedrijven investeren in cybersecurity, maar hun verdediging houdt geen stand. Dat is de centrale conclusie van het MKB-cyberbeveiligingsrapport 2026 van Proton, waarvoor 3.000 oprichters, leidinggevenden en IT-managers in de VS, het VK, Frankrijk, Duitsland, Brazilië en Japan werden ondervraagd.

Vorig jaar werd één op de vier mkb-bedrijven gehackt, hoewel vrijwel alle slachtoffers vooraf beveiligingsmaatregelen hadden getroffen. De financiële schade was aanzienlijk: 57 procent van de getroffen bedrijven verloor tussen de 10.000 en 100.000 dollar. Opvallend is dat mkb-bedrijven ongeveer evenveel uitgeven aan het herstellen van aanvallen als aan het voorkomen ervan.

39 procent van de incidenten was het gevolg van menselijke fouten. Proton stelt dat bestaande beveiligingsoplossingen zijn ontworpen voor ideaal gedrag, niet voor hoe mensen in de praktijk werken. Daarnaast geeft 28 procent van de ondervraagde bedrijven aan zich niet in controle te voelen over hoe cloudproviders met hun gegevens omgaan, terwijl bijna alle mkb-bedrijven wel afhankelijk zijn van partijen als Google of Microsoft.

48 procent heeft geen wachtwoordmanager ingevoerd. Zelfs bedrijven die dat wel hebben gedaan, delen inloggegevens nog regelmatig via e-mail of andere onveilige kanalen.

Ergens in de afgelopen jaren is compliance van urgent naar vermoeiend gegaan. De stapel normen, frameworks en verplichtingen is alleen maar hoger geworden, tot het punt dat organisaties er niet meer doorheen kijken. NIS2, ISO 27001, AVG, BIO, DORA: elk framework heeft zijn eigen taal, zijn eigen checklists en zijn eigen auditcyclus. Voor een mkb-klant met een kleine IT-afdeling en een directeur die al tien andere ballen in de lucht houdt, is het resultaat voorspelbaar: afhaken.

Als msp sta je daar middenin. Je weet dat governance noodzakelijk is. Je klant weet het ook, in theorie. Maar de praktijk is dat goede bedoelingen verzanden in halve trajecten, uitgestelde audits en documentatie die niemand meer bijhoudt.

Waarom klanten afhaken

Compliance-moeheid heeft een duidelijke oorzaak. De eisen zijn gestapeld zonder dat de capaciteit om ze te verwerken is meegegroeid. Elke nieuwe wet- of regelgeving wordt gepresenteerd als prioriteit, met deadlines en sancties als stok achter de deur. Wat er zelden bij wordt verteld, is hoe je dat rijmt met alles wat er al lag.

Daar komt bij dat veel frameworks zijn ontworpen voor grotere organisaties, met dedicated compliance-afdelingen en juridische teams. De vertaling naar mkb-schaal is vaak niet goed geregeld. Het resultaat is dat klanten zich verloren voelen in terminologie en vereisten die niet aansluiten bij hun dagelijkse realiteit.

Een derde factor is het gebrek aan zichtbaar resultaat. Compliance voelt abstract. Je hebt veel werk verzet, documenten ingevuld, beleid vastgesteld, maar je hebt niks tastbaars in handen. Geen betere beveiliging die je kunt aanwijzen, geen probleem dat je hebt opgelost. Die demotiverende werking onderschatten veel adviseurs.

Governance is geen project

Een veelgemaakte denkfout – bij klanten én bij msp’s – is dat governance een project is met een begin en een einde. Je doorloopt een traject, je haalt een certificering, en dan is het klaar. Die aanpak werkt niet, en klanten merken dat ook. Na het behalen van een certificering neemt de druk even af, maar een jaar later staat alles weer op de agenda en is er niets structureel veranderd.

Governance werkt alleen als continu proces, ingebed in de dagelijkse operatie. Dat klinkt zwaarder dan het is. Het betekent niet dat er elke week een audit plaatsvindt, maar dat de basisafspraken (wie heeft toegang waartoe, wat wordt gelogd, hoe worden incidenten afgehandeld) geborgd zijn in de manier waarop de omgeving wordt beheerd.

Voor msp’s betekent dat een andere rol: minder adviseren, meer uitvoeren. Veel governancevereisten zijn technisch vertaalbaar: toegangsbeheer via conditional access, logging via een SIEM, patchbeleid via geautomatiseerde uitrol. Wie dat goed inricht, levert governance als bijproduct van goed beheer, een veel sterkere propositie dan een losstaand compliance-traject.

Prioriteren is het echte werk

Niet alles kan tegelijk. Dat is een simpele waarheid die in compliance-gesprekken zelden hardop wordt uitgesproken, omdat adviseurs bang zijn dat klanten die ruimte aangrijpen om niets te doen. Maar het omgekeerde is ook een risico: wie alles tegelijk wil aanpakken, bereikt niets.

Effectief prioriteren begint bij risico’s. Welke data is het meest gevoelig? Welke systemen zijn het moeilijkst te herstellen na een incident? Waar zit de grootste blootstelling? Die vragen leveren een korte lijst op van maatregelen die er echt toe doen. Daarna komen de frameworks vanzelf in beeld als toetsingskader.

Fasering helpt ook bij draagvlak. Een klant die in zes maanden drie concrete verbeteringen ziet, zoals betere toegangscontrole, werkende back-ups die getest zijn, een duidelijk beleid voor mobiele apparaten, is bereid om door te gaan. Een klant die een jaar heeft gewerkt aan een ISO-traject zonder tastbaar resultaat, haakt af.

De taal die werkt

Een deel van de compliance-moeheid zit in de communicatie. Frameworks spreken in termen van controls, risicoclassificaties en beheersdoelstellingen. Directeuren van mkb-bedrijven denken in continuïteit, aansprakelijkheid en kosten. Die vertaalslag kan lastig zijn.

Leg dus niet uit wat NIS2 vereist, maar wat er gebeurt als een leverancier via jullie omgeving wordt gecompromitteerd. Praat niet over een datalekprocedure, maar over wat je doet in de eerste vier uur na een ransomware-aanval en wie dan de telefoon oppakt. Die framing maakt risico’s voelbaar en compliance bespreekbaar.

Het helpt ook om te benoemen wat je níet gaat doen. Een expliciete keuze om iets te parkeren, met een onderbouwing, geeft klanten het gevoel dat er nagedacht is, in plaats van dat ze worden overspoeld.

Van vinkjes naar volwassenheid

Het einddoel van governance is niet een gevuld auditdossier. Het is een organisatie die weet wat zijn kroonjuwelen zijn, wie toegang heeft tot wat, hoe te reageren als het misgaat en wie daarvoor verantwoordelijk is. Dat klinkt als vanzelfsprekend, maar de meeste mkb-organisaties hebben daar geen helder antwoord op.

Volwassenheid in governance bouw je stap voor stap op. Een maturity-model, hoe rudimentair ook, helpt klanten om te zien waar ze staan en wat de volgende stap is. Dat geeft richting aan gesprekken en maakt voortgang zichtbaar, ook als er geen certificering aan vastzit.

Voor msp’s is dat ook een kans om de relatie te verdiepen. Wie governance begeleidt als continu proces en niet als losstaand project, is structureel onderdeel van de bedrijfsvoering van de klant. Dat is een andere positie dan de partij die een keer per jaar een rapport oplevert.