TD Synnex heeft bekend gemaakt dat het een Europese distributieovereenkomst heeft gesloten met leverancier van veiligheidsoplossingen Palo Alto Networks. Partners kunnen nu de volledige reeks hardware- en softwareproducten van deze leverancier aan hun klanten aanbieden.

TD Synnex gaat daarnaast de bestaande en nieuwe partners van Palo Alto Networks ondersteunen met digitale trainingen en distributiecapaciteit. Partners krijgen toegang tot de oplossingen van Palo Alto Networks via de e-commerceplatforms van TD Synnex. Daarbij hebben ze toegang tot de gespecialiseerde verkoopondersteuning en het advies van specialisten in cyberveiligheid van de TD Synnex.

Photon Capital kondigt de overname aan van het KPN-datacenter in Haarlem door zijn portfoliobedrijf Penta Infra.

Het datacenter was voorheen eigendom van KPN voor hun hosting- en datacenterdiensten en wordt momenteel beperkt gebruikt.

KPN blijft huurder van de locatie om de continuïteit voor hun netwerkdivisie te kunnen waarborgen. Penta Infra gaat de overige ruimtes herontwikkelen tot state-of-the-art IT-ruimtes voor colocatieklanten.

Penta Infra beheert momenteel 11 datacenters in Duitsland, Frankrijk, Denemarken en Neder-land. Met de overname van het carrier- en cloudneutrale datacenter van KPN vestigt Penta Infra zich in de Metropoolregio Amsterdam en breidt het zijn aanwezigheid op de Nederlandse markt uit.

Igor Josephus Jitta, Partner bij Photon Capital: “De overname van dit nieuwe datacenter past goed in de langetermijnstrategie van het bedrijf en is een aanvulling op de bestaande portfolio. We zullen blijven zoeken naar add-on acquisities in de Europese markt, zoals deze, om de groei van Penta Infra te versnellen.”

Bij het voldoen aan de regels van de NIS2 moet de Vereniging Nederlandse Gemeenten een grote rol spelen. Dat vindt Arwi van der Sluijs, CEO van incident repons-specialist NFIR.

Van der Sluijs sprak hierover in zijn keynote over Cloud security bij het Cloud Symposium in Enschede. Volgens hem is het goed dat er nu helderheid is over het feit dat alle gemeentes een essentiële entiteit zijn geworden voor NIS2, een EU-brede wetgeving over informatiebeveiliging. Gemeenten moeten daarbij niet neigen naar afzonderlijke taken omtrent cybersecurity, maar moeten volgens hem erkennen dat het een gedeelde uitdaging is. ‘’Alle gemeenten moeten aan NIS2 geloven, groot en klein. Je kunt dan beter samenwerken, dan allemaal opnieuw het wiel uitvinden’’, stelt Van der Sluijs.

Hij benoemde tijdens het evenement de gebreken in het huidige beleid omtrent cybersecurity. “Gemeenten moeten niet afwachten tot er meer duidelijkheid is, maar alvast aan de slag gaan met de kaders die al wel bekend zijn. Het beleid moet daarbij uniform zijn, ongeacht de gemeente. Wellicht zijn er budgettaire beperkingen, waardoor het verstandig is gezamenlijk actie te ondernemen. Het zou een ramp zijn als ruim 340 gemeenten ieder voor zich NIS2 gaan invullen. Ik zie hier een grote rol weggelegd voor de VNG.’’

Uit nieuw onderzoek van Schneider Electric is gebleken dat bijna de helft (45%) van de industriële bedrijven gelooft dat digitalisering de belangrijkste reden zal zijn dat er de komende drie jaar nieuwe banen in operationele technologie (OT) worden gecreëerd.

De studie laat de omvang van het wereldwijde gebrek aan industriële vaardigheden zien. Het werven van talent is een belangrijke uitdaging voor meer dan de helft van de ondervraagden (52%).

Er werd echter ook een oplossing voor dit probleem gevonden. Naast het creëren van nieuwe banen is meer dan twee derde (70%) van de ondervraagden het ermee eens dat digitalisering zal helpen om het tekort aan talent aan te pakken.

Terwijl de vaardighedencrisis doorgaat, ondergaan werkplekken in de industrie snelle veranderingen. Duurzaamheidsdoelstellingen en geavanceerde technologieën, zoals kunstmatige intelligentie (AI) en digital twins worden verder geïntegreerd in het personeelsbestand. Uit het onderzoek bleek dat respectievelijk 45% tot 47% van mening is dat de toenemende eisen van industriële bedrijven om te voldoen aan ESG-doelstellingen, een flinke uitbreiding van bestaande functies in de fabriek zullen vereisen.

“Digitalisering komt niet alleen de productiviteit en algehele efficiëntie ten goede.” ” Het is van vitaal belang voor het oplossen van een aantal van de mensgerichte uitdagingen waarmee industriële bedrijven worden geconfronteerd,” zegt Ali Haj Fraj, Senior Vice President Digital Factory, Industrial Automation bij Schneider Electric. “Er ligt een reële kans voor industriële ondernemingen om OT-rollen te optimaliseren. “Door de tijd die wordt besteed aan administratieve taken te verminderen en mensen in staat te stellen hun potentieel beter te benutten, kunnen we veel van de belangrijkste uitdagingen voor deze bedrijven oplossen en helpen bouwen aan een duurzamere toekomst.”

Uit het onderzoek bleek ook dat industriële bedrijven verwachten dat ze de komende drie jaar nieuwe vaardigheden nodig zullen hebben op gebieden als robotica-programmering en -integratie (49% van de respondenten zegt geen of onvoldoende vaardigheden te hebben op dit gebied) en dataverwerking, visualisatie en analyse (ruim 30% heeft geen of onvoldoende vaardigheden op deze gebieden).

Voor het onderzoek, dat in opdracht van Schneider Electric werd uitgevoerd door het wereldwijde onderzoeksbureau Omdia, werden 407 industriële bedrijven ondervraagd, variërend van kleine en middelgrote ondernemingen tot grote bedrijven in West-Europa, de VS, China, India en Zuidoost-Azië.

Het volledige rapport, getiteld The Future of Work in Industry, is hier te vinden.

BAM Telecom en VodafoneZiggo hebben een vijfjarige (2024 – 2029) partnerovereenkomst gesloten voor de aanleg en het onderhoud van de bovengrondse telecominfrastructuur in heel Nederland.

Het gaat om de verlenging en uitbreiding van een bestaande overeenkomst. Voorheen was BAM Telecom uitsluitend voor VodafoneZiggo actief in de provincies Utrecht, Noord- en Zuid-Holland.

De werkzaamheden omvatten alle reguliere capaciteitsuitbreidingen van het bovengrondse netwerk. BAM zet hiervoor circa honderd medewerkers in, die werken vanuit de vestigingen Montfoort, Zaandam, Son en Breugel en Nieuwleusen.

In het afgelopen jaar is een recordaantal van meer dan 1,5 miljoen nieuwe glasvezelaansluitingen gerealiseerd. In totaal heeft ons land nu ruim 7 miljoen glasvezelaansluitingen. Dat zegt NLconnect, de branchevereniging voor glasvezel- en breedbandaanbieders in Nederland.

Glasvezel is volgens NLconnect nu voor 90% van de huishoudens beschikbaar. Verschillende aannemers maakten de nieuwe aansluitingen naar woningen en bedrijven(terreinen), vooral in opdracht van Open Dutch Fiber, KPN/Glaspoort en DELTA Fiber. Maar ook in opdracht van kleinere spelers als GlasDraad, SKV, en Glasvezel Helmond werd verder ‘verglaasd’.

Opnieuw een record

Volgens de branchevereniging ging de uitrol van glasvezel niet eerder zo snel als in 2023. Vorig jaar brak de glasvezelsector met ruim een miljoen nieuwe aansluitingen ook al een record. De uitrol van glasvezel piekt dit jaar en zal in 2024 naar verwachting minder hard groeien. Directeur Mathieu Andriessen: “Nu 9 van de 10 woningen zijn aangesloten komt het einde van ‘de grote verglazingsoperatie’ in zicht. Volgend jaar worden de meeste resterende woningen en bedrijfspanden nog aangesloten, maar daarna zal de aanleg zich beperken tot nieuwbouw en dubbele aansluitingen. Je ziet daarnaast dat de partijen kleinere glasvezelnetwerken overnemen.”

NLconnect bracht voor zijn jaaroverzicht het aantal zogenaamde ‘homes passed’ in kaart: de woningen en bedrijfspanden waar glasvezel naar binnen is gebracht óf al voor de deur ligt. Bij een paar miljoen woningen moet de kabel nog in de meterkast worden afgemonteerd. Andriessen: “De uitdaging blijft het daadwerkelijk aansluiten van klanten. Vaak gebeurt dit wanneer de klant een glasvezelabonnement afsluit. Momenteel groeit het aantal glasvezelabonnees gestaag. Door afschakeling van koper, de opkomst van multi-Gigabit abonnementen en overstappende kabelabonnees komen er elk kwartaal een kleine 100.000 glasvezelabonnees bij. We verwachten de komende jaren daarom veel na-aansluitingen.”

Twin transition

Glasvezel vormt een kritische bouwsteen voor twin transition van digitalisering en verduurzaming, zegt NLconnect. Volgens de branchevereniging is snelle, betrouwbare en duurzame connectiviteit essentieel voor de verdere ontwikkeling van de digitale economie en samenleving. “De digitale infrastructuur helpt bovendien om andere sectoren te verduurzamen. Cloudgebaseerde toepassingen en diensten, waaronder AR, VR, AI, video-streaming en andere data-intensieve toepassingen vragen om een betrouwbare stabiele en consistente netwerkverbinding. Glasvezel speelt daarbij net als 5G een cruciale vanwege de hoge capaciteit en hoge betrouwbaarheid, de lage latency en het relatief lage energieverbruik.”

Bedrijven die samenwerken met het Digital Trust Center nemen meer en vaker beveiligingsmaatregelen dan gemiddeld. Dat blijkt uit cijfers van het CBS dat dit onderzocht op verzoek van het DTC.

Het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) monitort jaarlijks de IT-kenmerken van bedrijven, zoals het internetgebruik, clouddiensten en veiligheidsmaatregelen. Op verzoek van het DTC monitort het CBS ook de bij DTC-samenwerkingsverbanden aangesloten bedrijven. De cyberweerbaarheid van deze groep ‘DTC-bedrijven’ wordt vergeleken met een referentiegroep met dezelfde kenmerken.

De DTC-groep scoort op alle IT-veiligheidsmaatregelen beter scoort dan zowel de gehele populatie als de referentiegroep. Zo maakt 94% van deze bedrijven gebruik van antivirussoftware, heeft 86% een beleid voor sterke wachtwoorden geïmplementeerd en maakt 77% gebruik van een VPN wanneer er verbinding wordt gemaakt met het internet van buiten het bedrijf.

Geen causaal verband

Uit de data blijkt verder dat DTC-bedrijven vaker gebruik maken van zowel vrijwillige als verplichte trainingen van hun personeel op het gebied van ICT-veiligheid. Ook is te zien dat DTC-bedrijven vaker een ICT-incident met een interne oorzaak hebben ervaren dan de referentiegroep.

Het DTC benadruk dat het niet mogelijk is om een causaal verband tussen het nemen van veiligheidsmaatregelen en het zijn van een DTC-bedrijf is aan te tonen op basis van deze data. “Het kan zijn dat bedrijven die bewust meer cybermaatregelen doorvoeren ook meer geneigd zijn om zich bij een samenwerkingsverband aan te sluiten.”

Voor de tiende keer organiseerde Huawei in Nederland het talentprogramma Seeds for the Future, dat wereldwijd al langer bestaat. 35 Studenten rondden het programma succesvol af en kregen deze week hun certificaat uitgereikt. Deelnemers die zich op een bijzondere manier wisten te onderscheiden ontvingen daarnaast nog een scholarship.

Behoefte aan talent

Victor Qian, CEO Benelux van Huawei, benadrukte het belang van een programma dat de interesse in (digitale) technologie bij studenten vergroot. “Onze sector is volledig afhankelijk van menselijk talent. Om de transformatie die digitalisering heeft ingeluid, voort te zetten, hebben we wereldwijd behoefte aan geschoolde medewerkers.”

Dat is de reden waarom Huawei het programma startte. “Het doel van dit programma is om jonge mensen geïnteresseerd, gepassioneerd en vertrouwd te maken met de loopbaanpaden in een technologiebedrijf”

Tech-auteur Christian Kromme sprak in dat kader over de impact die nieuwe technologieën zoals kunstmatige intelligentie zullen hebben op onze samenleving, onze organisaties en onze zakelijke partnerships.

“De wereld waarin we leven was lange tijd niet veel groter dan het oog kon zien, niet groter dan waar onze voeten ons konden brengen. Veranderingen gebeurden zeer langzaam, soms op lokaal niveau. Die veranderingen namen soms zelfs generaties in beslag. Iedereen kon zich aanpassen.”

De huidige situatie is volstrekt anders, maakte Kromme duidelijk. “We leven in een wereld die onstabiel en onvoorspelbaar is geworden. Een wereld die sterk verbonden is met slimme technologie. We zien allerlei exponentiële technologieën convergeren en elkaar versterken, waardoor ze nog onvoorspelbaarder worden.”

Surfer op een vloedgolf

De ontwikkelingen voor de komende drie tot vier jaar vergeleek Kromme met een enorme vloedgolf. “Het is een tsunami van digitalisering en automatisering. Er komt een enorme verstoring op ons af in een heel hoog tempo.” Voor veel individuen, voor veel organisaties is het een vrij angstaanjagend vooruitzicht.

“Mensen beginnen hun baan in twijfel te trekken. Is mijn baan over 5 jaar nog relevant? Zijn onze investering nog relevant?” Het veroorzaakt veel stress op alle niveaus van organisaties, maar Kromme stelde dat het allemaal een kwestie van perspectief is. “Je kunt diezelfde enorme golf ook vanuit het perspectief van een waarnemer zien. Als je dat doet, kun je zien dat deze golven een enorme kans bieden.”

Tenminste: als je begrijpt hoe de golf beweegt. “Dan kun je net als een surfer zorgen dat je op het juiste moment en op de juiste manier profiteert van de kracht van de golf.” Dat is precies wat grote technologiebedrijven vandaag de dag doen, meent Kromme. “Ze zijn niet bang voor technologie, ze omarmen het en gebruiken het in hun voordeel.”

Interfaces

Belangrijk is innovaties los te zien van technologie, gaf Kromme aan. “Het gaat om menselijke behoeften en gewoonten.” Als voorbeeld gaf hij iPads of andere tablets. “Een tweejarig kind kan het direct uit de doos gebruiken, je hoeft de handleiding niet meer te lezen. Het is zeer intuïtief. Oudere mensen kunnen het gebruiken, gehandicapte mensen kunnen het gebruiken. Ze kunnen een reis boeken, geld overmaken, allerlei dingen doen die voorheen niet zo laagdrempelig beschikbaar waren voor hen.”

De kern het betoog is daarom de overtuiging dat verstoring en digitalisering alles te maken hebben met het identificeren van nieuwe gebruikersinterfaces. “Dit, omdat technologie alles te maken heeft met het beheren van complexiteit. Het zal ons helpen om complexe dingen te beheren.” Kromme citeerde een uitspraak van Steve Jobs bij de introductie van de iPhone. “Hij zei dat technologie alles te maken heeft met het mogelijk maken van gewone mensen om buitengewone dingen te doen.”

Google is gestart met de bouw van een nieuw datacenter in Winschoten in de gemeente Oldambt. De Amerikaanse techgigant investeert 600 miljoen euro in het project.

Het nieuwe datacenter in Winschoten kan de restwarmte van het koelproces opvangen en overdragen aan geschikte toekomstige afnemers.

Google heeft naar eigen zeggen sinds 2014 3,8 miljard euro geïnvesteerd in datacenters en aanverwante digitale infrastructuur in Nederland. Deze investeringen zorgen voor een economische impact van 1,7 miljard euro per jaar, gemeten naar bbp. Hiervan draagt volgens Google ongeveer 840 miljoen euro per jaar direct bij aan de Nederlandse economie.

De locaties in Eemshaven en Middenmeer zijn momenteel goed voor ongeveer 670 directe banen. De nieuwe locatie in Oldambt zorgt voor enkele tientallen extra banen.

Voor veel mkb-ondernemers in Nederland blijft ICT een grote uitdaging. Technologie raakt steeds meer verweven met ieder bedrijfsproces, maar ondernemers willen zich het liefst zonder zorgen kunnen richten op hun core business. Running IT wil dé sparringpartner voor mkb-organisaties worden en met fusies en overnames de komende jaren uitgroeien tot een begrip op de Nederlandse markt.

Running IT rondde onlangs de fusie met het Amsterdamse consult-it af. Beide bedrijven werkten al bijna een decennium samen aan projecten en groeiden in die jaren steeds dichter naar elkaar toe. De ambitie, het DNA en de cultuur van beide bedrijven lagen dicht bij elkaar, dus leek het logisch om met elkaar te praten over samengaan. Rob Zwezereijn is CEO van Running IT en vormt samen met Raymond Lem als Chief Operations Officer (COO) de directie van het bedrijf.

Hoe ging dat in zijn werk, die overname?

Zwezereijn: “Als Running IT hebben we een groeiambitie en we denken dat we die het beste kunnen realiseren door overnames. Daarbij kunnen we zowel onze talent-pool als onze klantenbase op een natuurlijke manier uitbreiden. We werkten al jaren nauw samen met Maarten Smook, de oprichter en eigenaar van consult-it. Raymond en ik hadden het er al vaker over gehad hoe goed het DNA van beide organisaties bij elkaar leek te passen, dus op het moment dat er aan de kant van consult-it een aantal zaken verschoof in de organisatie, zijn we met Maarten gaan praten over samen verdergaan.”

Het was de eerste overname die Zwezereijn en Lem samen deden. Dat bracht een aantal uitdagingen met zich mee en zorgde ervoor dat ze snel een aantal waardevolle lessen leerden. Lem: “Rob en ik hadden al wel vaker gepraat over mogelijke overnames, maar toen het daadwerkelijk zo ver was, wilden we ook heel gedegen te werk gaan. Je hebt het toch over een flinke verandering voor iedereen, zowel medewerkers als klanten.” De hulp van een externe adviseur werd ingeschakeld, er werd uitgebreid vooronderzoek gedaan en een programma opgesteld voor de overname.

Wat is de belangrijkste les die je uit dit proces hebt getrokken?

Lem: “Dat cultuur toch wel een enorm belangrijke smaakmaker is in zo’n proces. Hoewel de externe adviseur, die vaak grote overnames begeleidt, aangaf dat we ons met deze aantallen niet druk hoefden te maken over cultuur, bleek dat toch een heel essentieel punt te zijn.” Dat komt vooral door de wijze waarop beide organisaties werken, stelt de COO. “Consult-it was heel sterk in het oplossen van voorkomende issues en storingen. Wanneer een klant belde, werd er direct actie genomen en de kwestie opgelost. Dat is natuurlijk cruciaal, maar waar wij ons als Running IT in onderscheiden is dat we graag ook proactief met onze klanten werken. Wanneer er een issue is, lossen we dat uiteraard zo snel mogelijk op, maar vervolgens ligt de nadruk veel meer op hoe deze ruis in de toekomst voorkomen kan worden.” Door het samengaan is het beste van beide werelden van toepassing voor de klant.

Bij veel mkb-organisaties is IT iets dat een medewerker ‘erbij doet’. Terwijl IT inmiddels met vrijwel alle bedrijfsprocessen verweven is, waardoor het belang ook flink gestegen is. “We zien dat de IT-basishygiëne bij veel mkb-ondernemingen niet op orde is. Ons doel is om als een proactieve sparringpartner bij die ondernemers aan tafel te zitten en ervoor te zorgen dat IT als enabler kan worden ingezet voor de organisatie. Een structureel solide IT-omgeving vormt een wezenlijk onderdeel van de bedrijfsvoering. Wanneer dat op orde is, biedt dat rust en de mogelijkheid voor de onderneming om zich te richten op datgene waarmee het bedrijf zijn geld verdiend”, zegt Zwezereijn.

Waar ben je trots op in de overname?

Lem: “De energie, saamhorigheid en de zin in de toekomst die iedereen tijdens het hele overnameproces heeft laten zien.” Zwezereijn vult aan: “Ik ben trots op de manier waarop we zowel onze medewerkers en klanten als die van consult-it hebben meegenomen in het proces. Natuurlijk zitten er altijd krasjes op zo’n proces, maar we hebben iedereen een plek kunnen geven binnen onze organisatie en ook de klanten van consult-it hebben we in persoonlijke gesprekken meegenomen in onze visie. Met als resultaat dat we nu, drie maanden na het afronden van de overname, geen enkele klant zijn kwijtgeraakt.”

De voormalig directeur van consult-it, Maarten Smook, nam binnen Running IT de functie van Customer Success Manager op zich en blijft daardoor in nauw contact met zijn klanten. “Dit is een functie die hem als een jas past”, zegt Zwezereijn. “Bovendien is het goed om binnen het bedrijf iemand te hebben die de stem van de klanten vertegenwoordigt. We noemen hem intern ook wel eens gekscherend ‘de advocaat van de klant’, maar het geeft wel aan hoe belangrijk dat is om de juiste focus te bewaren in een organisatie met een groeiambitie.”

Kun je iets meer vertellen over de visie van Running IT en hoe die zich onderscheidt van andere IT-leveranciers in de markt?

Zwezereijn: “Ons doel is om mkb- en mkb-plus-bedrijven te helpen groeien door bedrijfsprocessen te ondersteunen met een solide IT-infrastructuur. Het biedt ondernemers rust, structuur en de mogelijkheid zich te focussen op hun kernbusiness.” Lem: “We mikken echt op een proactieve partnerrol, waarin we IT zien als middel voor ondernemers om hun bedrijfsdoelen te realiseren. Onze core business is IT en daar zijn we goed in. Maar al die andere ondernemers die een andere core business hebben, moeten zich niet druk hoeven maken over technologie en techniek. Dat moet het gewoon doen. Daar zijn wij voor.”

Lem geeft het voorbeeld van een huisartsenpraktijk die onlangs een internetstoring had, waarbij de praktijk ook telefonisch onbereikbaar was. “Dan lossen we uiteraard allereerst die storing op, maar vervolgens gaan we kijken wat we kunnen doen om zo’n externe storing – die lag namelijk bij de provider – minder impact te laten hebben op de praktijk. Bijvoorbeeld door te zorgen voor een redundante verbinding, zodat de productiviteit van zo’n organisatie gewaarborgd blijft in het geval van een incident. Naast het oplossen van issues zullen we altijd meedenken hoe dingen anders en beter kunnen bij onze klanten.” Deze manier van samenwerken zorgt ervoor dat klanten wendbaarder worden, beter kunnen anticiperen op de toekomst en zo klaar zijn voor groei. “Door je IT in de handen van een gespecialiseerde partner te leggen, kun je als ondernemer tijd besparen, sneller inspelen op veranderingen en in sommige gevallen letterlijk meer geld verdienen”, somt Zwezereijn op. “Waarom zou je zelf het wiel uitvinden wanneer er organisaties zijn die dag en nacht niets anders doen dan het optimaliseren van IT-omgevingen?”

Triagedienst

Ook de inrichting van de dienstverlening van Running IT wijkt op punten af van de traditionele serviceorganisaties bij IT-leveranciers. Lem trekt een vergelijking met een ziekenhuis: “Daar werken ze met een triagedienst waardoor je snel en efficiënt naar de juiste specialist wordt doorverwezen. Die manier van werken hebben wij ook geadopteerd om te bepalen bij wie een klant moet zijn om zo snel en goed mogelijk geholpen te worden.” Zo worden telefoontjes en e-mails op het service center beoordeeld door technische specialisten die meldingen doorzetten naar bijvoorbeeld change management, de supportafdeling of naar de afdeling technical alignment. “Daarnaast is er een groep engineers dagelijks bezig met ruisvermindering, oftewel optimalisering van de klantomgeving. Zij concentreren zich op de vraag hoe we een stabielere, effectievere en betere omgeving bij de klant kunnen bereiken. Ik denk dat we ons op dat vlak ook wel onderscheiden van sommige concurrenten”, zegt Zwezereijn.

De afgelopen vier jaar is Running IT in omzet vier keer zo groot geworden. Toch stopt de groeiambitie van het bedrijf daar bij lange na niet.

Waar zie je Running IT over pakweg een jaar of vijf?

Zwezereijn: “Ik hoop dat we over een jaar of vijf zijn gegroeid van de 18 mensen die hier nu werken naar zo’n 40 tot 50 mensen. We zijn een landelijke speler met regionale focus op de groei van het mkb, dus wellicht hebben we dan ook wel meerdere kantoren, naast onze huidige vestigingen in Amsterdam en Utrecht, om zo dichter bij onze klanten te zitten. We zien veel kansen in de huisartsenzorg om een digitaliseringsslag te maken waar we graag een rol in spelen. Ik denk bovendien dat we door onze positie als trusted partner bij klanten nog meer kunnen gaan betekenen op het gebied van IT en security. En ik wil dat we als organisatie en mensen blijven leren, ontwikkelen en groeien.”

Over RunningIT

Running IT is een proactieve sparringpartner voor Nederlandse mkb-­organisaties. Niet alleen lost het bedrijf voorkomende ICT-problemen op, maar helpt ze vooral te voorkomen. Door te zorgen voor een ­structureel solide ICT-basis, helpt Running IT ondernemingen groeien. Meer weten? www.runningIT.nl