Nadat de gemeente Diemen eerder al een samenwerking met Switch Datacenters aanging, heeft de gemeente Amsterdam nu ook de handen ineen geslagen met Equinix voor een datacenter van Equinix dat gevestigd is op het Sciencepark in Amsterdam.

Het doel is om binnen een jaar te onderzoeken of een warmtenet gebaseerd op de restwarmte van het datacenter haalbaar en betaalbaar is.

Bij het koelen van alle servers in het datacenter komt veel restwarmte vrij, die mogelijk kan worden gebruikt voor het verwarmen van delen van Diemen. In theorie zou met de restwarmte van de twee datacenters heel Diemen van warmte kunnen worden voorzien.

Google Cloud heeft bekendgemaakt dat Joost Smit is benoemd tot nieuwe Country Lead voor de Benelux-regio. Voorheen was hij al actief als Interim Country Lead.

In zijn nieuwe functie is Smit verantwoordelijk voor het aansturen van het Google Cloud-team en de bedrijfsactiviteiten in de Benelux. Daarnaast richt hij zich op het bepalen van de verkoop- en groeistrategie en het verder uitbouwen van de go-to-market aanpak in de Benelux.

De afgelopen jaren heeft Google zijn infrastructuur in België en Nederland uitgebreid om te voldoen aan de groeiende vraag naar clouddiensten en om andere diensten, zoals Search, Maps en Workspace, te ondersteunen.

Smit maakt al vijf jaar deel uit van het Google Cloud-leiderschapsteam en brengt meer dan twintig jaar ervaring in de IT-sector met zich mee. Voor zijn tijd bij Google was hij VP Market Unit Lead bij Capgemini en daarvoor Managing Director bij Accenture.

Met het geslaagde januarinummer nog vers in ons geheugen, hebben we ons vizier gericht op de maarteditie van ChannelConnect, die op 27 maart verschijnt. In dit nummer blikken we onder meer uitgebreid vooruit naar de Zorg & ICT Beurs 2025. Reservering voor deelname aan het eerste nummer van 2025 is mogelijk tot en met vrijdag 28 februari.

Vooruitlopend op de beurs, blikken wij net zoals vorig jaar opnieuw vooruit op dit event en deze marktvertical via de Healthcare Special, die ook verkrijgbaar zal zijn voor de bezoekers van Zorg & ICT.

Zorg & ICT (8-10 april) is het grootste en toonaangevendste health tech event van Nederland. Het is bovendien dé jaarlijkse ontmoetingsplek waar (zorg)professionals uit het hele ecosysteem in één bezoek gerichte informatie en inspiratie opdoen over slimme technologieën en relevante ict-oplossingen.

De editie biedt dan ook de uitgelezen kans om voorafgaand aan en tijdens de beurs jouw organisatie en expertise uit te lichten.

Verder introduceren we in dit nummer de nieuwe rubrieken Security, Telecom en Datacenter & Cloud, waardoor we nog gerichter en structureler aandacht schenken aan deze belangrijke onderwerpen. Daarnaast gaan we dieper in op onder meer duurzame ICT en de krapte op de arbeidsmarkt.

Naast de bovenstaande thema’s is er zoals altijd ook ruimte binnen de algemene redactie om de eigen organisatie, trends, ontwikkelingen & ambities voor 2025 uit te lichten. Reservering voor deelname in deze editie kan t/m 28 februari. Wees er op tijd bij om jouw positie in dit nummer te reserveren.

Wij ‘connecten’ en informeren zoveel mogelijk partijen in het ICT-kanaal zodat de eindgebruiker optimaal wordt bediend. Naast het essentiële branchenieuws uit het ICT-vak, zullen we meer en meer met een MKB-bril naar onze content gaan kijken. Altijd vanuit de vraag: hoe helpen we vendoren, distri’s en resellers hun propositie zo goed mogelijk af te stemmen op de ICT-uitdagingen van het MKB.

Los van de mogelijkheid om deel te nemen in het maartnummer, bespreken we graag ook de opties om jullie expertise van meer structurele zichtbaarheid te voorzien binnen onze off- & online media.

Geïnteresseerd in de mogelijkheden? Neem dan contact op met Tarik via tarik.lahri@channelconnect.nl of onderstaande gegevens. Vragen of input voor de redactie? Stuur deze gerust naar redactie@channelconnect.nl. Bekijk hier de ChannelConnect mediakit 2025, met daarin de volledige jaarplanning, alle print- & online proposities en partnerpakketten.

 

 

Een derde van het IT-budget wordt uitgegeven aan cloudbeveiliging. Dat blijkt uit het jaarlijkse  State of Cloud Security Report van Fortinet. Toch geeft slechts 36% van de respondenten aan dat zij erop vertrouwen dat hun organisatie bedreigingen in de cloudomgevingen kan detecteren en erop kan reageren. 

De meeste bedrijven geven aan dat zij voorkeur hebben voor een hybride- en multicloudmodel. Volgens het rapport realiseert 82% van de ondervraagde organisaties inmiddels een grotere schaalbaarheid, flexibiliteit en veerkracht met het gebruik van cloudomgevingen. Meer dan de helft (54%) van de organisaties maakt gebruik van een hybride cloudomgeving, de integratie van systemen op locatie met publieke cloudplatforms.

Hoewel de overstap naar de cloud aanzienlijke voordelen biedt, brengt het ook beveiligingsuitdagingen met zich mee. 61% van de respondenten noemt beveiliging en compliance de grootste obstakels voor de overstap naar de cloud. Verkeerde configuraties, datalekken en het niet na kunnen leven van wet- en regelgeving behoren tot de meest urgente problemen, vooral naarmate hybride en multicloudomgevingen zich uitbreiden. Zorgaanbieders die bijvoorbeeld patiëntendossiers naar de cloud migreren, moeten voldoen aan NEN-normen en de AVG voor de bescherming van gevoelige patiëntgegevens.

Deze uitdagingen worden verergerd door de vaardigheidskloof op het gebied van IT-beveiliging. Maar liefst 76% van de organisaties meldt een tekort aan expertise en mensen op het gebied van cloudbeveiliging. Dit beperkt hun vermogen om uitgebreide beveiligingsoplossingen in te zetten en te beheren. Dit tekort benadrukt niet alleen de noodzaak van gerichte training en bijscholing, maar adviseert ook om de strategie voor cloud computing te heroverwegen als dit betekent dat de complexiteit beperkt blijft en de effectiviteit van de beveiliging toeneemt.

Slechts 36% van de respondenten heeft het vertrouwen dat hun organisatie bedreigingen in de cloudomgevingen kan detecteren en erop kan reageren. Dit gebrek aan vertrouwen wijst op kwetsbaarheden in de huidige architecturen, vooral in complexe hybride en multicloudomgevingen.

Volgens het 2025 State of Cloud Security Report is de implementatie van een unified cloud security platform (uniform platform voor cloudbeveiliging) essentieel om deze eerdergenoemde uitdagingen aan te gaan. Maar liefst 97% van de respondenten geeft de voorkeur aan gecentraliseerde oplossingen die het beheer van beleidsregels vereenvoudigen, de zichtbaarheid verbeteren en zorgen voor consistente handhaving in verschillende omgevingen.

Cloudbeveiliging is momenteel goed voor gemiddeld 35% van de totale uitgaven aan IT-beveiliging en is inmiddels een topprioriteit voor organisaties; 63% van hen is van plan de budgetten de komende 12 maanden te verhogen.

Martin Jan Hurenkamp is onlangs gestart als hoofd van het Digital Trust Center (DTC), onderdeel van het ministerie van Economische Zaken. Hij neemt het stokje over van Michel Verhagen, die in december met pensioen gegaan is.

Hurenkamp neemt jarenlange ervaring mee op het gebied van digitale innovatie en publiek-private samenwerking. Dit heeft hij opgedaan bij onder andere de directie Digitale Economie en het Nationaal Groeifonds.

Jos de Groot, directeur Digitale Economie bij het ministerie van Economische Zaken: “Ik ben erg blij met de benoeming van Martin Jan tot manager van het Digital Trust Center. Met al zijn kennis en ervaring op het gebied van digitale innovatie is hij de aangewezen kandidaat om het stokje van Michel Verhagen over te nemen.”

In zijn nieuwe rol richt Hurenkamp zich op het versterken van de Nederlandse digitale weerbaarheid. Daarbij legt hij de nadruk op intensieve samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties. “Grote maatschappelijke opgaven zoals digitale veiligheid kunnen alleen worden gerealiseerd door gezamenlijk op te trekken en intensief samen te werken,” zegt Hurenkamp. “Wat mij aanspreekt aan het DTC is dat deze manier van werken diep in het DNA van de organisatie zit. Het DTC denkt vanuit de belevingswereld van bedrijven en organisaties en biedt concrete ondersteuning gericht op de doelgroep. Ik ben in korte tijd zeer onder de indruk geraakt van de expertise en drive van de collega’s die dagelijks hard werken aan digitale weerbaarheid.”

Ook internationale ontwikkelingen, zoals de oorlog in Oekraïne, spelen een belangrijke rol in zijn motivatie voor de nieuwe functie als manager van het DTC. “De dreigingen die deze ontwikkelingen met zich meebrengen, benadrukken de urgentie van digitale veiligheid in Nederland. Ik kijk ernaar uit om vanuit mijn rol bij het DTC een bijdrage te leveren aan de weerbaarheid van ons land. Daarbij biedt de aanstaande integratie met het NSCS een prachtige kans om samen te bouwen aan de cybersecurityorganisatie van Nederland.”

Uit een onderzoek van Pegasystems Inc blijkt dat werknemers positief zijn over het gebruik van AI-agents op de werkvloer. Toch heerst er ook bezorgdheid over de betrouwbaarheid en kwaliteit van deze technologie, wat de brede adoptie ervan kan vertragen.

Volgens het onderzoek staat 57% van de werknemers open voor het gebruik van AI-agents, en maakt 58% hier al gebruik van. Vooral het automatiseren van saaie en repetitieve taken wordt gewaardeerd (41%), net als het verminderen van tijdverlies bij het zoeken naar informatie (36%) en het snel samenvatten van vergaderingen (34%). Deze voordelen maken AI aantrekkelijk, vooral bij taken waar mensen weinig toegevoegde waarde ervaren.

Toch blijven zorgen een rol spelen. Bijna een derde van de respondenten maakt zich zorgen over de kwaliteit van AI-gegenereerd werk (33%) en vindt dat AI menselijke intuïtie en emotionele intelligentie mist (32%). Daarnaast twijfelt 30% aan de nauwkeurigheid van antwoorden die door AI worden gegenereerd.

Optimisme en verbeterpunten
Ondanks deze twijfels is er optimisme over de toekomst: 46% verwacht dat AI de komende vijf jaar een positieve impact zal hebben op hun werk, terwijl slechts 13% negatieve gevolgen voorziet. Werknemers noemen vooral de behoefte aan nauwkeurigere en betrouwbaardere AI (42%), betere training in het gebruik van AI-tools (39%) en meer transparantie over hoe AI beslissingen neemt (33%) als belangrijke verbeterpunten.

Don Schuerman, CTO van Pega, benadrukt dat bedrijven strategisch en transparant moeten omgaan met AI-integratie. “Door AI slim te combineren met goede training en inzicht in de technologie kunnen organisaties het vertrouwen van werknemers vergroten en de voordelen van AI maximaal benutten.”

Volgens Peter van der Putten, Lead Scientist bij Pega, zien werknemers steeds realistischer wat AI kan bieden. “AI-agents moeten werk eenvoudiger maken, niet overnemen wat mensen zelf willen doen. Vooral agents die informatie uit verschillende bronnen combineren, zullen een belangrijke rol spelen vanwege het lage risico.”

Voor dit onderzoek ondervroeg Pega meer dan 2.100 werkende volwassenen in de VS en het VK die digitale apparaten gebruiken tijdens hun werk. Onder ‘AI-agents’ worden softwareprogramma’s of tools verstaan die gebruikmaken van kunstmatige intelligentie, zoals chatbots, virtuele assistenten en AI-gestuurde analysetools.

Om te kunnen blijven voldoen aan de groeiende vraag naar datacenters, overweegt de provincie Noord-Holland in uitzonderlijke gevallen nieuwe locaties toe te staan buiten de aangewezen clusters in Amsterdam, Haarlemmermeer en Hollands Kroon. Dit standpunt kreeg brede steun tijdens een recent debat in Provinciale Staten.

De beschikbare ruimte in de bestaande clusters raakt uitgeput, terwijl de behoefte aan datacenters blijft toenemen door de razendsnelle ontwikkelingen in digitale technologieën, waaronder kunstmatige intelligentie (AI). Gedeputeerde Esther Rommel (VVD) benadrukt dat AI een cruciale rol speelt in sectoren zoals de zorg en dat de provincie daarom naar nieuwe oplossingen moet zoeken.

Bij het overwegen van nieuwe locaties buiten de clusters speelt lokaal draagvlak een essentiële rol, evenals een positieve impact op het energiesysteem. Als voorbeeld noemt Rommel De Kwakel, een locatie in de gemeente Uithoorn, waar restwarmte van datacenters zou kunnen worden ingezet voor de kassen in het achterland.

De provincie zet in haar datacenterstrategie 2025-2027 in op strenge voorwaarden voor nieuwe vestigingen. Statenleden van onder andere PvdA en GroenLinks benadrukten het belang van deze eisen, om negatieve effecten op de omgeving, het watersysteem en de energievoorziening te beperken. Daarnaast blijft het optimaal benutten van restwarmte een prioriteit. Volgens Rommel is de datacentersector sterk gericht op verduurzaming en speelt drinkwatergebruik nauwelijks een rol.

Hoewel datacenters minder directe werkgelegenheid opleveren, benadrukt de provincie de economische meerwaarde. Volgens een rapport genereren datacenters jaarlijks een economische waarde van 2,5 miljard euro. Momenteel zijn er nog vergunningaanvragen in behandeling voor circa twintig nieuwe datacenters binnen de bestaande clusters. Begin 2024 telde Nederland in totaal 187 datacenters, waarvan 88 in Noord-Holland.

Grote datacenters, zoals hyperscales, blijven de komende jaren niet toegestaan in Noord-Holland. Twee initiatieven van Microsoft en Google in Hollands Kroon, die al eerder werden ingediend, vallen buiten deze strategie. De provincie wil voorkomen dat de ontwikkeling van datacenters onbeheersbaar wordt en blijft zich richten op een duurzame en gebalanceerde groei binnen strikte kaders.

Drie op de vier werkgevers in de ICT-sector heeft moeite met het invullen van vacatures, vooral voor functies als softwareontwikkelaar en systeembeheerder. Dit blijkt uit een onderzoek dat SEO Economisch Onderzoek in samenwerking met NLdigital heeft uitgevoerd.

 Het rapport benadrukt dat een combinatie van scholing, arbeidsbesparende technologieën en arbeidsmigratie noodzakelijk is om de groeiende krapte aan te pakken.

Volgens het onderzoek heeft 74% van de werkgevers in de ICT-sector moeite met werving, waarbij bij 20% meer dan de helft van de vacatures langer dan zes maanden openstaat. De grootste uitdagingen liggen bij een gebrek aan geschikte kandidaten, concurrentie binnen de sector en de hoge salariseisen van potentiële werknemers.

Het rapport wijst op drie effectieve strategieën om de krapte te bestrijden:

  • Scholing en doorstroming: Bedrijven investeren in opleidingen en stimuleren de doorstroom van junioren naar senior functies. Echter, tijdgebrek en de beschikbaarheid van geschikte opleidingen blijven belangrijke hindernissen. Zelf opgezette leerprogramma’s en skills-gebaseerde werving bieden kansen.
  • Arbeidsbesparende technologieën: 75% van de organisaties gebruikt tools zoals Robotic Process Automation (RPA) en AI om de werkdruk te verlichten en processen te verbeteren. Toch blijft een gebrek aan interne expertise een obstakel. Het inhuren van externe kennis kan hierbij helpen.
  • Arbeidsmigratie: Buitenlands talent is voor veel bedrijven essentieel om hun capaciteit en concurrentiekracht te behouden. Oplossingen zoals taaltrainingen en cultuursensitieve onboardingprogramma’s worden steeds belangrijker.

Interim-directeur René Corbijn van NLdigital licht de bevindingen uit het rapport toe: “De krapte in de ICT-sector is al lange tijd een uitdaging. Het rapport laat ook zien dat er volop kansen liggen om arbeidsmarktkrapte te bestrijden. Dit vraagt om goede samenwerking. Het bedrijfsleven kan nog meer investeren in de ontwikkeling van digitaal talent van binnen en buiten de sector. Ook zien we dat veel bedrijven talent uit het buitenland aantrekken. Het is cruciaal voor de toekomst van onze digitale bedrijven dat kennismigranten welkom blijven in Nederland. Daarnaast is intensieve samenwerking met overheden en instanties als het UWV nodig. De arbeidsmarkt krapte raakt immers niet alleen bedrijven uit de digitale sector maar alle bedrijven en organisaties die aan het digitaliseren zijn.”

Werkgevers worden aangespoord om wervingsstrategieën te moderniseren, zoals het benadrukken van leergierigheid boven diploma’s in vacatureteksten en het versneld doorstromen van junior personeel. Ook wordt een sterker gebruik van technologie en investeringen in eigen scholingsprogramma’s aanbevolen.

In een bijeenkomst met de leden van NLdigital en onder andere het UWV is gesproken over de problemen en oplossingen voor de krappe ICT arbeidsmarkt. Anna Noorda, general manager van Goodzo en binnen NLdigital belast met de portefeuille Digitaal Talent stelt: “De mismatch tussen het potentieel op de arbeidsmarkt en de vraag vanuit het bedrijfsleven is één van de belangrijkste oorzaken dat de ICT-arbeidsmarkt vastloopt.Leveranciers én opdrachtgevers zullen veel flexibeler moeten zijn in wie we een kans geven op de arbeidsmarkt.” Om dit probleem aan te pakken zal NLdigital dit voorjaar samen met leden en partners werken aan een manifest en een concreet plan.

Odido heeft een tienjarige Power Purchase Agreement (PPA) afgesloten met Windpark Willem Annapolder II, gelegen aan de Zeeuwse kust. Bij oplevering zal het windpark, bestaande uit vier nieuwe windmolens, voorzien in ruim 30% van Odido’s totale groene stroombehoefte.

Met deze samenwerking maakt Odido de financiering van Windpark Willem Annapolder II mogelijk en garandeert de telecomprovider de afname van groene stroom voor zeker tien jaar. “Door ons voor de lange termijn te verbinden aan projecten zoals Windpark Willem Annapolder II, zorgen we ervoor dat duurzame energieprojecten daadwerkelijk van de grond komen,” aldus Gero Niemeyer, CFO van Odido. “Met dit initiatief leveren we een concrete bijdrage aan de verduurzaming van Nederland en zetten we de volgende stap in het verkleinen van onze voetafdruk”.

De vier windturbines in de Willem Annapolder  zijn vier keer efficiënter dan oudere generaties windturbines, wat bijdraagt aan een hogere productie met een kleinere voetafdruk. Hiermee produceert het windmolenpark jaarlijks ongeveer 58.000 megawattuur (MWh) aan groene elektriciteit.

De verwachting is dat de vier windmolens eind 2025 operationeel zijn.

De implementatie van de European Accessibility Act (EAA) brengt grote veranderingen met zich mee voor bedrijven en organisaties in heel Europa, dus ook in Nederland. De wet, die als doel heeft producten en diensten toegankelijker te maken voor mensen met een beperking, treedt vanaf 28 juni 2025 in werking. Bedrijven worden vanaf dan verplicht om diverse producten en diensten aan te passen naar de toegankelijkheidseisen die de EAA voorschrijft.

Het programma MKB Toegankelijk van VNO-NCW en MKB-Nederland roept bedrijven op om niet te wachten tot de deadline nadert, maar om een plan van aanpak te maken en stappen te zetten richting naleving van de EAA. MKB Toegankelijk geeft uitleg aan de wetgeving (richtlijn) van verschillende categorieën van producten en diensten. Dit is te bekijken via www.mkbtoegankelijk.nl/producten-diensten.

Voorbeelden van aanpassingen

De EAA stelt duidelijke eisen aan onder andere e-commerce websites, ticketverkoopplatformen, geldautomaten en klantenservicepunten, maar bijvoorbeeld ook aan streamingsdiensten, televisies, zelfbedieningsterminals en bankdiensten. Aanpassingen waaraan kan worden gedacht zijn onder andere spraakcommando gestuurde apparaten, beeldschermvergrotingssoftware, het aanpassen van volume en snelheid van audio, het via hulpsoftware kunnen bedienen van apparaten, et cetera.

Fundamentele verandering in bedrijven

Mohamed Nabih, projectleider digitale toegankelijkheid bij VNO-NCW / MKB-Nederland, benadrukt de impact van de wet: “De European Accessibility Act is iets dat de gehele bedrijfsvoering aangaat. Het gaat om meer dan alleen technische aanpassingen, het is bovenal organisatorisch vraagstuk. Het gaat niet alleen om het hebben van een toegankelijke website of app, maar om een fundamentele verandering die vraagt om toegankelijkheid zoveel mogelijk te implementeren in alle bedrijfsprocessen. Van productontwikkeling tot klantenservice, alles dient onder de loep te worden genomen en voor iedereen zo toegankelijk mogelijk te zijn. Het zal voor nu ‘achteraf repareren’ zijn, maar op termijn zal toegankelijkheid gestandaardiseerd worden en heel normaal aanvoelen, zoals vele andere transformaties in het verleden. Elke stap richting meer toegankelijkheid betekent voor veel mensen met een beperking een grotere zelfstandigheid in functioneren en voor bedrijven het vertegenwoordigen van meer economische waarde.”

Nabih vervolgt: “Uit onderzoek blijkt dat webwinkels nu al jaarlijks 4,6 miljard euro laten liggen als gevolg van digitale drempels, waardoor ze klanten mislopen. Als toegankelijkheid steeds normaler wordt, dan groeit de deelname van miljoenen mensen die nu nog niet of niet volledig kunnen profiteren van de digitalisering. Deze beweging zal ook zorgen voor innovaties en nieuwe kansen voor bedrijven. Naast de positieve maatschappelijk impact en goede reputatie-kansen voor bedrijven, zal de afzetmarkt dus groter worden.”