Ggz-organisatie Arkin loopt voorop als het gaat om digitalisering. Meer dan 60 procent van de cliënten maakt gebruik van online zorg. Digitale zorg moet voor iedereen beschikbaar zijn, vindt bestuursvoorzitter van Arkin Dick Veluwenkamp. “Voorwaarde is natuurlijk wel dat het qua effectiviteit en kwaliteit niet onder doet voor het fysieke contact.”
Dit is een artikel in het kader van de verticale markt Healthcare en de beurs Zorg & ICT die van 9 tot en met 11 april plaatsvindt in de Jaarbeurs. Lees er hier meer over.
Bestuursvoorzitter Dick Veluwenkamp vergelijkt de digitalisering van de zorg met een expeditie naar een grotendeels onbekend land. Er is een einddoel, maar de beste route blijkt geleidelijk onderweg. De reis begint met het formuleren van een gezamenlijke visie. “Wij vinden dat digitale zorg voor iedereen die dat zou willen beschikbaar moet zijn, net zoals je bij bankzaken of reizen gebruik kunt maken van allerlei digitale hulpmiddelen”, omschrijft Veluwenkamp het uitgangspunt van het programma Arkin Digitaal. “Voorwaarde is natuurlijk wel dat het qua effectiviteit en kwaliteit niet onder doet voor het fysieke contact.”
Urgentie voor digitale zorg
De coronapandemie maakte vier jaar geleden fysiek contact in één klap vrijwel onmogelijk. Dit gaf de digitalisering van de zorg een flinke impuls. Een ontwikkeling die Arkin goed paste. “Onze specialist voor verslavingszorg Jellinek biedt bijvoorbeeld al jarenlang blended of soms helemaal online therapie aan. Dus toen corona kwam, was het een logische stap om dat door te zetten. Die visie wordt de laatste jaren versterkt door het probleem van personeelsschaarste. Ook de vraag naar ggz neemt exponentieel toe. Dat versterkt de urgentie om op digitalisering in te zetten.”
Dick VeluwenkampIedere nieuwe stap in de reis naar digitale zorg wil Arkin nadrukkelijk samen met professionals en cliënten zetten. “Digitalisering kun je niet van bovenaf opleggen”, zegt Veluwenkamp. “Het valt of staat met intrinsieke motivatie van behandelaren. En we doen het vanzelfsprekend op geleide van de cliënt. We hebben al jaren een goede samenwerking met de cliëntenraad. Die heeft een gelijkwaardige rol gehad in de visieontwikkeling. We hebben ook een grote online cliëntenraadpleging gedaan. Daarin hebben we duizenden cliënten gevraagd wat zij van digitale zorg vinden.”
Wat is Arkin?
Arkin is een grote ggz-organisatie in Amsterdam die gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg biedt aan volwassenen, kinderen en jeugdigen. De organisatie omvat alle vormen van geestelijke gezondheidszorg. Arkin heeft meer dan 3.500 medewerkers en is gevestigd op verschillende locaties in Amsterdam. Een van de bekendste onderdelen is de kliniek voor verslavingszorg Jellinek.
CIA
Hoewel overwegend positief, waarschuwde de cliëntenraad voor uitsluiting van groepen patiënten. “We moeten oppassen dat we geen cliënten buitenspel zetten omdat ze niet vaardig of zelfs angstig zijn om gebruik te maken van digitale mogelijkheden”, reageert Veluwenkamp. “Als je wantrouwig bent of je raakt in een psychose, ga je minder makkelijk even achter je laptop zitten. Dan denk je misschien wel dat de CIA erachter zit. De autonomie van de behandelaar is in dit verband cruciaal. Alleen de behandelaar kan inschatten of het verantwoord is om een behandeling online te doen.”
Naast betrokkenheid van cliënten en behandelaars, vergt digitalisering ruimte om te pionieren zonder dat betrokkenen opgehangen worden aan spijkerharde resultaten. Dat is lastig in een sector waarin wachtlijsten en personeelskrapte voor grote druk zorgen. “Als ik mensen vrij stel voor digitale initiatieven, zal de directeur bedrijfsvoering of financiën zeggen: leuk Dick, maar dit gaat ten koste van de inkomsten en productiviteit. Elk uur dat een behandelaar geen cliënt ziet, is een uur inkomstenverlies. De behandelaar zelf kan ook in een gewetensconflict komen. Gaat die zijn schaarse tijd gebruiken om een cliënt te zien of meedenken over een digitale toepassing? Dat zijn dilemma’s die je handelingsvrijheid beperken.”
Verzekeraars stelden eisen
Wat Veluwenkamp stoort, is dat beleidmakers verwachten dat de baten van digitalisering al voor aanvang van een traject tot achter de komma zijn uit te rekenen. “Een paar jaar geleden heb ik het gesprek gehad met de verzekeraars over de vraag of digitale innovatie vergoed kon worden. Daar werden van tevoren allerlei eisen aan gesteld. Het moest leiden tot een lagere gemiddelde prijs. Toen heb ik gezegd: dat ga ik niet doen. Vernieuwen betekent ook experimenteren en dus niet precies weten wat de uitkomst is. Dat vraagt om ruimte voor tegenvallers.”
De ontdekking van de cliënt als consument heeft het aanbod van digitale psychische ondersteuning flink opgestuwd. Dat is niet alleen te merken aan alle stemmings-, slaap- mindfulness-apps. Er zijn ook nieuwe spelers op de markt voor digitale zorgapplicaties gekomen die volledig digitaal werken, zoals Mindler. Toch wil Veluwenkamp van geen concurrentie weten. “Mindler heeft hele andere groep klanten. Dat is een groep cliënten die überhaupt niet bij ons in zorg komen, omdat ze te licht zijn voor ons als een tweedelijns, soms zelfs derdelijns specialistische ggz-organisatie.”
Kunstmatige intelligentie
Meer experimenteel van aard is de ontwikkeling van een digital human bij het expertisecentrum voor eetstoornissen Novarum. Aan een dergelijke inzet van AI zitten ethisch en juridisch gezien de nodige haken en ogen, erkent Veluwenkamp. Dit speelt natuurlijk veel minder bij het gebruik van algoritmes voor het terugdringen van no shows of het verlichten van de administratieve lasten.
“Het is onze droom dat straks alle cliënten die dat willen op elk moment van de dag gebruik kunnen maken van de digitale mogelijkheden en dienstverlening van Arkin”, vat Veluwenkamp de digitale ambitie van Arkin samen. “En dat we kunnen aantonen dat digitalisering heeft geholpen om toegankelijkheid te verbeteren, om de personeelskrapte te verkleinen en om de financiële gezondheid Arkin te ondersteunen.”
Dick Veluwenkamp is een van de keynote-sprekers tijdens Zorg & ict 2024.
Bron: Dutch Health Hub