Four IT Groep maakt bekend dat het de overname van MCC Automatisering heeft voltooid. MCC Automatisering, gevestigd in Voorthuizen, en is een regionale managed service provider en implementatiepartner voor de ERP-oplossingen van KING Software en Microsoft Dynamics 365 Business Central.

Met de overname wil Four IT Groep de regionale dekking in Nederland versterken. MCC Automatisering bedient met name groothandels, productiebedrijven en e-commerce bedrijven met  IT-producten, diensten, support en implementatie van ERP oplossingen met bijbehorende bedrijfsprocessen.

Wilfred van der Lee, Directeur MCC, benadrukt het belang van wederzijds vertrouwen in de samenwerking met klanten en partners. “De aansluiting bij de Four IT Groep stelt ons in staat om klanten nog beter te laten groeien en excelleren.”

Maaike Dekkers-Duijts, CEO Four IT Groep: “Binnen de groep hebben we bijna alle expertise zelf in huis en willen we graag dicht bij de klant zitten. Door de aansluiting van MCC kunnen we nu ook de regio Midden-Nederland bedienen en de expertise op het gebied van ERP oplossingen integreren in ons totale dienstenaanbod.”

 

Nederland heeft een hoogwaardige en toegankelijke digitale infrastructuur die behoort tot de internationale top. Maar deze positie staat onder druk vanwege weinig prioriteit voor nieuwe investeringen, onvoldoende capaciteit op het elektriciteitsnetwerk en lastig te vinden fysieke ruimte. Dat schrijft minister Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat aan de Tweede Kamer.

De brief van de minister is bedoeld als begeleiding voor het rapport de Staat van de Digitale Infrastructuur, dat vandaag verscheen. Onderzoeksbureau Ecorys onderzocht in opdracht van de minister de stand van zaken bij de digitale infrastructuur. Het gaat daarbij om telecomnetwerken, zeekabels, datacenters, hosting en internet exchanges. Volgens de minister heeft deze sector een grote maatschappelijke en economische impact. Samen met toeleveranciers – zoals bedrijven die glasvezel aanleggen of leveranciers van netwerkapparatuur draagt de digitale infrastructuur-sector jaarlijks met 24,2 miljard euro bij aan het Nederlandse BNP. De sector omvat zo’n 200.000 banen.

Energie en CO2

Uit het onderzoek komt naar voren dat het energieverbruik in absolute termen fors is, maar als onderdeel van het totale energieverbruik in Nederland behoorlijk klein is. De digitale infrastructuur als geheel verbruikt slechts 0,65%. Daarbij komt 84% van de energie die de sector verbruikt uit groene elektriciteit en veroorzaakt geen uitstoot, waardoor de sector een relatief beperkte footprint heeft van 310 kton aan CO2-emissies per jaar, oftewel 0,22 procent van de totale Nederlandse CO2-footprint. Als het gaat om het ruimtegebruik, dan blijkt de digitale infrastructuur 1.170 hectare te bestrijken, 0,02 procent van de totale oppervlakte van Nederland.

De digitale infrastructuur is ook een belangrijke ‘enabler’ van de verduurzaming van andere sectoren. De besparingen die de digitale infrastructuur in potentie mogelijk maakt in de footprints van andere sectoren is volgens de onderzoekers een veelvoud van de eigen footprint.

Ook wordt de mythe dat een toename van het dataverkeer automatisch zou zorgen voor meer energieverbruik door de onderzoekers ontkracht. ‘Bedrijven die actief zijn in de digitale infrastructuur hebben al langer aandacht voor het beperken van hun energieverbruik. (…) Het heeft er mede toe geleid dat het energieverbruik niet sterk is toegenomen, terwijl het dataverkeer ondertussen aanhoudend exponentieel groeit (…): een toename van dataverkeer zorgt niet automatisch voor meer energieverbruik. Zo geldt
voor meer onderdelen van de digitale infrastructuur dat energieverbruik beperkt afhankelijk is van de hoeveelheid data. Daarnaast verbetert de energie-efficiëntie van apparatuur al jaren exponentieel. ’, aldus de onderzoekers. Daarbij verwijzen zij ook naar de grote beschikbaarheid van het energiezuinige glasvezelnet en de energiezuinige nieuwe generaties van mobiele technologie.

NLconnect

Branchevereniging NLconnect is blij met de inhoud: het rapport bevestigt dat de Nederlandse digitale infrastructuur aan de absolute top staat en ondanks haar relatief bescheiden omvang en kleine CO2-footprint een enorme maatschappelijke en economische impact heeft. Maar er is nog wel werk te verzetten, zegt de branchevereniging.

NLconnect directeur Mathieu Andriessen: “We zien het rapport van het ministerie als een steun in de rug. Het rapport toont het belang van onze digitale infrastructuur voor maatschappij en economie, en de minister geeft terecht aan dat onze digitale koppositie niet vanzelfsprekend is. Onze leden investeren in de uitrol van glasvezel, 5G en andere duurzame en betrouwbare breedbandnetwerken. Maar ook de overheid heeft een rol om onze sector te laten floreren. We ervaren het beleid van de overheid echter niet altijd als even doortastend of constructief. Zo komen frequenties soms te laat beschikbaar, worden van mobiele operators excessieve bedragen verlangd bij veilingen en is het lokale beleid rond inpassing van kabels en antennes versnipperd en onnodig duur. Voor telecompartijen en datacenters zijn aansluitingen op het energienet niet langer vanzelfsprekend en ook weigert het ministerie vooralsnog een staatssteun-regeling in te richten om de laatste 19.000 huishoudens aan te sluiten op snel internet. We hopen dat het rapport de nieuwe regering op deze punten aanspoort tot actie.”

 

Volgens beveiligingsbedrijf Check Point was 2023 een jaar dat werd gekenmerkt door een aanhoudende escalatie van cyberdreigingen. In Nederland liggen met name nutsbedrijven onder vuur met gemiddeld 1300 aanvallen per week. 

Vorig jaar was 10 procent van de organisaties wereldwijd het doelwit van een poging tot ransomware-aanval, schrijft het bedrijf, een stijging van 33 procent ten opzichte van 2022, toen 1 op de 13 organisaties te maken kreeg met ransomware-aanvallen. De onderzoekers van Check Point Research zagen verder veranderingen in het cyberdreigingslandschap, met name in de manier waarop ransomware-bedreigingen werden uitgevoerd.

In 2023 hebben organisaties wereldwijd elk gemiddeld meer dan 60.000 aanvallen meegemaakt, 1158 aanvallen per organisatie per week. Dit is een toename van 1 procent in cyberaanvallen ten opzichte van 2022 en een voortzetting van de toename in voorgaande jaren. Hoewel ransomware een serieus risico bleef vormen, vooral voor kleinere en minder goed beveiligde bedrijven, vond er een opmerkelijke verschuiving plaats waarbij sommige aanvallers zich concentreerden op campagnes van gegevensdiefstal en afpersing. Check Point wijst daarbij op twee prominente aanvalscampagnes – de MOVEit en GoAnywhere incidenten. “Deze aanvallen maakten geen gebruik van traditionele op encryptie gebaseerde ransomware, maar draaiden om afpersing, waarbij aanvallers betaling eisten in ruil voor het niet openbaar maken van de gestolen gegevens.”

Verandering van focus

De uitsplitsing per sector laat een dynamische verschuiving zien. De sector onderwijs/onderzoek, voorheen een belangrijk doelwit, zag een daling van 12 procent in het aantal aanvallen, maar staat nog steeds bovenaan de lijst met het hoogste aantal cyberaanvallen. De detailhandel/groothandel kreeg te maken met een toename van 22 procent, wat duidt op een verandering in de focus van aanvallers. De toename van het aantal aanvallen in de gezondheidszorg met 3 procent vinden de onderzoekers bijzonder zorgwekkend, gezien de kritieke aard van de diensten in deze sector.

In Nederland vonden de meeste aanvallen plaats bij nutsbedrijven met gemiddeld 1.300 aanvallen per week. Op de tweede plaats staat detailhandel/groothandel, gevolgd door onderwijs/onderzoek.

“De analyse toont dat cyberaanvallen nog steeds toenemen. In het zich snel ontwikkelende landschap van cyberbeveiliging heeft AI zich ontpopt als een hulpmiddel voor de verdediging tegen geavanceerde en zich steeds verder ontwikkelende cyberaanvallen”, vertelt Zahier Madhar, security engineer expert bij Check Point. “Het heeft een diepgaand effect gehad op zowel de doeltreffendheid van ransomware en andere aanvalsmethoden, als op het vermogen om zich tegen deze geavanceerde campagnes te verdedigen.”

Er is een opvallend gebrek aan organisatorische ondersteuning voor de integratie van AI-tools. Dat schrijft onderzoeksbureau Yorizon in een rapport over de acceptatie van AI en ChatGPT onder werknemers in Nederland. Volgens de onderzoekers is er bij organisaties nauwelijks beleidsvorming. Slechts 29% heeft een duidelijk beleid over het gebruik van AI.

Bijna de helft (47%) van de werknemers heeft al geëxperimenteerd met ChatGPT. Dat is zelfs een stuk hoger onder beeldschermwerkers (59%). Er zijn opvallende verschillen tussen leeftijdsgroepen. Onder 18-25 jaar heeft 79% ChatGPT geadopteerd als tool in het werk. In de leeftijdsgroep 56-65 jaar is dat maar 22%. “Hoewel leeftijd altijd een rol speelt bij de technologieadoptie, lijkt deze kloof wel uitzonderlijk groot,” schrijven de onderzoekers. ChatGPT wordt voornamelijk gebruikt voor tekstschrijven en ideeëngeneratie.

Het is nog niet zo dat veel mensen het al dagelijks gebruiken. Zelfs onder beeldschermwerkers gebruikt slechts 4% het vrijwel elke dag. Daarnaast heeft een aanzienlijk deel (53%) nog niet met deze technologie gewerkt, en 20% is er volledig onbekend mee. Een merendeel van de gebruikers (52%) meldt een verhoogde productiviteit door ChatGPT en de algemene gebruikerstevredenheid is positief.

De inschatting van de impact van AI op baanzekerheid varieert behoorlijk. Terwijl 32% van de gebruikers gelooft dat AI zal leiden tot banenverlies, ziet 46% dit niet als een gevaar. Opvallend is dat slechts 29% van de organisaties een duidelijk beleid heeft over het gebruik van AI.

Wouter Goed, Senior Country Manager Benelux voor Jamf, las het nieuws over het 2023 Global Risks Report dat het World Economic Forum in Davos heeft gepresenteerd. De opstellers van dit rapport benadrukken dat cybersecurity een topprioriteit moet worden. Een blog in onze reeks ‘Het Meest Opvallende Nieuws Van..’ waarin iemand uit de markt een week lang onze nieuwsberichten volgt.

“Dit nieuwe rapport van het WEF maakt opnieuw duidelijk dat zowel organisaties als particulieren cybersecurity echt serieus moeten gaan nemen. Natuurlijk had het eigenlijk allang een topprioriteit moeten zijn. De cyberrisico’s blijven toenemen en de gevolgen van een succesvolle aanval kunnen ernstig zijn. Bedrijven kunnen enorme financiële en reputatieschade lijden en particulieren kunnen het slachtoffer worden van identiteitsdiefstal of fraude. Dus het is echt een zaak van iedereen.”

Phishing blijft uitdaging

“Het rapport besteedt onder andere aandacht aan de risico’s die bedrijven lopen door phishing. In 2022 was maar liefst 90% van de Nederlandse organisaties slachtoffer van ten minste één succesvolle phishing-aanval. Waar ik mij nu veel zorgen over maak, is de groeiende inzet van allerlei AI-tools door cybercriminelen. Die maken het voor vrijwel iedereen heel makkelijk om een geavanceerde phishing campagne op te zetten, compleet met overtuigende e-mailteksten en met de vormgeving van organisaties die we allemaal kennen en vertrouwen.

Daar komt bij dat deze phishing aanvallen zich steeds vaker richten op mobiele telefoons, waarop het bijvoorbeeld lastiger is te zien of een link wel legitiem is. De inzet van AI gaat echter veel verder dan alleen goed lopende en grammaticaal correcte teksten. We hebben de eerste gevallen al gezien van deepfake fraudepogingen waarbij een stem van een directeur levensecht werd nagebootst en waarin deze opdracht gaf om een groot bedrag over te maken. Met de snelle ontwikkeling van realtime deepfake video’s worden dit soort risico’s nog groter. Want als een niet van echt te onderscheiden directeur in een videocall een betaalopdracht geeft, dan zullen de meeste mensen daar niet verder iets achter zoeken.”

Desinformatie grote zorg

“De risico’s van AI voor onze samenleving gaan echter verder dan alleen financiële cybercrime. Het WEF-rapport noemt door AI-gegenereerde desinformatie als de op één na grootste zorg in het wereldwijde risicolandschap in 2024. Generatieve AI wordt steeds meer ingezet om zeer geloofwaardige desinformatie te genereren en te verspreiden, met een snelheid en een volume die voorheen niet mogelijk waren. Dit jaar wordt een belangrijk politiek jaar, met in ons land de kabinetsformatie en in de VS natuurlijk de presidentsverkiezingen. AI zal zeker ingezet worden om stakeholders en stemmers – en daarmee de uitslag – te beïnvloeden. Met alle gevolgen van dien. Het is dan ook goed dat er nu zowel vanuit de EU als door de Nederlandse overheid visie en regels komen om de verdere ontwikkeling en vooral ook het gebruik van AI in goede banen te leiden.

Hoe dan ook, cybercrime, desinformatie en andere schadelijke activiteiten hebben onze aandacht echt nodig en zullen, zoals het WEF zegt, een topprioriteit moeten worden. Niet alleen voor IT- en securityteams, maar ook bij particulieren, medewerkers en vooral ook voor de directie. Want het businessmodel van cybercrime is intussen zo lucratief, dat het in de toekomst misschien wel aantrekkelijker gaat worden voor criminelen dan bijvoorbeeld de handel in drugs. Er is dus werk aan de winkel als het gaat om bescherming tegen cybercrime, voor ons allemaal. Want iedereen kan het slachtoffer worden.”

Leverancier van open-source oplossingen Red Hat vernieuwt zijn partnerprogramma. Het bedrijf wil zijn partners meer eenvoud, keuze en flexibiliteit bieden. Als onderdeel van deze transformatie moderniseert Red Hat zijn partner engagement-model via een nieuw programmaframework, met verbeterde tools voor efficiëntere samenwerking tussen teams en betere toegang tot kritieke technologie, training en andere hulpmiddelen.

Red Hat vereenvoudigt zijn partner engagement-model, waarmee het bedrijf meer transparantie binnen het ecosysteem nastreeft. Ook wordt een programmaframework geïmplementeerd dat de gezamenlijke klant centraal stelt. Dankzij het modulaire programmaontwerp zouden partners meer keuze en flexibiliteit moeten krijgen in hun samenwerking met Red Hat, zodat het partnership beter aansluit bij hun bedrijfsstrategieën en klantbehoeften.

Red Hat introduceert daarnaast het Red Hat Partner Practice Accelerator Program, dat zich richt op het identificeren, faciliteren, valideren en stimuleren van partners binnen het commerciële segment, inclusief middelgrote bedrijven en mkb-organisaties. Met dit programma wil Red Hat zijn partners in staat stellen om de volledige commerciële klantcyclus te beheren, terwijl deze gedifferentieerde zakelijke resultaten bieden via Red Hat Ansible Automation Platform en Red Hat OpenShift.

Accelerator Program

“Het Red Hat Partner Practice Accelerator Program bestaat uit een selecte groep partners die gevorderde technische kennis hebben aangetoond en best practices onder de knie hebben, door bij Red Hat-certificeringen op het gebied van automatisering en applicatieontwikkeling te behalen. Dit positioneert hen als betrouwbare experts die op maat gemaakte oplossingen kunnen ontwerpen, implementeren en configureren voor commerciële klanten,” zegt het bedrijf.

Als experts in automatisering en applicatiemodernisering kunnen gecertificeerde servicepartners in het Red Hat Partner Practice Accelerator Program helpen bij het ontwerpen, vormgeven en uitvoeren van digitale transformatie-roadmaps voor klanten. Daarvoor krijgen deze geselecteerde partners toegang tot diverse om hun winstgevendheid te verbeteren en zich te onderscheiden in de markt.

Trainingen en demo’s

Red Hat investeert tot slot ook in verbeterde toegankelijkheid voor hulpmiddelen, expertise en open source-oplossingen voor partners. Naast voortdurende verbeteringen van certificeringsmogelijkheden op het Red Hat Partner Training Portal en verbeterde zichtbaarheid van co-creaties in de Red Hat Ecosystem Catalog, biedt Red Hat partners nu een platform voor on-demand productdemonstraties, inclusief stapsgewijze instructies en discussiepunten voor klantgesprekken.

Het Red Hat Demo Platform wordt beschikbaar via Red Hat Partner Connect. Daarmee kunnen partners productdemonstraties geven die het volledige Red Hat-portfolio bestrijken. Het platform omvat multi-productdemonstraties en volledig gescripte workshops die kunnen worden ingezet om klanten een één- of tweedaagse ervaring te bieden. Het Red Hat Demo Platform moet deelnemende partners bovendien vroegtijdige toegang geven tot demo’s van nieuwe productreleases voordat deze algemeen beschikbaar worden.

Beschikbaarheid

De lancering van het vernieuwde partner engagement-model en partnerprogramma staat gepland voor de tweede helft van 2024. Het Red Hat Partner Practice Accelerator Program is een programma op basis van uitnodiging en staat nu open voor in aanmerking komende partners over de hele wereld. Het Red Hat Demo Platform wordt naar verwachting beschikbaar in mei 2024.

Harddiskmaker Seagate kondigt de komst aan van nieuwe harddisk met een opslag vanaf 30 terabyte. Het bedrijf gebruikt daarvoor een nieuwe platform, Mozaic 3+, waarin het eigen heat-assisted magnetic recording (HAMR) is geïmplementeerd.

De oppervlaktedichtheid van de opslag per schijfplaat bedraagt hiermee inmiddels ruim 3TB. De eerste schijven van het type Exos met opslagcapaciteiten van 30 TB worden dit kwartaal geleverd aan de hyperscale cloudklanten. In de komende jaren verwacht Seagate dichtheden van 4 en 5 TB per plaat te kunnen halen.

Mozaic 3+

Seagate’s vindingen op het gebied van oppervlaktedichtheid, waarmee meer bits op een schijfplaat kunnen worden opgeslagen, moeten oplossingen bieden voor heel wat knelpunten in de sector. Met Mozaic 3+ is meer opslag op hetzelfde vloeroppervlak mogelijk dan ooit. Door de upgrade van de traditionele Perpendicular Magnetic Recording-schijf (PMR) van 16 TB – de gemiddelde capaciteit in grootschalige datacenters – naar de Exos-schijf van 30 TB met Mozaic 3+ technologie wordt de capaciteit op hetzelfde vloeroppervlak verdubbeld.

Sterke vraag

Het platform maakt gebruik van ongeveer dezelfde materiaalcomponenten als PMR-schijven, maar biedt een veel grotere opslagcapaciteit. Mozaic 3+ kan klanten helpen ook duurzaamheidsdoelstellingen te behalen, zegt Seagate, dankzij een reductie met 55% van de opgenomen CO2 per terabyte (bij vergelijking van een Mozaic 3+ schijf van 30 TB met een traditionele PMR-schijf van 16 TB).

Seagate zegt een sterke vraag van datacenterklanten te zien, die naar verwachting tegen het einde van dit kwartaal de kwalificatie van Mozaic 3+ zullen voltooien en de overstap naar een volumeboost zullen maken. Een toonaangevende cloudserviceprovider is volgens het bedrijf al van plan voor de meeste van zijn Seagate-schijven op te schalen naar Mozaic 3+.

IG&H, een consulting- en technologiebedrijf, kondigt de overname aan van MLC, een adviesbureau op het gebied van customer excellence. Met deze overname wil IG&H zijn dienstverlening in digitale transformatie versterken.

Martijn Tolsma, Managing Partner van MLC: “Onze aansluiting bij IG&H versterkt onze positie in de markt. We zijn nu beter in staat om met onze klanten onze innovatieve proposities op het gebied van ‘Operational Excellence’, ‘In Control’ en ‘Klant Centraal’ end-to-end te realiseren. We kijken ernaar uit om te worden betrokken bij nieuwe klanten en omvangrijkere projecten.”

Robin Zwijnenberg, Managing Partner van MLC, vult aan: “Het is mooi om te zien dat de samenwerking vanaf de eerste dag onze ambitie versterkt en we door samen op te trekken nog meer toegevoegde waarde leveren aan onze klanten. Bovendien biedt deze samenwerking voor onze mensen veel perspectief in hun loopbaanontwikkeling.”

Joost van de Meent, CEO van IG&H: “MLC biedt iets wat elke organisatie nodig heeft in hun digitale transformatie, namelijk procestransformatie. Met MLC aan boord, vullen wij het ontbrekende puzzelstuk in om bedrijven te ondersteunen bij hun end-to-end transformatie. Bovendien sluiten onze sectorexpertises goed op elkaar aan en delen we dezelfde kernwaarden.”

MLC zal niet fuseren met IG&H, maar wordt een dochteronderneming van het consulting- en technologiebedrijf.

Het World Economic Forum (WEF) publiceerde in aanloop naar de jaarlijkse bijeenkomst, die deze week plaatsvindt in Davos, het 2023 Global Risks Report. Dit rapport benadrukt het belang om van cybersecurity topprioriteit te maken.

Cyberaanvallen stijgen in 2024 naar de vijfde plaats in de lijst van zorgen van zowel overheids- als particuliere respondenten. Bijna driekwart van de bestuurders heeft het gevoel risico te lopen op een cyberaanval in het komende jaar. Dat is een duidelijke stijging ten opzichte van 65% in 2022.

Phishing komt nog steeds veel voor. 90% van de Nederlandse organisaties was in 2022 slachtoffer van ten minste één succesvolle phishing-aanval. Hoewel conventionele phishing nog steeds effectief is, passen dreigingsactoren nieuwe tactieken toe. Denk aan telefoongerichte aanvallen en Adversary-in-the-Middle (AitM) phishing proxies die multi-factor authenticatie omzeilen.

Er is vooral een toename van geraffineerde multi-touch phishingcampagnes, waarbij aanvallers uitgebreide gesprekken voeren met verschillende personages. Deze worden gereorganiseerd door groepen of door Business Email Compromittering (BEC)-actoren.

AI-gegenereerde desinformatie is de op één na grootste zorg in het wereldwijde risicolandschap in 2024. Met belangrijke politieke momenten, zoals de formatie van het nieuwe kabinet en de Amerikaanse verkiezingen later dit jaar, verhoogt de combinatie van generatieve AI en cyberdreigingen de snelheid, het aantal en de geloofwaardigheid van de aanvallen. AI-tools stellen cybercriminelen in staat om overtuigende phishing-mails, frauduleuze telefoontjes en nepbeelden te maken.

Adenike Cosgrove, VP, Cybersecurity Strategy, EMEA bij Proofpoint: “Naarmate dreigingen zich verder ontwikkelen, blijkt dat het onvoldoende is om alleen op menselijke capaciteiten en bestaande controles te vertrouwen voor het bieden van beveiliging tegen geavanceerde aanvallen. Vanuit het verdedigingsoogpunt moeten AI, technologie en mensen samengaan als onmisbare onderdelen van een robuuste cybersecuritystrategie. AI-gebaseerde controles leveren cruciale analyses en identificatie van dreigingen op grote schaal, waardoor securityprofessionals de risico’s van aanvallen kunnen minimaliseren. Met name de snelheid en het aanpassingsvermogen overtreffen handmatige analyses. Securityprofessionals kunnen hierdoor snel reageren op nieuwe en veranderende dreigingen.”

36% van de medewerkers vindt dat hun werkgever achterblijft in het toepassen van nieuwe technologieën, bijvoorbeeld voor workplace experience en procesautomatisering. Dat blijkt uit recent onderzoek van Ricoh, dat werd uitgevoerd door Opinium.

Bijna één op de drie werknemers (32%) meldt dat de middelen voor werken op afstand niet toereikend zijn, en dat dit hun productiviteit beïnvloedt. Meer dan de helft (57%) geeft aan dat ze vastlopen door een veelvoud aan administratieve taken. Bovendien vindt slechts 64% van de werknemers dat hun werkgever voldoende technologie biedt om hun werk goed te doen – een gemiste kans.

Meer dan de helft (67%) van de werknemers vindt dat ze meer waarde aan hun bedrijf kunnen leveren als ze over de juiste tools en technologieën beschikken.

Werkgevers lopen het risico om werknemers te verliezen als ze deze uitdaging niet aanpakken in 2024. Zij zoeken mogelijk een andere baan die beter aan hun behoeften voldoet. Meer dan een op de drie (35%) werknemers noemde de arbeidsomstandigheden en hun werkervaring als reden om een andere baan te zoeken. Terwijl bijna een vijfde (19%) van de werknemers de kwaliteit van de technologische software en technologische apparaten noemde als belangrijkste reden om van baan te wisselen.

Aan het onderzoek deden 1.000 werknemers in Nederland mee. Daarnaast werden 1.000 kantoorwerknemers ondervraagd uit het Verenigd Koninkrijk & Ierland, Frankrijk, Duitsland, Italië en Spanje.