We hebben het waarschijnlijk allemaal regelmatig meegemaakt: de brand- of ontruimingsoefening. BHV’ers rennen nerveus door het pand en geven collega’s die toch in de lift willen stappen een standje. De andere medewerkers sjokken lacherig 14 verdiepingen naar beneden, waar de rokers die toch al buiten stonden zich allang bij het verzamelpunt hebben gemeld.
Hoewel de kans op een cyberincident ongeveer 80 keer groter is dan het risico op brand, voeren we zelden cyber-ontruimingsoefeningen uit. Er zijn experts die vinden dat je een ethical hacker op elk moment op elke segment van het netwerk moet toelaten. Dat is, denk ik, best gewaagd. Aan de ene kant vanwege het feit dat je dan qua AVG en (straks) NIS2 waarschijnlijk zo strenge afspraken met de testende partij moet maken, dat een dergelijke oefening nauwelijks uit te voeren is.
Uit te stellen
Aan de andere kant ligt ook hier de vergelijking met de fysieke brandoefening voor de hand. Natuurlijk kan er een échte brand uitbreken op het moment dat de belangrijkste klant van de onderneming over een contractverlenging komt onderhandelen, maar slimmer is het de test even uit te stellen. En: een branddeur die een uurtje openstaat tijdens een regenbui is te overzien, maar om nu twee keer per jaar het hele gebouw plat te leggen door ook de sprinklers uitgebreid te testen gaat wat ver.
Het is onvermijdelijk dat elke test een storing is van een lopend proces
Lopend proces
Nu is het onvermijdelijk dat elke test, of het nou de toegang tot de computerruimte, de aanval van een ethical hacker of een traditionele ontruimingsoefening is, op dat moment een storing is van een lopend proces. De deadline van een krant, bijvoorbeeld. Nu hoeft ook dat niet per se een probleem te zijn. Ervaring bij de betreffende teams kan de meeste incidenten opvangen, als iedereen meewerkt.
Machines
Dat laatste is dan wel een voorwaarde. Ik maakte bij een groot computertijdschrift (nee, niet ChannelConnect) mee dat de chefredacteur zich braaf bij het verzamelpunt had gemeld na de ontruiming, maar vervolgens op zijn fiets was gestapt en, voor ons onbereikbaar, naar huis reed. “Hoe kun je dat nou doen,” was de volgende ochtend onze verontwaardigde vraag. “We moesten alle zeilen bijzetten om alles op tijd naar de drukker te krijgen.” De medewerker in kwestie keek ons verbaasd aan en antwoordde: “Bij een echte brand waren we toch ook niet op tijd naar de drukker gegaan?” Kortom: de mens is bij security wellicht niet zozeer de zwakste schakel, zoals vaak wordt beweerd, maar soms wel de minst voorspelbare. Gelukkig maar, we zijn immers geen machines.