Als IT-dienstverlener is het inrichten van (remote) werkplekken een veelvoorkomende taak. Je streeft ernaar om voor elke gebruiker een veilige en productieve werkomgeving te creëren. Liefst voor elke gebruiker de best passende. Maar maatwerk bij werkplekautomatisering is tijdrovend en kostbaar. De oplossing: maak voor verschillende typen medewerkers persona’s.

Wat is een persona?
Wat zijn de voordelen van persona’s voor werkplekinrichting?
Persona’s voor werkplekautomatisering: zo pak je dat aan
Hoeveel persona’s maak je?
Voorbeeld persona’s
Conclusie

In dit artikel bespreken we de voordelen van het gebruik van persona’s voor werkplekautomatisering. Ook geven we je praktische tips geven over hoe je persona’s opstelt en inzet. Ook benieuwd naar deze nieuwe tactiek voor ondernemende IT-dienstverleners zoals jij?

Wat is een persona?

Een persona is een verpersoonlijking van een groep medewerkers. Het begrip komt uit de marketing, waarbij groepen klanten worden voorgesteld als een fictief persoon, compleet met naam en beschrijving.

In werkplekautomatisering kun je ook gebruik maken van persona’s. Sommige functies zijn hetzelfde of lijken heel veel op elkaar, waardoor de inrichting van de werkplek logischerwijs hetzelfde kan zijn.

Wat zijn de voordelen voor werkplekinrichting?

  • Inzicht in en begrip van gebruikersbehoeften
    Persona’s stellen jou als IT-dienstverlener in staat om een diepgaand inzicht te krijgen in de specifieke behoeften en doelen van verschillende categorieën werknemers. Door persona’s te gebruiken, krijg je een beter begrip van hun werkprocessen, technische vaardigheden, communicatievoorkeuren, wensen rondom het locatie-onafhankelijk werken en andere relevante factoren.
  • Aangepaste oplossingen
    Met persona’s als referentiepunt, bied je werkplekautomatisering op maat. In plaats van generieke oplossingen, die mogelijk niet aansluiten bij de behoeften van individuele gebruikers, helpen persona’s bij het identificeren van specifieke tools, applicaties en configuraties die de productiviteit en tevredenheid van werknemers verbeteren.
  • Verbeterde gebruikerservaring
    Door de werkplekautomatisering af te stemmen op de behoeften van werknemers, verbeteren IT-dienstverleners de gebruikerservaring aanzienlijk. Werknemers krijgen toegang tot de juiste tools en informatie die ze nodig hebben om hun taken efficiënt uit te voeren. Dit resulteert in hogere tevredenheid en productiviteit.
  • Gerichte en klantvriendelijke support
    Persona’s bieden ook waardevolle informatie aan het supportteam. Door de specifieke technische vaardigheden en behoeften van de verschillende werknemers te kennen, is jouw supportteam in staat om gerichter hulp te bieden en sneller problemen op te lossen. Dit vermindert de frustratie bij werknemers van jouw opdrachtgevers en zorgt voor een betere, meer klantgerichte IT-ondersteuning.

Hoe pak je het opstellen van persona’s voor werkplekautomatisering aan?

Aan de hand van onderstaande vijf stappen leggen we je uit hoe je als IT-dienstverlener het opstellen van persona’s aanpakt.

  1. Stel een projectteam samen
    Formuleer een intern team om je te helpen met deze klus. Het team kan bestaan uit vertegenwoordigers van verschillende disciplines, zoals een consultant, helpdeskmedewerker, accountmanager en een administratief medewerker. Door de diverse expertises en perspectieven samen te brengen, creëer je meer holistische persona’s. Dat betekent dat je rekening houdt met verschillende aspecten rondom de behoeften, zoals de techniek, veiligheid, gebruikerservaring en doelstellingen. Het samenstellen van een projectteam zorgt voor een collaboratieve en inclusieve aanpak. Dit leidt uiteindelijk tot nauwkeurigere en effectievere persona’s voor werkplekautomatisering.
  1. Analyseer de gebruikersgroepen
    Begin met het identificeren van de belangrijkste gebruikersgroepen bij jouw klanten. Dit kunnen bijvoorbeeld managers, salesvertegenwoordigers, IT-medewerkers en administratief personeel zijn. Analyseer hun taken, doelen, verantwoordelijkheden, pijnen en technische behoeften.
  1. Verzamel gegevens
    Zoek naar gegevens over de gebruikersgroepen door middel van enquêtes, interviews of observaties. Hierin valideer je de aannames die je in stap 2 hebt gedaan. Stel vragen over hun werkprocessen, gebruikte (en gewenste) tools en applicaties, communicatievoorkeuren, uitdagingen en wensen met betrekking tot werkplekautomatisering. Verzamel ook demografische gegevens, zoals leeftijd, functieniveau, gezinssituatie en ervaring.
  1. Identificeer patronen en gemeenschappelijke kenmerken
    Analyseer de verzamelde gegevens om patronen en gemeenschappelijke kenmerken binnen elke gebruikersgroep te identificeren. Kijk naar overeenkomsten in taken, doelen, technische vaardigheden, voorkeuren en behoeften. Deze patronen vormen de basis voor het creëren van persona’s.
  1. Maak persona-profielen:
    Voor elke gebruikersgroep creëer je als IT-dienstverlener een persona-profiel dat de belangrijkste kenmerken, doelen, uitdagingen, technische behoeften en voorkeuren samenvat. Geef elke persona een naam en een visuele representatie. Hiermee maak je het voor iedereen binnen je organisatie gemakkelijker om zich in te leven en te identificeren met de persona.

Hoeveel heb je er nodig?

Het is belangrijk om een evenwicht te vinden tussen het hebben van voldoende persona’s – om de diversiteit van gebruikersgroepen te vertegenwoordigen – en het vermijden van een overmatig aantal persona’s. Dat maakt het beheer en de implementatie alleen maar moeilijker. Het exacte aantal persona’s dat nodig is, varieert afhankelijk van de omvang en complexiteit van jouw organisatie. Over het algemeen wordt geadviseerd om te streven naar een beperkt aantal persona’s die de belangrijkste gebruikersgroepen goed vertegenwoordigen, ga uit van drie tot vier persona’s. Begin met de primaire gebruikersgroepen die de grootste impact hebben op werkplekautomatisering.

Houd er rekening mee dat persona’s geen statische entiteiten zijn. Zij evolueren met de tijd en veranderingen in de organisatie van je klanten en de technologie. Regelmatige evaluatie en bijwerking van persona’s is daarom essentieel om ervoor te zorgen dat ze nauwkeurig blijven en blijven aansluiten bij de behoeften van de gebruikersgroepen.

Voorbeeld persona’s

  • Peter de Projectmanager
    Peter is een ervaren projectmanager die vaak onderweg is. Hij heeft behoefte aan toegang tot projectmanagementtools, communicatie-apps en documentatie, zowel op zijn laptop als op zijn smartphone. Hij waardeert flexibiliteit en mobiliteit in zijn werkplekautomatisering, zodat hij altijd up-to-date kan blijven, waar hij zich ook bevindt.
  • Lisa de Salesvertegenwoordiger
    Lisa is een enthousiaste salesvertegenwoordiger die veel onderweg is om klanten te bezoeken. Ze heeft behoefte aan locatie-onafhankelijke toegang tot CRM-software, presentatietools en communicatiemiddelen, zowel op haar laptop als op haar tablet. Ze waardeert efficiëntie en gebruiksvriendelijkheid, zodat ze snel en effectief klantinformatie kan bijwerken en communiceren.
  • Max de IT-medewerker
    Max is een IT-medewerker die verantwoordelijk is voor het beheer en de ondersteuning van het IT-infrastructuur van de organisatie. Hij heeft behoefte aan krachtige systeembeheer- en diagnosehulpmiddelen, ontwikkelomgevingen en toegang tot documentatie en kennisbanken. Hij waardeert aanpasbaarheid en technische diepgang om zijn taken efficiënt en effectief uit te voeren.

Conclusie

Het opstellen van persona’s voor werkplekautomatisering biedt jou als IT-dienstverleners tal van voordelen. Het stelt je in staat om een diepgaand inzicht te krijgen in de behoeften en doelen van verschillende categorieën werknemers. Hierdoor kun je aangepaste oplossingen bieden die de productiviteit en tevredenheid verbeteren.

Ransomware maakte de afgelopen jaren een razendsnelle ontwikkeling door. Kwaadwillenden nemen de malware ‘as a service’ af bij een van de vele aanbieders op het dark web. De meest innovatieve en bedreigende vorm van ransomware is op dit moment BlackCat.

1. Wat is BlackCat ransomware?
2. Hoe gaat BlackCat te werk?
3. BlackCat gebruikt meervoudige afpersing
4. Wat is de impact van programmeertaal Rust bij deze malware?
5. Wat is nog meer bijzonder aan BlackCat?
6. Hoe weten mijn klant en ik, als reseller, welke data concreet gestolen zijn?
7. Wat is de rol van msp’s en andere IT-dienstverleners bij BlackCat?
8. Wat betekent BlackCat voor de NIS2 regelgeving?
9. Hoe voorkom je als msp dat jouw klanten getroffen worden door BlackCat?

De software van BlackCat is zo geavanceerd dat mssp’s en andere IT-dienstverleners alles uit de kast moeten halen om hun Advanced Treath Protection (ATP) goed in te vullen. In dit artikel beantwoorden we acht veelgestelde vragen over BlackCat Ransomware. De antwoorden kunnen partners helpen bij het inrichten van hun Security 2.0.

1. Wat is BlackCat ransomware?

BlackCat, ook bekend onder de naam ALPHV, is een ransomware-as-a-service (RaaS) die wereldwijd al veel organisaties aanviel en dat in de nabije toekomst zal blijven doen. Het is een zeer geavanceerde ransomware die zich op veel verschillende omgevingen kan richten vanwege een groot aantal geavanceerde functies. BlackCat verspreidt zich eenvoudig tussen computers. Het infecteert verschillende versies van Windows- en Linux-besturingssystemen en kan ook lopende processen beëindigen en bestanden sluiten die open zijn tijdens de aanval.

2. Hoe gaat BlackCat te werk?

De toegang van BlackCat tot het netwerk van een organisatie begint met het gebruik van gestolen toegangsgegevens. Wat dat betreft wijkt BlackCat niet af van veel andere malware. Dat heeft een reden. Doordat bij veel bedrijven het Identity en Access Management (IAM) niet optimaal is, is op darkweb een grote hoeveelheid gestolen en gelekte wachtwoorden en gebuikersnamen te koop. Toegang tot omgevingen is eenvoudig en goedkoop voor wie kwaads in de zin heeft. Gezien het tempo waarmee beveiligingsinbreuken plaatsvinden, is het moeilijk in te schatten hoeveel inloggegevens er elk jaar worden gestolen. Ongeveer 50% van de bekende beveiligingsincidenten in 2021 werden geïnitieerd door gestolen inloggegevens.

Nadat de eerste toegang is verkregen, verzamelen BlackCat of vergelijkbare ransomware-groepen op de achtergrond informatie, waarbij ze het hele netwerk in kaart brengen en accounts manipuleren voor diepere toegang.

Op basis van de informatie die de aanvallers verzamelen stellen ze de meest effectieve route op voor het verdere verloop van de aanval. Ze schakelen beveiligings- en back-upsystemen uit.

3. BlackCat gebruikt meervoudige afpersing

Zoals bij de meeste grote ransomware-operaties, houdt de groep achter BlackCat zich bezig met meervoudige afpersing, waarbij gestolen gegevens worden gebruikt om te kunnen dreigen met een datalek. Hiermee zetten ze slachtoffers onder druk om te betalen. BlackCat gaat een stap verder in het verminderen van herstelopties bij zijn slachtoffers door Windows Shadow Volume Copies te verwijderen, back-ups te deleten en ook de Prullenbak te legen.

BlackCat is daarmee dit jaar een van de meest geavanceerde varianten van ransomware, vanwege de extreem aanpasbare functies die aanvallen op een uitgebreid scala aan bedrijfsomgevingen mogelijk maken. Deze feature-rijke variant is de eerste die is geschreven in de programmeertaal Rust.

Analyse wijst uit dat cybercriminelen onder meer niet-gepatchte Exchange-servers gebruiken om BlackCat te implementeren en toegang te krijgen tot doelnetwerken. Ze maken misbruik van die kwetsbaarheid om informatie te verzamelen over netwerkapparaten en toegang te krijgen tot accountgegevens. Van hieruit zoeken en exploiteren de ze doelen voor zijwaartse bewegingen.

4. Wat is de impact van programmeertaal Rust bij deze malware?

De ontwikkelaars proberen beveiligingsprogramma’s te misleiden omdat sommige niet controleren op de op dit moment nog tamelijk ongebruikelijke programmeertaal Rust. Het hoge aantal slachtoffers suggereert dat de poging behoorlijk succesvol is. Dit voordeel zal minder groot worden, omdat Rust in snel tempo de traditionele programmeertalen C en C++ vervangt. Microsoft riep onlangs nog op vooral Rust te gebruiken. BlackCat ontwikkelt zijn tools met de programmeertaal Rust ook omdat dit zorgt voor meer stabiliteit en integratiemogelijkheden. Zo brengt BlackCat een hoger configuratieniveau.

5. Wat is nog meer bijzonder aan BlackCat?

Het bijzondere is, dat deze malware de originele data niet versleutelt, maar de direct vernietigt bij het slachtoffer. Dat is om verschillende redenen effectiever voor de cybercriminelen:

  • Het versleutelen van bestanden, dat ransomware-groepen ’traditioneel’ doen kost veel tijd. Dat maakt de kans op een succesvolle aanval kleiner. Daarnaast geldt ook hier: tijd is geld.
  • Bovendien is de ransomware-code in de nieuwe vorm eenvoudiger. Dat maakt de software, die ook ‘as a service’ wordt aangeboden aan derden die wellicht niet heel technisch onderlegd zijn, minder foutgevoelig. Er zijn dan ook sneller nieuwe varianten te maken.
  • Nog belangrijker is, dat de nieuwe methode de aanvallers meer zekerheid geeft dat het slachtoffer wil betalen. Als alleen de aanvallers nog een werkende kopie hebben van de originele bestanden, neemt de kans toe dat het slachtoffer met geld over de brug komt.

6. Hoe weten mijn klant en ik, als reseller, welke data concreet gestolen zijn?

Hele goede vraag. Die stelden de cybercriminelen die BlackCat ontwikkelden zichzelf ook en hun antwoord blijkt een ‘zoekfunctie‘ te zijn. Bedrijven die getroffen zijn door de gijzelsoftware van de BlackCat-groep en weigeren het gevraagde losgeld te betalen, kunnen deze tool gebruiken om te achterhalen welke data de aanvallers hebben gestolen. Alle gegevens zijn keurig geïndexeerd en afkomstig van het Collections-gedeelte van de dataleksite van de hackersgroep. Gedupeerden hebben hierbij de mogelijkheid om te zoeken op bestandsnaam en -extensie.

De zoekfuctie heeft impact op verschillende manieren. Het slachtoffer zal schrikken van de hoeveelheid gestolen gegevens. Om publicatie op internet of massaclaims van gedupeerden te voorkomen, kan het bedrijf alsnog besluiten te betalen.

Een claim van gedupeerden kan zich ook richten op de security-partner

De andere optie is dat relaties van het slachtoffer de zoektool gebruiken om te kijken of hun privégegevens zijn buitgemaakt. In dat geval kunnen ze bij het getroffen bedrijf aankloppen en vragen om het losgeld te betalen. Of het bedrijf aanklagen. Let op: die claim kan zich ook richten op de partner van het getroffen bedrijf!

Dat is echter nog niet alles. De tool is ook heel handig voor andere hackers, die zich specialiseren in afpersing. De zoek-tool maakt het voor hen eenvoudiger om wachtwoorden en andere vertrouwelijke informatie over de aangevallen bedrijven en organisaties te vinden.

7. Wat is de rol van msp’s en andere IT-dienstverleners bij BlackCat?

Die is groter dan je zou denken. Op de eerste plaats zijn het mssp‘s, service partijen die zich onder meer met het beperken van de impact van ransomware-aanvallen bezighouden, die BlackCat ontdekten. In eerste instantie waren het de bedrijven Cyderes en Stairwell die een nieuwe vorm van ransomware zagen opkomen. Vervolgens was het Blackpoint Cyber, een dienstverlener voor beheerde detectie en respons (MDR) die nauw samenwerkt met msp’s, die meer details gaf. Blackpoint ontdekte nieuwe tactieken, technieken en procedures (TTP’s) die ze linkten aan BlackCat ransomware-as-a-service-bedreigingen.

Zo detecteerde Blackpoint de zijdelingse beweging van BlackCat over onbeschermde apparaten. De criminelen gebruiken Remote Desktop Protocol (RDP) en Windows Admin Shares om apparaten te infiltreren en hun kwaadaardige software te implementeren.
BlackCat-aanvallers gebruiken daarnaast vooral ook Total Software Deployment (TSD). Dit is een tool voor beheer op afstand die vaak wordt gebruikt door mssp’s, msp’s en IT service providers. Het is voor partners vooral van belang geen gratis versies van TSD in te zetten, want de crimelen gebruiken juist die versie graag. Hezelfde geldt overigens voor het programma ScreenConnect.

Hiermee komt meteen ook een andere connectie met IT-partners aan het licht. BlackCat maakt intensief gebruik van tools die service providers dagelijks hanteren voor bijvoorbeeld het deployen van software-updates.

8. Wat betekent BlackCat voor de NIS2 regelgeving?

De NIS2-regelgeving is bedoeld om te zorgen dat bedrijven hun weerbaarheid op orde hebben. De voorganger NIS richtte zich alleen op de essentiële bedrijven, zoals netwerken, energie en watervoorziening. Met NIS2 wordt dit uitgebreid naar een tweede schil van iets minder essentiële industrieën. Maar omdat er steeds vaker sprake is van ketelaanvallen, is het voor álle bedrijven een goed idee om te voldoen aan de NIS2 richtlijn.

In het verlengde daarvan is ketenaansprakelijkheid ook een belangrijk issue. Ransomware-aanvallen, zoals die welke BlackCat gebruiken, kunnen soms bij een bedrijf binnenkomen met informatie die ze bij een toeleverancier of afnemer hebben gevonden. Dat maakt dat ook de ms(s)p een veel grotere rol krijgt: als adviseur over veiligheid kun je aansprakelijk worden gesteld voor inbreuken bij je klanten.

En natuurlijk moet je als IT-dienstverlener ook zelf goed beschermd zijn. Anders loop je de kans dat ze met informatie die bij jóu gestolen wordt bij je klanten weten binnen te dringen.

9. Hoe voorkom je als msp dat jouw klanten getroffen worden door BlackCat?

Allereerst moeten we altijd melden dat absolute veiligheid niet bestaat. Niet voor de klanten van de msp. Maar ook niet voor de msp zelf. De IT-partner kan er wel voor zorgen dat de kans dat een opdrachtgever een incident meemaakt zo klein mogelijk wordt. Dit zijn onze tips:

  • Om te voorkomen dat opdrachtgevers gegijzeld worden door BlackCat of andere soorten ransomware en malware, is het cruciaal om recente offline back-ups van de belangrijkste bestanden en gegevens te bewaren. Liefst in tweevoud en op verschillende locaties. En elk met een eigen unieke beveiliging.
  • Kies voor een ‘defense-in-depth’-benadering waarbij je verdedigingslagen gebruikt met verschillende mitigaties op elke laag. Dit betekent dat je meer mogelijkheden hebt om malware te detecteren. En om die vervolgens te stoppen voordat het schade toebrengt.
  • Controleer regelmatig domeincontrollers, servers, werkstations en actieve mappen op nieuwe of niet-herkende gebruikersaccounts in de IT-omgeving van de klant.
  • Gebruik netwerksegmentatie. Altijd.

De msp moet met de klant een herstelplan opstellen

  • De belangrijkste actie is de handeling die het vaakst vergeten wordt: update en patch regelmatig besturingssystemen, software en firmware.
  • Gebruik multi-factor authenticatie (MFA), ook bij virtuele privé-netwerken.
  • ‘Dwing’ de klant regelmatig nieuwe, sterke, niet eerder gebruikte wachtwoorden in te stellen. Automatiseer dit.
  • Gebruik geen gratis tooling.
  • Deploy goede antivirus-programma’s bij de klant.
  • Voer maandelijks een professionele penetratietest uit.
  • En, helaas absoluut noodzakelijk: stel met de opdrachtgever een herstelplan op. En bewaar daarvan meerdere kopieën op fysiek gescheiden, gesegmenteerde en veilige locaties. Ook offline! Werk dit plan regelmatig bij. Of overweeg een business continuity & disaster recovery oplossing.

Deze week verscheen het Datacenter & Cloud Dossier van ChannelConnect, met daarin onder meer het Grotetafelgesprek waarin spelers in Datacenter & Cloud hun licht laten schijnen op de ontwikkelingen en trends voor msp’s en het mkb. En interviews met onder ander Datto over een veilige cloudomgeving en e-Quest over de groei van het bedrijf. Deze nieuwste editie van ChannelConnect kun je ook helemaal online lezen.

Je vindt het nummer hieronder of via deze link.

 

In deze editie onder meer de volgende artikelen:

Grotetafelgesprek

Vijf specialisten op het gebied van datacenters en cloud gaan met elkaar in gesprek. Hoe verhouden cloud en datacenters zich tot elkaar, waar is de grootste innovatie op het gebied van performance en duurzaamheid te verwachten en hoe zien nieuwe datacenters er over tien jaar uit?

Datto

In de strijd tegen cybercriminaliteit weet je pas hoe goed je beveiliging is, wanneer er inbraakpogingen zijn geweest. Aangezien criminelen niet eerst vriendelijk op de deur kloppen, zijn penetratietesten essentieel. Volgens Hans ten Hove van Datto moeten deze pentesten standaard onderdeel uitmaken van een security audit.

e-Quest

e-Quest is geëvolueerd van een lokale kantoorautomatiseerder naar een full-service IT-partij. Het bedrijf is nu een van de voorlopers op het gebied van datacenter- en glasvezeldiensten. Dat heeft geresulteerd in indrukwekkende groei, en, in het geval van de datacenterdiensten, een landelijke aanpak.

Misverstanden rond Cloud

Is een cloudomgeving wel veilig? Is het voordeliger dan on-premise? Veel organisaties die een overgang naar de cloud overwegen, hebben nogal wat vragen, waarbij het antwoord vaak niet zomaar te geven is. We ontkrachten de grootste misverstanden over de cloud.

Automatisering en AI

Datacenters zijn cruciaal voor moderne bedrijven en consumenten. En de implementatie van infrastructuurautomatisering en AI speelt een steeds grotere rol bij het optimaliseren van deze complexe omgevingen. De enorme hoeveelheid data die we genereren is zonder intelligente systemen niet meer te verwerken.

Verder in dit nummer deelnames van:

  • DDA
  • Netgear
  • Exertis Enterprise/Supermicro
  • Vertiv
  • Interconnect
  • Genetec
  • Fujistu
  • Huawei
  • BTSoftware
  • Fortinet

Het ChannelConnect team is inmiddels volop bezig met de volgende uitgave, ChannelConnect oktober. Ben jij geïnteresseerd om deel te nemen binnen dit nummer of de andere media van ChannelConnect? Neem dan contact op door te bellen naar 035-6465810, mailen naar sales@channelconnect.nl of bel direct met een van onze teamleden:

Mitchel van der Heide – Manager Sales & Operations:
mitchel.vanderheide@imediate.nl / 06 50 949 656

Tarik Lahri – Senior Accountmanager
tarik.lahri@imediate.nl – 06 58 823 710

Bekijk voor alle uitgebreide informatie onze CC infosheet 2023 of raadpleeg onze online-informatiepagina.

Op 13 juni vond de Negende Nationale Datacenter Dag plaats, georganiseerd door de Dutch Datacenter Association (DDA). Veel datacenters hebben op die dag open huis. Zo ook het datacenter van Interconnect in Eindhoven, dat tevens het bijbehorende event hostte. “Veel IT’ers zijn volledig afhankelijk van datacenters, maar zijn er nog nooit binnen geweest.”

Rob en Jeroen Stevens waren pioniers in datacenterland toen ze in 1995 hun datacenter Interconnect in Den Bosch openden. En pioniers zijn ze nog steeds. Zo schakelden ze begin deze maand over op volledig groene stroom. “In die tijd was interconnectiviteit nog een ‘nice to have’,” legt directeur Rob Stevens uit. “Ik heb meegemaakt dat een website soms een uur niet werkte voordat we een telefoontje kregen met de vraag of er iets aan de hand was.”

Papa zorgt voor wifi

Het is anders geworden, wil de medeoprichter maar ­zeggen. “Iedereen is afhankelijk van internet. IT-bedrijven, cloud-bedrijven en datacenters vormen het fundament van de samenleving.” Stevens vertelt dat hij zijn dochters van 19 en 15 vaak heeft geprobeerd uit te leggen was hij, zijn broer en de collega’s in het datacenter doen, maar dat blijft een uitdaging. “Papa zorgt ervoor dat het wifi werkt,” is de boodschap die dan blijft hangen. “Voor hen is internet vanzelfsprekend. Dat is de essentie van ons werk: die vanzelfsprekendheid garanderen.”

Maar vanzelfsprekendheid mag niet leiden tot onzichtbaarheid en onbekendheid. “Daarom zijn we niet alleen een van de initiatiefnemers geweest bij het oprichten van de Dutch Datacenter Association (DDA), maar ­deden we ook mee aan alle datacenterdagen, waarvan we dit jaar de negende editie beleven.” De directeur geeft aan dat het hem steeds weer verbaast dat mensen die midden in de IT zitten en er sterk van afhankelijk zijn nog nooit een datacenter van binnen hebben gezien. En dat ze niet weten wat erin gebeurt. Deze dag laat de bezoekers de zalen van het datacenter zien.”

Rob Stevens

Kennisdelen over datacenters

De Managing Director van DDA, Stijn Grove, was ook afgereisd naar Eindhoven. Voor hij zijn toespraak begon in het auditorium van het datacenter, vroeg Channel­Connect of het anno 2023 nog mogelijk zou zijn als mkb-­bedrijf een datacenter te starten, zoals de gebroeders Stevens voor de eeuwwisseling deden. “Je moet niet de ambitie hebben meteen een datacenter op hyper­scaler-formaat neer te zetten,” geeft Grove aan. “Maar een ­datacenter met een focus op colocatie, met persoonlijk contact in een regionale en wellicht ook verticale specialisatie, waar bijvoorbeeld bepaalde servers van klanten op een private floor staan, is zeker nog mogelijk.”

Stijn Grove wees de aanwezigen nadrukkelijk op het feit dat de bijeenkomst in een goed geoutilleerd auditorium kon plaatsvinden, midden in een datacenter. “Interconnect wil al vanaf de oprichting kennis delen over de praktijk van de datacenters en het belang van datacenters voor bijna elke Nederlander.”

Stevens gaf daar voorbeelden van. “Vodafone huurt hier ruimte, dus hun klanten bellen wellicht via servers in dit pand. Een grote bank huurt hier ook, dat maakt ­onder meer pintransacties nodig. En dankzij collega’s van ­andere datacenters kijken we Netflix of plannen routes in de auto.”

Een grote bank huurt hier ook, onder meer om pintransacties mogelijk te maken

Snelle groei

Uiteraard ging Grove in op het publieke debat. “Datacenters zijn nog steeds in het nieuws en het is vaak ­dezelfde riedel: stroomverbruik, watergebruik, lelijke grote gebouwen. Maar we zijn afhankelijk van deze centra voor de diensten die Stevens net noemde.” Overigens liet de datacenterdirecteur later die middag foto’s zien van het nieuwe datacenter van Interconnect langs de A2 bij Den Bosch, dat toch beslist niet als lelijk omschreven kan worden.

“En ook daar is ruimte voor uitbreiding, want al sinds 1995 weten we dat de vraag naar beschikbare ruimte altijd sneller groeit dan verwacht.” De data­centersector is nog steeds volop in ontwikkeling en beweging, en die trends brengt DDA jaarlijks naar buiten in een rapport dat Stijn Grove aan Rob Stevens overhandigde.

Datacenters zijn nog steeds in het nieuws en het is vaak ­dezelfde riedel: stroomverbruik, watergebruik, lelijke grote gebouwen.

Out-of-the-box denken

Vervolgens kreeg Carlo van de Weijer het woord. Hij is directeur van het EAISI (Eindhoven Artificial Intelligence Systems Institute) en ging in op de opmars van AI en applicaties als ChatGPT, die nogal wat rekenkracht vergen. “Veel mensen denken dat de opmars van AI zal leiden tot een enge toekomst en denken aan films die laten zien dat machines de wereld overnemen,” begon Van de ­Wijer zijn bijdrage. “We kunnen de ontwikkeling van AI niet stoppen, maar we kunnen ons er wel tegen ­wapenen.” De specialist verwachtte zeker wel dat bepaalde banen en functies overgenomen worden door steeds slimmere technologie. “Dat proces speelt al heel lang, er zijn nauwelijks bankmedewerkers meer of mensen die loonstrookjes invullen.” Het zijn de creatieve beroepen én de vakmensen die mooie dingen kunnen maken met hun handen waar vraag naar blijft. “AI is heel goed in het volgen van protocollen, in het binnen de lijntjes kleuren. Wij mensen zijn juist goed in out-of-the-box denken en wellicht het randje van de wet opzoeken, en daar ook even overheen gaan. Als we er zo tegenaan kijken maakt AI het leven veel leuker.”

Carlo van de Weijer

Oracle opent vandaag het ‘Race Data Experience Centre’ in zijn Nederlandse kantoor in Utrecht. De titelpartner van het Formule-1 team Oracle Red Bull Racing laat gebruikers achter het stuur van een racesimulator kennismaken met de data-stromen, data-analytics en cloudtechnologie die een grote rol spelen in de autosport. Partners van de leverancier zijn enthousiast over het initiatief.

Oracle wil eindgebruikers en partners laten zien hoe data analytics gedrag en besluitvorming, ook in een zakelijke setting, helpen aanpassen en verbeteren. Tegelijkertijd moet het Race Data Experience Center duidelijk maken wat de kracht is van moderne technologieën als AI, machine learning en de cloud.

In het Utrechtse experience centre kunnen klanten en partners een beter begrip krijgen hoe Oracle Cloud Infrastructure (OCI) wordt gebruikt om de voorspellingsnauwkeurigheid te verbeteren en besluitvorming aan te scherpen.

Samenwerking met partners

Een groep van tweeëntwintig leden uit het Oracle PartnerNetwork (OPN), heeft zich als partners verbonden aan het experience centre. Dat betekent dat ze samen met Oracle optrekken om gezamenlijke klanten en prospects kennis te laten maken met de data, analytics en cloudtechnologie die worden gebruikt om het Red Bull raceteam te ondersteunen. Volgens Oracle vormen ze een parallel met de rol die data en technologie spelen in succesvolle bedrijfsstrategieën. Jurgen Duijster, directeur van Oracle-partner Transfer Solutions en co-voorzitter van de Partner Advisory Board van Oracle Nederland: “Als lokale partners hebben wij Oracle’s partnership met het team van Red Bull Racing zien ontstaan en groeien in de afgelopen jaren. De rol die data en cloudtechnologie daarin spelen zijn aantoonbaar succesvol gebleken.”

Moderne technologie zichtbaar maken

Duijster omarmt het initiatief  om via het Experience Center de rol van moderne technologieën als AI, Machine Learning, Analytics, Autonomous en Cloud bij het nemen van data-gedreven beslissingen zichtbaar te maken voor een breder publiek. Naast Transfer Solutions zijn er meer partners uit het Oracle PartnerNetwork die als sponsor een bijdrage leverden aan het Race Data Experience Centre. Dat zijn Full Orbit, TKC, AMIS, Accenture, Quistor, Arteq, SLTN, Profource, Sogeti, Arrow, TDSynnex, The Doc, Axi, Computacenter, Truston, Rsult, 4Apps, SorsIT, Ordina en Steltix.

Partnership met Red Bull

Sinds het afgelopen Formule-1-seizoen heeft het team van Oracle Red Bull Racing zijn partnership met Oracle uitgebouwd. Met behulp van OCI kan het team tijdens de race realtime analyses uitvoeren waar strategische beslissingen op kunnen worden gebaseerd. Red Bull Ford Powertrains gebruikt OCI ook om de motorontwikkeling voor het seizoen 2026 te ondersteunen.

In onze rubriek ‘Het meest opvallende nieuws volgens…’ volgt een prominent in de markt een week lang intensief de berichtgeving in onze branche. Hij of zij selecteert een bericht dat opviel en geeft er een reactie op. Deze week: Semra Kurt, Senior Specialized Sales Cloud Services bij SoftwareOne.

Semra Kurt las op 28 juni het onderzoek van Check Point waaruit blijkt dat bedrijven moeite hebben met het beveiligen van hun cloudomgeving.

“Overstappen naar de cloud kan best complex zijn. Het vraagt om de juiste vaardigheden en organisatorische structuur en om afstemming tussen de verschillende functies en teams. Het inzetten van meerdere clouds, wat steeds populairder wordt, maakt het voor bedrijven niet eenvoudiger. Het onderzoek van Check Point geeft goed aan dat security toepassingen, uiteraard essentieel om bedrijfsgegevens veilig te houden, er een schepje bovenop doen als het gaat om complexiteit.

Logisch, want het is een flinke toer om de toegankelijkheid en gebruiksgemak aan de ene kant, en goede beveiliging aan de andere kant in balans te houden. De cijfers van het onderzoek laten zien dat ‘72 procent van de bedrijven met het beheer van de toegang tot meerdere beveiligingsoplossingen worstelt, wat leidt tot verwarring en bovendien de beveiliging van cloudbeheer in gevaar brengt’.

Maar, het is één ding om een probleem te constateren, een goede oplossing bieden is iets heel anders. In dit geval bestaat de oplossing uit meerdere stappen.”

Consistente beveiligingsinstellingen

“Wanneer twee verschillende cloud aanbieders worden gebruikt om dezelfde vereisten te ondersteunen, moeten dezelfde beveiligingsstandaarden voor beide aanbieders worden gehanteerd. Zorg dus voor gesynchroniseerde beveiligingsstandaarden. Elke beveiligingsstandaard moet betrekking hebben op de gehele levenscyclus van de cloud resources, plannen bevatten voor gecentraliseerd beheer van cloudservices en monitoringplannen bevatten die zich uitstrekken over de multi-cloudomgeving.”

Zorg voor eenvoud

“Een ongecontroleerde public cloud is een enorm beveiligingsrisico. Volgens Gartner zullen de meeste organisaties die er niet in slagen hun gebruik van de publieke cloud te controleren, uiteindelijk opzettelijk of onopzettelijk gevoelige gegevens delen. Vereenvoudiging van cloud native aangeboden oplossingen door tools te gebruiken die een ‘single-pane-of-glass’ overzicht van de gehele cloud omgeving bieden, helpt beveiligingsteams bij het beheren van hun apps en gegevens, zodat inbreuken minder waarschijnlijk zijn.”

Automatiseer zoveel mogelijk taken

“Een van de grootste risicofactoren bij cloudbeveiliging is menselijk handelen. Houd dus alles nauwlettend in de gaten. Een beveiligingstool die gebeurtenissen op al uw platforms controleert, is essentieel. Het moet gegevens van elk platform consolideren en logs en waarschuwingen vanaf één locatie presenteren. Problemen kunnen dan worden opgelost door IT-personeel of, nog beter, door de tool zelf. Sommige tools kunnen het personeel ook begeleiden bij herstelstrategieën na een beveiligingsgebeurtenis.”

De belangrijkste tip: consolideren

“Het gebruik van meerdere beveiligingsoplossingen voegt complexiteit toe en dat is de vijand van cloudbeveiliging. Cloudproviders zoals AWS en Azure bieden meestal wel beveiligingstools binnen het eigen platform, maar in een multi-cloudomgeving leidt dat tot veel verschillende oplossingen die waarschijnlijk niet goed met elkaar integreren. Meer tools betekent dat er meer personeel nodig is om ze in te zetten en te onderhouden, waardoor er gaten in de beveiliging vallen omdat de kans op menselijke fouten toeneemt. Eén overkoepelende beveiligingsoplossing die naadloze beveiliging biedt is de beste manier om het netwerk te beschermen.”

Conclusie

“Bedrijven die concurrerend willen blijven in deze snel veranderende wereld richten zich op snelheid en flexibiliteit. En dat is precies wat cloudinfrastructuren en -diensten bieden, vandaar dat deze steeds vaker worden ingezet. Maar als de IT-afdeling niet goed weet hoe de voordelen uit de cloud verzilverd moeten worden, doet het bedrijf een stap achteruit in plaats van vooruit. En dat is niet nodig. Denk aan goede planning en zet de hulp in van een expert. Deze heeft ervaring met het ontwerpen en integreren van beveiliging voor uiteenlopende cloudomgevingen met een breed scala aan toepassingsscenario’s. Door zo’n samenwerking worden veel problemen omgebogen tot positieve cloudervaringen.”

Zebra Technologies heeft zijn partnerprogramma, genaamd Zebra Rewards, vernieuwd. Het bedrijf dat zich richt op bedrijfslogistieke processen met producten als barcodescanners, tracking & tracing en RFID, wil hiermee het partnerecosysteem verder ontwikkelen.

Partners kunnen punten verdienen met de verkoop van het gehele hardwareportfolio van Zebra: barcode scanning, mobile computing, geavanceerde tracking en tracing oplossingen en radio frequency identification (RFID). Zebra heeft daarnaast ook producten toegevoegd uit het supplies portfolio waaronder barcode linten, ZipShip, polsbandjes en RFID media, en diensten zoals Zebra OneCare.

Extreme Networks heeft Patrick Groot Nuelend per 1 juli benoemd tot Head of Vertical Markets & Strategy EMEA. In die rol wordt hij verantwoordelijk voor onder meer het ontwikkelen van Extreme’s cloud en networking business binnen de retail, gezondheidszorg en hospitality markten in Europa, het Midden-Oosten en Afrika.

Hij wordt verantwoordelijk voor de groei van de business in de genoemde verticale marken, waarbij de focus zal liggen op grote eindklanten en partners en de strategie voor het introduceren van nieuwe cloud- en securitydiensten van Extreme.

Groot Nuelend: “Die branches zijn dynamisch en veranderen continu, zowel aan de IT-kant als bij klanten en eindgebruikers. De cloud- en netwerkoplossingen van Extreme Networks spelen een cruciale rol in de digitale transformatie bij die bedrijven en organisatie

Groot Nuelend heeft ruim 25 jaar ervaring in de IT en grootzakelijke netwerkbranche en heeft senior functies bekleed bij Symbol Technologies, Zebra Technologies en Motorola. In 2017 is hij na de overname van Zebra in dienst gekomen bij Extreme Networks. In de afgelopen periode heeft hij als EMEA Solutions Architect strategische klanten en partners geadviseerd.

WatchGuard Technologies lanceert vandaag – woensdag 12 juli – AuthPoint Total Identity Security. Deze security-bundel combineert de AuthPoint multifactorauthenticatie (MFA)-oplossing met zakelijk wachtwoordbeheer en mogelijkheden om darkwebcredentials te monitoren.

Met AuthPoint Total Identity Security kunnen msp’s volgens WatchGuard de inloggegevens van klanten monitoren, hen on-demand waarschuwen voor darkwebblootstelling en wachtwoordbeheer aanbieden met een alles-in-één mobiele Authenticator-app for iOS en Android voor het verminderen van risico’s rondom hun inloggegevens.

AuthPoint Total Identity Security biedt gebruikers verder een tool om complexe wachtwoorden te genereren die automatisch worden ingevuld via browserextensies voor Microsoft Edge, Google Chrome, Apple Safari en Firefox, beschermd door een hoofdwachtwoord.

“Gestolen of gelekte inloggegevens zijn een primaire oorzaak van datalekken, maar wachtwoorden blijven de meest voorkomende methode voor gebruikersauthenticatie”, zegt Carla Roncato, vice-president Identity bij WatchGuard. “En hoewel meervoudige authenticatie een verplichte vereiste is geworden voor organisaties, hebben de meeste nog steeds te maken met zwakke en hergebruikte wachtwoorden, gedeelde beheerderswachtwoorden, lekken van referenties op het darkweb en bedrijfsapplicaties met beperkte MFA-ondersteuning.”

Een derde (37%) van de bedrijven in de Benelux heeft een duurzame IT-strategie. Dit blijkt uit een recent onderzoek van Paessler AG, bekend van de monitoring software Paessler PRTG, onder 1051 IT-beheerders uit 100 landen.

Ook gaf 60 procent van de IT-beheerders in de Benelux aan dat het belangrijk is dat de softwareleverancier die de monitoring verzorgt milieubewust is.

42 procent van de Europese bedrijven heeft duurzame IT-strategieën, ten opzichte van 26 procent in Noord- en Zuid-Amerika. Meer dan de helft (52%) van de respondenten uit Noord- en Zuid-Amerika geeft aan een duurzame IT-strategie ook nog geen prioriteit te geven de komende jaren. Het aantal organisaties dat werkt aan duurzame IT-strategieën is dit jaar wereldwijd gestegen van 33 naar 37 procent.

Cloud-adoptie grote zorg in Benelux

Cloud-adoptie is de grootste uitdaging (41%) voor de IT-sector in de Benelux. 72 procent van de IT-infrastructuur is namelijk nog niet opgenomen in de cloud. Wel verwacht 61 procent van de bedrijven in de Benelux dat ze binnen nu en twee jaar meer gaan inzetten op cloud-adoptie.

Naast cloud-adoptie volgen de implementatie van Operational Technology-infrastructuren (31%) en automateriserings- en robotiseringsprocessen (31%) als grootste uitdagingen binnen de IT-sector. Op plek vier staat het hebben van een robuuste infrastructuur (29%) en dataopslag (25%) staat op plek vijf. Ondanks de recente media-aandacht staat kunstmatige intelligentie (AI) verrassend genoeg nog niet als uitdaging in deze top vijf voor IT-beheerders in de Benelux.

Hoewel IT-managers zich grote zorgen maken over cloud-adoptie, is de daadwerkelijke implementatie nog laag. Uit het onderzoek van Paessler blijkt dat slechts 28 procent van de IT-infrastructuur in de Benelux en 19 procent van de wereldwijde IT-infrastructuur in de cloud is opgeslagen.

De mate waarin de cloud wordt gebruikt verschilt wereldwijd per branche. Zo slaat 92 procent van de organisaties in de wereldwijde publieke sector data lokaal op. Ondanks dat cloud-omgevingen voor deze organisaties voldoen aan strenge compliance- en beveiligingseisen, kiezen veel organisaties er dus nog steeds voor om data lokaal op te slaan. De voornaamste reden die deze organisaties geven om hun data lokaal op te slaan is dat ze dit de veiligste manier vinden om data te beschermen tegen hackers.