Tien jaar lang was cloud-first het automatische antwoord op elke infrastructuurvraag. In 2026 stellen steeds meer organisaties die reflex bij. Ruim tachtig procent van de CIO’s haalt minstens één workload terug uit de publieke cloud, richting eigen datacenter, private cloud of colocatie. Voor MSP’s is dat een uitnodiging om de hybride architectuur van hun klanten opnieuw door te rekenen.
De cijfers laten weinig ruimte voor twijfel. In de Barclays CIO Survey van eind 2024 gaf 83 procent van de IT-beslissers aan minstens één workload uit de publieke cloud te willen terughalen, het hoogste percentage dat het onderzoek ooit noteerde. IDC komt tot vergelijkbare uitkomsten: rond de 80 procent van de organisaties verwacht binnen twaalf maanden compute- of storagecapaciteit te repatriëren, en een kwart heeft dat inmiddels ook echt gedaan. Wie daar een massale cloud-exodus in leest, zit ernaast. Slechts 8 procent van de bedrijven overweegt een volledige exit. Wat er gebeurt is selectieve herplaatsing: per workload de vraag stellen waar die het beste draait.

Figuur 1: repatriëring is breed gedragen, een volledige cloud-exit blijft de uitzondering.
Waarom komt de rekening nu pas aan?
Kosten zijn met afstand de belangrijkste drijfveer. In IDC-onderzoek noemt 54 procent van de organisaties de cloudrekening als reden om workloads terug te halen, vóór performance (31 procent) en datasoevereiniteit (27 procent). Het patroon is telkens hetzelfde: workloads die jarenlang op een stabiel niveau draaien, betalen in de publieke cloud een premie voor elasticiteit die ze nooit gebruiken. Tel daar de egress-kosten bij op, de tarieven voor dataverkeer de cloud uít, en de businesscase kantelt. Flexera becijferde dat organisaties gemiddeld al een vijfde van hun workloads en data hebben teruggehaald.
Onder de voorbeelden bevindt zich onder meer Dropbox. Dat verhuisde het gros van zijn opslag al jaren geleden naar eigen colocatie en bespaarde daarmee naar verluidt zo’n 75 miljoen dollar in twee jaar. Recenter rekende 37signals, het bedrijf achter Basecamp, publiekelijk voor hoeveel goedkoper eigen servers uitpakken voor voorspelbare workloads. En Broadcom claimt dat een moderne private cloud voor steady-state werk 40 tot 50 procent lagere totale kosten oplevert dan de publieke cloud. Dat laatste verdient wel een kanttekening: dezelfde Broadcom joeg met de nieuwe VMware-licentiestructuur veel klanten op kosten, en werd daarmee zelf een van de aanjagers van de herbezinning op vendor lock-in.

Figuur 2: kosten voeren de lijst met repatriëringsredenen aan, gevolgd door performance en soevereiniteit.
Wat doet AI met de businesscase?
De opkomst van AI-workloads versnelt de trend. GPU-instances in de publieke cloud zijn kostbaar: een zwaar acht-GPU-systeem kost al snel meer dan 20.000 dollar per maand aan huur. Voor experimenten en pieken is dat prima, voor continue inference-workloads met hoge bezetting slaat de rekensom om. Analyses van onder meer Deloitte en Nvidia wijzen op besparingen van 30 tot 50 procent wanneer grootschalige, voorspelbare AI-workloads naar eigen of gehuurde dedicated hardware gaan. Bedrijven die gevoelige bedrijfsdata gebruiken om modellen te verfijnen, houden dat werk bovendien liever van gedeelde infrastructuur af. Zo wordt AI in één beweging de grootste groeimotor van de hyperscalers én een van de sterkste argumenten voor eigen ijzer.
Hoe zwaar weegt soevereiniteit inmiddels?
De derde drijfveer is in Europa harder gegroeid dan waar ook: digitale soevereiniteit. De Amerikaanse CLOUD Act en FISA geven de VS toegang tot data bij Amerikaanse providers, ongeacht waar die data fysiek staat. In de Nutanix Enterprise Cloud Index geeft 57 procent van de IT-leiders aan infrastructuur binnen één land nodig te hebben. In Nederland kreeg die discussie begin juli een concreet vervolg: het kabinet kiest voor een soevereine overheidscloud onder centrale regie, op het hoogste soevereiniteitsniveau (SEAL4) van het EU Cloud Sovereignty Framework, met de eerste applicaties eind dit jaar. Drie Amerikaanse hyperscalers hebben samen zo’n 70 procent van de Europese cloudmarkt in handen, en die afhankelijkheid staat nu politiek ter discussie.

Voor commerciële klanten werkt dat door. Wat bij de overheid begint als beleid, komt bij zorginstellingen, financiële partijen en industriële bedrijven terug als compliance-eis of als vraag van hun eigen klanten. MSP’s die kunnen uitleggen welke data waar staat, onder welke jurisdictie die valt en hoe een exit eruitziet, hebben een verhaal dat in 2026 goud waard is.
Wat betekent dit voor MSP’s?
De belangrijkste les is dat hybride cloud van gelegenheidsoplossing is uitgegroeid tot doelarchitectuur. Gartner voorspelt dat 40 procent van de ondernemingen hybride compute-architecturen omarmt voor bedrijfskritische workloads, tegen 8 procent eerder. Het speelveld wordt daarmee genuanceerder dan de simpele keuze tussen cloud en on-prem. Voorspelbare, dataintensieve en compliance-gevoelige workloads bewegen richting private infrastructuur, terwijl variabele, klantgerichte en experimentele workloads in de publieke cloud blijven.
Workload-assessments en TCO-berekeningen worden een dienst op zich: welke workloads draaien al jaren op constante bezetting, wat kosten die werkelijk inclusief egress, en wat zou hetzelfde werk kosten op private infrastructuur of in colocatie? Daarnaast groeit de vraag naar beheer van heterogene omgevingen, van connectiviteit tussen cloud en eigen datacenter tot uniforme monitoring, backup en security over beide werelden heen. En wie repatriëring begeleidt, verkoopt daarmee meteen een migratieproject, inclusief netwerkontwerp, opslagarchitectuur en een gecontroleerde exit uit de bestaande cloudcontracten.

Een waarschuwing hoort erbij. Eigen infrastructuur draaien is geen gratis veiligheid: patching, fysieke toegang, capaciteitsplanning en 24/7-beheer komen terug op het bordje van de klant, en dus in de praktijk op dat van de MSP. Hyperscalers investeren miljarden in beveiliging en dat niveau evenaar je als kleine partij zelden. De meeste incidenten in de cloud ontstaan overigens bovenop de infrastructuur, door misconfiguraties en te ruime toegangsrechten, en die risico’s nemen klanten gewoon mee naar hun eigen serverruimte. De MSP die repatriëring serieus aanbiedt, moet dus ook het securityverhaal rond eigen ijzer op orde hebben.
De slinger komt daarmee ergens in het midden tot stilstand. De cloud verdwijnt nergens, het cloud-first-dogma wel. Voor de MSP die zijn klanten kan helpen om per workload de juiste plek te kiezen, en die keuze elk jaar opnieuw durft te toetsen, is de hernieuwde belangstelling voor eigen ijzer vooral goed nieuws: er valt weer wat te adviseren.
Bronnen
Barclays CIO Survey Q4 2024; IDC 2025 (repatriëringsonderzoek); Flexera State of the Cloud Report; Broadcom Private Cloud Outlook; Nutanix Enterprise Cloud Index 2026; Gartner (hybride architecturen); Deloitte en Nvidia (TCO AI-workloads); Kamerbrief soevereine overheidscloud, staatssecretaris Van der Burg, juli 2026; Computable en iBestuur (berichtgeving digitale soevereiniteit).