Telecom is een commodity geworden: we worden er niet extra blij van als het werkt, maar hebben wel een probleem als het niet beschikbaar is. Is er nog geld te verdienen voor partners in dit segment? Partners kunnen zich onderscheiden door advies en managed services aan te bieden aan hun klanten.

Deze en andere actuele onderwerpen op het gebied van telecom en Unified Communication komen aan de orde in het gelijkname dossier, die al aardig vorm krijgt met de volgende bevestigde industriepartijen: AVM, Businesscom, Dstny, EPOS, EvolveIP, MachCloud, Pridis en Spectralink.

Vooruitlopend op de verschijning van het fysieke Telecom & UC Dossier, organiseren wij op donderdag 13 juni opnieuw een Grotetafelgesprek rond dit thema, waarin we met een select aantal professionals uit de markt discussiëren over enkele prikkelende stellingen, zie hieronder. Deelname hieraan is nog mogelijk naast onder andere Jeroen Mulder (Dstny), Caspar Hendriks (Pridis), Kees van der Borst (MachCloud) en Dennis Schabracq (Steam-connect) die hun tafelplaats al bevestigd hebben voor het Grotetafelgesprek.

Stellingen Telecom & Unified Communication Dossier & Grotetafelgesprek 2024:

  • Unified Communications leidt tot een continu bombardement aan berichten, de volgende stap zou intelligente filtering moeten zijn.
  • Machine Learning en AI worden op dit moment nog onvoldoende ingezet om UC te optimaliseren.
  • Bij UCaaS verandert de rol van partners fundamenteel: het verdienmodel is anders en de technologie is uitbesteed aan een leverancier.
  • Bij klantcontact (klantenservice en helpdesk) wordt automatisering nog te veel als kostenbesparing ingezet. Intelligente en moderne vormen van communicatie zorgen voor hogere klanttevredenheid.
  • Pas als de koppeling tussen communicatie en backoffice (ERP, CRM, maar ook Patiëntendossiers) optimaal en veilig verloopt, benutten we UC optimaal.
  • De drempel om ‘ouderwets’ te bellen (voice-to-voice) die jongere generaties ervaren zal op termijn impact hebben op telecom-diensten.
  • De combinatie OT en nood-communicatie (denk aan man-down-situaties) biedt kansen voor gespecialiseerde partners. Dat geldt ook voor communicatie in ATEX-omgevingen.
  • NIS2 staat voor de deur, maar partners en eindklanten onderschatten de impact op het gebied van (veilige) communicatie.

Het dossier Telecom & Unified Communication wordt gebundeld met het julinummer van ChannelConnect, maar is een eigen uitgave (back to back). Het dossier wordt ook online los aangeboden en gepromoot, zodat je profiteert van optimale zichtbaarheid.

Klik hier voor de video voor vorig jaar. Hieronder zie je het verslag van vorig jaar terug:

 

Reserveringsdeadline 7 juni 2024
Aanleverdeadline 14 juni 2024
Verschijningsdatum 4 juli 2024


Opties deelname ChannelConnect juli 2024

Deelname kan al vanaf 1.500 euro met een advertentiepagina of met een 1 pagina interview a 2.000 euro. Bekijk voor alle deelname-opties de ChannelConnect infosheet 2024.

Wil jij jouw organisatie, diensten, visie en ambities ook rond een van deze topics delen? Reserveer dan uiterlijk 7 juni jouw deelname. De uitgave verschijnt op 4 juli, zowel fysiek als online.

Geïnteresseerd in de mogelijkheden? Neem uiterlijk 7 juni contact op met Mitchel of Tarik via sales@channelconnect.nl of onderstaande gegevens. Vragen of input voor de redactie? Stuur deze gerust naar redactie@channelconnect.nl.

Het aantal datalekken in Nederland is het afgelopen jaar gestegen. Dat blijkt uit het jaaroverzicht van datalekmeldingen van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). De hoeveelheid meldingen van datalekken is volgens de privacytoezichthouder in vergelijking met 2022 met 21% gestegen, om uit te komen op 25.694 meldingen.

In totaal zijn de persoonlijke gegevens van 20 miljoen mensen gelekt. Volgens de Autoriteit Persoonsgegevens schatten te veel bedrijven en organisaties het risisco op een cyberaanval te laag in. Daarnaast brengen bedrijven de slachtoffers vaak niet op de hoogte als hun gegevens gestolen zijn.

Het bekendste datalek van vorig jaar werd veroorzaakt door een cyberaanval op de softwareleverancier Nebu uit Wormerveer. Dat bedrijf maakt software voor marktonderzoeksbureaus en werkt voor klanten als VodafoneZiggo, NS en Heineken. Hackers maakten persoonlijke gegevens van ongeveer 2,5 miljoen mensen buit.

Het onderzoek naar het datalek bij Nebu loopt nog steeds.

Google heeft bekendgemaakt te stoppen met het aanbieden van de vpn-dienst bij zijn cloudopslag-app Google One. Wanneer de techgigant de stekker uit de dienst zal trekken is niet bekend. Google heeft het over ‘later dit jaar’.

Volgens Google is er te weinig animo voor de vpn-dienst en kan het de tijd beter betreden aan het ontwikkelen van tools voor One.

VPN by Google One kwam eind 2020 beschikbaar, aanvankelijk alleen voor Premium-abonnees, later ook voor de goedkopere One-abonnementsmodellen. De vpn-dienst is te gebruiken in zo’n 20 landen, waaronder Nederland.

In het juli-nummer van ChannelConnect print pakken we uit met netwerkinfrastructuur. Klik hier voor meer informatie.

Clear Mind IT Consultancy uit Luxwoude in Friesland sluit zich aan bij Total ICT Solutions (TICTS). Als msp voor het mkb wil Clear Mind zich profileren als totaalleverancier in dienstverlening op het gebied van IT, telecom en connectiviteit.

Pepijn Lavrijssen blijft de algemeen directeur van Clear Mind. “Met deze stap krijgt onze fantastische reis met Clear Mind een passend vervolg. Hierin zal ik als algemeen directeur mijn team blijven leiden, samen met Hein Wuite en Fabian Olieberg. Clear Mind zal autonoom verder blijven groeien. Dat blijven we doen vanuit ons vertrouwde kantoor in Friesland. Daarbij worden mijn team en ik vanaf nu in de rug gesteund door TICTS.”

Nils Vermeulen, General Manager van TICTS: “Met Clear Mind hebben we een partij gevonden die, net als wij, overtuigd is van het belang van een optimale klantbeleving, getuige hun visie en waarden. De continue focus op de wensen van de klant en de ambitie om elke dag een beetje beter te worden zijn erg herkenbaar. Het enthousiasme van het team en de no-nonsense aanpak past perfect bij onze visie.”

Een grote meerderheid (98 procent) van bedrijven in Europa verwacht dat hun omzet zal toenemen als zij hun connectiviteitsinfrastructuur verbeteren. Dat staat in een rapport van Cradlepoint, getiteld ‘State of Connectivity in Europe. Ruim een vijfde (22 procent) verwacht hiermee een omzetgroei tot 29 procent te boeken. De gemiddelde verwachte omzetgroei komt daarmee uit op 19 procent.

Volgens het door Censuswide in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Italië en het VK uitgevoerde onderzoek denkt bijna twee derde (65 procent) van alle respondenten dat een deel van deze omzetgroei zal voortkomen uit het toenemen van hun duurzaamheidsinspanningen. Een vergelijkbaar percentage (64 procent) is echter van mening dat zij hun bedrijf moeten verslimmen om deze te kunnen verduurzamen. 42 procent van alle bedrijven geeft daarom prioriteit aan het opwaarderen van hun netwerkinfrastructuur met mobiele connectiviteit. Dit maakt het mogelijk om nieuwe technologieën zoals AI en het IoT in te zetten om hun duurzaamheidsdoelen te realiseren en tegelijkertijd de efficiëntie en veerkracht van hun onderneming een boost te geven.

Beveiliging

In de haast om nieuwe technologie zoals IoT-sensoren te implementeren worden bedrijven blootgesteld aan steeds meer beveiligingsrisico’s. Hun IT-afdeling begint hierdoor het zicht te verliezen op wat er zoal binnen hun netwerk draait. Zo weet 77 procent van alle bedrijven die deelnamen aan het onderzoek niet zeker hoeveel IoT-apparaten er momenteel met hun bedrijfsnetwerk zijn verbonden en hoeveel er in de toekomst zouden kunnen bijkomen. Bijna de helft (45 procent) van alle bedrijven werd de afgelopen 12 maanden door een netwerkaanval getroffen. In 26 procent van alle gevallen viel deze aanval te herleiden naar een gehackt IoT-apparaat. Daaruit blijkt dat te veel bedrijven een gapend gat in hun netwerkinfrastructuur tolereren waarvan cybercriminelen misbruik kunnen maken.

Nederlandse bedrijven blijven ondanks de recente economische terugval en problemen met het terugbetalen van coronaleningen gefocust op het verbeteren van hun connectiviteit. 40 procent denkt dat dit hun operationele efficiëntie, veerkracht en flexibiliteit ten goede zal komen. Dit is niet een verrassing aangezien 37 procent van de respondenten aangaf vorig jaar een stijging van de operationele kosten als gevolg van gebrekkige connectiviteit te verduren kreeg. 27 procent verwacht daarnaast dat verbeterde connectiviteit kan bijdragen aan een omzetgroei tot 29 procent.

5G

Met de naderende komst van 5G kijken Nederlandse bedrijven uit naar de mogelijkheid om deze technologie in hun bedrijfsinfrastructuur te integreren en daarmee te profiteren van snellere dataverbindingen. 49 procent ziet potentie in de inzet van vaste draadloze toegang via 5G voor bepaalde scenario’s. 5G belooft lagere latency en verbeterde connectiviteit en daarmee ondersteuning te bieden voor de ontwikkeling van nieuwe toepassingen en diensten. Deze connectiviteitsboost zal de implementatie van IoT-toepassingen aanjagen, van smart cities tot en met industriële automatisering. Momenteel kan echter 84 procent van alle Nederlandse respondenten al niet met zekerheid zeggen hoeveel IoT-apparaten ze gebruiken. 52 procent van de Nederlandse respondenten kreeg de afgelopen 12 maanden te maken met een netwerkaanval. Aangezien van deze groep 22 procent denkt dat deze aanval te wijten was aan een gehackt IoT-apparaat, wordt duidelijk dat bedrijven meer grip op de beveiliging van hun netwerk en IoT-apparatuur moeten zien te krijgen.

Bedrijven zijn inmiddels van start gegaan met de voorbereidingen voor 5G. 44 procent van alle respondenten zegt bezig te zijn met het evalueren van hun infrastructuur. Het doel is om vast te stellen wat er kan worden hergebruikt of in een 4G- of 5G-netwerk kan worden geïntegreerd. 40 procent is bezig om ervoor te zorgen dat hun toekomstige netwerk optimaal schaalbare ondersteuning kan bieden voor nieuwe datatoepassingen. Bedrijven beseffen dat zij meer moeten investeren in de digitale vaardigheden en training van hun personeel om te kunnen profiteren van de voordelen van geavanceerde connectiviteit. 47 procent van alle respondenten is van mening dat dit hun medewerkers in staat zal stellen om efficiënter gebruik te maken van connectiviteitstechnologie.

Van alle apparaten die geïnfecteerd zijn met een infostealer voor het buitmaken van inloggegevens, is de helft zakelijk. Dat zegt Kaspersky in een nieuw rapport. Sinds 2020 is het aantal zakelijke apparaten dat is besmet met datastelende malware, ook wel infostealer genoemd, met een derde toegenomen.

Het Kaspersky Digital Footprint Intelligence team meldt dat 21 procent van de werknemers van wie het apparaat is geïnfecteerd, de schadelijke malware herhaaldelijk gebruikt. Volgens het bedrijf is er sprake van een zorgwekkende trend: zakelijke apparaten worden steeds vaker bedreigd door infostealers. Volgens gegevens uit logbestanden van infostealers die circuleren op het dark web, is het aandeel zakelijke gebruikers dat is besmet met dergelijke malware sinds 2020 met 34 procentpunt gestegen.

In 2023 concludeerden experts dat elk tweede apparaat (53%) dat geïnfecteerd was met malware voor het stelen van inloggegevens, zakelijk was. Ook bleek dat het grootste aandeel infostealers-infecties werd aangetroffen in de Windows 10 Enterprise-versie. Na het infecteren van één apparaat kunnen cybercriminelen toegang krijgen tot alle accounts, zowel persoonlijke als bedrijfsaccounts. Volgens de statistieken van Kaspersky bevat één logbestand de inloggegevens van een bedrijfsmail, waarbij die gegevens toegang geeft tot gemiddeld 1,85 bedrijfswebtoepassingen, waaronder webmailtoepassingen, systemen voor de verwerking van klantgegevens, interne portals en meer.

Het mobiele dataverbruik zat in 2023 met ruim 25 procent flink in de lift. Dat blijkt uit cijfers van de Autoriteit Consument en Markt. De cijfers hebben betrekking op de consumentenmarkt, maar de overlap tussen privé en zakelijk gebruik neemt al jaren gestaag toe, met name door het toenemende aantal zzp’ers. Opvallend is dat het aantal belminuten over de hele linie, zowel vast als mobiel in tien jaar tijd met 75 procent is gedaald.

Het mobiele dataverbruik liet het afgelopen jaar een flinke stijging zien van zo’n 25 procent ten opzichte van 2022. Over 2023 kwam dit uit op iets meer dan 2 miljard gigabyte. Ten opzichte van vijf jaar geleden is het mobiele dataverbruik ongeveer verviervoudigd.

Het aantal huishoudens met een glasvezelnetwerk voor de deur kwam in 2023 uit op 7,13 miljoen. Het aantal daadwerkelijke abonnementen over glasvezel, waarbij er sprake is van een aansluiting en verbinding, liet een groei zien van 300.000 naar 2,64 miljoen huishoudens. Dat betekent dat inmiddels ruim een derde van de huishoudens met beschikking over glasvezel ook een actief abonnement heeft. Het aantal koperaansluitingen daalt ondertussen, omdat er een start gemaakt is met het uitschakelen van deze voorziening op plekken waar glasvezel beschikbaar is.

Steeds meer Nederlanders beschikken inmiddels over snel internet via glasvezel of kabel. Waar in 2013 nog maar 9,3 procent van de Nederlanders een internetabonnement met een downloadsnelheid van 100 megabit per seconde en hoger had, was dit in 2023 81,7 procent. Europese doelstellingen voor algehele beschikbaarheid van meer dan 100 Mb per seconde per 2025 lopen daarmee op schema. Zo’n 7,3 procent van Nederlanders heeft een internetabonnement met een downloadsnelheid van 1 gigabit per seconde en hoger.

Populariteit bellen afgenomen

De populariteit van bellen laat de afgelopen jaren een dalende lijn zien. In het coronajaar 2020 was er sprake van een korte opleving van het aantal gevoerde gesprekken, zowel via vast als over mobiel. Na 2020 nam het aantal belminuten via vaste lijnen alweer af. In de jaren daarna verliest bellen aanhoudend aan populariteit; in 2023 belden we ruim 4 miljard minuten minder op mobiel en ruim en 1,38 miljard minuten minder over de vaste lijn dan in 2022.

Hoewel er in Nederland nog steeds 4,26 miljoen vaste telefonische aansluitingen zijn, is het aantal belminuten op vaste lijnen ten opzichte van 2013 met meer dan 75 procent afgenomen. In 2023 werd er nog maar 4,9 miljard minuten gebeld over de vaste lijn, in 2013 was dit nog 19,5 miljard minuten. Sms’jes worden ten opzichte van tien jaar geleden ook fors minder verstuurd, maar dit aantal laat wel een minder sterke daling zien dan het aantal belminuten.

Het aantal uitgegeven mobiele nummers is nagenoeg gelijk gebleven opzichte van 2022. Het uitgiftepercentage, in 2023 was het 88,5 procent, is al enkele jaren redelijk stabiel. Als het uitgiftepercentage boven de 90 procent komt, wil de ACM de ontwikkeling strakker monitoren.

Deze week vindt in de Jaarbeurs in Utrecht het event Zorg & ict 2024 plaats. ChannelConnect is mediapartner en doet verslag van de eerste dag vanaf de beurs. Mels Dees volgde keynotes en maakt een rondje over de beursvloer.

“Digitale transformatie in de zorg moet,” stelde Bianca Rouwenhorst, topambtenaar van ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tijdens de vakbeurs Zorg & ict in de Jaarbeurs in Utrecht. “Met de Nationale Visie en Strategie op het gezondheidsinformatiestelsel beschikken we over een kompas om met behulp van data en digitalisering bij te dragen aan de oplossing van vraagstukken in de zorg. Dat is geweldig, maar als we de transformatie echt vooruit willen helpen, moeten we ook meteen met de uitvoering aan de slag.”

Partners belangrijk

En voor die uitvoering kom je dan toch bij leveranciers én partners terecht. Extreme Networks is een leverancier, die via partners inspeelt op de behoefte bij zorginstellingen. “Het klopt natuurlijk dat er heel veel gebeurt op het gebied van digitale transformatie in deze sector,” zegt Patrick Groot Nuelend, Head of Vertical Markets & Strategy EMEA bij Extreme Networks. De zorg startte wellicht wat later met digitalisering dan andere sectoren, “maar zeker sinds corona zien we een enorme versnelling,” stelt hij. “Je ziet nu nieuwe ontwikkelingen aan de applicatiekant en aan de OT-kant, maar men realiseert zich ook steeds vaker dat al die mooie innovaties onmogelijk zijn zonder een betrouwbaar en schaalbaar netwerk.”

Extreme Networks, en vooral de partners, merken dat op het gebied van het netwerk in de zorg nog veel te doen valt. “Er zijn nog steeds heel veel zorginstellingen die met een verouderd netwerk te maken hebben, dat complex te beheersen is. En daar zien we ook een druk ontstaan dat er steeds meer gedaan moet worden met een beperkte capaciteit aan mensen. Daar hebben zij en wij partners bij nodig.” Om die reden presenteerde Extreme Networks zichzelf samen met partners op de beurs.

ERP uit de cloud

Axians zet al langer in op de cloud. “De transitie naar de cloud is onomkeerbaar,” is de overtuiging van Suzanne Beijen, Manager Zorg EPR bij Axians Business Applications. “Op het Microsoft platform bouwen wij specifieke oplossingen voor de zorg. En we presenteren die ERP-oplossing hier tijdens de beurs.”

Cloud in de zorg betekent echter niet het einde van datacenters en serverruimtes binnen de zorginstellingen. Dat lieten Rittal en hun zorg-channelpartner X-ICT zien. Zij toonden gezamenlijk een ‘datacenter in een kast’ op de stand. “Bekabeling, koeling, blussing, noodstroom en natuurlijk de servers zitten allemaal in één kast,” legden Marc van Rijssen, Business Developer bij X-ICT en Dion Cremers, Accountmanager RiMatrix bij Rittal, uit.

Interoperabiliteit

Servers en dataverwerking zijn essentieel binnen zorginstellingen, maar dat geldt ook voor communicatie. Om die reden gaf ook Exip acte de présence in Utrecht. “Wij presenteren in feite twee oplossingen tijdens de beurs,” geeft Maurice Veth, Sales Executive bij Exip, aan. “Aan de ene kant faciliteren we interoperabiliteit: welk platform, Zoom, Teams, Cisco, Google afdelingen of instituten ook gebruiken, wij maken communicatie mogelijk.” Aan de andere kant levert Exip ook een eigen platform, dat zorginstellingen volledig zelf kunnen beheren en dat kan communiceren en integreren met andere omgevingen, zoals het EPD. “Daarnaast bieden we videocommunicatie op een hoog niveau. De broeder in de ambulance kan daarmee bijvoorbeeld eerste bevindingen delen met artsen, opdat het ziekenhuis goed voorbereid is op de patiënt, of juist in een heel vroeg stadium het meest geschikte ziekenhuis kan worden gekozen.”

Verdieping van relaties

Spectralink benoemt nog dat het voordeel van een beurs als Zorg & ict is, dat de medewerkers op de werkvloer er ook komen. “Je praat als leverancier met een contactpersoon binnen een organisatie, maar hier komen ook de beheerders die er dagelijks mee werken. Dat zorgt voor een verdieping van de relatie,” zegt Patrick van Biemen, Strategic Account Manager bij Spectralink Corporation. Iets soortgelijks meldt ook Sharmaine van den Hoek-Janssen Business Unit Director Healthcare bij TOPdesk. “We hebben 450 zorginstellingen als klant en in de loop van deze beursdagen spreken we er zeker 400. De beurs is ideaal om contacten te leggen en te onderhouden.”

Nieuw onderzoek van KnowBe4 stelt vast dat ruim 66% van de Nederlanders wachtwoorden opslaat in webbrowsers en dat een groot aantal landgenoten geen idee heeft dat dit (automatisch) gebeurt. Dit concludeert KnowBe4 na het bevragen van 340 Nederlandse werknemers over de online gewoonten rondom wachtwoorden en authenticatie.

Als het gaat om het opslaan van wachtwoorden in webbrowsers, was 30% van de respondenten ervan overtuigd dat ze dat nooit doen. Bijna 18% gaf aan wachtwoorden altijd op te slaan in de browser en de overgrote meerderheid doet dat soms (43%). Alle respondenten werd na de enquête gevraagd om zelf te controleren of er wel of geen wachtwoorden in hun browser waren opgeslagen. Bijna 60% van de respondenten gaf aan dat er (inderdaad) wachtwoorden stonden opgeslagen, maar ook dat ze daarvan reeds op de hoogte waren. Meer dan 13% van de respondenten werd echter verrast en gaf na controle aan dat ze toch wachtwoorden in de browser zagen staan, terwijl ze dachten dat dat niet zo zou zijn.

23% van de ondervraagden gaf aan geen Multi Factor Authenticatie te gebruiken. Bijna 19% van de ondervraagden zegt dat ze geen idee hebben wat MFA eigenlijk is en waar het voor nodig is. Ook wachtwoordmanagers waren niet altijd even bekend bij de respondenten, bijna 60% van de ondervraagden gaf aan geen gebruik te maken van een wachtwoordmanager. Daarnaast had 13% geen idee wat een wachtwoordmanager is, ondanks dat experts het gebruik van dergelijke apps al jaren aanmoedigen.

Steeds meer mensen zijn in staat om onware online informatie te onderscheiden. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. In 2023 gaf 67 procent van de bevolking van 12 jaar of ouder aan op internet informatie gezien of gelezen te hebben die volgens hen niet waar was, of waarbij ze twijfelden aan de waarheid ervan. In 2021 was dit nog 63 procent.

De cijfers staan in het nieuwste onderzoek ICT-gebruik van huishoudens en personen. In 2023 deden er zo’n 6.500 personen van 12 jaar en ouder aan mee.

De EU wil graag weten hoeveel mensen op internet informatie zien die volgens hen niet waar is, en wat ze vervolgens doen met onjuiste online informatie. Dit is een onderdeel van de digitale vaardigheden van mensen. Ruim de helft van de 12-plussers zei op sociale media zulke berichten te hebben gezien of gelezen. Ongeveer een kwart gaf aan misleidende berichten op nieuwswebsites te hebben gezien.

18- tot 35-jarigen zeiden tweeënhalf keer zo vaak als 75-plussers, online informatie te hebben gezien waarbij ze twijfelden of deze waar was. Dit nam toe ten opzichte van 2021 onder 12- tot 18-jarigen, en onder 65-plussers. Van mensen met een hbo- of universitaire opleiding zei 76 procent zulke berichten te hebben gezien, tegen 57 procent onder degenen die hooguit een vmbo-diploma hebben.

Mensen controleren steeds vaker

Van de mensen die hebben aangegeven informatie op internet te hebben gezien waarover ze twijfelden, zei 66 procent te hebben gecontroleerd of deze informatie waar was. Ruim 80 procent van hen gaf aan dit te doen door naar meer informatie te zoeken op andere nieuwswebsites of Wikipedia. De helft zei de bron te hebben gecontroleerd. Rond 30 procent gaf aan de informatie offline met anderen te hebben besproken, of offline naar meer informatie te hebben gezocht. Ruim 20 procent heeft de informatie niet gecontroleerd omdat men vermoedde dat deze niet waar was.

In 2023 had Nederland van alle EU-27 landen het hoogste percentage inwoners (van 16 tot 75 jaar), dat op internet informatie gezien had die volgens hen niet waar was, of waarbij ze twijfelden aan de waarheid ervan (71 procent). In Finland zei 70 procent van de 16- tot 75-jarigen dit, in Roemenië was dit met 29 procent het laagst. Het EU-27 gemiddelde was 49 procent.

Van de Nederlanders heeft 46 procent de informatie gecontroleerd door op internet naar meer informatie te zoeken, de bron te controleren, op internet discussies te volgen, of door offline informatie te bespreken. Dit is verreweg het hoogste percentage binnen de Europese Unie (gemiddeld 24 procent). 15 procent van de Nederlanders controleerde zo’n bericht niet, omdat men vermoedde dat het niet waar was. Van de Finnen gaf 26 procent dit aan.