62 procent van de Nederlandse organisaties pakt risico’s rond buitenlandse wetgeving pas aan nadat er iets misgaat. Dat is hoger dan het Europese gemiddelde van 55 procent. Tegelijk heeft slechts 36 procent actief beleid om digitale afhankelijkheden te beheersen. Dat blijkt uit de Tech Reality Check 2026, een onderzoek van Conclusion onder 1.058 IT-beslissers in vier Europese landen.
Het bewustzijn over digitale kwetsbaarheid is in Europa breed aanwezig: 86 procent van de ondervraagde IT-beslissers erkent de risico’s die ontstaan wanneer technologie of data onder buitenlandse wetgeving vallen. Toch heeft slechts de helft dat bewustzijn vertaald naar actief beleid dat daadwerkelijk wordt toegepast. Dat meldt Conclusion op basis van zijn Tech Reality Check 2026, uitgevoerd onder respondenten in Nederland, Duitsland, Portugal en Spanje.
Nederland loopt achter op Europese buurlanden
Nederlandse organisaties scoren op meerdere indicatoren lager dan vergelijkbare landen. Slechts 36 procent heeft actief beleid om risico’s rond digitale afhankelijkheden te beheersen, tegenover 53 procent in Duitsland en 56 procent in Spanje. Het overzicht over kritieke digitale afhankelijkheden ontbreekt ook vaker: 49 procent van de Nederlandse respondenten stelt dat volledig in kaart te hebben, tegenover 70 procent in Spanje en 71 procent in Duitsland.
Daarnaast verwacht 45 procent van de Nederlandse respondenten grote verstoringen als een cruciale leverancier of cloudplatform wegvalt. Dat is het hoogste percentage van de vier onderzochte landen.
Kennisconcentratie als extra risico
Conclusion wijst op nog een kwetsbaarheid: 68 procent van de Nederlandse respondenten geeft aan dat kritieke systemen draaien op technologie die slechts door enkele mensen binnen de organisatie wordt begrepen. Ook dat is het hoogste percentage in het onderzoek. Digitale soevereiniteit is daarmee niet alleen een kwestie van leveranciersselectie of jurisdictie, maar ook van interne kennisconcentratie en afhankelijkheid van legacy-systemen.
Van bewustzijn naar governance
Lucas Jellema, CTO van Conclusion, stelt dat digitale soevereiniteit begint met het in kaart brengen van afhankelijkheden per systeem, proces en dataset, gevolgd door een weging van de impact van mogelijke verstoringen en de restrisico’s die na mitigatie overblijven. Jellema geeft aan dat Nederland zichzelf graag als digitale koploper ziet, maar dat het onderzoek laat zien dat bewustzijn hier minder vaak leidt tot concrete maatregelen dan in vergelijkbare landen.
Volgens Jellema is de volgende stap geen technische of beleidsmatige kwestie, maar een governancevraagstuk: welke risico’s accepteert een organisatie, welke mitigatiemaatregelen worden genomen en wie neemt daarin het leiderschap. Alleen door die keuzes expliciet vast te leggen, ontstaat volgens hem de regie die nodig is om digitale soevereiniteit structureel te versterken.