Uit onderzoek van Xebia en Data Expo blijkt dat ruim acht op de tien Nederlandse organisaties vinden dat Amerikaanse techbedrijven te veel macht hebben over data en AI. Toch heeft maar 15 procent concrete stappen gezet richting soevereine of Europese infrastructuur en staat het onderwerp bij 42 procent helemaal niet op de agenda. Ook de waardemeting van AI-toepassingen blijft achter bij de adoptie.
Xebia en Data Expo publiceren de Data & AI Monitor 2026/2027 Benelux Edition, een onderzoek onder organisaties in Nederland en de rest van de Benelux naar de omgang met data en AI. De vragenlijst omvat 56 vragen en is uitgezet onder respondenten uit onder meer technologie en software, de publieke sector, zakelijke dienstverlening en financiële dienstverlening. De resultaten worden gepresenteerd tijdens Data Expo, dat op 9 en 10 september 2026 plaatsvindt in Jaarbeurs Utrecht.
Overtuiging zonder uitvoering
Volgens de onderzoekers vindt 85 procent van de organisaties dat Europa een sterker front moet vormen tegenover Amerikaanse technologiebedrijven. Diezelfde organisaties melden echter grotendeels afhankelijk of zeer afhankelijk te zijn van derden voor kritieke AI-infrastructuur. Xebia en Data Expo constateren dat de wens tot meer Europese controle botst met de systemen en leveranciers waarop organisaties al dagelijks draaien.
Adoptie stijgt, waardemeting blijft achter
Zeven op de tien organisaties werken volgens het onderzoek actief met generatieve AI-assistenten. Slechts 24 procent zegt de zakelijke waarde van AI volledig te benutten en te volgen, terwijl een op de vijf helemaal niet meet wat AI oplevert. Maar 6 procent draait AI-toepassingen breed in productie. Xebia en Data Expo stellen dat experimenteren inmiddels gangbaar is, terwijl het structureel aantonen van resultaten nog niet is ingeburgerd.
AI-agents in productie
Een kwart van de organisaties heeft minstens één AI-agent in productie of al opgeschaald over meerdere processen. Tegelijk verwacht 44 procent dat AI-agents ertoe leiden dat er minder mensen nodig zijn. Daarmee verschuift de discussie volgens de onderzoekers naar werk en verantwoordelijkheden binnen organisaties.
Vertrouwen als knelpunt
Slechts 21 procent van de respondenten vertrouwt de output van een AI-model evenveel als het oordeel van een collega. Mariam Halfhide, Principal Consultant Data & AI Strategy bij Xebia, geeft aan dat de cijfers wijzen op een besturingsprobleem in plaats van een technologieprobleem. Experimenteren lukt volgens Halfhide wel, maar het wordt lastig bij eigenaarschap, betrouwbare data, risico en succesmeting. Zolang die vragen openstaan, blijft AI volgens haar een verzameling losse projecten, wat ook de terughoudendheid bij belangrijke beslissingen verklaart.
Shadow AI en datakwaliteit
Bijna zeven op de tien organisaties maken zich zorgen over Shadow AI, het gebruik van niet-goedgekeurde AI-tools door medewerkers. Heldere en gehandhaafde beleidsregels ontbreken volgens het onderzoek nog vaak, waardoor het gebruik zich sneller verspreidt dan het beleid eromheen. Daarnaast noemt 40 procent datakwaliteit als belangrijkste barrière voor AI-implementatie, gevolgd door security en compliance met 33 procent.
Verschillen tussen sectoren
De sector media en telecom loopt volgens de monitor voorop in het meten van AI-waarde. In de publieke sector en het onderwijs meet 31 procent de waarde van AI helemaal niet, en ook in de zorg blijft waardemeting achter. Halfhide licht toe dat digitale soevereiniteit niet alleen een hostingkeuze is, maar dat organisaties moeten weten waar data en modellen draaien, welke afhankelijkheden ze accepteren en of overstappen mogelijk is zonder opnieuw te beginnen. Ze adviseert organisaties niet alles tegelijk te vervangen, maar eerst kritieke afhankelijkheden in kaart te brengen.
Davy Zwegers, Manager Partnerships bij Data Expo, stelt dat toegang tot AI-technologie niet langer het grootste probleem is, maar dat het aantonen van de opbrengst dat wel is. Volgens Zwegers bepalen datakwaliteit, governance en een complexer leverancierslandschap nu waar organisaties tegenaan lopen.