De groei van de Nederlandse techsector is in het afgelopen jaar gestagneerd. Vergeleken met Europese landen als het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk groeien Nederlandse start-ups minder snel doordat zij er langer over doen om investeringen aan te trekken. Ook het nijpende tekort aan gekwalificeerd personeel remt de ontwikkeling van de sector. Dit blijkt uit het jaarlijkse State of Dutch Tech-rapport van Techleap, de non-profitorganisatie voor het versnellen van de groei van start-ups en scale-ups.

Techleap stelt dat een structurele investering in de techsector noodzakelijk is, omdat deze bedrijven innovatieve oplossingen bieden voor uitdagingen in bijvoorbeeld klimaat en gezondheidszorg. Bovendien fungeren ze als de banenmotor van de toekomst.

Ondanks dat de Nederlandse techsector nog altijd een van de best presterende van Europa is, liepen investeringen in het afgelopen jaar terug met 25%. Nederland telde in 2022 en 2023 geen nieuwe ‘unicorns’ (private startups met een waarde boven de 1 miljard dollar) en er zijn in het afgelopen jaar geen Nederlandse beursgangen geweest. Ook in de rest van Europa is het aantal ‘unicorns’ en beursgangen in de afgelopen periode afgenomen.

Groeispurt Nederlandse tech start-ups loopt achter in Europa

Veel Nederlandse start-ups hebben moeite met financiering in latere fases. Het lukt ruim twee derde van de start-ups (70%) niet om na seed-investeringen kapitaal aan te trekken. Bovendien doen de Nederlandse start-ups, die hier wel in slagen gemiddeld zes jaar over de volgende kapitaalinjectie. Daarmee lopen Nederlandse bedrijven een jaar achter op Europese gemiddelden, en twee jaar op Amerikaanse bedrijven. Ook worden start-ups in latere fases van hun groei steeds afhankelijker van buitenlandse investeerders. In 85% van de grote investeringsrondes waren internationale investeerders betrokken.

Focus op deeptech in Nederland

Constantijn van Oranje

Een positieve trend is dat bedrijven in de deeptech-sector in de lift zitten. In Nederland is bijna de helft van de investeringen (48%) in het afgelopen jaar naar de deeptech-sector gegaan. De sector haalde dan ook 15% meer op dan in 2022. Er is aanzienlijk geïnvesteerd in bedrijven die uit universiteiten zijn ontstaan, waaruit de potentiële waarde van de Nederlandse academische wereld blijkt. De huidige trend is echter geen garantie voor de toekomst. Dit is vooral afhankelijk van de mate waarin deeptech-start-ups in staat zijn om versneld verder te groeien.

“Er is een enorme potentie om van Nederland een echt ‘deeptech-land’ te maken, regionale specialisaties te omarmen en Nederlandse scale-ups door te laten stoten op de internationale markt”, aldus Constantijn van Oranje, Special Envoy van Techleap. “Om onze economische positie veilig te stellen, moeten we veel beter in staat zijn om onze wetenschappelijke kennis en technologie om te zetten in succesvolle bedrijven. Daarvoor is een ambitieus vestigingsklimaat nodig en een open economie, met voldoende kapitaal en talent om bedrijven te laten groeien.”

Vraag naar internationaal talent neemt toe

Uit de State of Dutch Tech blijkt ook dat het nog steeds uitdagend is om aan gekwalificeerd personeel te komen vergeleken met andere Europese landen. De werkgelegenheid groeide in het afgelopen jaar met 6 procent. Een van de oorzaken is een tekort aan beschikbaar gespecialiseerd talent, bijvoorbeeld in functies als software engineers en datawetenschappers. Volgens Techleap is er in Nederland veel te winnen op gebied van internationaal talent en een diverse, inclusieve afspiegeling binnen organisaties.

Veel Nederlandse innovatie in zorg, voeding en halfgeleiders

In Nederland springen sectoren als zorg (€591 miljoen), voeding (€257 miljoen) en halfgeleiders (€216 miljoen) eruit bij het aantrekken van kapitaal. Met name de halfgeleiders zetten een spraakmakende groei door: van €14 miljoen in 2019 naar €216 miljoen in 2023. Fintechs en softwarebedrijven zagen juist minder nieuw kapitaal tegemoet. In deze sectoren werd 60 procent minder geïnvesteerd dan afgelopen jaar. Op Europees niveau valt op dat de financiering voor energietechnologie enorm toeneemt. In vijf jaar tijd vervijfvoudigden investeringen hierin van €2,81 miljard naar €15,08 miljard.

Axelio, een groep van vier Microsoft partners, kondigt een intensieve samenwerking aan met IT-dienstverlener Interstellar. Beide bedrijven hanteren een Microsoft-first strategie.

Met specialisaties in Microsoft Dynamics CRM, ERP, Modern Workplace en de Power Platform Suite, sluiten de werkzaamheden van Axelio goed aan op die van Interstellar, zegt het bedrijf. Interstellar focust zich op Security, Infrastructure en Business Productivity vanuit de Microsoft suite.

Maarten van Montfoort, CEO van Interstellar, licht de samenwerking toe: “Axelio zal de klanten die Interstellar bedient op het gebied van Microsoft Dynamics CRM en ERP onder haar hoede nemen. Deze overdracht van verantwoordelijkheden zien we als een strategische zet om de klantervaring te verbeteren.”

Frank van der Woude, CEO van Axelio, ziet de samenwerking als een mooie stap om de klanten van Interstellar een breder scala aan oplossingen en diensten te bieden: “Axelio gaat zijn diepgaande kennis en ervaring inzetten op het vlak van Microsoft Dynamics CRM en ERP voor middelgrote organisaties. Fantastisch dat Interstellar en Axelio de handen ineenslaan en op deze een gezamenlijke propositie bieden voor de Nederlandse markt.”

Interstellar is in 2021 ontstaan uit het portfolio van investeringsmaatschappij Quadrum Capital en werkt inmiddels met ruim 800 medewerkers vanuit elf locaties in Nederland en heeft een focus op middelgrote organisaties en instellingen.

Axelio is een groep van Microsoft-partners met ruim 120 medewerkers die werken vanuit 6 locaties.

Foto: Maarten van Montfoort (CEO van Interstellar, links) en Frank van der Woude (CEO van Axelio).

Maker van administratieve software Exact heeft de nieuwe Winter ’24 Release uitgebracht. Daarin onder meer de mogelijkheid om rechtstreeks via de mobiele app betalingen te doen en debiteurenbeheer als standaard functie. 

Gebruikers van Exact Online kunnen nu betalingen verrichten via de mobiele app. Voorheen waren betalingen alleen mogelijk via de webapplicatie. De voorheen optionele add-on Exact Online debiteurenbeheer is toegevoegd als standaard functionaliteit. Gebruikers die werken met Exact Online Boekhouden Plus, Professional en alle sector gerelateerde ERP oplossingen krijgen deze functie er nu bij. Debiteurenbeheer zorgt onder meer voor het automatisch versturen van herinneringen.

Kantoorbeheer

Exact introduceert verder de Essentials editie van Exact Online Kantoorbeheer. Dit biedt een gecentraliseerd overzicht in een dashboard op de startpagina. Daarnaast integreert Essentials met Microsoft SharePoint Online, wat mogelijkheden opent voor document management. Later dit jaar wil Exact een Plus-editie van Kantoorbeheer lanceren. Deze zal worden voorzien van onder meer activiteitenplanning en voortgangsbewaking.

Andere toevoegingen in Exact Online hebben onder meer te maken met verbeteringen in de rekening-courant functionaliteiten.

Digitale gegevensuitwisseling in de zorg is niet vrijblijvend. Sinds vorig jaar geldt de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg (Wegiz). Deze verplicht zorgaanbieders om zorggegevens elektronisch uit te wisselen. Maar dat betekent niet dat alle obstakels nu uit de weg zijn. Stephanie Wijbrandts, directeur van Regionaal Elektronisch Netwerk (REN) West-Brabant, vertelt over de hobbels op het pad van digitale gegevensuitwisseling.

Dit is een artikel in het kader van de verticale markt Healthcare en de beurs Zorg & ICT die van 9 tot en met 11 april plaatsvindt in de Jaarbeurs. Lees er hier meer over.

De Wegiz geldt inmiddels alweer sinds 1 juli 2023. “Databeschikbaarheid zou hiermee een boost moeten krijgen”, zegt Wijbrandts. “Maar daar zien we in de praktijk nog weinig van.” Zorgverleners en patiënten moeten met de wet kunnen beschikken over actuele en volledige medische gegevens. Op dit moment is dat lang niet altijd het geval. Wijbrandts: “Dat komt doordat veel patiënten hun zorg niet op één plek halen, maar versnipperd over bijvoorbeeld de huisarts, het ziekenhuis, de thuiszorgorganisatie en de apotheek. Al die partijen hebben hun eigen systemen die niet automatisch met elkaar communiceren.”

Vanzelfsprekende zaken niet op orde

Als directeur van Regionaal Elektronisch Netwerk (REN) zet Wijbrandts zich in voor de databeschikbaarheid in de zorg in West-Brabant. “We werken met het model Twiin”, vertelt Wijbrandts. “Dat neemt belemmeringen bij het uitwisselen van medische informatie stap voor stap weg. Vaak zijn het hele vanzelfsprekende zaken die toch niet op orde blijken. Neem de patiënttoestemming. Als die ontbreekt, is gegevensuitwisseling niet toegestaan, tenzij er een spoedsituatie is.”

Wat is REN?

REN is een van de elf regionale samenwerkingsorganisaties (RSO’s) in Nederland. De RSO’s zijn ontstaan uit de behoefte aan een neutrale partner die de digitale gegevensuitwisseling tussen ziekenhuizen, VVT’s, huisartsen en apotheken in de regio’s bevordert.

Ook een ontbrekend landelijk adresboek van zorgaanbieders is zo’n belemmerende factor. “Andere West-Europese landen beschikken over zo’n adresboek”, weet Wijbrandts. “Nederland is in dat opzicht het slechtste jongetje van de klas. Dat komt doordat de zorg in ons land een vrije markt is. Wie toevallig met hetzelfde systeem werkt, heeft hetzelfde adresboek. Maar werk je met een ander systeem, dan heb je pech. Dan is er zelden een koppeling.”

Stephanie Wijbrandts. Foto: REN

Dan kan het gebeuren dat de juiste informatie niet tijdig op de juiste plek beschikbaar is. “Stel een patiënt gaat na een knieoperatie naar de apotheek om antibiotica te halen. Daar vragen ze zich af: moeten we, naast de antibiotica, ook de medicatie voor hoge bloeddruk meegeven die de patiënt al gebruikt?”, schetst Wijbrandts. De medewerker van de apotheek wil dat even overleggen met de medisch specialist, maar heeft geen telefoonnummer. Vanaf dat moment begint er een zoektocht. Hoe is de arts te bereiken die de patiënt geopereerd heeft? “Zorgaanbieders die aan het Twiin-afsprakenstelsel voldoen, kunnen gebruikmaken van het landelijk zorgaanbieders-adresboek. Daarmee kunnen ze de contactgegevens van de betreffende arts eenvoudig opzoeken.”

Gegevens op dezelfde manier structureren

Wijbrandts verwacht dat de 23 West-Brabantse zorginstellingen die tezamen REN vormen, per 31 december 2026 allemaal voldoen aan het Twiin-afsprakenstelsel voor gegevensuitwisseling. Of vanaf dat moment alle obstakels zijn verdwenen, is nog afwachten. “Huisartsen, specialisten, verpleegkundigen en andere zorgverleners hebben geen uniforme manier van registreren. Elk specialisme is op een eigen manier geschoold. Zo registreren ziekenhuizen rondom diagnose en behandeling, terwijl bij thuiszorgorganisaties het welzijn van de cliënt centraal staat bij de registratie. Om digitaal samen te werken, zullen alle zorgverleners zoveel mogelijk dezelfde taal moeten spreken.”

Tijdens Zorg & ict 2024 geeft Stephanie Wijbrandts de presentatie ‘Hoe organiseer je databeschikbaarheid in de regio?’ Ze doet dat samen met Albert-Jan Mante, lid van de raad van bestuur van het Bravis ziekenhuis en van REN.

Bron: Dutch Health Hub

Net als Eric van Uden, Country Manager bij AVM, vorige week, geeft ook Chantal ’t Gilde, Managing Director Benelux en Nordics bij security-specialist Qualys een reactie op de oproep die de Cyber Security Raad ondanks deed. Een blog in onze reeks ‘Het Meest Opvallende Nieuws Van…’ waarin iemand uit de markt een week lang onze nieuwsberichten volgt.

De Raad, een onafhankelijk adviesorgaan voor het Kabinet, spoort een nieuwe regering aan tot meer investeringen in cybersecurity. “Mijn eerste aanbeveling aan elke organisatie, en zeker ook de regering zou zijn dat cybersecurity serieus genomen moet worden,” begint ’t Gilde zijn reactie. “Veel te vaak zien we wel dat maatregelen aangekondigd worden, maar meestal zijn ze ten eerste niet doortastend genoeg. En ten tweede worden ze door organisaties als niet meer dan een ‘moetje’ gezien.”

Chantal ’t Gilde is positief over de Europese wetgeving als de Digital Operational Resilience Act (DORA) die inmiddels van kracht is. DORA is een Europese richtlijn die de financiële sector in de EU beter moet beschermen en weerbaarder maken tegen de toenemende cyberrisico’s, zoals cyberaanvallen en datalekken. Ook NIS2, waarover deze site al regelmatig schreef, zal het risicobewustzijn bij organisaties versterken, is de overtuiging van de Managing Director.

Noodzaak niet doorleefd

“Als ik het echter heb over ‘moetjes’, dan bedoel ik dat partijen echt wel hun best zullen doen om aan bepaalde eisen te voldoen, maar het blijft al snel bij het zetten van ‘vinkjes’ om slechts compliant te zijn. Security wordt dan niet als een noodzaak be- en doorleefd, maar als een gevolg van anonieme Europese regelgeving,” legt ’t Gilde uit.

Op het moment dat men vanuit de Nederlandse overheid zelf meer zou investeren in cybersecurity, werkelijk maatregelen én bewustwording naar de markt brengt en er zelf als overheidsinstantie naar handelt wordt het verschil gemaakt, stelt de topman van Qualys. “Cybersecurity moet als een absolute noodzaak gevoeld worden bij alles wat we doen. Alles en iedereen is tegenwoordig immers met elkaar verbonden.” Zoals mensen investeren in goede sloten op deuren en ramen, zo moet ook cybersecurity een vanzelfsprekendheid zijn.

Veel van de regelgeving gaat volgens ’t Gilde voorbij aan een bepalend element binnen security. “Mensen kennen de eigen risico’s niet. Ze weten niet waar ze kwetsbaar zijn en wat de impact van een incident kan zijn. Vooral daaraan moet gewerkt worden.”

Belangrijke rol partners

Dat is volgens ’t Gilde precies waar aanbieders in de securitysector aan werken. “En dat doen we in ons geval in nauwe samenwerking met onze partners. Zij krijgen immers dagelijks vragen van hun eindklanten over security. Eindgebruikersorganisaties worstelen met het geheel van cybersecurity en zoeken hun weg. Daar nemen partners de rol van vertrouwde adviseur opzicht: zij brengen risico’s in kaart en dragen oplossingen aan. Op die manier wordt de BV Nederland weerbaarder.”

Four IT Groep, de IT-partnerorganisatie die in 2021 opgericht is door Maaike Dekkers-Duijts, onthulde vandaag een de nieuwe bedrijfsnaam: Vooruit. Deze naam zal gebruikt worden door alle bedrijfsonderdelen die sinds de oprichting onderdeel gingen uitmaken van de holding, Four IT Groep, Scala Solutions, Tech Bakery, MCC en D-two.

De naam Vooruit brengt de ambitie van Dekkers-Duijts samen in één woord, bleek tijdens de aankondiging vandaag. “We willen doorgroeien naar 400 tot 500 medewerkers en op termijn 500.000 werkplekken gaan servicen voor onze klanten,” vertelde de topvrouw. De groei zal deels autonoom gebeuren, doordat de verschillende onderdelen groter worden, maar de ‘buy and build’-strategie wordt voortgezet. “We blijven kijken naar ondernemingen die bij onze cultuur passen en die een aanvulling voor ons zijn in activiteit of regio.”

Top 5-speler

In een eerder interview met ChannelConnect ging de CEO nader in op de groei-ambitie: “We hebben de positie en de propositie om ­verder te groeien. En om dat te realiseren kijken we toch in eerste instantie naar msp’s. Als die een volgende stap over­wegen, wil ik dat wij de eerste zijn aan wie ze denken.” Vooruit heeft de ambitie om  uit te groeien tot een top 5-speler in het IT-landschap.

Dekkers-Duijts heeft naar eigen zeggen een club gebouwd ‘waar energie in zit’. Een organisatie waar de mensen op een leuke manier met klanten en met elkaar bezig zijn. En, zo maakte CMO Marcel Joosten duidelijk tijdens de drukbezochte bijeenkomst: “we willen vooruit met onze medewerkers, maar vooral ook met onze klanten. Als een veelzijdige digitale versneller.”

Zoals veel fabrikanten presenteerde ook AVM een aantal nieuwe producten tijdens het Mobile World Congres in Barcelona. Daaronder was ook een router met ondersteuning voor Zigbee.

Allereerst was er de FRITZ!Box 6670 Kabel. Het is een docsis modem/router, bedoeld dus voor kabelaansluitingen. “Het is een van de eerste beschikbare routers met Wifi 7,” geeft Eric van Uden Country Manager Nederland bij AVM, aan. Wifi 7 maakt verbindingen met een betere kwaliteit mogelijk.

Officieel is de Wifi 7 standaard nog niet definitief vastgesteld. “Het is een standaard die nog in laatste fase van ontwikkeling zit. De bedoeling was de definitieve specificaties begin 2024 rond te hebben, maar dat is niet gelukt.” Grote veranderingen verwacht de Country Manager echter niet meer. “Als er al aanpassingen komen, dan kunnen die softwarematig in de vorm van een update worden gedistribueerd.”

Ondersteuning voor Zigbee

Een nieuwe ontwikkeling bij AVM is het feit dat nu ook Zigbee wordt ondersteund. Dit is een open standaard voor draadloze verbindingen tussen apparaten op korte afstand. Het is bedoeld als aanvulling op Bluetooth en Wifi. Men zet deze technologie steeds vaker in voor home oplossingen. Deze stap van AVM is opvallend, omdat de FRITZ!-lijn al enige tijd geleden is uitgebreid met AVM’s eigen smart home oplossingen, bijvoorbeeld voor de bediening van verlichting en verwarming. “Daarmee gaan we beslist door,” legt Van Uden uit. “Maar dankzij Zigbee kunnen producten die op andere platformen werken, integreren met ons op Dect-gebaseerde ecosysteem.”

De FRITZ!Box 6670 komt op korte termijn op de markt, zowel via providers als via het retailkanaal. “Het product is heel interessant in die landen waar de vrije modemkeuze al is ingevoerd,” weet Van Uden. “Met deze router kunnen consumenten al op korte termijn over Wifi 7 beschikken.”

Afscheid van ISDN

De tweede introductie is de FRITZ!Box 5690 Pro, ook verkrijgbaar als XGS-PON . Die is bedoeld voor een heel ander segment en biedt Wifi 7 over drie banden, namelijk 2,4 Gigahertz en 5 en 6 GHz “Noem het gerust een beest van een machine,” zegt Van Uden trots. “Vanwege die drie banden zitten er veel antennes is, vandaar de grotere omvang.” Ook dit device beschikt over Zigbee, naast alle bekende aanbiedingen, zoals DSL, VDSL, ADSL en Glasvezel. Opvallend: ISDN, een protocol dat AVM ooit al in een heel vroeg stadium ondersteunde en dit heel lang bleef voeren, is uit het toestel verdwenen. Het is in veel landen, zoals Nederland, immers niet beschikbaar.

Dit toestel biedt nog meer mogelijkheden voor smart home oplossingen, doordat het ook Matter ondersteunt. Dit is een verbindingsstandaard voor domotica. “Daarmee kunnen we de smart home wereld helemaal aan FRITZ! koppelen.”

Prototype

Tot slot liet Van Uden een prototype zien van de FRITZ!Box 6860 5G Hiermee kunnen consumenten op plekken met een slechte 5G dekking zelf een krachtig netwerk opbouwen, bijvoorbeeld op een camping. Het toestel is spatwaterdicht. De voeding geschiedt via Power over Ethernet.

Uit een recent onderzoek van het linkbuildingbedrijf Equote, gebaseerd op CBS-gegevens, blijkt dat slechts 20% van de IT-dienstverlenende bedrijven hun marketingbenadering vernieuwt om groei te bevorderen. Bij bedrijven die zich ook op technologische vernieuwingen richten, ligt dit percentage hoger: ongeveer 33,3% is actief op zoek naar manieren om hun marketingstrategieën te moderniseren.

Het onderzoek wijst uit dat, ondanks de snelle veranderingen in consumentengedrag en technologische vooruitgang, veel IT-dienstverleners terughoudend zijn om nieuwe marketingtechnieken te omarmen. Slechts een klein deel van deze bedrijven experimenteert met nieuwe ontwerpen voor promotiemateriaal (4,73%) of implementeert innovatieve reclamestrategieën (13,13%).

De resultaten suggereren dat veel bedrijven in de IT-sector mogelijkheden missen om zich te onderscheiden in een competitieve markt. Door te innoveren op het gebied van marketing, zoals het herontwerpen van promotiemateriaal en het ontwikkelen van nieuwe verkoopstrategieën, kunnen deze bedrijven consumentenaandacht trekken en hun marktaandeel vergroten.

“Het is opmerkelijk dat zo weinig IT-bedrijven de stap zetten naar innovatieve marketingstrategieën, vooral in een tijd van voortdurende marktveranderingen. Dit zou een signaal moeten zijn voor de sector om meer nadruk te leggen op innovatie, niet alleen op het gebied van producten en technologieën, maar ook op hoe deze worden gepresenteerd en verkocht,” aldus Jaron Veldhuis, mede-oprichter van Equote.

Veel traditionele ICT-beurzen, zoals de CeBIT in Hannover en ook de nodige Nederlandse events in Utrecht en Amsterdam hielden op te bestaan. Het Mobile World Congres (MWC) echter vond in 1987 voor het eerst plaats en veroverde al snel de positie die het nog steeds heeft. Het is de toonaangevende beurs op het gebied van mobiele telecom.

Juist het feit dat we ons in 1987 niet hadden kunnen voorstellen wat we inmiddels dagelijks met mobiele devices en (mobiele) netwerken kunnen doen, laat zien hoezeer het evenement wist mee te groeien en vaak ook richting wist te geven aan deze industrie.

PC’s Limited

Daarom was het mooi om deze week tijdens het event in Barcelona Michael Dell op het podium te zien staan. Hij richtte veertig jaar geleden het bedrijf PC’s Limited op en is nog steeds actief als chairman van Dell Technologies. Onder die naam is zijn onderneming immers bekend geworden. En, zo bleek tijdens zijn presentatie, hij is nog steeds net zo bevlogen en visionair als vier decennia geleden.

“Vanaf de geboorte van de personal computer tot aan het datacenter, de internetrevolutie en de virtualisatie tot de cloud hebben IT-leveranciers organisaties en industrieën en de wereld geholpen met transformeren”, begon Dell zijn keynote. “En als ik vooruitkijk, geloof ik eerlijk gezegd dat we nog maar net begonnen zijn.”

Telecom profiteert van AI

De topman verwees in dat verband naar de exploderende hoeveelheid data, en vooral naar het belang van data voor technologie als AI. En dat meldde hij niet voor niets juist tijdens dit event. “Telecommunicatiebedrijven moeten een winnaar zijn in deze volgende innovatiegolf,” stelde Dell. Volgens IDC heeft de telecomsector zelfs meer geïnvesteerd in generatieve AI dan welke sector in de economie dan ook, wist de IT-veteraan te melden.

Zijn stelling wordt onderschreven door de feiten. “Het kostte ons [als IT-industrie] veel tijd om 5 miljard mensen op internet te krijgen. Maar AI werd heel snel door 5 miljard mensen omarmd.”

Nu beloven IT-fabrikanten al sinds de start van automatisering en digitalisering dat hun oplossingen klanten zullen helpen. Dat stelde Michael Dell nu ook weer. “Er is nooit een beter moment geweest om slimmer of productiever te worden [dan nu]. Maar voor netwerkexploitanten en telecompartijen gaat het verder dan dat. Ze kunnen meer dan ooit de waarde die ze hun klanten bieden vergroten.”

Edge is de achtertuin

Dell ging vervolgens uitgebreid in op het belang van de edge. Het zijn volgens hem juist de telecom-ondernemingen die daarvan profiteren. “De overgrote meerderheid van de data in de wereld wordt aan de rand, de edge, van de echte wereld gecreëerd. En steeds vaker worden die gegevens zo dicht mogelijk bij het ontstaanspunt opgeslagen en verwerkt.”

Mensen willen geen AI naar de data brengen, maar juist omgekeerd. “En daarvoor en daarbij leunen we allemaal op de ondernemingen in de telecomsector.” Sterker nog, stelde de topman: telecompartijen zijn in de meest letterlijke vorm al een edge-interface. “Bedrijven in de telecom bevinden zich in de kamer en in de achtertuin van alle gebruikers. Dát is de edge.”

Mensen willen geen AI naar de data brengen

Echte wereldwijde dekking

Dat heeft consequenties, stelde Dell. “Laten we afstappen van de starre architecturen waarin hardware en software zo nauw met elkaar verbonden zijn dat ze niet op onafhankelijke basis verbeterd of zelfs maar geüpgraded kunnen worden.” Daarmee gaf Michael Dell een antwoord op de niet uitgesproken vraag: wat doet iemand die 40 jaar geleden startte met het verkopen van computers op het MWC? Dell bouwde toch servers voor datacenters?

“We stappen als industrie over op een netwerk dat softwarematig kan worden geüpgraded en dat een platform is voor nieuwe service-innovatie. De behoefte aan intelligente, razendsnelle netwerken en echte wereldwijde dekking is nog nooit zo groot geweest.” Het mag duidelijk zijn dat telecom daarbij een essentiële rol speelt, was de boodschap van de topman.

Concentratie op telecom

Vier jaar geleden nam Dell de strategische beslissing om zich meer dan ooit op telecom te concentreren. “We hebben onze oren gespitst en op basis van de feedback die we uit de markt kregen hebben we netwerk-specifieke platforms en software gecreëerd om de sterk gedistribueerde infrastructuur van een open netwerk te automatiseren.” Dit om de operationele flexibiliteit te vergroten, de effectiviteit te verbeteren en uiteindelijk de kosten te verlagen. In dat opzicht is de visie van Michael Dell de afgelopen 40 jaar niet veranderd.

Kaseya/Datto is verhuisd en heeft zijn intrek genomen in de UP Office Building aan het IJ in Amsterdam. Dit nieuwe kantoor zal dienen als hoofdlocatie voor de Europese markt, ter vervanging van het voormalige hoofdkantoor aan de Zuidas.

De feestelijke opening met het doorknippen van het symbolische lint werd gedaan door Hans ten Hove, VP voor Continentaal Europa in het bijzijn van Executive Team members vanuit het Miami hoofdkantoor, Fred Voccola (CEO) en Mike Sanders (CMO).

“De verhuizing is een nieuwe fase voor ons bedrijf dat de afgelopen maanden verdubbeld is in omvang en de komende jaren hard zal doorgroeien”, aldus Ten Hove. “De investeringen zitten voor een groot deel in accountmanagement voor zowel de Benelux organisatie als voor diverse teams die de Nordics, Benelux en DACH-markt bedienen. Het nieuwe kantoor biedt nu ook de mogelijkheid om MSPs op locatie te laten werken en bijvoorbeeld IT-vraagstukken gezamenlijk met de klant van de MSP bij Datto als leverancier te bespreken.”

Het kantoor in Amsterdam bedient partners met supportdiensten, technische ondersteuning en sales- en marketingactiviteiten bovenop de activiteiten die lokaal plaats vinden.