De gemiddelde kosten van een datalek in 2023 liep wereldwijd op tot 4,45 miljoen dollar. Dit is een record, en een stijging van 15% vergeleken met de afgelopen drie jaar. Dat blijkt uit het jaarlijkse ‘Cost of a Data Breach’ van IBM Security.

De kosten voor detectie en opschalen stegen tijdens dezelfde periode met 42% en vertegenwoordigen het grootste deel van de totale kosten voor inbreuken.

Het onderzoek toont ook dat bedrijven verdeeld zijn over hoe ze van plan zijn om te gaan met de toenemende kosten en frequentie van datalekken. Zo blijkt dat, ondanks het feit dat 95% van de onderzochte organisaties meerdere malen te maken heeft gehad met een datalek, de kans groter is dat ze de kosten van het incident doorberekenen aan consumenten (57%) dan dat ze hun investeringen in beveiliging verhogen (51%).

Slachtoffers van ransomware die de politie inschakelden bij het onderzoek, bespaarden $470.000 op de gemiddelde kosten van een inbreuk in vergelijking met de slachtoffers die hier niet voor kiezen. Ondanks deze potentiële besparingen schakelde 37% van de onderzochte ransomware-slachtoffers de politie niet in bij een ransomware-aanval.

Slechts één derde van de onderzochte datalekken werd ontdekt door het securityteam van de organisatie zelf, terwijl 27% werd bekendgemaakt door cybercriminelen. Datalekken die door cybercriminelen worden onthuld, kosten gemiddeld $1 miljoen meer dan lekken die door organisaties zelf worden ontdekt.

Organisaties die AI en automatisering inzetten in hun beveiliging, verkorten de levenscyclus van datalekken gemiddeld met 108 dagen. Bovendien zijn de kosten van incidenten aanzienlijk lager dan bij organisaties die deze technologieën niet gebruiken. Onderzochte organisaties die AI en automatisering voor beveiliging implementeerden, hadden gemiddeld bijna $1,8 miljoen dollar minder kosten voor datalekken. Dit was de grootste kostenbesparing die in het rapport werd geïdentificeerd.

Tegelijkertijd hebben aanvallers de gemiddelde tijd om een ransomware-aanval te voltooien verkort. Met bijna 40% van de onderzochte organisaties die nog geen gebruik maken van AI en automatisering voor beveiliging, zijn er nog steeds aanzienlijke mogelijkheden voor organisaties om de detectie- en respons snelheid te verhogen.

Bedreigingsdetectie en -respons boekten vooruitgang, blijkt uit de Threat Intelligence Index 2023 van IBM. Vorig jaar slaagden slachtoffers erin een groter deel van de ransomware-aanvallen te stoppen. Ondanks deze progressie weten cybercriminelen nog steeds manieren te vinden om door de verdediging van organisaties te glippen. Uit het onderzoek bleek dat slechts één op de drie onderzochte inbreuken werd ontdekt door interne securityteams of -tools van de organisatie, terwijl 27% van dergelijke inbreuken bekend werd gemaakt door cybercriminelen. 40% werd ontdekt door neutrale derde partijen, zoals de politie.

Zoom breidt zijn Contact Center uit met Zoom Workforce Management. Dit platform ondersteunt personeelsbeheer in alle vier de stadia van de workforce managementcyclus (WFM): forecasting, planning, dagelijks beheer en evaluatie.

In de gehele cyclus maakt Zoom gebruik van AI om het werk van planners efficiënter te maken. Hierdoor kunnen zij volgens Zoom de personeelsbezetting accurater inschatten, wat de werklast van callcentermedewerkers verlicht zodat ze klanten beter kunnen ondersteunen.

Het WFM-platform haalt historische data over contactvolume rechtstreeks uit het Zoom Contact Center. Op basis van deze data kunnen planners de forecastingfunctie gebruiken om automatisch de personeelsvraag tot vier weken vooruit te voorspellen.

Naast deze vraagvoorspelling kan Zoom WFM de gemiddelde afhandelingsduur over dezelfde periode voorspellen, waarbij automatisch rekening wordt gehouden met verschillende metrics, zoals serviceniveau en de bezettingsgraad.

Planners kunnen ook op een meer gedetailleerd niveau werken, door historisch en voorspeld volume te segmenteren op basis van verschillende personeelsgroepen. Ook kunnen planners hun eigen, unieke prognoses maken voor piektijden en hypothetische scenario’s, waarbij ze handmatige aanpassingen kunnen maken op basis van ervaring.

KPN heeft maandag de resultaten bekendgemaakt van het tweede kwartaal 2023. In het tweede kwartaal bleef de omzet in de zakelijke markt toenemen, vooral uit diensten aan het mkb.

De omzet van KPN groeide het afgelopen kwartaal met 1,6 procent naar 1,3 miljard euro. De nettowinst kwam uit op 216 miljoen. Vorig jaar was dat 186 miljoen. Ook in de consumentenmarkt noteerde KPN groei, dankzij de mobiele diensten en een verbeter(en)de trend in het vaste segment.

De positieve cijfers waren mede te danken aan de overnames van Primevest en Youfone afgelopen kwartaal. KPN-CEO Joost Farwerck: “Met Primevest versterken we onze glasvezelpositie in grote steden en met de voorgenomen overname van Youfone onze positie in het mobiele ‘no-frills’-segment.”

Farwerck: “We blijven goede vooruitgang boeken met onze Accelerate to Grow-strategie. De omzet uit diensten blijft groeien en dat zien we terug in al onze segmenten. […] Met onze versnelde uitrol van glasvezel liggen we op koers. We gaan volop door met het vervangen van ons kopernetwerk door glasvezel. Nu we het einde van de huidige strategische periode naderen, kijken we ernaar uit om een strategie-update te delen op onze Capital Markets Day op 7 november 2023.”

Amazon heeft deze week het jaarlijkse Sustainability Report uitgebracht over 2022. In het Sustainability Report is te lezen hoe Amazon bouwt aan een meer duurzame organisatie.

“Onze Climate Pledge is de toezegging van Amazon om tegen 2040 CO2-neutraal te zijn, en elke dag werken we aan dit doel.” stelt Kara Hurst, Vice President en Head of Worldwide Sustainability bij Amazon. “Het is een uitdagende taak, maar we hebben er alle vertrouwen in dat we die kunnen volbrengen. Bij AWS helpen we klanten hun impact op het milieu te verminderen door geavanceerde engineering, datacenters en cloud computing aan te bieden die de uitstoot van energie en werklast verminderen.”

In het Sustainability Report 2022 benadrukt Amazon onder meer dat AWS de CO2-voetafdruk van de werklast van klanten met bijna 80% kan verlagen in vergelijking met computerwerklasten op locatie en de werklast tot 96% kan verlagen zodra AWS wordt aangedreven met 100% hernieuwbare energie. AWS kondigt ook aan dat het tegen 2030 waterpositief zal zijn, waardoor meer water wordt teruggegeven aan gemeenschappen en het milieu dan wordt gebruikt in de directe activiteiten.

Verder schrijft het bedrijf dat het op weg is om de activiteiten van 100% hernieuwbare energie te voorzien, en ligt het op schema om dit tegen 2025 te doen, vijf jaar eerder dan gepland. In 2022 werd 90% van de door Amazon verbruikte elektriciteit opgewekt door hernieuwbare energiebronnen, dankzij meer dan 400 wind- en zonne-energieprojecten over de hele wereld.

In 2022 had Amazon wereldwijd meer dan 9.000 elektrische bestelwagens in gebruik en werden 145 miljoen pakketten bezorgd door elektrische voertuigen in de VS en Europa. Het doel is om tegen 2030 100.000 elektrische bestelauto’s van Rivian op de weg te krijgen.

Om tegen 2040 CO2-neutraal te zijn, moet Amazon zijn CO2-voetafdruk in het hele bedrijf verkleinen, inclusief de uitgebreide wereldwijde toeleveringsketen. Zoals veel bedrijven van dezelfde omvang is dit een uitdaging, aangezien dit activiteiten zijn die buiten de directe operationele controle plaatsvinden. Amazon zal, om de ecologische voetafdruk te verkleinen, samenwerken met partners in de toeleveringsketen om hen te helpen hun eigen activiteiten koolstofarm te maken. Vanaf 2024 updatet Amazon de Supply Chain Standards om van leveranciers te eisen dat ze hun CO2-emissiegegevens met het bedrijf delen en CO2-doelen stellen.

“We weten dat er geen quick fix is om een duurzaam bedrijf te zijn, en we weten dat de voortgang er elk jaar anders uit kan zien. We werken vandaag aan oplossingen – grote sprongen wagen, grote uitdagingen aangaan en uitvinden namens onze klanten – en we zijn enthousiast over wat ons morgen te wachten staat.” besluit Hurst.

Lees het de ‘9 takeaways from Amazon’s 2022 Sustainability Report’ in het volledige blog van Kara Hurst, Vice President en Head of Worldwide Sustainability bij Amazon hier en download het volledige 2022 Sustainability Report hier.

Slechts 20% van alle medewerkers wil (nog) volledig vanuit kantoor werken. 70% van de werknemers kiest voor een vorm van hybride werken, blijkt uit onderzoek van HP. De leverancier zet dan ook vol in op oplossingen voor hybride werken en betrekt daarbij zoveel mogelijk zijn partners.

Al tijdens een grote conferentie die HP eerder dit jaar hield bleek dat de IT-leverancier groot inzet op hybride werken. De overname van Poly, dat met audio- en video-oplossingen het samenwerken tussen medewerkers op verschillende locaties optimaliseert, past bij de ambitie om, samen met de partners, hybride werken voor elk bedrijf mogelijk te maken.

HP geeft daarbij zelf het voorbeeld, legt Koen van Beneden, sinds begin dit jaar Managing Director Benelux bij HP uit. “De Nederlandse tak en de HP-organisatie in België en Luxemburg zijn samengevoegd en ook de medewerkers van Poly maken nu deel uit van de familie,” vertelt Van Beneden. “We hebben kantoren in Nederland, België en Luxemburg en daarnaast werken veel medewerkers remote. Tien jaar geleden zou die manier van werken niet mogelijk zijn geweest.” Vanuit die ervaring, zegt de Managing Director, doet HP de belofte “de wereld naar geweldig hybride werk te brengen.”

Persona’s definiëren

Partners zijn daarbij van groot belang. Van Beneden: “Een eerste belangrijke taak voor hen is te analyseren op welke manier de individuele medewerkers het best functioneren.” De Managing Director geeft aan dat het creëren van verschillende persona’s kan helpen om overzicht te krijgen in de verschillende rollen van werknemers, zowel in de kantooromgeving als wanneer ze thuis of onderweg werken. “Van daaruit kan de partner adviseren welke hard- en software het best bij een bepaald persona past. De tijd dat een standaard pc voor de meeste werknemers voldeed is niet meer. De partner kan in de vorm van consultancy een belangrijke rol vervullen.”

Ook het beheer is grotendeels op afstand mogelijk en kan een taak zijn voor de partners. Want duidelijk is wel dat hybride werken niet zal leiden tot meer IT-personeel, want dat is haast niet te vinden. Maar de workload wordt groter, nu mensen niet meer op een locatie aanwezig zijn en IT ook een grotere taak kreeg door de inzet van audio- en video-oplossingen.

Beheer op afstand

“Het is niet reëel te verwachten dat medewerkers die grotendeels remote werken toch naar kantoor moeten komen voor updates. Dat kan een msp moeiteloos overnemen.” Om de partner daarbij te helpen en de impact van een eventuele storing zo klein mogelijk te houden, ontwikkelde de leverancier HP Tech Pulse. “Die software monitort en analyseert continu de prestaties van de pc. Als daaruit, bijvoorbeeld, blijkt dat een harde schijf warmer wordt dan normaal, dan krijgt de partner een notificatie en kan die ingrijpen voordat het component werkelijk stuk gaat.”

AI inzetten bij security

Van Beneden noemt hiermee aspecten van het hybride werken die voor medewerkers en partners zichtbaar zijn. “Minstens zo belangrijk is het niet-zichtbare stuk in onze oplossingen,” maakt de Managing Director duidelijk. “Met het hybride werken is behoefte aan security groter geworden. De dreiging nam toe en cybercriminelen zijn zo goed georganiseerd dat elk bedrijf van mkb tot enterprise ermee te maken kan krijgen.”

Het kwetsbare punt is meer dan ooit het endpoint. 70% van de aanvallen verloopt via het endpoint. 97% aanval is gericht op een menselijke fout. Van Beneden: “Daar spelen we op in.” Concreet zet HP zet AI in om dreigingsniveaus te analyseren en, als een medewerker bijvoorbeeld op een kwaadaardige link klikt, meteen het endpoint containeriseert. “Het gevaar zal zich dan niet verspreiden over het hele netwerk.”

Firmware bescherming

Een andere oplossing die HP in de devices inbouwt is een bescherming tegen firmware attacks. “Een microcontroler checkt of het bios is aangevallen nog voor het opstarten van essentiële onderdelen of applicaties van het device. Als daarbij een afwijking geconstateerd wordt zal het opstarten stoppen. De msp kan dan terugvallen op de laatste ‘veilige’ dataset en vermijdt zo risico’s.”

Op 19 juli hebben de landen van de EU overeenstemming weten te bereiken over de details van de Cyber Resilience Act (CRA). Met deze details moet nu het Europees Parlement worden overtuigd, alvorens er een definitieve wetstekst kan worden opgesteld.

Deze taak ligt nu bij Spanje, dat als voorzitten van de Raad van de EU namens de lidstaten met het EP moet onderhandelen. De Nederlandse regering was actief betrokken bij het bereiken van de overeenstemming en heeft nog enkele belangrijke punten weten aan te scherpen. Zo wordt de verplichting voor gratis veiligheidsupdates uitgebreid van 5 jaar naar de gehele levensduur van een apparaat.

Ook zorgt ingrijpen van Nederland ervoor dat kleine bedrijven worden geholpen bij de naleving van de CRA. Daarvoor komen vereenvoudigde formats voor technische documentatie, trainingen en bewustwordingsinitiatieven.

Belangrijkste punten

De CRA moet ervoor zorgen dat er alleen digitale producten op de markt komen die voldoen aan de strengste beveiligingseisen. Fabrikanten worden verplicht gedurende de hele levensduur van de producten gratis veiligheidsupdates te leveren en digitale kwetsbaarheden & incidenten te melden. Daarbij geldt dat niet-commerciële open source software is vrijgesteld van de regeling en de EU wil voldoende tijd inruimen voor fabrikanten om de regels te implementeren.

Demissionair minister Micky Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat heeft aangekondigd dat de Subsidieregeling Cyberweerbaarheid ook in 2023 opengesteld zal worden voor cyberweerbaarheidsprojecten van samenwerkende organisaties.

Met deze regeling worden privaat-publieke samenwerkingsverbanden gestimuleerd om plannen uit te voeren die op een duurzame wijze de digitale weerbaarheid tegen cyberaanvallen vergroten binnen branches, sectoren en regio’s. De subsidieregeling ‘Versterking cyberweerbaarheid’ moet bedrijven in niet-vitale sectoren stimuleren om samen te werken op het gebied van cyberweerbaarheid.

Acht ton beschikbaar

In 2023 wordt er een bedrag van 800.000 euro beschikbaar gesteld aan de beste projectplannen, gericht op het verhogen van de cyberweerbaarheid. De maximale ondersteuning per project bedraagt 200.000 euro. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) draagt zorg voor de uitvoering van deze subsidieregeling.

De Subsidieregeling Cyberweerbaarheid is bedoeld om de oprichting van nieuwe cyberweerbaarheidsnetwerken te bevorderen en bestaande netwerken te ondersteunen. Binnen deze netwerken werken ondernemers samen met andere organisaties aan het vergroten van de cyberweerbaarheid van bedrijven. Zowel binnen als tussen niet-vitale branches, sectoren en regio’s. Sinds de lancering van de subsidieronde in 2018 zijn er 31 samenwerkingsprojecten gesubsidieerd vanuit deze regeling.

Voorlichting

Plannen kunnen tussen 1 september en 16 oktober 2023 bij RVO ingediend worden. 28 augustus organiseert het Digital Trust Center samen met de RVO een informatiebijeenkomst van 13.30 tot 15.30 uur. Tijdens deze bijeenkomst krijgen geïnteresseerde partijen informatie over de regeling en het proces van aanmelding. De locatie van de bijeenkomst wordt binnenkort bekend gemaakt.

 

Digital Realty heeft een conformiteitscertificaat ontvangen van het Climate Neutral Data Center Pact.

Digital Realty werkte samen met onafhankelijke auditors van Bureau Veritas om te evalueren of het bedrijf zich houdt aan de Self-Regulatory Initiatives (‘SRI’s’) die door het Pact in Europa zijn opgesteld.

De audit bevestigde dat Digital Realty op koers ligt om de specifieke SRI-doelstellingen voor 2030 te behalen: dat de Europese industrie klimaatneutraal is in 2030.

Digital Realty bereikte in 2022 wereldwijd 62 procent duurzame energiedekking, met 100 procent duurzame energiedekking voor zijn Amerikaanse colocatie en Europese portefeuilles, evenals CO2-neutraliteit in Frankrijk.

Digital Realty blijft zijn duurzame portfolio uitbreiden, zo voegde het bedrijf 315.000 megawattuur (MWh) aan zonne- en windenergie toe aan zijn energieportfolio, en heeft het inmiddels meer dan 1 gigawatt (GW) aan zonne- en windenergie gecontracteerd in haar wereldwijde portefeuille.

NorthC Group zet zijn expansie in de DACH-regio (Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland) door met de overname van een datacenter in Winterthur (nabij Zürich). Hiermee komt het aantal NorthC datacenters in Zwitserland op vier, na de overname van drie datacenters van Netrics, in april 2022.

Deze overname is een volgende stap in NorthC’s groeistrategie voor de Benelux en de DACH-regio, nadat het bedrijf in september 2021 de internationale uitbreiding inzette met de overname van twee datacenters in Duitsland. Ook in Nederland blijft NorthC uitbreiden, onder andere met een tweede datacenter in Eindhoven, dat momenteel wordt gebouwd en in het najaar van 2024 operationeel wordt.

Alexandra Schless, CEO van NorthC Group: “Dit wordt het 17e NorthC datacenter. Het bevindt zich in een belangrijke groeimarkt in Zwitserland: de regio Zürich. Net als in onze andere datacenters in Nederland, Duitsland en Zwitserland zullen we in de regio Zürich een ecosysteem van regionale IT-partners opbouwen om lokale bedrijven te ondersteunen bij hun digitale transformatie.”

Kyndryl Switzerland GmbH, onderdeel van de Kyndryl Group, een van ’s werelds grootste aanbieders van ICT-infrastructuurdiensten, heeft een Managed Service Agreement gesloten voor co-locatiediensten in het datacenter in Winterthur. Kyndryl wordt daarmee de eerste klant van NorthC in dit datacenter. Daarnaast zal NorthC het datacenter in Winterthur openstellen voor andere klanten in de regio.

Het datacenter in Winterthur is een belangrijk knooppunt voor datacommunicatie in de regio. NorthC zal dit datacenter tevens verbinden met de drie andere datacenters van NorthC in Zwitserland, die zich bevinden in Münchenstein (regio Basel) en Biel (regio Bern).

De Nederlandse Rijksoverheid heeft ervoor gekozen om Oracle Cloud Infrastructure (OCI) op te nemen in haar cloudserviceaanbod voor overheidsinstanties als onderdeel van een verlenging van haar bestaande servicecontract met Oracle.

De verlenging van de overeenkomst omvat een versie van de standaard cloudvoorwaarden en een Data Processing Agreement op basis van de Data Protection Impact Assessment (DPIA) van de overheid van beschikbare clouddiensten.

“Deze vernieuwde overeenkomst met Oracle markeert een belangrijk moment in onze strategische samenwerking”, zo zegt Richard Wiersema, Directeur Operatie DICTU van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en tevens Strategisch Leveranciersmanager Oracle voor de Rijksoverheid. “Met Oracle hebben we als Rijksoverheid een belangrijke partner in huis die ons helpt bij het verwezenlijken van onze digitale doelstellingen en te voldoen aan de behoeften van de Nederlandse samenleving. De cloud speelt daarin een cruciale rol.”