Fortinet stelt FortiSOC beschikbaar, een cloudgebaseerd platform dat SIEM, SOAR, UEBA, dossierbeheer, bedreigingsinformatie en ITDR combineert in één SaaS-oplossing. Het platform bevat ingebouwde agentic AI die zelfstandig meldingen onderzoekt en koppelt aan IT-systemen en identiteiten. Daarmee beoogt Fortinet beveiligingsprocessen te consolideren en op te schalen vanuit één console en abonnement.

Centraal in FortiSOC staat FortiAI-Assist, een AI-component die meldingen zelfstandig onderzoekt en aan elkaar koppelt. Fortinet stelt dat de AI acties kan aanbevelen of uitvoeren onder toezicht van beveiligingsanalisten. FortiAI-Assist maakt gebruik van bedrijfsbrede telemetrie en bedreigingsinformatie van FortiGuard Labs, en ondersteunt het Model Context Protocol (MCP) voor de coördinatie van AI-taken binnen het platform. Fortinet geeft aan dat security-teams hiermee op maat gemaakte beveiligingsprocessen kunnen opzetten en uitbreiden.

Oprichter en CTO Michael Xie geeft aan dat het platform is bedoeld voor teams van uiteenlopende omvang, van organisaties die de basis voor een SOC willen leggen tot teams binnen grote organisaties die een bestaande SOC-omgeving willen uitbreiden. Xie stelt dat de ingebouwde AI en geïntegreerde workflows zijn gebaseerd op de eigen wereldwijde beveiligingsactiviteiten van Fortinet.

Draaiboeken en bedreigingsinformatie ingebouwd

FortiSOC wordt geleverd met kant-en-klare draaiboeken en detectiemethoden die Fortinet baseert op zijn eigen SOC-activiteiten. FortiGuard verzorgt real-time bedreigingsinformatie, outbreak alerts en maandelijkse contentupdates. Fortinet meldt dat native integraties beschikbaar zijn met alle onderdelen van de Fortinet Security Fabric, aangevuld met koppelingen naar oplossingen van andere leveranciers.

Het platform is onderdeel van het bredere Fortinet SOC Platform, dat ook FortiAnalyzer, FortiSIEM en FortiSOAR omvat. Fortinet geeft aan dat die afzonderlijke producten beschikbaar blijven en verder worden doorontwikkeld, en dat FortiSOC is bedoeld voor organisaties die de voorkeur geven aan één cloudgebaseerde oplossing.

IDC ziet groeiende vraag naar geïntegreerde SOC-platforms

Onderzoek door IDC wijst uit dat organisaties toenemend prioriteit geven aan de workflow en onderzoekservaring van beveiligingsanalisten en aan SOC-functionaliteit die vanuit de cloud wordt geleverd. Michelle Abraham, senior research director Security & Trust bij IDC, geeft aan dat dit aansluit op de wens van organisaties om overzicht te verbeteren en incidentrespons te versnellen. Abraham stelt dat FortiSOC voortbouwt op het bestaande security operations-aanbod van Fortinet door bestaande technologieën samen te brengen in één SaaS-platform.

Unit 42, het onderzoeksteam van Palo Alto Networks, heeft een methode ontwikkeld om AI-uitbreidingen te controleren voordat ze toegang krijgen tot bedrijfsdata en systemen. Aanleiding is een analyse van bijna 50.000 AI-uitbreidingen, waarvan 80% minstens één afwijking bleek te vertonen tussen beschrijving en daadwerkelijk gedrag. In totaal telden de onderzoekers meer dan 250.000 van zulke afwijkingen.

Organisaties zetten AI-agents steeds vaker in voor taken als klantenservice en IT-beheer. Om extra functionaliteit toe te voegen kunnen zij externe uitbreidingen installeren, vergelijkbaar met apps op een smartphone. Eenmaal geïnstalleerd kunnen deze uitbreidingen toegang krijgen tot bestanden, gevoelige data, externe diensten en systeemcommando’s. Volgens Unit 42 ontbreekt bij veel van deze uitbreidingen de mogelijkheid om vooraf te controleren of ze daadwerkelijk doen wat de ontwikkelaar beschrijft.

Risico zit in combinaties van functies

Uit het onderzoek blijkt dat gevaar vaak niet in één handeling schuilt, maar in meerdere stappen die samen een aanval mogelijk maken. Twee aanvalspatronen kwamen steeds terug: het stelen en wegsluizen van gevoelige data, en het manipuleren van een AI-agent zodat die alsnog data prijsgeeft. Deze twee patronen waren samen verantwoordelijk voor 88% van alle geconstateerde meerstaps-aanvalsketens.

Van de onderzochte afwijkingen was 81% toe te schrijven aan fouten of onvolledigheden in de documentatie. Bijna 19% wees op mogelijk kwaadaardige of verdachte activiteit. Op het niveau van individuele uitbreidingen troffen de onderzoekers ruim 2.400 exemplaren aan met meerstaps-aanvalspatronen die extra aandacht vroegen.

Wat BIV doet

Om deze risico’s zichtbaar te maken, introduceerde Unit 42 Behavioral Integrity Verification (BIV). De methode vergelijkt wat een AI-uitbreiding zegt te doen met wat deze feitelijk uitvoert. BIV analyseert daarvoor drie onderdelen van een uitbreiding: de metadata, de onderliggende code en de instructies in natuurlijke taal die het gedrag van een AI-agent bepalen. De methode kijkt daarbij niet alleen naar afzonderlijke functies, maar ook naar de samenhang daartussen. Unit 42 stelt dat BIV daardoor complexe aanvalsketens kan herkennen die traditionele beveiligingscontroles vaak missen.

Unit 42 adviseert organisaties om third-party uitbreidingen vooraf te controleren, nog vóór installatie. Daarnaast kunnen organisaties Prisma AIRS en de Unit 42 AI Security Assessment inzetten voor aanvullende beveiliging van hun AI-omgevingen.

Aanvallers verspreiden malware via WhatsApp. Het gaat om schadelijke VBScript-bestanden, die worden verspreid via eerder gecompromitteerde accounts. De bestanden worden verstuurd vanuit de bestaande contactenlijst van het gehackte account, wat de kans vergroot dat ontvangers het bestand openen. Slachtoffers zijn vastgesteld in onder meer Maleisië, Brazilië, Singapore, Taiwan en Vietnam. De meertalige bestandsnamen wijzen echter ook op doelgerichte verspreiding in Europa.

De campagne werd in juni 2026 ontdekt door het Kaspersky Global Research and Analysis Team (GReAT). Aanvallers maken gebruik van WhatsApp-accounts die eerder zijn gecompromitteerd om kwaadaardige bijlagen te versturen. Omdat de berichten afkomstig lijken van bekende contacten, is de kans groter dat ontvangers de bestanden daadwerkelijk openen.

Volgens Kaspersky zijn de VBScript-bestanden voorzien van namen die lijken op reguliere zakelijke documenten, zoals facturen, bankafschriften, betalingsoverzichten en aanmaningen. De bestandsnamen zijn opgesteld in meerdere talen, waaronder Engels, Portugees, Frans, Duits en Maleis. Daarnaast bevatten de VBScript-bestanden commentaarregels en metadata die onderdelen van het legitieme Microsoft Windows Update-proces nabootsen.

Meerfasig installatieproces

Na het openen van het bestand start een meerfasig infectieproces op het getroffen systeem. Het initiële script maakt een werkmap aan onder C:\Users\Public\Documents\ en haalt vervolgens aanvullende scriptbestanden op van externe infrastructuur. Die worden uitgevoerd via Windows Script Host. De vervolgscripts voeren aanvullende systeemacties uit en downloaden een gecomprimeerd archief van dezelfde infrastructuur. Dat archief bevat een installatiepakket voor software voor remote monitoring en management, waarmee aanvallers op afstand toegang tot het systeem verkrijgen.

Security researcher Fareed Radzi van Kaspersky GReAT geeft aan dat de campagne inspeelt op vertrouwen binnen berichtenplatforms. Doordat de bestanden lijken te komen van bekende contacten en zijn ingekleed als alledaagse zakelijke documenten, zijn ontvangers eerder geneigd ze te openen. De meertalige opzet van de bestandsnamen ondersteunt verspreiding over meerdere taalregio’s.

Aanbevelingen

Kaspersky adviseert gebruikers om onverwachte bijlagen via WhatsApp met voorzichtigheid te behandelen, ook wanneer deze afkomstig lijken van bekende contacten. Het bedrijf raadt aan scriptbestanden en uitvoerbare bestandstypen zoals .vbs, .vbe, .exe, .bat, .cmd, .js en .ps1 niet te openen tenzij de herkomst onafhankelijk is geverifieerd. Het volledige onderzoeksrapport is beschikbaar op Securelist.com.

Onderzoekers van KnowBe4 Threat Lab hebben in recente phishingcampagnes herkenbare sporen van AI-gebruik gevonden. Het gaat om achtergebleven promptinstructies, uitgebreide codecommentaren en verborgen tekst als afleidingstactiek. Volgens KnowBe4 bevat 86 procent van de phishingcampagnes uit de afgelopen zes maanden een vorm van AI-ondersteuning. Die inzet laat tegelijkertijd nieuwe digitale vingerafdrukken achter die bruikbaar zijn voor detectie.

Dit meldt het securitybedrijf in een nieuw rapport. In één phishingmail stuitten de onderzoekers op een achtergebleven instructieregel die normaal alleen zichtbaar is voor de gebruiker van een AI-tool. De aanvallers hadden deze tekst per ongeluk in de verzonden mail laten staan. Zo’n achtergebleven promptinstructie vormt een directe aanwijzing dat generatieve AI is ingezet bij het opstellen van de aanval.

Phishingpagina’s op legitieme no-code-platforms

Een tweede bevinding betreft phishingpagina’s die sterk leken op legitieme Microsoft- of Meta-omgevingen, maar volledig waren gebouwd via publieke no-code-platforms. Volgens KnowBe4 maakt deze combinatie het voor aanvallers mogelijk om zonder programmeerkennis snel campagnes op te zetten. Tegelijkertijd profiteren zij van het vertrouwen dat beveiligingssystemen doorgaans hebben in bekende, legitieme hostingplatforms.

Code met uitgebreid commentaar over de aanvalstechniek

In de broncode van phishingwebsites vonden de onderzoekers commentaarregels die gedetailleerd beschreven hoe de aanval werkte, inclusief de technieken om beveiligingscontroles te omzeilen. Waar aanvallers hun werkwijze normaal gesproken proberen te verbergen, bevatte deze code juist uitvoerige documentatie. KnowBe4 stelt dat dit een kenmerk is van door AI gegenereerde code, omdat taalmodellen automatisch uitleg toevoegen aan de code die zij produceren.

Verborgen tekst als afleidingstactiek

Een vierde voorbeeld betreft phishingmails met grote hoeveelheden voor de ontvanger onzichtbare tekst. Het ging om door AI gegenereerde gesprekken over alledaagse onderwerpen, bedoeld om beveiligingsscanners te misleiden door de mail meer legitieme inhoud mee te geven. In deze verborgen teksten identificeerden de onderzoekers meerdere AI-kenmerken: onnatuurlijk regelmatige tijdsintervallen tussen berichten en het herhaaldelijk noemen van het e-mailadres van de ontvanger in contexten waarin echte gebruikers dat niet zouden doen.

Jeewan Singh Jalal, Principal Cybersecurity Threat Research Manager bij KnowBe4, geeft aan dat de aanname dat AI phishingaanvallen per definitie moeilijker detecteerbaar maakt, nuancering verdient. Volgens Jalal laat AI tegelijkertijd nieuwe sporen achter die beveiligingsteams kunnen gebruiken om campagnes sneller te identificeren, aan elkaar te koppelen en dreigingsinformatie te verrijken.

Bij 43% van de Nederlandse organisaties heeft een cyberaanval al binnen dezelfde werkdag gevolgen voor de omzet, terwijl herstel gemiddeld ruim vier dagen duurt. Tegelijkertijd beschouwt meer dan de helft van de bedrijfsleiders cybersecurity nog altijd als een technisch vraagstuk in plaats van een directieverantwoordelijkheid.

Dat blijkt uit onderzoek van HarfangLab, een Europese aanbieder van endpoint detection and response-oplossingen. Het onderzoek van HarfangLab onder Nederlandse bedrijfsleiders laat zien dat 69% van de ondervraagde organisaties verwacht dat een cyberincident een aanzienlijke impact heeft op zowel de bedrijfsvoering als de omzet. Bij 7% treedt omzetverlies zelfs binnen enkele uren op.

Ondanks dat bewustzijn noemt slechts 23% van de organisaties bedrijfscontinuïteit en snel herstel als de belangrijkste focus van hun cybersecuritystrategie. Meer dan de helft van de bedrijfsleiders (54%) ziet cybersecurity binnen de eigen organisatie primair als een technisch probleem.

Omzetverlies treedt snel op, herstel duurt dagen

HarfangLab stelt dat de kloof tussen financiële schade en hersteltijd toeneemt. Volgens het onderzoek zou een verstoring van kritieke bedrijfsprocessen van 24 uur bij 29% van de leidinggevenden leiden tot een omzetverlies van ten minste 16% van de dagelijkse omzet. Drie procent verwacht zelfs een verlies van 25% of meer. Gemiddeld schatten leidinggevenden dat het 4,27 dagen duurt om na een cyberincident weer volledig operationeel te zijn.

Organisaties die omzetverlies al binnen enkele uren ervaren, maken cyberveiligheid vaker een prioriteit voor de CEO dan gemiddeld: 43% tegenover 30%. Dat patroon suggereert dat directiebetrokkenheid toeneemt wanneer de operationele impact direct merkbaar is.

Verantwoordelijkheid versnipperd over meerdere functies

Uit het onderzoek blijkt dat de verantwoordelijkheid voor cyberveiligheid bij 30% van de Nederlandse organisaties bij de CEO ligt, bij 31% bij de CIO en bij 22% bij de CISO. Na een datalek of incident verwacht 32% dat de CEO ter verantwoording wordt geroepen, terwijl 30% wijst naar de CIO, CISO of CTO. Dertien procent noemt externe dienstverleners als verantwoordelijke partij.

Anouck Teiller, Deputy CEO van HarfangLab, geeft aan dat bedrijfsleiders de verstoring en omzetverliezen door cyberincidenten wel erkennen, maar dat de verantwoordelijkheid voor cyberveiligheid versnipperd blijft en te vaak als IT-vraagstuk wordt behandeld. Volgens Teiller vereist cyberweerbaarheid duidelijk eigenaarschap, ondersteund door interne expertise en externe partners, en vraagt het om een benadering vanuit bedrijfscontinuïteit in plaats van een technisch budget.

AI-adoptie loopt voor op governance

HarfangLab meldt dat organisaties tegelijkertijd in hoog tempo in AI investeren. De grootste groep (24%) richt AI-investeringen op productiviteit en efficiëntie; slechts 16% investeert primair in cybersecurity en digitale verdediging. Meer dan de helft (59%) vereist een veiligheidsbeoordeling voordat AI-tools worden ingezet, maar slechts 49% beschikt over formeel vastgelegde AI-richtlijnen. Volgens het onderzoek implementeren veel Nederlandse bedrijven AI daarmee sneller dan zij de bijbehorende governance- en beveiligingsmaatregelen ontwikkelen.

Zestig procent van de Nederlandse bedrijfsleiders stelt dat cybersecurityregelgeving leidt tot meer verantwoordelijkheid op bestuursniveau, en 61% maakt zich zorgen over persoonlijke aansprakelijkheid bij cyberincidenten. Hoewel 68% Europese cybersecurityregelgeving als concurrentievoordeel ziet, geeft 66% aan moeite te hebben om te begrijpen wat die regelgeving concreet vereist. Daarnaast vindt 57% het lastig om het tempo van nieuwe wet- en regelgeving bij te houden.

OT-omgevingen bevatten vaker kwetsbaarheden dan organisaties vermoeden. Remote toegang, leveranciersverbindingen en tijdelijke oplossingen die permanent worden, ondermijnen de veronderstelde isolatie. Orange Cyberdefense bundelt zeven lessen op basis van praktijkervaring en eigen onderzoek.

Volgens het jaarlijkse onderzoeksrapport van Orange Cyberdefense steeg het aantal cyberafpersingsincidenten het afgelopen jaar met 45 procent. Statelijke actoren en hacktivistische groepen richten zich daarbij steeds nadrukkelijker op kritieke infrastructuur. Voor organisaties met operationele technologie (OT) stelt het bedrijf dat de vraag niet is óf risico’s bestaan, maar waar ze zich bevinden.

Aanvalsoppervlak zit buiten de installatie

Volgens Marcel Hulsen, Principal Security Architect bij Orange Cyberdefense, ligt de focus in veel organisaties nog te sterk op de installatie of de controller zelf. De kwetsbaarheid bevindt zich in de praktijk vaker in remote access, leveranciersverbindingen, beheerrechten en koppelingen met andere systemen. IT en OT blijven weliswaar verschillende omgevingen, maar hun beveiliging is volgens Hulsen niet langer los van elkaar te organiseren.

Airgaps bieden schijnzekerheid

Een airgap geldt in veel organisaties nog als betrouwbare veiligheidsmaatregel. Hulsen geeft aan dat die aanname steeds minder houdbaar is. Wifinetwerken in de fabriek, leveranciersverbindingen en beheeroplossingen die ooit tijdelijk waren maar zijn blijven bestaan, ondermijnen die scheiding regelmatig. Formele afscherming op papier biedt daardoor lang niet altijd de veiligheid die organisaties verwachten.

Praktische keuzes vergroten het aanvalsoppervlak

Kwetsbaarheden in OT-omgevingen ontstaan ook door ogenschijnlijk praktische beslissingen, zoals het toevoegen van een wifi-router of het koppelen van systemen aan dashboards. Tijdelijke oplossingen worden zo de norm, zonder dat de bijbehorende risico’s opnieuw worden afgewogen. Orange Cyberdefense stelt dat effectieve OT-security niet alleen om technische maatregelen vraagt, maar ook om een kritische blik op wat operationeel verantwoord is.

Basismaatregelen kunnen groot verschil maken

Het bedrijf geeft aan dat basismaatregelen zoals inzicht in systemen, het beperken van toegang en het uitschakelen van overbodige functionaliteit al een groot verschil maken. Segmentatie en least privilege zijn volgens Hulsen maatregelen waarmee organisaties in veel gevallen nog grote stappen kunnen zetten.

Bestuurlijk mandaat en leverancierstoezicht

Detectie en monitoring hebben beperkte waarde als de mogelijkheid om in te grijpen niet vooraf is geregeld. Orange Cyberdefense stelt dat organisaties verbindingen moeten kunnen verbreken of systemen isoleren zonder dat daar kostbare tijd mee gemoeid is. Daarmee wordt OT-security ook een bestuursvraag: wie mag ingrijpen bij grote impact en wie draagt daarvoor de verantwoordelijkheid?

Beoordeel leveranciers kritisch

Leveranciers, onderhoudspartijen en externe toegang vergroten het aanvalsoppervlak bovendien buiten de eigen omgeving. Hulsen geeft aan dat organisaties duidelijke afspraken moeten maken, controleren en leveranciers aanspreken op kwetsbaarheden in verbindingen én bedrijfsprocessen. Een inbraak bij een leverancier met remote toegang tot de fabriek kan volgens hem grote gevolgen hebben voor de productieomgeving.

Menselijk handelen blijft bepalend

Veel kwetsbaarheden zijn het gevolg van menselijke keuzes: standaardwachtwoorden, extra toegangsrechten of remote access zonder voldoende controle. In OT-omgevingen staat veiligheid van machines voorop; securitymaatregelen mogen fysieke veiligheid niet in gevaar brengen of incidentrespons onnodig blokkeren.

Hulsen wijst er verder op dat nieuwe Europese veiligheidsregels nadrukkelijker aandacht vragen voor de impact van connectiviteit, cybersecurity en AI op veilig werken met machines. Machinebouwers en systeemintegratoren moeten er volgens hem voor zorgen dat digitale toegang, softwarewijzigingen of AI-gestuurde functies niet kunnen leiden tot gevaarlijke situaties. Tools en AI kunnen ondersteunen, maar het zijn uiteindelijk mensen die risico’s herkennen en op het juiste moment ingrijpen.

Westcon-Comstor heeft een strategische investering en financieringsovereenkomst gesloten met General Atlantic. De investeerder wordt minderheidsaandeelhouder en langetermijnfinancieringspartner van de technologiedistributeur. Moedermaatschappij Datatec behoudt de meerderheidsaandelen en de bestaande leiderschapsstructuur blijft intact.

De distributeur meldt zeven opeenvolgende jaren van omzetgroei te hebben gerealiseerd. Het meest recente boekjaar sloot het bedrijf af met een recordomzet van 5,74 miljard dollar. De winstgevendheid steeg, mede door een verschuiving naar software, diensten en terugkerende abonnementsomzet.

Toegang tot kapitaal en netwerk

David Grant, CEO van Westcon-Comstor, geeft aan dat de deelname van General Atlantic het bedrijf meer flexibiliteit geeft om de groeistrategie te versnellen. Volgens Grant gaat het daarbij onder meer om de uitbreiding van het portfolio en de verdere ontwikkeling van digitale capaciteiten en AI-toepassingen. Grant benadrukt dat de stabiliteit in leiderschap en de strategische langetermijnkoers behouden blijven.

Jens Montanana, CEO van Datatec, stelt dat zijn bedrijf na het evalueren van meerdere strategische opties heeft gekozen voor een structuur die de bestaande aanpak van Westcon-Comstor versterkt. Datatec behoudt de zeggenschap en werkt samen met General Atlantic als minderheidsaandeelhouder en financier. Montanana geeft aan dat de overeenkomst er ook voor zorgt dat het senior management verder verankerd wordt als aandeelhouder.

Groei door AI, security en cloud

Westcon-Comstor is actief in drie regio’s: Europa, het Midden-Oosten en Afrika en Azië-Pacific. Het bedrijf bedient IT-kanaalpartners en technologieleveranciers met value-added distributiediensten. Volgens Westcon-Comstor dragen een aantal sectortrends bij aan de aanhoudende groei: investeringen in AI-infrastructuur, toenemende vraag naar cybersecurityoplossingen en de verdere uitrol van cloud- en edge-computingomgevingen.

Leo Wouters, Managing Director bij General Atlantic, stelt dat zijn organisatie al langere tijd een relatie onderhoudt met de Datatec Group. Wouters geeft aan dat General Atlantic met kapitaal en strategische ondersteuning wil bijdragen aan de verdere uitbreiding van het portfolio en de internationale aanwezigheid van Westcon-Comstor.

Financiële details over de omvang van de investering zijn niet bekendgemaakt.

AI-zoekmachines staan voor een vertrouwenscrisis, Europa loopt achter op de digitale doelen van 2030 en Apple wil dat Siri binnenkort meekijkt via je oortjes. Dit is de AI Update van week 25.

Duitse rechter maakt Google verantwoordelijk voor eigen AI-uitspraken

De Rechtbank München heeft Google verboden om valse beweringen over twee uitgevers te blijven verspreiden via AI Overviews. De AI had de bedrijven ten onrechte in verband gebracht met oplichting en dubieuze praktijken, verbanden die in geen van de geciteerde bronnen voorkwamen. Google reageerde niet adequaat op een eerdere sommatie, waarna de rechter een voorlopige maatregel oplegde met boetes tot 250.000 euro per overtreding.

  • De rechtbank classificeerde AI Overviews als eigen content van Google: de AI genereert “zelfstandige, nieuwe, inhoudelijke uitspraken” in Googles eigen woorden, en daarmee is Google de spreker — niet de doorgeefluik.
  • Dat onderscheid is juridisch cruciaal: klassieke zoekmachines zijn grotendeels gevrijwaard van aansprakelijkheid omdat ze verwijzen naar andermans content; AI-samenvattingen vallen buiten die bescherming.
  • Google voerde als verweer dat gebruikers AI-uitkomsten zelf moeten controleren — de rechter verwierp dat argument.
  • De uitspraak is voorlopig en nog niet onherroepelijk, maar als ze standhoudt geldt dezelfde logica voor elk AI-zoekproduct, van ChatGPT Search tot Perplexity.

Bron: The Decoder

top ^

Dertien woorden op Reddit zijn genoeg om AI-zoekresultaten te manipuleren

Onderzoekers van Cornell Tech publiceerden in mei een paper over een aanvalsmethode die ze WARP noemen: Web Agent Retrieval Poisoning. De kern: wie één korte tekst plaatst op een druk bezochte pagina op Reddit, Wikipedia of Quora, kan de uitkomsten van AI-onderzoeksagenten structureel sturen — ook voor vragen die de aanvaller nooit heeft voorzien.

  • Een snippet van dertien woorden op een UGC-platform blijkt voldoende om AI-agenten spam- of promotie-uitkomsten te laten produceren, consistent en over een heel cluster van verwante zoekvragen.
  • AI-onderzoeksagenten citeren bij circa de helft van alle zoekvragen content van gebruikersplatforms; bijna een kwart van alle bronnen die ze aanroepen komt van dit soort sites.
  • Het fenomeen heeft al een naam: AEO, AI Engine Optimization — het is de nieuwe SEO, en merken zijn er al volop mee bezig.
  • De aanval werd getest in een sandbox, nooit op de live versies van Reddit of Wikipedia. Maar de onderzoekers meten wel hoe vaak commerciële tools als ChatGPT en Gemini UGC-bronnen citeren en dat is genoeg om de kwetsbaarheid aannemelijk te maken.

Bron: Cornell Tech / arXiv via 404 Media

top ^

OpenAI lanceert gratis cursuspad van prompten tot AI-agents

OpenAI introduceerde op 12 juni drie nieuwe cursussen via OpenAI Academy, het gratis leerplatform dat het bedrijf eerder dit jaar lanceerde. De cursussen richten zich op werknemers en teams die AI willen inzetten in hun dagelijkse werk als herhaalbaar onderdeel van hun werkproces.

  • De drie cursussen heten AI Foundations, Applied AI Foundations en Agents and Workflows en bieden een oplopend leerpad: van AI begrijpen, naar toepassen in terugkerend werk, naar het aansturen van gestructureerde workflows met agents.
  • AI Foundations behandelt essentiële AI-concepten, prompting en verantwoord gebruik; Applied AI Foundations richt zich op het omzetten van losse taken naar herhaalbare werkprocessen.
  • Wie een cursus afrondt ontvangt een certificaat, bedoeld om vroege adopters binnen organisaties zichtbaar te maken en als “AI champion” te laten fungeren.
  • De cursussen zijn gratis beschikbaar via academy.openai.com en worden continu bijgewerkt door interne teams van OpenAI voor onderzoek, productontwikkeling en veiligheid.

Bron: OpenAI

top ^

Brussel: Europa haalt de digitale doelen van 2030 niet op tijd

De Europese Commissie publiceerde op 17 juni het rapport State of the Digital Decade 2026, de jaarlijkse meting van Europa’s digitale voortgang. De conclusie is scherp: op cruciale terreinen als AI, chips, cloudinfrastructuur en cybersecurity verloopt de ontwikkeling te traag om de concurrentiepositie ten opzichte van de VS en China te handhaven.

  • Op connectiviteit gaat het goed: 96,8 procent van de Europese huishoudens heeft inmiddels 5G-dekking, maar glasvezel, halfgeleiders en rekencapaciteit blijven ver achter op de 2030-doelen.
  • AI-adoptie bij bedrijven steeg in 2025 met 48 procent, maar slechts één op de vijf Europese bedrijven heeft AI daadwerkelijk in operationele processen ingezet.
  • ICT-specialisten maken momenteel 5 procent van de beroepsbevolking uit, de helft van wat de EU in 2030 wil bereiken, en vrouwen zijn met minder dan 20 procent sterk ondervertegenwoordigd.
  • Het huidige tempo is onvoldoende om de Digital Decade-doelen te halen. De Commissie roept lidstaten op tot versnelling via onder meer de Cloud and AI Development Act en Chips Act 2.0.

Bron: Europese Commissie

top ^

Apple stopt camera’s in AirPods zodat Siri kan meekijken

Apple werkt aan een versie van de AirPods met ingebouwde camera’s in de oortjes-stelen. Het doel is niet fotograferen, maar Siri visuele context geven: de camera’s scannen de omgeving en sturen die informatie door naar de assistent. De oortjes worden Apples eerste wearable AI-product en staan gepland voor eind 2027, een jaar later dan oorspronkelijk beoogd, omdat Apple de visuele AI-modellen nog niet op niveau had.

  • De camera’s zitten in de stelen van de oortjes en zijn uitgerust met indicatielampjes die oplichten wanneer er data naar de cloud wordt gestuurd, een bewuste privacymaatregel voor mensen in de buurt.
  • Siri kan straks vragen beantwoorden over objecten die de gebruiker ziet; ook contextuele herinneringen en looproutebegeleiding worden verkend.
  • De feature bouwt voort op Visual Intelligence, dat in iOS 27 ook via de Camera-app beschikbaar komt met een aparte Siri-modus.
  • Apple werkt ook aan smart glasses (codenaam N50) als concurrent van de Meta Ray-Ban, mogelijk eveneens eind 2027.

Bron: MacRumors / Bloomberg

top ^

OpenAI legt uit hoe je betere plaatjes uit gpt-image-2 haalt

OpenAI publiceerde een uitgebreide promptgids voor zijn nieuwste beeldmodel gpt-image-2, beschikbaar via de OpenAI Cookbook. De gids bundelt patronen die opvielen tijdens alpha-testen met uiteenlopende toepassingen: advertenties, UI-mockups, portretfoto’s, infographics en productfotografie.

  • Voor fotorealisme werkt camerataal beter dan generieke kwaliteitslabels: beschrijf lens, diafragma en belichting in plaats van termen als “8K ultra-realistic”.
  • Tekst in een afbeelding zet je tussen aanhalingstekens of in hoofdletters, aangevuld met typografie-instructies, het model volgt dat betrouwbaarder dan een losse zin.
  • Voor consistente gezichten en personages in meerstaps-workflows geldt: benoem expliciet wat er moet veranderen én herhaal telkens wat ongewijzigd moet blijven om drift te voorkomen.
  • gpt-image-2 is het aanbevolen model voor productie-workflows; voor grote batches met minder kritische beelden is gpt-image-1-mini de kostenefficiëntere keuze.

Bron: OpenAI Cookbook

top ^

De AI Update is samengesteld door Marcel Debets. Tips? Mail de redactie op mspb@dutchit.com.

Maatschappelijke organisaties en onafhankelijke media worden vaker en intensiever getroffen door cyberaanvallen dan andere internetgebruikers. Dat blijkt uit een rapport dat Cloudflare heeft gepubliceerd ter gelegenheid van het twaalfjarig bestaan van Project Galileo. De data is afkomstig van Cloudflare Radar en beslaat het afgelopen jaar.

DDoS-aanvallen waren verantwoordelijk voor 81,7% van al het kwaadaardige verkeer gericht op organisaties die onder Project Galileo vallen. Kenmerkend was de duur: waar de meeste DDoS-aanvallen bij reguliere klanten binnen enkele minuten voorbij zijn, duurden grote aanvallen op maatschappelijke organisaties soms dagen of weken. Zo ondervond de Iraakse digitale rechtenorganisatie Tech4Peace een aanval van acht dagen met 2,6 miljard kwaadaardige verzoeken.

Mediaorganisaties zwaarst getroffen

Volgens Cloudflare blokkeerde het bedrijf gemiddeld elke zeven seconden een kwaadaardig verzoek gericht op een mediaorganisatie. Mediaorganisaties en journalisten waren het vaakst doelwit: zij ontvingen 40,5% van de aanvallen, terwijl zij 22,7% van de deelnemers aan Project Galileo uitmaken. Journalisten in ballingschap kregen te maken met een frequentie van kwaadaardig verkeer die bijna vier keer hoger lag dan bij journalistieke organisaties in het algemeen. In december 2024 werd het Cubaanse mediabedrijf in ballingschap elTOQUE getroffen door een DDoS-aanval. De organisatie vermoedt dat dit een gerichte poging was om een valutatracker onbereikbaar te maken.

Maatschappelijke organisaties werden ruim zeven keer vaker geconfronteerd met pogingen om kwetsbaarheden in websites te misbruiken dan andere Cloudflare-klanten. Bij e-mail bevatte bijna 10% van de berichten die Cloudflare voor deze organisaties verwerkte potentieel phishingmateriaal. Cloudflare stelt dat bijna een derde van de e-mails met kwaadaardige inhoud de standaard authenticatieprotocollen omzeilde, maar wel werd herkend door de eigen phishingdetectie.

Internetstoringen door overheidsmaatregelen

Cloudflare registreerde 183 internetstoringen op zijn wereldwijde netwerk, waarvan er 85 volgens publieke meldingen het gevolg waren van overheidsmaatregelen. De beperkingen vielen samen met verkiezingen, protesten en examens. In landen als Iran en Oeganda meldden maatschappelijke organisaties dat deze blokkades hun mogelijkheden belemmerden om getroffen gemeenschappen te bereiken en onafhankelijke informatie te verspreiden.

Operationele druk vergroot kwetsbaarheid

Het rapport identificeert vier terugkerende aanvalscategorieën: DDoS, misbruik van websitekwetsbaarheden, phishing en internetstoringen. De bevindingen sluiten aan bij eerder onderzoek van Cloudflare, waaruit bleek dat religieuze instellingen, non-profitorganisaties en andere maatschappelijke groepen in 2025 tot de meest aangevallen doelwitten behoorden.

Naast de technische dreigingen staan maatschappelijke organisaties onder operationele druk. Uit onderzoek van NetHope uit 2025 blijkt dat minder dan een derde van de non-profitorganisaties hun cybersecuritybudget toereikend vindt. Organisaties kampen met verminderde financiering, personeelstekorten en beperkte digitale beveiligingsprogramma’s. De opkomst van AI voegt volgens Cloudflare een extra laag complexiteit toe: bestaande dreigingen worden versneld, maar tegelijkertijd komen er nieuwe verdedigingsmiddelen beschikbaar.

Succesvolle aanvallen kunnen ernstige gevolgen hebben. Ze kunnen gevoelige informatie blootleggen, zoals de identiteit van vertrouwelijke bronnen of locaties van activisten, wat kan leiden tot surveillance of vervolging. Een DDoS-aanval kan hulpverlening tijdens een ramp verstoren, terwijl phishing donatiegelden kan wegsluizen die een organisatie niet kan aanvullen.

Een internationale politieoperatie heeft bijna 15.000 met SocGholish-malware besmette WordPress-sites opgeschoond en 106 servers en domeinen uitgeschakeld. De actie richt zich op de criminele infrastructuur van Evil Corp, een Russische cybercriminele groep die al jaren ransomware en malware inzet tegen kritieke infrastructuur. Nederland, de VS, Canada en Duitsland werkten samen met Europol, Eurojust en private partijen, waaronder Infoblox.

De actie, uitgevoerd in het kader van Operation Endgame, is een vervolg op de gelijknamige internationale operatie die in 2024 van start ging. Deelnemende landen zijn Nederland (NHTCU), Canada (RCMP), de Verenigde Staten (FBI) en Duitsland (BKA), met ondersteuning van Europol en Eurojust.

SocGholish — ook bekend als FakeUpdates — is actief sinds 2017. De malware wordt verspreid via gehackte WordPress-sites. Bezoekers van die sites krijgen een neppop-up te zien die hen aanspoort een browserupdate te installeren. Wie dat doet, geeft aanvallers toegang tot het eigen systeem. Via die zogeheten ‘initial access’ kunnen aanvallers vervolgens aanvullende malware installeren, waaronder ransomware.

Omvang van de actie

Bij de actie zijn 14.971 besmette WordPress-sites opgeschoond, 106 servers en domeinen uitgeschakeld en de SocGholish-botnetinfrastructuur verstoord door overname van domeinnamen en het offline halen van servers. Eigenaren van besmette sites zijn actief benaderd via onder meer HaveIBeenPwned, DIVD, Spamhaus, CheckjeHack, NoMoreLeaks, The Shadowserver Foundation en het NCSC.

De politie heeft backdoors en malware verwijderd van de besmette WordPress-sites. Eigenaren van die sites worden opgeroepen hun inloggegevens te wijzigen, multifactorauthenticatie in te schakelen, onbekende gebruikersaccounts te verwijderen en hun WordPress-installatie actueel te houden.

Maikel Rollman van de NHTCU geeft aan dat de actie cybercriminelen de toegang ontneemt tot besmette systemen en daarmee verdere schade aan digitale infrastructuur van burgers, bedrijven en organisaties beperkt. Rollman omschrijft dit als het begin van verdere acties tegen SocGholish.

Koppeling aan Evil Corp

SocGholish wordt gelinkt aan de Russische cybercriminele groep Evil Corp, eerder verantwoordelijk voor de Zeus- en Dridex-malware en betrokken bij grootschalige ransomware-aanvallen en witwasoperaties. De groep speelt een centrale rol in internationale cybercriminaliteit.

Volgens onderzoek van Infoblox Threat Intel had SocGholish grip op tienduizenden websites. Het bedrijf meldt dat bijna 55 procent van zijn cloudklanten in 2026 aan SocGholish was blootgesteld. Infoblox was als private partner betrokken bij de operatie en behoort tot de eersten die over de actie mogen communiceren.

Dr. Renée Burton, Vice President van Infoblox Threat Intel, stelt dat SocGholish geen sectorspecifieke dreiging is: de activiteiten dringen volgens haar door in zowel publieke als commerciële omgevingen en geven andere cybercriminelen een toegangspunt. Burton geeft aan dat Infoblox het ecosysteem blijft volgen, ongeacht of bestaande samenwerkingen herrijzen of nieuwe infrastructuur ontstaat.

Aanbevelingen voor WordPress-beheerders

De politie wijst erop dat de inloggegevens van 1,4 miljoen WordPress-sites zijn uitgelekt, waardoor die sites kwetsbaar zijn voor besmetting. Beheerders van WordPress-sites worden aangeraden om inloggegevens te vernieuwen, multifactorauthenticatie in te schakelen en installaties up-to-date te houden. Voor eindgebruikers geldt het advies geen pop-ups in de browser te vertrouwen die aandringen op directe actie, en updates alleen via officiële kanalen zoals systeeminstellingen of de app store te installeren.