Sinds 1 februari vorig jaar is Vincent in ’t Veld Managing Director bij Digital Realty Nederland. Een gesprek over de ontwikkelingen in de datacenterwereld. “Als wij innoveren kunnen msp’s en het mkb groeien.”

Wat is er zo mooi aan ­werken in de data­centerwereld?

“Datacenters zijn uitgegroeid tot het kloppend hart van de samenleving en de economie. Van patiëntendossiers tot salarisstroken, van social media tot elk WhatsApp-bericht: uit alles wat we doen blijkt dat de digitalisering van samenleving, economie en publieke sector totaal is. Dat geldt voor enterprises, voor het mkb en voor elk van ons. Die situatie is niet van vandaag op morgen ontstaan. Het is een trend die al dertig jaar bezig is. En het mooie van die ontwikkeling is voor mij dat dit ­alles samenkomt en gerealiseerd kan worden in een colocatiedatacenter. De hele evolutie van infrastructuren die nodig zijn om data te kunnen aggregeren, processen, op te slaan, te verrijken en te distribueren. De golven van digitalisering zijn fysiek zichtbaar in onze datacenters.

“Het fascinerende daarbij is, dat in de kern de functie van een datacenter in die decennia niet is veranderd. Alleen de schaal waarop het gebeurt en de impact die digitalisering heeft op het oplossen van problemen, van de uitdagingen in de medische wereld tot de dagelijkse praktijk bij mkb-bedrijven, is geëxplodeerd. En ja, die digitalisering zit in het hart van ons bedrijf. Binnenin onze colocatie datacenters komen onze klanten om met elkaar netwerkverbindingen te leggen en data uit te wisselen.”

Het serverrack als een gigantisch verkeersknooppunt.

“Het is vaak het kleinste stukje ruimte dat we hebben binnen een datacenter: de Meet Me Room. Maar het is in de kern meteen ook het meest waardevolle stukje datacenter dat we hebben. Het zijn de plekken waar we alle connecties leggen tussen partijen. Onze klanten komen bij ons staan met hun eigen netwerk en IT-hardware om daar te connecteren met andere partijen. Zo zijn er in Nederland alleen al meer dan 500 unieke klanten, waaronder 150 netwerkbedrijven, die coloceren in onze datacenters en zo de applicaties en datadiensten die wij dagelijks gebruiken op het werk of thuis kunnen realiseren.”

Een spannend gegeven.

“Ik vind het een heel inspirerend idee wanneer je het dak van het datacenter zou oplichten en eronder zou kunnen kijken wie er allemaal met wie verbonden is en communiceert. En wat er dus voor nodig is om een zekere applicatie te gebruiken, of in de privésfeer bepaalde apps op een mobiel te openen. Dan is die wereld achter het beeldscherm, achter de monitor heel fascinerend. Maar wat me ook fascineert en blijft fascineren is de maatschappelijke onwetendheid, en vooral onbekendheid met wat ervoor nodig is om zo te kunnen communiceren met elkaar.”

Daarmee komen we meteen al bij het imago van datacenters

“Natuurlijk is dat een thema, het imago van datacenters. We liggen onder een vergrootglas. En dat is niet onlogisch, want de sector is heel snel gegroeid. En alles dat snel groeit en waarop nog niet echt een beleid geformuleerd is, wordt in de gaten gehouden. Naar de toekomst toe is een ding zeker: de wereld­wijde digitalisering gaat verder omdat de toegevoegde waarde voor het oplossen van maatschappelijke, gezondheids- of economische uit­dagingen erg groot is. Dat zal verdere groei vragen van de onderliggende digitale infrastructuur. Digital Realty is nu ruim 26 jaar actief als datacenterdienstverlener in de ­regio Amsterdam. En dat borgt ook al meer dan twintig jaar evolutie en ­ervaring op het gebied van energie- en ruimte-efficiency. En dat geldt ook voor van onze collega’s.

De wereld­wijde digitalisering gaat verder

“Ja, we zijn groeiende gebruikers van energie, maar we zijn ook de partijen die dit erg efficiënt kunnen managen om verlies van kostbare energie laag te houden. En een sector die zwaar innoveert en investeert in oplossingen creëren voor netcongestie, investeren in groene energieprojecten en het hergebruiken van restwarmte. We zijn onderdeel van de uitdaging, maar ook van de oplossing!”

De datastromen ontwikkelen zich razendsnel.

“De technologie op het gebied van koeling die je kunt toepassen ontwikkelt zich minstens zo snel. Dit, en andere innovaties, zorgen er nog steeds voor dat we meer reken­capaciteit per vierkante meter kunnen inrichten. Dat we meer kunnen met minder koeling en energie. Maar die enorme groei is en blijft de uitdaging voor partijen zoals wij. We kijken steeds naar de balans tussen hoe we het zo efficiënt mogelijk kunnen doen en zo milieu- en energievriendelijk.”

Je trad toe tot het bestuur van de Dutch Datacenter Association (DDA). Wat is hun kracht?

“Kijk alleen al naar het onderwerp onderwijs en arbeidsmarkt dat de DDA nadrukkelijk in beeld brengt. In die grote gebouwen werken veel meer mensen dan over het algemeen verondersteld wordt. Natuurlijk heb je daarbij de directe en indirecte werkgelegenheid. Als je kijkt naar het aantal medewerkers in vergelijking met de capaciteit van onze datacenters, dan lijkt dat weinig. Maar deze datacenters voorzien een veel grotere groep bedrijven van directe inkomsten zoals securitymensen, installatiemedewerkers, aannemers en netwerkbedrijven. Bovendien is de functie van het ­datacenter essen­tieel in het aantrekken en ontwikkelen van de interessante kennis­sectoren in Nederland zoals Life Science, High Tech, Healthcare. Zonder digital infrastructuur geen groei in deze sectoren.

Datacenters zijn essen­tieel in het aantrekken en ontwikkelen van de interessante kennis­sectoren

“Bovendien lost het een groot probleem op voor IT-dienstverleners en het mkb die zelf niet de expertise of investeringsruimte hebben om een eigen datacenter infrastructuur efficient te kunnen bouwen en onderhouden. Zeker niet met de veranderende behoeftes rondom bijvoorbeeld nieuwe toepassingen zoals generatieve articial intelligence (Gen AI).”

Vertel eens meer over het onderwerp onderwijs.

“De kennis als het gaat om mechanische en elektrische engineering is relatief schaars en beperkt in Nederland. En dat is precies de expertise die we nodig hebben om die digitale infrastructuur te onderhouden en uit te bouwen. We hebben ons samen met de DDA al in een vroeg stadium gericht op het onderwijs, om kennismodules te ontwikkelen. Het mbo kan die inzetten en zo al vroeg een rol spelen bij het ontwikkelen van talent.

Die jongeren bieden we als Digital Realty vervolgens een stageplaats, zodat ze echt een gevoel bij onze industrie en ons vak krijgen. Zo ­hebben wij een directe samenwerking met onder andere het ROC Amsterdam Zuidoost, dat voor ­beide partijen erg waardevol is. Wij gaan deze initiatieven flink uitbreiden en talent helpen ontwikkelen.”

Wat trekt hen in de sector?

“Bij ons komt alles bij elkaar, van koeltechniek, via elektro tot digitale techniek. En wie hier werkt weet dat de voor hun bekende bedrijven, zoals streamingdiensten of social-mediabedrijven, ook afhankelijk zijn van het werk dat zij dan verrichten. En ja, Amsterdam is en blijft een hele belangrijke data­connectiehub voor de hele wereld. Wij hebben historische aantrekkingskracht op netwerken, maar ook voor ontwikkelaars van content, applicaties en data. Dus zijn we ook een hub voor al die klanten, en dat werkt door in de hele keten, van enterprise tot mkb.”

Amsterdam is en blijft een hele belangrijke data­connectiehub voor de hele wereld

Onze lezers, msp’s die vaak mkb-ondernemingen als klant hebben, plaatsen hun apparatuur bij jullie.

“We hebben meer dan 150 netwerk serviceproviders als klant, en meer dan 200 zakelijke IT-dienst­verleners die klanten bedienen vanuit onze datacenters. Die serviceproviders hebben ons nodig als bouwsteen om IT-diensten te kunnen leveren.”

Hoe kunnen jullie die partijen helpen bij hun business?

“Op dit moment is het totaal on­duidelijk hoe de wensen en behoeftes van eindklanten zich zullen ontwikkelen. En dat geldt op elk niveau. Of het nu gaat om privé-data­gebruik, of om activiteiten in het mkb of in enterprises. Er is een gemeenschappelijke noemer: waar gaat het heen? Hoeveel data en ­rekenkracht hebben we straks ­nodig als AI nog verder in een stroom­versnelling raakt? Hoe ontwikkelen security- en privacy-­behoeften zich? Dus is men op zoek naar een veilige, schaalbare locatie en partner, die ervoor zorgt dat de flexibiliteit optimaal is. En dat zijn de datacenters van Digital Realty waar data, netwerken, cloud services en content providers bij elkaar komen. Waar je kunt schalen en inspelen op dat wat nodig is.

“Wij hebben een sterke adviserende rol naar de msp’s, system integrators en andere partners als het gaat om het realiseren van samenwerkingen en het meedenken bij het bouwen van oplossingen voor de eindklanten. Want die moeten vooral voorbereid zijn op de toekomst, op toekomstige workloads, op geopolitieke verandering en op nieuwe technologie. De snelle opmars van AI bewijst de noodzaak daarvan. Als wij blijven mee-innoveren hebben onze klanten de ruimte en mogelijkheid om te groeien met hun business.”

In de oktobereditie van ChannelConnect stellen we fabrikanten en bedrijven in staat om hun nieuwste producten en technologieën te presenteren. Het is tot en met 27 september mogelijk om jouw deelname te reserveren in deze editie.

Of het nu gaat om nieuwe hardware, software of diensten, we zetten alles op een rijtje in deze Nieuw in het Kanaal-special. Technische vernieuwingen maken immers nieuwe innovaties mogelijk!

Deze special wordt vooral visueel ingestoken, met grote foto’s en een korte tekst (100 woorden) met uitleg en een overzicht van de specificaties (indien nodig). Deelname is al mogelijk vanaf 450 euro. Bekijk hieronder het Nieuw in het Kanaal van de vorige editie van ChannelConnect.

Reserverings deadline 27 september 2024
Aanleverdeadline 4 oktober 2024
Verschijningsdatum 24 oktober 2024
Verschijning Cybersec 6 & 7 november
Verschijning Green Data Conference 6 november

Geïnteresseerd in de mogelijkheden? Neem uiterlijk 27 september contact op met Tarik via tarik.lahri@channelconnect.nl of onderstaande gegevens. Vragen of input voor de redactie? Stuur deze gerust naar redactie@channelconnect.nl.

Hardis Group kondigt de overname aan van het Nederlandse Magnus Black, bekend van het cloudgebaseerde order management systeem (OMS) OIL en momenteel in handen van investeringsmaatschappij Holland Capital.

Hardis Group is de leverancier van Reflex, een SaaS-oplossing voor het aansturen, optimaliseren en controleren van logistieke netwerken en lokale operaties (magazijnen, fabrieken, winkels, afhaalpunten, enz.).

De Nederlandse softwareleverancier Magnus Black bedient ongeveer 40 retailklanten, waaronder Hunkemöller, WE Fashion, Omoda, Beter Bed, Blokker, Petrol Industries, Prénatal, Welkoop en Zeeman. Hun cloudoplossing OIL stuurt omnichannel processen aan.

“OIL is een logische uitbreiding van ons softwareportfolio op het gebied van e-commerce en omnichannel distributie. Dankzij deze overname kunnen bedrijven die Reflex reeds gebruiken nu profiteren van een nieuwe SaaS-module voor ordermanagement en het optimaliseren van de klantervaring, zowel voor B2C als B2B,” aldus Florent Boizard, directeur van de business unit Supply Chain Solutions van Hardis Group.

De medewerkers van Magnus Black sluiten zich aan bij de teams van Hardis Group. “Sinds 2012 werkt Magnus Black aan haar OMS-platform voor omnichannel retailers. We wilden een kant-en-klare oplossing om de complexe processen van omnichannel bedrijven, die vaak werken met samengestelde architecturen en verschillende best-of-breed softwareoplossingen,te optimaliseren,” aldus André Damsteegt, Managing Partner van Magnus Black. “Door ons aan te sluiten bij Hardis Group kunnen we de internationale ambities versnellen. De ondersteuning en expertise van Hardis Group op het gebied van supply chain zullen bijdragen aan de ontwikkeling van nog innovatievere oplossingen voor de omnichannel commerce-uitdagingen van vandaag en morgen.”

De NAVO-lidstaten willen een zogeheten NATO Integrated Cyber Defence Centre (NICC) in het Belgische Bergen openen. Het centrum moet bijdragen aan een betere bescherming tegen geavanceerde cyberaanvallen en is tegelijk ook het centrale commandocentrum van de NAVO.

Dat hebben de NAVO-leden afgelopen woensdag besloten tijdens de NAVO-top in Washington. ‘Het centrum zal militaire commandanten van de NAVO informeren over mogelijke bedreigingen en kwetsbaarheden in cyberspace’, aldus de NAVO in een persbericht.

Het gaat hierbij ook om kritieke civiele infrastructuur die nodig is om militaire activiteiten te steunen. Het centrum zal zowel militair als burgerpersoneel uit de hele NAVO-onderneming, de geallieerde landen en deskundigen uit de industrie samenbrengen.

Details over de structuur en de functies van het centrum zullen de komende maanden worden uitgewerkt.

Het nieuwe nummer van ChannelConnect is deze week verschenen. In deze juli-editie spreken we onder andere met Vincent in ’t Veld van Digital Realty over de de ontwikkelingen in de datacenterwereld.

Verder blikken we terug op Cybersec Europe en staan we in ons MKB-IT Expert Panel  stil bij netwerk en infrastructuur.  Daarnaast pakken we in dit overvolle nummer uit met een uitgebreid Dossier Telecom & UC, met onder meer een verslag van het Grotetafelgesprek en een interview met Steam-connect CEO Dennis Schabracq over hun omnichannel CCaaS-platform.

Digital Realty

Sinds 1 februari vorig jaar is Vincent in ’t Veld Managing Director bij Digital Realty Nederland. Een gesprek over de ontwikkelingen in de datacenterwereld. “Als wij innoveren kunnen msp’s en het mkb groeien.”

Steam-connect

Bedrijven worstelen vaak met meerdere klantcontactkanalen waardoor klanten binnen kunnen komen. Dit betekent constant schakelen en uitdagingen met de routering naar andere platformen. Steam-connect biedt een omnichannel CCaaS-platform aan (Customer Contact as a Service), waarmee partners en resellers hun productaanbod kunnen uitbreiden.

ChannelConnect MKB-IT Expert Panel

Een internetverbinding is voor alle mkb-ondernemers net zo gewoon als een aansluiting voor energie. Maar het overgrote deel van de bedrijven heeft geen back-upverbinding voor als internet wegvalt. Dat blijkt uit het tweede onderzoek van ChannelConnect onder mkb-ondernemers in Nederland.

Telecom & UC Grotetafelgesprek

Al decennia is UC de grote belofte. Nu SaaS-oplossingen UCaaS mogelijk maken, al dan niet geïntegreerd met een CCaaS-oplossing, lijkt Unified Communications klaar voor de zegetocht. Tijdens een Grotetafelgesprek bracht ChannelConnect UC-specialisten met elkaar in gesprek.

Blader hieronder ChannelConnect Juli door:

 

Blader hieronder het Telecom & UC Dossier door:

Nederlandse IT-serviceafdelingen weten opvallend veel klantverzoeken (tickets) af te handelen vergeleken met die van andere landen. Dat blijkt uit een benchmarkonderzoek van Freshworks. Nederlandse IT-serviceafdelingen lossen maar liefst 99 procent van alle verzoeken en problemen op volgens het onderzoek. Een bijzonder hoog percentage, dat Nederlandse IT-serviceafdelingen een tweede plek op de wereldranglijst oplevert. De eerste plek gaat naar Frankrijk, dat nog beter weet te presteren met 99,2 procent.

De wereldwijde ranglijst is onderdeel van het Freshservice IT Service Management Benchmark Report van Freshworks, leverancier van AI-ondersteunde bedrijfssoftware. Voor het rapport van 2024 zijn de gegevens van meer dan 9.400 organisaties uit meer dan 100 landen en meer dan 167 miljoen unieke klantverzoeken (aangemaakte tickets) langs zeven KPI’s voor succesvolle ITSM gelegd.

Uit de jaarlijkse benchmarkindex blijkt dus dat Nederlandse IT-servicemedewerkers maar liefst 99 procent van de problemen of serviceverzoeken (tickets) oplossen, maar ook dat ze wereldwijd een eerste plek behalen met hun ‘first response SLA rate’ van 99,2 procent. Hiermee wordt het percentage aangemaakte tickets bedoeld dat uitmondt in een eerste contact met een servicemedewerker. Voor dit percentage geldt: hoe hoger hoe beter – en Nederland is koploper. Overigens betreft het wel een gedeelde eerste plek: ook Frankrijk doet het hier wederom goed.

Nederland mag dan uiterst doeltreffend zijn, als het gaat om snelheid is het land volgens het rapport niet meer dan een middenmoter. De onderzochte IT-serviceafdelingen in Nederland hebben gemiddeld 24,79 uur nodig voor het volledig oplossen van een probleem of verzoek, wat dicht in de buurt ligt van het wereldwijde gemiddelde van 24,15 uur. Vergelijkbaar met veel andere Europese landen, maar fors langzamer dan bijvoorbeeld Brazilië en India, die veel sneller zijn met gemiddelde tijden van 15,32 en 15,84 uur. IT-serviceafdelingen in de Verenigde Arabische Emiraten nemen het langst de tijd met een gemiddelde van 34,82 uur.

Het rapport laat verder zien dat snelheid veel minder bepalend is dan men misschien zou denken voor de mate van tevredenheid over de afhandeling. India bijvoorbeeld komt qua oplossingspercentage keurig rond het wereldwijde gemiddelde uit en handelt razendsnel tickets af met een gemiddelde van 15,84 uur per ticket. Daarnaast is het land met respectievelijk 7,95 en 8,15 uur het snelst ter wereld als het gaat om ‘first response time’ en ‘first assign time’. Toch blijkt India de laagste score te hebben op klanttevredenheid (CSAT), namelijk 89,9 procent.

Een groot aantal Nederlandse bedrijven voldoet nog niet aan de nieuwe Europese regels om de online diensten veilig te maken. Dat zegt toezichthouder ACM, dat vijftig bedrijven onderzocht.

Sinds 17 februari 2024 moeten aanbieders van online diensten voldoen aan de DSA, een Europese wet die verplichtingen bevat voor aanbieders van online diensten om het internet veiliger te maken. Zo moeten ze hun klachtenproces op orde hebben en voorspelbaar handelen ten aanzien van bijvoorbeeld het beperken van accounts van gebruikers.

De ACM kan pas volgend jaar concreet handhaven en een boetes uitdelen, maar heeft middels deze steekproef alvast gekeken of bedrijven klaar zijn voor de DSA-wetgeving.  ACM-bestuursvoorzitter Martijn Snoep: “Dat we formeel nog niet kunnen handhaven, betekent niet dat we als ACM stilzitten. Uit de steekproef blijkt dat er voor veel aanbieders van online diensten nog stappen te zetten zijn in de naleving van de P2B Verordening en de DSA. We vermoeden dat veel bedrijven zich ook niet bewust zijn van alle regels waar ze aan moeten voldoen. Informatie daarover is te vinden op onze website. We willen een signaal afgeven aan alle aanbieders van online diensten: zorg dat je zo snel mogelijk de boel op orde krijgt.”

De ACM maakt niet bekend welke bedrijven het precies heeft onderzocht; het zou gaan om onder meer om online marktplaatsen en verkoopsites. “Er is nog werk aan de winkel voor bedrijven”, aldus Snoep.

Tijdens het Europese Seeds for the Future-project 2024, dat plaatsvond in Rome en werd georganiseerd door Huawei, is het Benelux-team BioBuddy uitgeroepen tot een van de regionale winnaars van het Europese programma. Het team zal volgend jaar deelnemen aan de wereldwijde Tech4Good-competitie in China.

Het hoogtepunt van het programma was de pitch van de studenten met concepten voor nieuwe bedrijven met een focus op ‘Tech4Good’. Tijdens een speciale prijsuitreiking werd BioBuddy, bestaande uit vier Nederlandse studenten en één Belgische student, uitgeroepen tot een van de twee winnende teams uit Europa. Het andere winnende team was Anaphero uit Ierland. De People’s Choice Award ging naar Nordic Shine uit Finland.

De twee winnende Europese teams zullen in januari 2025, samen met teams uit andere continenten, strijden om de internationale titel in Shenzhen op het hoofdkantoor van Huawei in China.

Het winnende concept van BioBuddy, genaamd ‘From Poop to Power’, richt zich op het verzamelen van koeienmest in India en het omzetten ervan in energie en kunstmest. BioBuddy werd geïnspireerd door recente ontwikkelingen, zoals het opkopen van boerenbedrijven door de Nederlandse overheid.

Seeds for the Future, dat in 2008 van start ging, heeft wereldwijd 2,2 miljoen studenten aan zich weten te binden en heeft als doel jongeren te inspireren voor een loopbaan in de ICT-sector en technisch talent aan te moedigen. Het programma loopt al 11 jaar in de Benelux en heeft meer dan 200 lokale studenten bereikt.

Senior Vice President van Huawei Europe, Radoslaw Kedzia: “Europa staat in de voorhoede van de technologische vooruitgang en het is noodzakelijk dat we investeren in de opleiding en ontwikkeling van onze jonge professionals. Door hun vaardigheden te koesteren en hen de juiste hulpmiddelen en kansen te bieden, zorgen we ervoor dat Europa een leider blijft in het wereldwijde digitale landschap.”

De Europese gezondheidszorgsector ligt onder vuur: 53% van de cyberaanvallen in Europa tussen januari 2021 en maart 2023 is gericht tegen organisaties in de gezondheidszorg. Dit blijkt uit het International Healthcare Report van KnowBe4.

Ransomware is de belangrijkste dreiging en het merendeel van deze aanvallen ging gepaard met datalekken of gegevensdiefstal. Ondanks de ernst van dit probleem is het zorgwekkend dat 27% van de organisaties in de gezondheidszorg niet beschikt over speciale verdediging tegen ransomware.

Ook blijkt dat slechts 40% van de leveranciers van hardware security awareness-trainingen aanbiedt aan niet-IT-medewerkers, waardoor zij kwetsbaar zijn voor aanvallen.

Ziekenhuizen zijn een steeds aantrekkelijker doelwit geworden voor ransomware-aanvallen vanwege de uitgebreide patiëntendatabases, gevoelige informatie en de onderlinge verbondenheid van systemen en apparatuur. Bovendien hebben gebrekkige beveiligingsmaatregelen ziekenhuizen kwetsbaar gemaakt voor cyberdreigingen.

In de eerste drie kwartalen van 2023 kreeg de wereldwijde gezondheidszorg te maken met maar liefst 1.613 cyberaanvallen per week, bijna vier keer het wereldwijde gemiddelde en een aanzienlijke stijging ten opzichte van dezelfde periode het jaar daarvoor.

De gemiddelde kosten van een inbreuk opliepen tot bijna 11 miljoen dollar, meer dan drie keer het wereldwijde gemiddelde. Ransomware-aanvallen zijn de meest voorkomende vorm van cyberaanvallen op organisaties in de gezondheidszorg, goed voor meer dan 70% van de geslaagde aanvallen in de afgelopen twee jaar.

De meeste cyberaanvallen (tussen 79% en 91%) in alle sectoren beginnen met phishing of social engineering, waarmee cybercriminelen toegang kunnen krijgen tot accounts of servers.

Volgens KnowBe4’s 2024 Phishing by Industry Benchmarking Report behoren de gezondheidszorg en de farmaceutische industrie tot de meest kwetsbare sectoren voor phishing, waarbij medewerkers in grote organisaties een kans van 51,4% hebben om slachtoffer te worden van phishing.

“De gezondheidszorg blijft een belangrijk doelwit voor cybercriminelen die munt willen slaan uit de risico’s waarmee ziekenhuizen te maken hebben”, zegt Stu Sjouwerman, CEO van KnowBe4. “Met gegijzelde patiëntgegevens en kritieke systemen hebben veel ziekenhuizen het gevoel dat ze geen andere keuze hebben dan exorbitant veel losgeld te betalen. Deze vicieuze cirkel kan worden doorbroken door security awareness training te prioriteren om medewerkers te wapenen tegen phishing en social engineering.”

Klik hier om een exemplaar van KnowBe4’s International Healthcare Report te downloaden.

RoboRana Nederland, een bedrijf in procesautomatisatie, data-optimalisatie en AI-integratie, promoveert Thomas Vroon tot Managing Director. Hij startte bij de oprichting in 2020 als Intelligent Automation Consultant en groeide in 2023 via een intern traject door tot Head Of Business And Innovation.

Thomas Vroon studeerde bedrijfskunde en deed ervaring op als accountmanager bij private bank Van Lanschot Chabot. Na een IT-omscholingstraject startte hij bij EsperantoXL als low code applicatie-ontwikkelaar. Daar maakte hij via collega Roel Hoeks kennis met de robotic process automation software van UIPath. Samen stonden ze aan de wieg van RoboRana Nederland in 2020.

Vroon: “Als consultant kon ik mijn achtergrond in bedrijfskunde en mijn talent voor sales ten volle benutten. Daarnaast kan ik dankzij mijn technische achtergrond oplossingen duidelijk uitleggen, wat helpt bij gesprekken met klanten. Ik ben zeer resultaatgericht en zie veel kansen in nieuwe trends zoals generatieve AI.”