SAP gaat samen met NVIDIA de generatieve AI-mogelijkheden in de cloudoplossingen van SAP verder uitbreiden. SAP wil hiermee zakelijke klanten meer mogelijkheden bieden op het gebied van generatieve AI en data-analyse.

SAP wil met behulp van NVIDIA’s generatieve AI-ontwikkeldienst hun Large Language Models (LLM’s) optimaliseren voor specifieke scenario’s en daarnaast nieuwe AI-mogelijkheden toevoegen. Ook wil het bedrijf met de nieuwe NVIDIA NIM-microservices applicaties ontwikkelen. De nieuwe geïntegreerde mogelijkheden moeten eind 2024 terechtkomen in SAP-cloudoplossingen zoals Datasphere, SAP Business Technology Platform (BTP) en RISE with SAP.

Daarnaast gaat SAP aanvullende generatieve AI-mogelijkheden inbouwen in SAP BTP. Het maakt daarbij gebruik van NVIDIA’s generatieve AI-ontwikkeldienst. Deze omvat NVIDIA DGX Cloud AI-supercomputing, NVIDIA AI Enterprise-software en NVIDIA AI Foundation-modellen.

Christian Klein

“Zakelijke klanten hebben behoefte aan geavanceerde technologie die businesswaarde levert”, zegt Christian Klein, CEO en lid van de Executive Board van SAP SE. “Strategische technologiepartnerschappen, zoals die tussen SAP en NVIDIA, vormen de kern van onze strategie om te investeren in technologie die het potentieel en de kansen van AI voor bedrijven maximaliseert. NVIDIA’s expertise in het op schaal leveren van AI-mogelijkheden moet SAP helpen het transformatietempo te versnellen en onze klanten beter te bedienen in de cloud.”

Zero-trustspecialist Zscaler neemt het Israëlische Avalor over. Dat bedrijf is gespecialiseerd in AI-analyse van data uit beveiligingssystemen. Zscaler wil hiermee klanten de mogelijkheid bieden om proactief kritieke kwetsbaarheden te identificeren en te voorspellen.

Avalor’s Data Fabric for Security verzamelt, normaliseert en verenigt data uit beveiligings- en bedrijfssystemen voor inzichten en analyses. De integratie met Zscaler moeten klanten de beschikking krijgen over dynamisch aanpasbare prioritering, rapportage, zero-copy analyses en realtime incidentbeperking, aangevuld met detectie van dreigingen, automatische data discovery en classificatie binnen het Zscaler platform.

“AI is even goed of slecht als de onderliggende data. Bij veel oplossingen ontbreekt het aan de aanvullende context en kennis uit databronnen om daadwerkelijk gebruik te kunnen maken van beveiligingsspecifieke AI-modellen”, zegt Jay Chaudhry, CEO, Chairman en Founder van Zscaler. “Met de overname van Avalor kunnen we kwetsbaarheden effectiever identificeren en tegelijkertijd inbreuken voorspellen en voorkomen.”

In 2023 bestond bijna 50% van de malwaredetecties voor het mkb uit keyloggers, spyware en stealers die aanvallers gebruiken om data en inloggegevens te stelen. De gestolen informatie wordt vervolgens door de aanvallers gebruikt om bijvoorbeeld ongeoorloofde toegang op afstand te krijgen, slachtoffers af te persen en ransomware te verspreiden. Dat staat in een nieuw rapport van Sophos, over de grootste dreigingen waarmee het midden- en kleinbedrijf wordt geconfronteerd.

Het rapport analyseert ook initial access brokers (IAB’s) – criminelen die gespecialiseerd zijn in het inbreken in computernetwerken. Uit het rapport blijkt dat IAB’s gebruikmaken van het dark web om reclame te maken voor hun mogelijkheden en diensten om in mkb-netwerken in te breken of kant-en-klare toegang te verkopen tot mkb’ers die ze al hebben gekraakt.

“De waarde van ‘data’ als betaalmiddel is exponentieel toegenomen onder cybercriminelen, en dit is met name het geval voor mkb’ers, die de neiging hebben om slechts één dienst of softwareapplicatie per functie te gebruiken voor hun hele activiteit”, zegt Christopher Budd, director of Sophos X-Ops research bij Sophos. “Aanvallers gebruiken bijvoorbeeld een infostealer op het netwerk van hun doelwit om inloggegevens te stelen en vervolgens het wachtwoord van de boekhoudsoftware van het bedrijf te bemachtigen. Ze kunnen dan toegang krijgen tot de financiële gegevens van het bedrijf en eventueel geld naar hun eigen rekeningen doorsluizen. Er is een reden waarom meer dan 90% van alle cyberaanvallen die in 2023 aan Sophos werden gemeld, betrekking had op diefstal van data of inloggegevens, ongeacht of het nu ging om ransomware-aanvallen, data-afpersing, ongeoorloofde toegang op afstand of gewoon diefstal van gegevens.”

Ransomware grootste cyberdreiging voor mkb

Hoewel het aantal ransomware-aanvallen tegen mkb’ers gestabiliseerd is, is het nog steeds de grootste cyberdreiging voor het mkb. Van alle mkb-gevallen die werden behandeld door het Sophos Incident Respons (IR) team, was LockBit de ransomwarebende die de grootste ravage aanrichtte. Akira en BlackCat staan respectievelijk op de tweede en derde plaats. De mkb’s die in het rapport worden bestudeerd, werden ook geconfronteerd met aanvallen van oudere en minder bekende ransomware, zoals BitLocker en Crytox.

Volgens het rapport blijven ransomware-operators hun ransomware-tactieken veranderen. Dit omvat het gebruik van versleuteling op afstand en het aanvallen van managed service providers. Tussen 2022 en 2023 steeg het aantal ransomware-aanvallen waarbij er sprake was van versleuteling op afstand met 62%. Aanvallers maken in dit geval gebruik van een onbeheerd apparaat op de netwerken van organisaties om bestanden op andere systemen in het netwerk te versleutelen.

Aanvallers verscherpen Business Email Compromise-aanvallen

Volgens het rapport waren Business Email Compromise (BEC)-aanvallen het op één na hoogste type aanvallen dat Sophos IR in 2023 aanpakte. Deze BEC-aanvallen en andere social engineering-campagnes worden steeds complexer. In plaats van gewoon een e-mail met een kwaadaardige bijlage te sturen, vallen aanvallers hun doelwitten nu eerder aan door e-mails heen en weer te sturen of zelfs door hen te bellen.

In een poging om de traditionele tools voor spampreventie te omzeilen, experimenteren aanvallers nu met nieuwe formaten voor hun kwaadaardige content, waarbij ze afbeeldingen toevoegen die kwaadaardige code bevatten of door kwaadaardige bijlagen te verzenden in OneNote of archiefformaten.

Digitalisering gaat de komende jaren care, cure en welzijn op een nieuwe manier met elkaar verbinden. In de Achterhoek hebben zorgorganisaties daarvoor een vereniging opgericht – Digitale Zorg Achterhoek – die een eigen platform hebben: Geïntegreerde Regionale Data-infrastructuur Achterhoek (GERDA). Dat moet zorgen voor het verzamelen van alle zorginformatie van de aangesloten zorginstellingen. 

Dit is een artikel in het kader van de verticale markt Healthcare en de beurs Zorg & ICT die van 9 tot en met 11 april plaatsvindt in de Jaarbeurs. Lees er hier meer over.

Erwin Bomers is bestuurder van zorgaanbieder Marga Klompé in de Achterhoek. Hij voorspelt dat er de komende jaren veel gaat veranderen in de manier waarop zorg wordt aangeboden. “Waar we nu nog instituties als ziekenhuis en verpleeghuis kennen, gaan er andere zorgvormen ontstaan.” Digitalisering is daarbij een onmisbaar hulpmiddel, gelooft Bomers. “Je voegt met digitalisering waarde toe op een manier die je in de analoge wereld helemaal niet kunt realiseren. Denk aan veiligheid en continue nabijheid. Digitale technologie maakt dingen mogelijk die dat voorheen niet konden.”

Digitale oppas

Als voorbeeld noemt Bomers de inzet van slimme sensoren en camera’s in de nachtzorg. “Daardoor hoeven we onze cliënten niet constant meer te storen door te kijken of ze nog wel in bed liggen.” Een ander voorbeeld vormen de zogeheten ‘leefcirkels’. Volgens Bomers wordt de vrijheid van dementerende cliënten vele malen vergroot door de digitale oppas-functie. “In de analoge wereld was het óf de deur op slot óf een verzorgende die continu moest zorgen dat mensen niet gingen dwalen of de stad in gingen lopen. Nu kunnen we met een sensor op afstand monitoren. Doordat we ze kunnen volgen, kunnen mensen gaan en staan waar ze willen binnen de leefcirkel. Dat doen we natuurlijk wel in overleg met de familie.”

Als er al bezwaren tegen een dergelijke computer-oppas zijn, dan komen die volgens Bomers niet van de cliënten. “Bij cliënten merk ik helemaal niet zoveel weerstand is tegen digitale zorg. Ze vinden het vooral belangrijk dat de zorg tijdig en liefdevol is. Naarmate het gevoel van veiligheid afneemt, wordt digitalisering verder toegelaten. Als je kwetsbaar bent en je voelt je onveilig, is meekijken in een woon- of slaapkamer vaak geen probleem.”

Erwin Bomers | Foto: Marga Klompé

Voorzichtig proeven aan AI

In de Achterhoek hebben de gezamenlijke zorgaanbieders de vereniging Digitale Zorg Achterhoek (DZA) opgericht. De vereniging is verantwoordelijk voor een zorgacademie en een uitwisselingsplatform, de Geïntegreerde Regionale Data-infrastructuur Achterhoek (GERDA). Dit platform vervult een steeds prominentere rol bij verdere digitalisering van de zorg in de regio. “We komen nu in een fase waarin we data kunnen verzamelen over de organisaties heen”, legt Bomers uit. Dat is van cruciaal belang om knelpunten in de personele bezetting op te lossen. “Om gezamenlijk avond, nacht en weekenddiensten te kunnen doen, moet je in elkaars dossier kunnen kijken.”

Maar daar houdt GERDA wat Bomers betreft niet op. “GERDA is een platform waar al die informatie bij elkaar kan komen. Op basis daarvan zijn we nu voorzichtig aan het kijken of we daar AI op kunnen toepassen. Patroonherkenning door AI kan ons straks helpen om verbanden te zien die wij op het eerste oog niet zien. Nu zijn we vooral reactief in de zorg. We gaan zorg verlenen als iemand op de bel drukt. Informatietechnologie gaat ons helpen om proactief te zijn door te voorspellen waar het vast gaat lopen en waar het mis gaat. Ik denk bijvoorbeeld dat de huisarts al heel veel mensen in beeld heeft die over twee of drie jaar bij ons gaan wonen.”

Niet allemaal even digitaal volwassen

Voorbeeldig als de huidige samenwerking is, ze vraagt ook continu onderhoud. “Het is de kunst om alle kikkers in de kruiwagen te houden”, zegt Bomers. “Iedereen zit op een ander level van digitalisering. De ene partij is bovendien groter dan de andere en kan dus andere investeringen doen. Voor de vereniging is het spannend om alle partijen aangesloten te houden. Is iedereen in staat om de eigen organisatie op vlieghoogte te brengen? Je kunt kennis ophalen uit het land en de vereniging, maar ben je in staat om de organisatie zo in te richten dat die digitaal competent is?”

Een bijzonder punt van zorg vormt wat Bomers betreft de doorontwikkeling van de persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO). Die is bedoeld om de patiënt meer regie over eigen gezondheid te geven. Voor DZA een pijler voor een duurzaam zorgstelsel. “Ik maak me er ernstig zorgen over of de PGO überhaupt het licht gaat zien,” zegt Bomers. “Professionals hebben hun eigen dossier. Maar ook de hulpvrager moet over die informatie kunnen beschikken. Als we van de hulpvragers die dat kunnen meer zelfregie gaan vragen, dan moeten zij alle data en informatie hebben en die kunnen delen met wie zij willen. De data en informatie van verschillende hulpverleners bevat een schat aan informatie en kennis die nu nog onzichtbaar is. Het ontsluiten van dat alles gaat écht impact hebben op de zorg. We staan nog maar aan het begin van deze revolutie in de zorg. Dat is spannend en uitdagend tegelijkertijd.”

Databeschikbaarheid is een van de kernthema’s tijdens Zorg & ict 2024. Erwin Bomers treedt op als één van de keynotes op de mainstage.

Bron: Dutch Health Hub

Maker van analysesoftware Piwik Pro gaat zich nu ook richten op het mkb. Voorheen lag de focus voornamelijk op enterprise-klanten.

Piwik Pro is software is bedoeld om data uit e-commerce en andere toepassingen te verzamelen en te analyseren voor marketing en sales. Het is volgens het bedrijf een alternatief voor Google Analytics. Het bedrijf ziet mogelijkheden in de mkb-markt, omdat de gratis variant van de software succesvol blijkt. Deze Piwik Pro Core is relatief beperkt, maar gebruikers kunnen naar behoefte extra modules bijkopen.

Nederland blijft achter op het gebied van Generatieve AI en dreigt daarmee zijn positie als digitale koploper te verspelen. Dat blijkt uit onderzoek door Google naar de impact van Generatieve AI op de Nederlandse economie dat vandaag is gepubliceerd.

Het onderzoek onthult dat Generatieve AI de komende tien jaar tot 85 miljard euro aan het Bruto Binnenlands Product (BBP) kan toevoegen (+9%), maar alleen als Nederland nu investeert in educatie, innovatie en adoptie. Een vertraging van vijf jaar in de adoptie en ontwikkeling van generatieve AI kan de groei terugdringen naar €15-20 miljard (+2%).

In het rapport staat dat 67% van de werknemers in Nederland Generatieve AI zullen gebruiken als ondersteuning bij hun werk. Dat is een belangrijke reden dat Generatieve AI tot 85 miljard euro kan bijdragen aan het bruto binnenlands product, zegt onderzoeker Martin Thelle van Implement, dat het onderzoek uitvoerde. “Generatieve AI kan voor een boost in productiviteit zorgen, die in Nederland de afgelopen tien jaar aanzienlijk onder het OESO-gemiddelde lag. Tegelijkertijd komt er tijd vrij als herhalende taken geautomatiseerd worden. Die vrijgemaakte tijd kan vervolgens besteed worden aan mensenwerk dat meer waarde toevoegt.”

Productiviteitswinst mislopen

Het onderzoek laat echter zien dat Nederland begint weg te zakken op het gebied van AI en de winst in productiviteit daarmee dreigt mis te lopen. Volgens de onderzoekers beschikt Nederland over geweldige AI-experts en -onderzoekers, maar er zijn er simpelweg te weinig van. Verder staat het Nederlandse bedrijfsleven niet vooraan bij het ontwikkelen en toepassen van AI-applicaties.

Slechts 35% van de Nederlandse bedrijven zegt in de komende vijf jaar te investeren in AI-automatisering. Dat is aanzienlijk lager dan in België (46%), Denemarken (58%) en Luxemburg (59%). Verder verwachten minder bedrijven in Nederland dat Generatieve AI de productiviteit verhoogt (28%) ten opzichte van wederom België (37%), Denemarken (51%) en Luxemburg (58%). Dit patroon zet zich voort onder Nederlandse werknemers: 35% zegt nu of in de komende vijf jaar Generatieve AI te gebruiken, maar dat is lager dan in Denemarken (43%), Noorwegen (44%) en België (49%).

Innovatiekloof

Nederland behoort daarmee tot de middenmoot van de digitale koplopers in Europa, terwijl Europa zelf al te maken heeft met een kennis- en innovatiekloof ten opzichte van grootmachten als de Verenigde Staten. Recente beoordelingen van de Europese Commissie suggereren dat de EU aanzienlijk tekort zal schieten in haar AI-doelstellingen voor 2030.

Martijn Bertisen, Vice President van Google Nederland, benadrukt: “Nederland beschikt van oudsher over een uitstekende digitale infrastructuur, maar dreigt op het gebied van AI de boot te missen. Er zijn te weinig AI-experts, we beginnen achter te lopen op onderzoek en zien beperkte steun voor AI-startups. Nederland moet aansturen op een arbeidsmarkt die als vanzelfsprekend met AI kan werken. Google ziet een deel van de oplossing in meer samenwerking tussen de publieke en private sector om zo te investeren in kennis en omscholing.”

Constantijn van Oranje, Special Envoy van Techleap, aanjager van start-ups en scale-ups in Nederland: “Generatieve AI is net zo transformatief als het internet 20 jaar geleden. We zullen de impact ervan merken in alle sectoren van de economie en alle geledingen van de samenleving. We kunnen het ons niet permitteren om niet volop te investeren in de ontwikkeling en toepassing van deze technologie, zodat we ervan kunnen profiteren, maar ook enige richting kunnen geven aan en controle kunnen houden op hoe AI zich ontwikkelt.”

Het innovatie- en ondernemersklimaat staat onder druk in Nederland. Dit stelt een grote groep van bedrijven en kennisorganisaties. Zij uiten hun zorgen over de innovatiekracht en het verdienvermogen van Nederland in een brandbrief.

De overheid moet zich opstellen als een betrouwbare partner. ‘Voor innovatie heb je zekerheid nodig, en de Tweede Kamer dreigt beslissingen te nemen die het vertrouwen van het bedrijfsleven in de overheid gaat aantasten’, zegt directeur Lotte de Bruijn van NLdigital.

In de brandbrief, op initiatief van brancheorganisatie van de digitale sector NLdigital en ondernemersorganisatie van de technologische industrie FME, benadrukken zij en 29 ondertekenaars dat de overheid zich onvoldoende beseft dat op korte termijn actie nodig is. Theo Henrar, voorzitter van FME, onderstreept het belang van voorspelbaarheid: “De Tweede Kamer is bezig met kortetermijnpolitiek, ze zijn het innovatieklimaat van Nederland verder aan het slopen. Kijk naar de schrijnende voorbeelden; er wordt gegraaid ui het Nationaal Groeifonds en de 30%-regeling is versoberd. Wat de Kamer zich moet realiseren is dat er behoefte is aan stabiliteit en continuïteit voor het bedrijfsleven.”

Stijn Grove, Managing Director van de DDA: “De overheid geeft aan de digitale koploperspositie te willen behouden, om dit mogelijk te maken zijn investeringen in de digitale infrastructuur en datacentersector hard nodig. Datacenter projecten zijn tijd- en kapitaalintensief en zekerheid in beleid is essentieel voor Nederlandse investeringsklimaat.”

Nationaal Groeifonds

Aanleiding voor de brief is de onduidelijkheid die heerst over de doorgang van het Nationaal Groeifonds. In een recent debat van de Tweede Kamer heeft minister Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat – onder druk van de formerende partijen – toegezegd de vierde ronde van het Groeifonds enkele maanden uit te stellen. Met het Nationaal Groeifonds investeert het kabinet in projecten die bijdragen aan onder andere de digitalisering van de economie en de ontwikkeling van innovatieve technologie voor in de gezondheidszorg, het onderwijs en de energietransitie. Diverse bedrijven, kennisinstellingen en andere organisaties waren al aan het werk aan voorstellen. Zij staan klaar om met hun innovaties het verdienvermogen van Nederland te versterken, maar verkeren nu in grote onzekerheid.

Blijvende investeringen nodig

Lotte de Bruijn: ‘De afgelopen jaren zijn er veel stappen gezet om van Nederland een koploper te maken op het gebied van innovatie. Dit is van wezenlijk belang voor verschillende onderwerpen, zoals zorg en veiligheid. Als we de geldkraan van het Nationaal Groeifonds nu dichtdraaien, dan zijn veel inspanningen voor niets geweest.’ Ook heeft het gevolgen voor strategische afhankelijkheden van Nederland. “Je kunt niet klagen over dat wij steeds afhankelijker worden van het buitenland, onder andere op digitaal vlak, als we zelf de investeringen in kennis en innovatie inperken.”

Theo Henrar voegt daaraan toe: “Om in de toekomst onze zorg en politie te kunnen blijven betalen, moeten we blijven investeren in innovatie. Innovaties van ondernemers zijn nodig om maatschappelijke problemen op te lossen. De overheid geeft aan dit in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven te willen doen. Deze samenwerking wordt echter onder druk gezet door onduidelijk en onvoorspelbaar gedrag van diezelfde overheid. Snel duidelijkheid over het Groeifonds verminderd het afnemende vertrouwen van ondernemers in de overheid.”

De brief kan rekenen op brede steun. De brede coalitie bestaat uit:

  • NLdigital
  • FME
  • VNO-NCW
  • Federatie van technische universiteiten 4TU
  • Topsector ICT
  • Holland High Tech
  • Future Network Services
  • Maritiem Masterplan
  • Quantum Delta NL
  • TNO
  • MARIN
  • Materials innovation institute
  • Brainport Development
  • NXP
  • KPN
  • Thales
  • Nokia
  • Odido
  • VodafoneZiggo
  • GKN/Fokker
  • Ericsson
  • Airbus
  • Nederland Maritiem Land
  • Cyberveilig Nederland
  • Netherlands Aerospace Group
  • Netherlands Maritime Technology
  • Dutch Data Center Association
  • Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders
  • Dutch Cloud Community
  • CIO Platform
  • Opleidingsfonds Arbeidsmarkt ICT

Dat grote beurzen, zoals de CES in Amerika of het Mobile World Congres (MWC) in Barcelona, vaak ver voor de troepen uitlopen is logisch. Men presenteert er immers innovaties die pas op termijn beschikbaar zijn voor eindgebruikers.

Zo waren devices die Wifi 7 ondersteunen tijdens MWC op bijna elke stand te zien. Dit terwijl de meeste consumenten nog een router in hun meterkast hebben die geschikt is voor Wifi 5. In korte tijd kwamen versie 6 en zelfs 6e van de draadloze technologie op de markt – en die zijn alweer verouderd.

5.5G als nieuwe standaard?

Aan de tussenfase die Wifi 6e vormde moesten we denken bij het bezoek aan de ‘aanwezigheid’ van Huawei in Barcelona. Aanwezigheid klinkt wellicht merkwaardig, maar omdat de Chinese fabrikant bijna de gehele Hal 1 had afgehuurd kon niet meer gesproken worden over een ‘stand’. Tijdens een rondleiding langs alle innovaties ging het vooral over 5.5G, als opvolger, of vervolmaking, van de mobiele technologie 5G. Is hier sprake van een nieuwe standaard voor mobiele communicatie, terwijl we in Nederland nog niet eens maximaal profiteren van 5G?

Dat is het niet, geeft ook Huawei eerlijk toe: het is een eigen benaming voor technologie die de kracht van 5G maximaal wil benutten. Het is marketing, maar wel met inhoud, voegde men er haastig aan toe. De leverancier wil in nauwe samenwerking met operators wereldwijd de grenzen van 5G opzoeken en waar mogelijk verleggen.

Zelfrijzende bestelwagen

Tijdens de beurs adresseerde Huawei een aantal projecten dat invulling geeft aan 5.5G. Uiteraard werd de aandacht van veel bezoekers getrokken door een zelfrijdende auto. Het wagentje rijdt al rond in verschillende Chinese steden en levert daar pakjes af. In de stad Shenzhen zou het vorig jaar gegaan zijn om 14 miljoen pakketten. Eenmaal aangekomen bij het adres kan de ontvanger, die vooraf is geattendeerd op het moment dat het wagentje arriveert, door middel van een code een luikje openen en zijn pakket pakken – of er een retourzending in stoppen.

Huawei bouwde niet zelf de complete wagen, maar leverde de benodigde technologie voor onder meer de navigatie: een snelle en betrouwbare mobiele dataverbinding en zeer nauwkeurige plaatsbepaling vallen binnen het streven van 5.5G. Downloadsnelheden tot 10 Gbps maken dit mogelijk. Ook gebruik van virtual reality en artificial intelligence zullen profiteren van fors hogere down- en upload-snelheden.

Duurzaamheid

Veel aandacht was er ook voor verduurzaming tijdens de beurs. Zo streeft Huawei ernaar ‘zero bytes, zero watt ’ mogelijk te maken. In andere woorden: als zenders of andere apparatuur niet gebruikt worden, bijvoorbeeld ’s nachts, dan moet ook de energieconsumptie teruggebracht worden. In het ideale geval gebruiken ze helemaal geen energie meer in deze slaapstand, maar dat doel is nog niet bereikt.

Aan andere stap in het besparen van energie vormt voor Huawei de inzet van passief IoT. Hierbij worden chips ingezet die energie halen uit het ontvangen radiosignaal. Het betreffende device kan met deze ‘geoogste’ energie functioneren. Het is te vergelijken met NFC (Near Field Communication), maar met een veel groter bereik, tot wel 20 meter. Zou je een condensator inbouwen (die opgewekte stroom kan opslaan en gebundeld kan terugleveren) dan is 100 meter zelfs haalbaar.

Drie op de tien (31%) supportmedewerkers ervaren alleen waardering wanneer ze een (technisch) probleem oplossen. Dit blijkt uit een peiling uitgevoerd door TOPdesk onder ruim tweehonderd supportmedewerkers.

Met het begrip supportmedewerker wordt iemand bedoelt die ervoor zorgt dat alle vragen en problemen die gerelateerd zijn aan ICT zo snel mogelijk worden opgelost en afgehandeld. Een ruime meerderheid van 74 procent van de supportmedewerkers ervaart een overbelasting van taken. Daarnaast vind 76 procent dat hun vakgebied onvoldoende waardering krijgt.

Naast de hoge werkdruk en gebrek aan erkenning worden supportmedewerkers geconfronteerd met belangrijke maatschappelijke verschuivingen, zoals de opkomst van AI. Twaalf procent van hen maakt zich zorgen over de toekomst van hun baan vanwege de impact van AI. Ze vrezen vervangbaar te worden door technologieën zoals chatbots. Desalniettemin is een meerderheid van 88 procent van mening dat het supportvak zijn relevantie zal behouden.

Workforce management softwareleverancier Protime neemt de planningssoftware Sheepblue over. Deze software voor personeelsplanning op basis van AI, werd ontwikkeld door de gelijknamige Oostenrijkse start-up.

De software richt zich op sectoren waar in ploegen gewerkt wordt, zoals in de logistiek en in de productie, waar zaken bij komen kijken zoals shiftwissels en dag- en nachtwerk. De functionaliteiten van de Sheepblue-software zullen geïntegreerd worden in de bestaande Protime software.

De komende maanden wordt de Sheepblue-software geïntegreerd in Protime’s workforce management platform. De AI-planningstool kan rekening houden met wet- en regelgeving, gekozen optimalisatiestrategieën, vereiste werktijden en voorkeuren van de werknemers. Ook bevat het features voor het vastleggen van specifieke vaardigheden voor het werken van bepaalde diensten en het ruilen van shiften tussen collega’s, en is het mogelijk om per minuut in te plannen.