De helft van de Nederlandse organisaties heeft geen duidelijke governance voor het gebruik van AI, terwijl 84 procent van de cybersecuritybeslissers aangeeft dat AI-tools wel degelijk worden ingezet. Dat blijkt uit onderzoek van KnowBe4, uitgevoerd door Vanson Bourne onder 250 Nederlandse respondenten. Het ontbreken van beleid vergroot volgens het bedrijf het risico op ongecontroleerd gebruik van AI-tools buiten het zicht van de organisatie.

KnowBe4 presenteert de uitkomsten van een onderzoek naar de staat van AI-governance en AI-gerelateerde cyberrisico’s in Nederland. Vanson Bourne voerde het onderzoek uit onder 4.000 respondenten wereldwijd, waaronder 50 cybersecuritybeslissers en 200 medewerkers bij Nederlandse organisaties met minimaal 250 medewerkers.

Gebruik loopt voor op beleid

Uit het onderzoek blijkt dat 84 procent van de Nederlandse cybersecuritybeslissers aangeeft dat AI-tools worden ingezet binnen de organisatie. Daarvan werkt 58 procent al met autonome AI-agents die zelfstandig acties uitvoeren binnen bedrijfsprocessen. De helft van de beslissers stelt tegelijkertijd dat er geen duidelijke governance-richtlijnen zijn voor dat gebruik.

Dat gebrek aan beleid vertaalt zich in risico’s rondom zogeheten ‘Shadow AI’: het gebruik van AI-tools en AI-agents buiten het zicht van de organisatie. Iets meer dan een kwart van de ondervraagde medewerkers (27 procent) geeft aan eigen AI-tools te gebruiken wanneer door de organisatie goedgekeurde alternatieven ontbreken of te beperkend zijn. Opvallend daarbij is dat 81 procent van diezelfde medewerkers zich bewust is van het risico dat ingevoerde informatie kan worden opgeslagen of verder kan worden gebruikt op manieren die gevoelige bedrijfsdata blootstellen.

De gevolgen zijn merkbaar: 50 procent van de cybersecuritybeslissers geeft aan dat niet-goedgekeurde software en AI-applicaties een negatieve impact hebben op de beveiligingspositie van de organisatie. Daarnaast noemt 48 procent het veilig beheren van AI-tools en AI-agents de grootste uitdaging bij het beperken van mensgerelateerde cyberrisico’s.

Deepfakes: herkend, maar onderschat

Het onderzoek wijst ook op de groeiende rol van AI bij aanvallen. Negentig procent van de Nederlandse medewerkers geeft aan dat deepfake-video’s en -audiobestanden inmiddels zo realistisch zijn dat het lastig te bepalen is welke informatie nog te vertrouwen is. Zesenzestig procent denkt zelf slachtoffer te kunnen worden van deepfake-oplichting op de werkvloer.

Toch verwacht slechts 16 procent van de Nederlandse cybersecuritybeslissers dat AI-gedreven dreigingen het cyberrisico voor hun organisatie het sterkst zullen vergroten in de komende twaalf maanden. De helft van de beslissers denkt goed voorbereid te zijn op nieuwe AI-gerelateerde dreigingen. KnowBe4 plaatst daarbij een kanttekening: slechts 6 procent van de organisaties heeft het hoogste volwassenheidsniveau bereikt, waarbij menselijke en AI-gerelateerde cyberrisico’s in samenhang worden beheerd.

Aanvallers opereren op machinesnelheid

Martin Kraemer, CISO Advisor bij KnowBe4, stelt dat de securitypraktijk in een nieuwe fase is beland. Organisaties moeten nu zowel menselijke medewerkers als AI-agents beschermen, terwijl de hybride werkomgeving sneller verandert dan veel securityteams kunnen bijhouden. Kraemer geeft aan dat aanvallers technieken zoals deepfakes en prompt injections inzetten om medewerkers te misleiden en AI-agents te manipuleren. Dat vier op de tien Nederlandse organisaties het AI-gebruik onvoldoende beheert, vormt volgens hem een opening voor cybercriminelen.

Aanvallers maken op grote schaal misbruik van openstaande netwerkdiensten, zwakke inloggegevens en ongepatchte systemen om toegang te krijgen tot bedrijfsnetwerken. Dat blijkt uit de nieuwe SOC Threat Radar van Barracuda, gebaseerd op incidenten die zijn gedetecteerd via Barracuda Managed XDR. De bevindingen laten zien hoe geautomatiseerde aanvalstools gericht zoeken naar configuratiefouten en ontbrekende beveiliging.

Barracuda publiceert de SOC Threat Radar voor juni 2026, met een overzicht van recente dreigingen die zijn onderschept door het eigen Security Operations Center. Drie incidenten staan centraal: een LemonDuck-infectie, een GoldBrute-botnetaanval en een forse toename van password spraying-pogingen op VPN-omgevingen.

LemonDuck misbruikt ongepatchte systemen voor cryptomining

LemonDuck-malware verspreidt zich door netwerken om cryptovaluta te minen en installeert daarbij aanvullende payloads. Volgens Barracuda maakt de malware misbruik van ongepatchte apparaten, zwakke inloggegevens en openstaande poorten. In de geanalyseerde gevallen voerde LemonDuck PowerShell-scripts uit buiten het zicht van de gebruiker, maakte verbinding met command-and-control-servers en creëerde geplande taken om langdurig actief te blijven.

Barracuda adviseert om internet-facing systemen actueel te houden, het gebruik van PowerShell te beperken en MFA af te dwingen.

GoldBrute-botnet richt zich op openstaande RDP-diensten

Het SOC-team detecteerde een actieve GoldBrute-infectie. Deze op Java gebaseerde malware voert brute-force aanvallen uit op openstaande Remote Desktop Protocol-diensten. Gecompromitteerde systemen worden vervolgens ingezet om het botnet verder uit te breiden. Barracuda meldt dat de operators achter GoldBrute recentelijk zijn gelinkt aan ransomware-activiteiten.

Het bedrijf geeft aan dat RDP nooit rechtstreeks aan het internet mag worden blootgesteld. Als alternatieven noemt het een beveiligde VPN of Zero Trust Network Access. Aanvullend adviseert Barracuda om accounts tijdelijk te blokkeren na herhaalde mislukte inlogpogingen.

Password spraying op Fortigate VPN-omgevingen neemt toe

In mei registreerde Barracuda een stijging van 55 procent in password spraying-pogingen afkomstig vanuit Iran, specifiek gericht op Fortigate VPN-omgevingen. Bij password spraying testen aanvallers systematisch veelgebruikte wachtwoorden op een groot aantal accounts, waardoor accountvergrendeling op basis van één gebruiker wordt omzeild. De pogingen werden volgens Barracuda afgeslagen, maar het bedrijf stelt dat de bevindingen laten zien hoe consistent remote access-infrastructuur als aanvalsdoel wordt gebruikt.

Barracuda adviseert MFA verplicht te stellen voor alle externe toegang, een strikt wachtwoordbeleid te handhaven, de zichtbaarheid van VPN-portals te beperken en geografische IP-filtering toe te passen voor regio’s met een verhoogd risico.

Basisfouten als voornaamste aanvalsvector

Een overkoepelende conclusie uit de SOC Threat Radar is dat aanvallers voor initiële toegang zelden complexe zero-day exploits nodig hebben. Barracuda stelt dat onbeveiligde RDP-verbindingen, kwetsbare netwerkapparatuur en zwakke wachtwoorden in de praktijk voldoende zijn. Het bedrijf benadrukt dat continue gedragsmonitoring noodzakelijk is om geautomatiseerde dreigingen te detecteren voordat ze kunnen escaleren naar een ransomware-infectie.

Enreach en Haptap kondigen een samenwerking aan waarbij Enreach-partners toegang krijgen tot een platform voor het beheer van Microsoft Teams Calling-omgevingen. Het platform, dat onder de naam Enreach Call Manager voor Teams wordt uitgebracht, richt zich op nummerbeheer, callflowconfiguratie en multi-tenant klantbeheer. De oplossing wordt beschikbaar in meerdere Europese markten.

Het platform stelt partners in staat om Microsoft Teams Calling-omgevingen van meerdere klanten vanuit één interface te configureren en te beheren. Haptap geeft aan dat het platform nummerbeheer, het instellen van callflows en dagelijks omgevingsbeheer ondersteunt via multi-tenant functionaliteit met rolgebaseerde toegangsrechten.

Door de telefoniediensten van Enreach, waaronder Microsoft Operator Connect, te combineren met het callmanagementplatform, verwacht Enreach dat partners klanten sneller kunnen onboarden en minder tijd kwijt zijn aan handmatige configuratiewerkzaamheden.

Positionering binnen het portfolio

Enreach positioneert de oplossing als een aanvulling op het bestaande Microsoft Teams Calling-portfolio. Tonny Siemons, Business Development Manager bij Enreach, stelt dat de toevoeging van Call Manager for Teams het dagelijkse beheer vereenvoudigt en partners in staat stelt zich meer te richten op klantgerichte dienstverlening.

Mark Herbert, CEO van Haptap, geeft aan dat de snelst groeiende partners in het Teams Calling-segment beschikken over een beheerlaag die hun dienstverlening schaalbaar maakt. Volgens Herbert biedt de samenwerking met Enreach partners een praktisch voordeel bij het werven en behouden van klanten.

Beschikbaarheid

Enreach Call Manager voor Teams wordt uitgerold als onderdeel van het Microsoft Teams Calling-portfolio van Enreach in meerdere Europese markten. Verdere details over prijsstelling en de specifieke markten zijn op dit moment niet bekendgemaakt.

Bechtle Groep Nederland, bestaande uit PQR, ARP, Bechtle en Cadmes, brengt de Bechtle Index of Sovereignty (BIoS) uit. Deze tool stelt het niveau van digitale soevereiniteit van organisaties vast via een assessment van kritieke bedrijfsprocessen, gecombineerd met advies van IT-bedrijfsarchitecten. De uitrol in Nederland is gestart; parallel loopt een pilot in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland.

De BIoS combineert een softwaregebaseerde analyse van IT-componenten en applicatiediensten met een gestructureerd criteria-kader en AI-ondersteunde data-aggregatie. Via een gestandaardiseerde vragenlijst brengt het assessment ook de interne competenties van een organisatie in kaart. Bechtle stelt dat deze gegevens als indicator dienen voor het vermogen om zelfstandig te handelen en de eigen digitale omgeving in te richten.

Bechtle-consultants begeleiden klanten van de eerste voorbereidingen tot een eindrapport met aanbevelingen. De BIoS-software houdt rekening met actuele ontwikkelingen in wet- en regelgeving en met mogelijke toekomstige scenario’s. Ook maakt het inzichtelijk hoe wijzigingen in het IT-landschap de mate van digitale soevereiniteit beïnvloeden, en kan worden gevolgd hoe dit niveau zich in de tijd ontwikkelt.

Scenario-analyses en compliance-ondersteuning

Met de BIoS kunnen organisaties alternatieve technologieën en de impact van een eventuele overstap tegen elkaar afwegen voordat zij tot aanschaf overgaan. Volgens Bechtle ondersteunt de documentatie die het assessment genereert de naleving van regelgeving zoals de AVG, de Cyberbeveiligingswet en DORA, en biedt het een objectieve benchmark.

Vice President Marijke Krist van Bechtle Group Benelux geeft aan dat digitale soevereiniteit voor het bedrijf niet betekent dat organisaties grote technologiepartners moeten verlaten, maar dat ze bewust moeten kunnen kiezen. Krist stelt dat daarvoor inzicht nodig is in bestaande afhankelijkheden én een instrument om alternatieven te wegen voordat een besluit valt. Zo kunnen directies en IT-afdelingen volgens haar bepalen waar ze afhankelijk willen blijven, waar ze willen spreiden en waar alternatieven nodig zijn.

Een AI-gegenereerde phishingaanval kan binnen vijf minuten leiden tot blijvende toegang op een endpoint, blijkt uit een Red Team-simulatie van Barracuda Research. Het onderzoek toont hoe aanvallers MFA omzeilen via sessiecookies en vervolgens een voet tussen de deur houden via OAuth-apps en inboxregels. Tegelijk kondigt Barracuda een nieuwe geïntegreerde e-mailbeveiligingsoplossing aan.

Het Red Team gebruikte generatieve AI om een phishingmail op te stellen met een ogenschijnlijk urgent documentverzoek. De testgebruiker opende de mail 21 minuten na ontvangst en klikte op de ingesloten link. Die leidde naar een vervalste Microsoft-inlogpagina die het legitieme authenticatieproces onderschepte.

Binnen 60 seconden had de gebruiker zijn inloggegevens ingevoerd. Daarna volgde een MFA-verzoek van Microsoft. Binnen twee minuten na de eerste klik hadden de aanvallers gebruikersnaam, wachtwoord, authenticatiecookie én sessiegegevens in handen, zonder dat MFA de aanval tegenhield.

Met de gestolen sessiecookie kregen de aanvallers toegang tot de mailbox van het slachtoffer. Volgens Barracuda konden ze vervolgens e-mails lezen en versturen, toegang krijgen tot SharePoint en OneDrive, inboxregels aanmaken om hun activiteiten te verbergen, en toestemming verlenen aan schadelijke OAuth-apps om toegang te behouden nadat de sessie was verlopen.

ClickFix als laatste stap

Om blijvende toegang op het endpoint te vestigen, paste het Red Team een zogenoemde ClickFix-techniek toe. Het slachtoffer werd gevraagd een verificatiecode in het klembord te plakken. Dat activeerde een schadelijk script waarmee de aanvallers een persistente voet aan de grond kregen. Barracuda stelt dat de aanval vanaf dat punt verder kon escaleren richting uitbreiding van toegangsrechten en diefstal, versleuteling of vernietiging van gegevens.

Aanbevolen verdedigingsmaatregelen

Barracuda geeft aan dat geen enkele afzonderlijke beveiligingsmaatregel dit type meerlaagse aanval kan tegenhouden. Het bedrijf beveelt een combinatie aan van phishingbestendige MFA zoals hardwarebeveiligingssleutels, e-mailauthenticatie via DMARC, realtime detectie van afwijkende inlogactiviteiten, bewustzijnstraining voor gebruikers, en beperking van toegang tot tools die aanvallers misbruiken.

Securityteams moeten volgens Barracuda ook letten op tekenen van persistentie zoals nieuw aangemaakte inboxregels, geplande taken en verdachte OAuth-app-autorisaties.

Integrated Email Protection

Parallel aan de publicatie van het onderzoek kondigt Barracuda zijn Integrated Email Protection aan, een e-mailbeveiligingsoplossing met AI-functionaliteit gericht op detectie van dreigingen die buiten de inbox actief worden. Merium Khalid, Director AI and Automation bij het Office of the CTO van Barracuda, stelt dat aanvallers algemeen beschikbare AI-tools inzetten om traditionele verdedigingsmechanismen te omzeilen, en dat de snelheid waarmee het Red Team tot persistentie wist te komen de noodzaak onderstreept van continue, geautomatiseerde e-mailsecurity.

De volledige technische details van de simulatie zijn beschikbaar via het Barracuda-blog.

Organisaties die AI dieper integreren in hun werkprocessen, lopen aanzienlijk vaker tegen security- of kostenincidenten aan. Dat blijkt uit onderzoek van Jamf onder 687 IT- en securityleiders wereldwijd. Ruim een op de vijf organisaties heeft al een AI-gerelateerd incident meegemaakt, terwijl bijna zes op de tien op korte termijn een risico ziet op dergelijke problemen.

Jamf ondervroeg 687 IT- en securityleiders wereldwijd over AI-adoptie en de bijbehorende risico’s. Uit het onderzoek blijkt dat 72,9% van de organisaties al een vorm van AI heeft geïmplementeerd. Toch neemt het risico op incidenten toe naarmate de integratie dieper gaat: organisaties met ver doorgevoerde AI-implementaties melden 40% vaker een AI-gerelateerd incident dan organisaties die zich nog in een verkennende fase bevinden.

Een op de vijf al getroffen

Volgens Jamf heeft 22,0% van de respondenten al te maken gehad met een AI-gerelateerd incident, zoals een onverwachte kostenoverschrijding, een securityprobleem of een combinatie van beide. Nog eens 59,7% verwacht op korte termijn een vergelijkbaar incident. Het bedrijf stelt dat AI-governance daarmee een operationele vereiste aan het worden is.

Jamf-CEO Beth Tschida geeft aan dat AI de organisatie niet binnenkomt als één te beoordelen applicatie, maar opduikt in developertools, productiviteitsapps, autonome agents en in bestaande software. Naarmate die aanwezigheid groeit, is het behouden van inzicht en controle de voornaamste uitdaging. Tschida stelt dat governance gelijke tred moet houden met de implementatie.

Drie prioriteiten voor de komende twaalf maanden

De respondenten noemen drie AI-prioriteiten voor het komende jaar: automatisering van IT-operaties (44,4%), implementatie van AI-productiviteitstools (41,0%) en het invoeren van AI-governance (36,7%). Jamf leidt hieruit af dat IT-teams de adoptie niet willen afremmen, maar juist zoeken naar manieren om AI-gebruik te ondersteunen met behoud van zichtbaarheid, security en compliance.

Vier terugkerende uitdagingen

Uit 178 open antwoorden destilleert Jamf vier veelgenoemde barrières. Ten eerste blijft shadow AI een hardnekkig probleem: medewerkers gebruiken AI-tools zonder formele goedkeuring, waardoor IT-teams weinig zicht hebben op hoe gegevens worden verwerkt.

Ten tweede brengen AI-agents en developer AI nieuwe governance-uitdagingen met zich mee. Command-line tools, IDE-extensies, ingebedde modellen en autonome workflows worden vaak niet opgepikt door traditionele monitoringtools.

De derde uitdaging is leverancierswildgroei: softwareleveranciers voegen AI-functionaliteit toe aan bestaande producten, waardoor organisaties een toenemend aantal tools moeten evalueren en beheren.

Tot slot blijft kostenbeheer lastig. Op gebruik gebaseerde tarieven en overlappende abonnementen maken het moeilijk om inzicht te krijgen in waar AI-uitgaven plaatsvinden en welke tools daadwerkelijk waarde opleveren.

Governance als fundament

Jamf stelt dat de vraag voor organisaties niet langer is óf ze AI adopteren, maar hoe het beheer de implementatie kan bijhouden. Naarmate AI verder doordringt in applicaties, workflows en apparaten, zijn IT- en securityteams volgens het bedrijf gebaat bij vroegtijdig inzicht in de werking van AI-tools, gegevenstoegang en mogelijke risico’s.

Cegeka neemt 3Point over, een Belgische IT-consultancy- en cybersecurityspeler met een focus op defensie- en publieke veiligheidsomgevingen. Met de overname krijgt Cegeka toegang tot gespecialiseerde expertise in sterk geclassificeerde omgevingen, medewerkers met veiligheidsmachtiging en de dreigingsmonitoringoplossing Pointguard. Financiële details zijn niet bekendgemaakt.

Volgens Cegeka past de overname in een bredere strategie om de positie in defensie, intelligence en kritieke infrastructuur te versterken. CEO Koen Deryckere stelt dat Europa’s veiligheid en soevereiniteit in toenemende mate afhankelijk zijn van digitale infrastructuur en van partners die het vertrouwen krijgen die te beschermen. Hij geeft aan dat Cegeka met 3Point zijn rol als langetermijnpartner voor de defensie-, intelligence- en publieke veiligheidssectoren verder wil invullen, in omgevingen waar vertrouwen en discretie cruciaal zijn.

Brandon De Waele, Managing Director Defense, Intelligence & Space bij Cegeka, geeft aan dat 3Point de capaciteiten meebrengt die nodig zijn om in deze domeinen te versnellen: technische expertise, de juiste veiligheidsmachtigingen en geloofwaardigheid in geclassificeerde omgevingen.

Pointguard versterkt dreigingsdetectie

De Pointguard-oplossing van 3Point wordt na de overname geïntegreerd binnen het Cegeka-portfolio. Cegeka stelt dat de oplossing monitoring mogelijk maakt via darkweb-analyse en threathunting, waardoor organisaties dreigingen in een vroeg stadium kunnen detecteren en erop kunnen reageren. Het bedrijf verwacht dat dit zijn capaciteiten op het gebied van proactieve dreigingsdetectie verder versterkt, ook in scenario’s waarbij aanvallers gebruikmaken van AI.

Schaal voor 3Point, domeinkennis voor Cegeka

Medeoprichters Paul Meys en Stijn Haemhouts van 3Point geven aan dat de combinatie met Cegeka de mogelijkheid vergroot om grotere en complexere projecten te ondersteunen, terwijl de gespecialiseerde aanpak en nabijheid voor klanten behouden blijven. Meys benadrukt dat 3Point via het internationale platform van Cegeka nieuwe groeimogelijkheden wil creëren voor medewerkers en de organisatie als geheel. Haemhouts stelt dat klanten door de samenwerking end-to-end ondersteuning kunnen verwachten, aangevuld met de expertise en het bereik van een internationale groep, zonder dat de vertrouwde werkwijze verandert.

Na de overname werken de teams van beide bedrijven samen binnen de divisie Defense, Intelligence & Space van Cegeka.

Minstens 279 Nederlandse organisaties zijn getroffen door het FortiBleed-incident, waarbij cybercriminelen op grote schaal toegangsgegevens tot Fortinet-firewalls hebben buitgemaakt en actief misbruiken. Dat blijkt uit onderzoek van cybersecuritybedrijf Secutec en de Threat Research Unit van SOCRadar. Bij 136 van die organisaties hebben aanvallers vandaag nog steeds beheerderstoegang tot de firewall én het achterliggende netwerk.

Het FortiBleed-incident treft wereldwijd meer dan 75.000 firewalls van Fortinet, waarbij aanvallers ruim 110 miljoen aanmeldgegevens hebben onderschept in een campagne die begin 2026 startte en nog steeds actief is. Secutec bracht samen met SOCRadar, een specialist in darknetmonitoring, de Nederlandse impact in kaart.

De aanval maakt misbruik van een kwetsbaarheid in het Fortinet-partnerportaal, waar IT-dienstverleners toegang hebben tot de omgevingen van hun klanten. Daardoor konden de aanvallers in één beweging de netwerken bereiken van een groot aantal organisaties tegelijk. Dit verklaart waarom de schade zich uitstrekt over meerdere sectoren en ook kleinere organisaties treft, zoals advocatenkantoren, lokale overheden en scholen.

Beheerdersaccounts nog actief toegankelijk

Bij de helft van de onderzochte firewalls trof Secutec al nieuwe accounts aan die de aanvallers zelf hebben aangemaakt. Daarmee behouden zij toegang, ook als de oorspronkelijk gestolen inloggegevens worden geblokkeerd. Secutec stelt dat voor geen van de onderzochte firewalls multifactorauthenticatie was ingeschakeld. Daarnaast gebruikten IT-partners in veel gevallen identieke wachtwoorden voor meerdere klanten. Ook draait 85 procent van de getroffen systemen niet op de meest recente firmware, waardoor bekende kwetsbaarheden beschikbaar blijven voor misbruik.

Van versleuteling naar toegangshandel

Volgens Secutec en SOCRadar illustreert FortiBleed een verschuiving in de werkwijze van cybercriminelen. De focus ligt niet langer primair op het versleutelen van data, maar op het stelen en verhandelen van toegang en gegevens. Dit model noemen de onderzoekers ook wel ‘Initial Access Brokerage’. Bij meerdere organisaties wereldwijd is al sprake van grootschalige data-exfiltratie, waarna in een latere fase losgeld kan worden geëist.

De aanvallers verkregen via ‘brute force’ toegang door geautomatiseerd grote hoeveelheden gebruikersnamen en wachtwoorden te combineren. Eenmaal binnen installeerden zij FortigateSniffer, een tool die via de firewall al het netwerkverkeer monitort en inloggegevens onderschept via tientallen protocollen. De buitgemaakte gegevens worden nadien gekraakt en gebruikt om verder door te dringen in interne systemen, waarna gevoelige data systematisch wordt ontvreemd.

De operatie wordt gelinkt aan een Russische groep. Secutec en SOCRadar stellen vast dat de infrastructuur van de aanvallers nog steeds operationeel is, met dagelijks nieuwe compromitteringen.

Autoriteiten ingelicht

Secutec heeft het NCSC en Europese nationale CERT’s op de hoogte gebracht. Geert Baudewijns, CEO van Secutec, geeft aan dat dit type ketenaanval — waarbij één kwetsbare schakel toegang biedt tot honderden organisaties — de komende jaren naar verwachting vaker zal voorkomen.

Organisaties die gebruikmaken van Fortinet-oplossingen worden opgeroepen direct maatregelen te nemen: systemen bijwerken naar de meest recente firmware, multifactorauthenticatie activeren, en bestaande toegangen en accounts controleren op ongeautoriseerde wijzigingen.

Cisco benoemt Ernst van Maanen tot Public Sector Lead voor Nederland. Hij treedt per direct toe tot het Nederlandse managementteam en rapporteert aan Cynthia Koetsier-Beerten, General Manager van Cisco Benelux. In zijn nieuwe rol richt Van Maanen zich op cybersecurity, digitale weerbaarheid, bescherming van kritieke infrastructuur en compliance binnen de publieke sector.

Van Maanen was eerder werkzaam als Cybersecurity Sales Director voor Noord-Europa bij Cisco. Daarvoor vervulde hij meerdere functies binnen de organisatie, waaronder rollen in channel, enterprise en emerging markets in Nederland en de rest van Europa. Naast zijn werk bij Cisco is hij bestuurslid bij Cyberveilig Nederland.

Koetsier-Beerten stelt dat Van Maanen door zijn achtergrond in cybersecurity en zijn technische en commerciële ervaring goed gepositioneerd is om klanten en partners te ondersteunen bij het bouwen van kritieke infrastructuur.

Samenwerking met partnernetwerk

In zijn nieuwe positie werkt Van Maanen nauw samen met het partnernetwerk van Cisco. Hij ondersteunt daarbij ook strategische initiatieven als het Country Digital Acceleration (CDA)-programma en de Networking Academy. Cisco geeft aan dat deze programma’s bijdragen aan digitale vaardigheden en een veiligere digitale samenleving in Nederland.

Volgens Van Maanen sluit de aanpak van Cisco op het gebied van cybersecurity, networking en AI aan bij de vraagstukken waarmee publieke organisaties te maken hebben, zoals het voldoen aan strengere regelgeving en het vergroten van digitale weerbaarheid.

Tijdens de zomermaanden neemt het risico op cyberaanvallen toe doordat IT-teams kleiner zijn, thuiswerken vaker voorkomt en online boekingsactiviteit stijgt. Sophos publiceert een analyse van de specifieke risico’s voor de reis- en horecasector en geeft aanbevelingen voor organisaties die hun beveiliging op peil willen houden tijdens het hoogseizoen.

Sophos wijst op een combinatie van factoren die de zomerperiode aantrekkelijk maakt voor aanvallers: verminderde bezetting bij beveiligingsteams, langere reactietijden en een groter aanvalsoppervlak door toegenomen gebruik van thuiswerken en openbare netwerken. Volgens het Sophos Active Adversary Report 2026 was 67% van de in 2025 geanalyseerde incidenten het gevolg van identiteitsaanvallen, waarbij gecompromitteerde inloggegevens in 42% van de gevallen de primaire aanvalsvector vormden.

Brian Schippers, Manager Sales Engineering bij Sophos, geeft aan dat de zomer aanvallers iets biedt wat ze waarderen: kansen. Organisaties verminderen hun verdedigingscapaciteit, de perimeter breidt zich uit door thuiswerken en gebruik van openbare wifi, en medewerkers zijn minder alert door de vakantiesfeer.

Reis- en horecasector als doelwit

De reis- en horecasector is tijdens de zomer een aantrekkelijk doelwit, meldt Sophos. Het aantal transacties neemt toe, organisaties zetten vaker tijdelijk personeel in en reizigers staan regelmatig onder tijdsdruk bij reserveringen en betalingen. Sophos volgt sinds 2023 actieve campagnes waarbij niet boekingsplatforms zelf worden gecompromitteerd, maar de accounts van hotelmedewerkers. Via phishing stelen aanvallers inloggegevens en gebruiken vervolgens echte boekingsinformatie zoals namen, verblijfsdata en reserveringsbedragen om gasten te benaderen via legitieme communicatiekanalen.

De Fraudehelpdesk ontving in het eerste kwartaal van 2026 bijna 400 meldingen van Booking.com-gerelateerde fraude in Nederland, waarbij criminelen gestolen reserveringsgegevens gebruikten om reizigers te overtuigen extra betalingen te doen of betaalgegevens te delen.

Schippers stelt dat het niet zozeer gaat om sectoren die structureel vaker worden aangevallen, maar om kansen die ontstaan wanneer sectoren tijdens de zomer op volle capaciteit draaien.

AI verlaagt drempel voor phishing

AI heeft phishingaanvallen volgens Sophos toegankelijker en schaalbaarder gemaakt. Aanvallers kunnen hiermee binnen enkele seconden foutloze berichten opstellen in het Nederlands, Frans en Engels, aangevuld met gepersonaliseerde reserveringsinformatie en betalingsverzoeken. Klassieke signalen waarmee gebruikers fraude eerder herkenden, verdwijnen daardoor. Dit geldt ook voor vishing en smishing, waarbij berichten inspelen op tijdsdruk om slachtoffers minder kritisch te laten reageren.

Onderzoek van Alert Online laat zien dat bijna een derde van de Nederlandse medewerkers in 2025 te maken kreeg met phishingpogingen, een stijging ten opzichte van het jaar ervoor.

Volgens Schippers heeft AI de aard van aanvallen niet veranderd, maar wel de barrières weggenomen die gebruikers vroeger hielpen fraude te herkennen. De nadruk ligt op snelheid en schaal: elk bericht kan worden gepersonaliseerd met gestolen gegevens en elke taalvariant is binnen seconden beschikbaar.

Aanbevelingen voor het hoogseizoen

Sophos raadt organisaties aan hun beveiligingsstrategie vóór het hoogseizoen te herzien. De aanbevelingen richten zich op vijf aandachtsgebieden. Ten eerste het activeren en controleren van multi-factor authenticatie (MFA): bij 59% van de in 2025 onderzochte incidenten ontbrak MFA of was deze verkeerd geconfigureerd. Ten tweede het garanderen van 24/7 monitoringdekking tijdens vakantieperiodes, eventueel via een uitbestede MDR-dienst of een externe CISO-dienst.

Ten derde het betrekken van tijdelijk personeel bij bewustwordingsprogramma’s, omdat dit een veelgebruikt toegangspunt voor aanvallers is. Ten vierde het herzien van het beleid rond externe wifi en remote werken, door het gebruik van een bedrijfs-VPN verplicht te stellen en toegang te segmenteren op gebruikersprofiel. Ten vijfde het activeren van een gedocumenteerd en getest incidentresponsplan, dan wel een MDR-dienst met autonome responscapaciteit, om de impact van langere reactietijden te beperken.