Sinds vorige week zijn alle overheidswebsites verplicht om te voldoen aan de internetstandaard security.txt. Deze open standaard biedt ethische hackers de mogelijkheid om contact op te nemen met de juiste afdeling of persoon wanneer een kwetsbaarheid wordt ontdekt. 

Security.txt is een tekstbestand dat op de website wordt geplaatst, waarin de beheerder contactinformatie kan plaatsen. Beveiligingsonderzoekers en ethische hackers kunnen dankzij deze informatie direct met de juiste afdeling of persoon contact opnemen als zij een kwetsbaarheid vinden. Vaak is namelijk niet duidelijk bij wie een beveiligingsexpert moet zijn om zulke kwetsbaarheden te melden. De overheidsdienst Forum Standaardisatie heeft na onderzoek besloten om het plaatsen van security.txt verplicht te stellen. Uit het onderzoek kwam naar voren dat bijna 20% van de gemeten overheidswebsites een security.txt-bestand heeft.

Verplichting moet het gebruik verder stimuleren

Met de verplichting wil het Forum Standaardisatie het gebruik verder vergroten. “Hoe meer websites dit implementeren, hoe beter we gebruik kunnen maken van het goede werk van ethisch hackers. De overheid geeft hierin het goede voorbeeld”, aldus Theo Peters (CTO bij VNG Realisatie en lid van Forum Standaardisatie).

De meting laat ook zien dat verschillende Rijksoverheidsorganisaties al verwijzen naar het centrale security.txt-bestand van het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). Forum Standaardisatie roept alle Rijksoverheidsorganisaties die gebruik willen maken van het centrale CVD-beleid van de Rijksoverheid, op om dat ook te doen. Het NCSC heeft daarvoor een Handreiking security.txt met uitleg gepubliceerd.

Ook DTC gebruikt security.txt

Overigens deden het Digital Trust Center en diverse ambassadeurs al in oktober vorig jaar een oproep aan bedrijven en IT-dienstverleners om security.txt te gebruiken. Sinds die oproep is het aantal Nederlandse domeinnamen dat voorzien is van een security.txt-bestand gegroeid naar ruim 88.000. Niet alleen ethische hackers kunnen gebruik maken van het bestand. Het Digital Trust Center gebruikt security.txt om het Nederlandse bedrijfsleven sneller te kunnen waarschuwen bij een ernstige cyberdreiging. De dienst hoopt dat de verplichting bij de overheid nu ook andere bedrijven en organisaties over de streep trekt.

Het formaat van het bestand is bedoeld om machinaal en menselijk leesbaar te zijn. De contactinformatie kan een e-mailadres, een telefoonnummer en/of een webpagina met bijvoorbeeld een webformulier zijn. Naast contactinformatie moet het security.txt bestand ook een vervaldatum bevatten. Daarnaast kan het ook andere relevante informatie voor beveiligingsonderzoekers bevatten, zoals een link naar het beleid voor het omgaan met meldingen van beveiligingskwetsbaarheden, een zogeheten Coordinated Vulnerability Disclosure Policy.

De Nederlandse betaalapplicatie Klearly is vanaf vandaag gratis te downloaden. Klearly stelt mkb’ers in staat om van hun smartphone een pinapparaat te maken.

De fintech start-up heeft 2,1 miljoen euro opgehaald in een pre-seed investeringsronde, geleid door investeringsmaatschappijen Antler en Global PayTech Ventures. Ook individuele partijen hebben geïnvesteerd, zoals de voormalige President van MasterCard, voormalig CEO van Mollie en voormalig COO van Adyen.

“Ondernemers en kleine bedrijven gebruiken nog vaak mobiele pinapparaten. Niet alleen moeten zij die apart aanschaffen, ze hebben ook vaak te kampen met problemen zoals een slechte connectie, lege batterijen en ondoorzichtige prijzen”, zegt Sam Koekoek, CEO en medeoprichter van Klearly. “Onze gratis app integreert direct met de hardware van je smartphone en je betaalt alleen voor wat je gebruikt.”

In de afgelopen maanden draaide Klearly een uitgebreide pilot met chauffeurs van de Taxicentrale Amsterdam (TCA) en de Rotterdamse Taxicentrale (RTC). De fintech startup is nu de aangewezen partner van alle grotere taxicentrales in Nederland, waaronder het internationaal opererende Bolt. Ook in de horeca en bij rederijen groeit de interesse in Klearly. Het aantal door de fintech verwerkte betalingen is mede hierdoor in de afgelopen maand toegenomen met maar liefst 173 procent.

Internationale ambitie

Sinds het begin van de pilot heeft Klearly ruim dertigduizend betalingen verwerkt. “Als een van de weinige fintech startups richten we ons volledig op de eindgebruiker. Daarom streven we ernaar om op korte termijn onze processen verder te stroomlijnen en nog meer gebruiksgemak te bieden in diverse sectoren, waaronder de taxi-, rederij- en horecabranche. Op de lange termijn kijken we vooral naar uitbreiding naar andere landen. We zijn Klearly gestart om zoveel mogelijk mensen te helpen hun ondernemersdroom waar te maken. Die missie houdt niet op bij de Nederlandse grens”, aldus Sam Koekoek.

Visma-bedrijven Yuki en SmartTrackers lanceren de Duurzaamheidsmonitor, waarmee een onderneming op basis van financiële data direct inzicht krijgt in zijn CO2-voetafdruk.

De monitor maakt gebruik van financiële gegevens uit verschillende grootboekcategorieën. Denk aan gas, water en elektra, brandstof, reiskosten en kantoorbenodigdheden. SmartTrackers berekent vervolgens een geschatte CO2-uitstoot en de ontwikkeling daarvan over de afgelopen jaren. Yuki maakt hier vervolgens een visuele rapportage van in de Duurzaamheidsmonitor

Volgens Yuki kunnen op deze manier ook bedrijven met minder capaciteit en expertise op het onderwerp duurzaamheid de eerste stappen zetten om de doelstellingen van de Europese Green Deal te halen.

Overheden en toezichthouders stellen steeds strengere eisen aan duurzaam ondernemen en organisaties zullen er niet aan ontkomen om duurzaamheid te integreren in hun bedrijfsvoering. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) gaat strenger toezicht houden op onderbouwing van groene claims die bedrijven maken. Bovendien treedt vanaf 1 januari 2024 de Europese Corporate Sustainability Reporting Directive in werking, die centraal staat in de Europese Green Deal.

Deze nieuwe richtlijn verplicht Europese bedrijven om transparant te zijn over de impact van hun werkzaamheden op milieu en maatschappij. De duurzaamheidsrapportageplicht geldt in eerste instantie voor grotere bedrijven. De verplichting voor het mkb volgt in de jaren daarna.

Slechts vijftien procent van de Nederlandse organisaties in de publieke sector heeft momenteel zijn digitale transformatie strategie al volledig geïmplementeerd. Dit blijkt uit onderzoek van Unit4 onder 300 beslissers in de publieke sector afkomstig uit Canada, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Zweden.

Nederland loopt achter op onder andere Canada en het Verenigd Koninkrijk, waar respectievelijk 24 en 23 procent de digitale transformatie al volledig heeft uitgerold. Maar liefst veertig procent van de Nederlandse organisaties in de publieke sector heeft wel een strategie, maar deze is pas minimaal uitgerold. Dat betekent dat slechts enkele afdelingen en teams ervan kunnen profiteren. Nog eens negen procent heeft wel een digitale transformatie strategie, maar heeft er tot nu toe nog niets mee gedaan.

Inhaalslag in de komende jaren

Maar dat zou de komende jaren moeten veranderen. De grootste groep (39%) verwacht dat zij binnen twee tot drie jaar de digitale transformatie volledig hebben uitgerold. Bijna de helft (47%) denkt minder dan twee jaar nodig te hebben, waarvan zes procent binnen een jaar de implementatie verwacht af te ronden. Kijken we naar het gemiddelde van alle vier de ondervraagde landen, dan duurt het gemiddeld nog 2,3 jaar voordat organisaties in de publieke sector een volledige digitale transformatie hebben ondergaan.

Dat die digitale transformatie nodig is, blijkt uit het feit dat 41 procent van de Nederlandse beslissers in de publieke sector aangeeft dat er grote verandering nodig is om data compatibel over verschillende afdelingen te maken. Nu moet in 32 procent van de organisaties data nog handmatig uit het ene systeem worden geëxporteerd, om deze vervolgens in een ander systeem te importeren. Daarbovenop komt nog eens 28 procent die gegevens vanaf papier handmatig in de systemen moet invoeren.

38 procent van de Nederlanders geeft aan dat er geen richtlijnen of regels zijn op het werk als het gaat om het gebruiken van generatieve AI-tools zoals ChatGPT. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van Kaspersky onder 1000 Nederlandse respondenten. Het bedrijf pleit voor richtlijnen en regels voor werknemers omtrent AI-gebruik.

Een ruime meerderheid (62%) geeft weliswaar aan dat er regels zijn rond AI-gebruik, toch geeft meer dan een kwart (26%) van de respondenten toe dat deze niet duidelijk of uitgebreid genoeg zijn. Bijna een vijfde (18%) van mening dat regels of richtlijnen niet nodig zijn, wat ertoe kan leiden dat ChatGPT wordt misbruikt vanwege privacy- en transparantieproblemen.

Meer dan een derde (36%) van de ondervraagden geeft namelijk aan dat zijn/haar leidinggevende helemaal niet op de hoogte is van het gebruik van ChatGPT op de werkvloer. Hoewel het merendeel (64%) wel de leidinggevende informeert, vertelt 21 procent niet voor welke taken ChatGPT wordt gebruikt. Bijna 1 of de 5 (19%) vindt het zelfs niet belangrijk of relevant om de leidinggevende in te lichten.

Jornt van der Wiel, Senior Security Researcher bij Kaspersky: “Bekend is dat output van ChatGPT niet altijd klopt, wat ervoor kan zorgen dat desinformatie snel gedeeld wordt, met alle gevolgen van dien. Om die reden is het belangrijk om open te communiceren over je gebruik van tools zoals ChatGPT tegenover je werkgever of leidinggevende. Voor de werkgever is het op zijn beurt belangrijk dat er zo snel mogelijk richtlijnen en regels worden opgesteld zodat werknemers, wanneer zij dat mogen en kunnen, veilig gebruik kunnen maken van AI-tools.”

Mkb’s gaan door economisch lastige tijden en zoeken naar besparingsmogelijkheden, maar niet op het gebied van IT. Dat blijkt uit onafhankelijk onderzoek van Censuswide in opdracht van Sharp Europe.

Zo investeert 42% van de mkb’s in 2023 in IT, tegenover slechts 7% die bezuinigt. De investeringen beslaan gemiddeld zo’n 40.000 euro in totaal voor 2023. Mkb’s zien dat er de afgelopen jaren veel is veranderd in hun bedrijfsvoering, onder andere door de coronapandemie.

Volgens de deelnemende bedrijven liggen de grootste uitdagingen voor het mkb de komende 12 maanden in stijgende leveringskosten (33%), het vinden en vooral behouden van talent (32%) en het beheren van hybride werkplekken (34%). Vooral dat laatste brengt zorgen over veiligheid en bedrijfscontinuïteit met zich mee. Een groot aantal wisselingen in het personeelsbestand en werklocaties vergt ook veel van de IT-ondersteuning. IT-beveiliging wordt hierbij genoemd als grootste technologische uitdaging (31%).

Investeringsbereidheid

Uit het onderzoek blijkt een grote investeringsbereidheid in IT, wat aanduidt dat mkb’s met behulp van IT bovenstaande zorgen en uitdagingen willen aanpakken. Zo zegt 34% te willen focussen op IT-security en bedrijfscontinuïteit, 31% heeft een cloudmigratieproject op de agenda staan en 37% investeert in nieuwe hardware.

Opvallend is dat de investeringsbereidheid groot is en dat ze vooral investeren in hun uitdagingen en/of zorgen, maar nauwelijks in de basis van IT. Geen enkele respondent geeft namelijk te kennen in cyber essentials te investeren in 2023. Dat zijn basiselementen op vlak van cyberbeveiliging waaraan elke organisatie zou moeten voldoen, zoals een cyber recoveryplan, beveiligingsconfiguratie, malwarebescherming.

Contentmarketingbureau iMediate uit Hilversum, o.a. actief met de vakportal ChannelConnect, neemt het in Ede gevestigde ZB Communicatie & Content over. Met het samengaan ontstaat een end-to-end bureau met dertig specialisten voor strategie, digital, creatie en productie.

Joost Driessen, directeur/eigenaar van iMediate: ‘ZB is een prijswinnend, strategisch sterk bureau dat bekend staat om haar creatieve, digitale oplossingen voor klanten. Ik ken en volg het bureau al heel lang en ik zeg het maar even zoals ik het voel: ik ben verdomd blij en trots op deze acquisitie.’

Gerenommeerde opdrachtgevers
ZB bestaat sinds 1991 en werkt al meer dan dertig jaar voor gerenommeerde opdrachtgevers als BPD/Bouwfonds, PGGM, SNS Bank, Achmea, Sociaal Economische Raad, Wageningen Universiteit en de KNVB.
iMediate heeft als ervaren contentmarketingbureau een sterke positie in (food)retail en werkt onder meer voor Sligro en Superunie. Het bureau in Hilversum exploiteert daarnaast eigen B2B contentplatforms voor professionals in entertainment, ICT en duurzame voedselproductie. iMediate beschikt over in-house kook-, foto/video- en podcaststudio’s.

Robbert Zantinge, eigenaar van ZB: ‘De bureaus zijn vergelijkbaar en complementair en de business sluit eigenlijk naadloos aan. Net als iMediate ontwikkelt ZB contentstrategieën, campagnes, videoproducties, magazines en online platforms. Tegelijk versterken de teams elkaar met specifieke competenties en wordt het dienstenportfolio naar al onze klanten nog sterker en diverser.’

Management team
Wynet Kalf, nu managing director van ZB en daarvoor commercieel directeur van online bureau Presenter, krijgt de dagelijkse leiding. Het managementteam bestaat daarnaast uit Merijn Aalbers en Joost Driessen.
Aalbers kwam vorig jaar over van bureau LVB en is nu digital strateeg bij ZB. Hij wordt binnen het nieuwe bureau eindverantwoordelijk voor strategie, digital en creatie. Joost Driessen is een zeer ervaren media-ondernemer. Hij was als investeerder, eigenaar en directielid betrokken bij meerdere bureaus. Hij zal zich gaan richten op business development en de verdere uitbouw van het bureau. Ook Robbert Zantinge, eigenaar van ZB, blijft als strategisch adviseur aan het bureau verbonden.

Uit het Spearphishing Trends rapport van security bedrijf Barracuda blijkt dat ruim twee derde (68%) van de ondervraagde organisaties in de Benelux in 2022 het slachtoffer was van spearphishing.

Dat is beduidend hoger dan het wereldwijde gemiddelde van 50 procent. Ook doen Benelux-bedrijven aanzienlijk langer over het detecteren en verhelpen van spearphishing-aanvallen. Verder blijkt uit data dat bij een kwart (24%) van de aangesloten organisaties minstens één e-mailaccount is gecompromitteerd via accountovername.

Uit het onderzoek blijkt dat cybercriminelen organisaties blijven bestoken met doelgerichte e-mailaanvallen en dat veel bedrijven moeite hebben dit tegen te houden. Hoewel spearphishing-aanvallen weinig voorkomen, zijn ze wijdverbreid en zeer succesvol in vergelijking met andere soorten e-mailaanvallen.

Gefocust op de Benelux komen de volgende bevindingen aan bod:

  • Ruim twee derde (68%) van de geanalyseerde Benelux-organisaties was in 2022 het slachtoffer van spearphishing.
  • Zeven op de tien (70%) Benelux-respondenten die met een spearphishing aanval te maken kregen, meldden dat systemen met malware of virussen waren besmet; 53% meldden diefstal van gevoelige gegevens en 50% meldden diefstal van inloggegevens.
  • Gemiddeld hebben Benelux-organisaties 145 uur nodig om een e-maildreiging te identificeren nadat deze in een mailbox is afgeleverd, erop te reageren en te herstellen.
  • Benelux-bedrijven met meer dan 50% externe medewerkers meldden ook dat het langer duurt om e-mailsecurityincidenten te detecteren en erop te reageren – 80 uur om te detecteren en 87 uur om te reageren en de gevolgen te beperken.

 

 

Dell Technologies introduceert Project Fort Zero, een end-to-end Zero Trust-beveiligingsoplossing ter bescherming tegen cyberaanvallen. 

Project Fort Zero bouwt voort op het momentum van Dell’s Zero Trust Center of Excellence en partnerecosysteem waarmee het de acceptatie van Zero Trust wil versnellen.

“Zero Trust is ontworpen voor gedecentraliseerde omgevingen, maar de integratie ervan in honderden point-solutions van tientallen leveranciers is complex – waardoor het voor de meeste organisaties onbereikbaar is”, zegt Herb Kelsey, Industry Chief Technology Officer, Government, Dell Technologies.

Uit een steekproef van Stichting AVG blijkt dat bijna 30% van de geanalyseerde websites het privacy statement op de website niet op orde heeft. De steekproef is exact vijf jaar na invoering van de AVG uitgevoerd onder bijna 1400 Nederlandse websites van uiteenlopende organisaties in tien verschillende branches.

Een opvallend resultaat is dat vooral kleinere organisaties minder goed scoren. Zo heeft bijna 30% van de organisaties geen privacy policy op hun website staan of zijn deze voorschriften niet makkelijk toegankelijk gemaakt door de organisaties. Vooral kleinere financiële dienstverleners, scholen en horecagelegenheden scoren minder goed. Positieve uitschieters zijn organisaties in de zorg en de makelaardij. Ook goede doelenorganisaties benadrukken hoe belangrijk privacy is door vaak een privacy statement op hun website te plaatsen.

De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is vandaag exact vijf jaar van kracht. Door de continue toename van cyberaanvallen, datalekken en identiteitsfraude wordt het belang ervan steeds duidelijker. Stichting AVG en Uitvoeringsorganisatie AVG-Programma ondersteunen (bedrijfs)organisaties via een online platform om aan de AVG-eisen te voldoen.

Volgens Maarten Roelfs, voorzitter van Stichting AVG, is het ontbreken van een privacy statement vijf jaar na de invoering van de AVG een zorgwekkende ontwikkeling. “Een privacy statement is essentieel om transparantie en vertrouwen tussen organisaties en consumenten te bevorderen. Consumenten hechten steeds meer waarde aan goede omgang met hun persoonsgegevens,” aldus Roelfs. “Het feit dat vooral kleine organisaties niet goed scoren op dit gebied is dan ook een punt van zorg, omdat zij net zo goed als grote bedrijven de verantwoordelijkheid hebben om de privacy van hun gebruikers te waarborgen.”