In september deed de Autoriteit Consument en Markt voorstellen om het klanten van cloud-­services eenvoudiger te maken diensten van meerdere platforms te combineren. Ook moeten bedrijven eenvoudiger van cloudleverancier ­kunnen wisselen. Het advies is een nieuw hoofdstuk in een al ­decennialang lopende ergernis: systemen die niet compatibel zijn. Eerst speelde het probleem ­tussen hardware van verschillende fabrikanten, na de brede adoptie van Microsofts producten werd dat lange tijd versmald tot het niet kunnen delen van applicaties tussen Apple devices en pc’s. Ook nu nog staat hardware die iOS ondersteunt tegenover Android.

Device lock-in

Het probleem is echter veel ouder: begin jaren zestig was niet alleen sprake van een vendor lock-in, maar zelfs van een device lock-in. Programma’s konden maar op één apparaat gebruikt worden. Je moest het herschrijven als je van dezelfde ­fabrikant gelijke hardware kocht.

Voor Frederic Brooks waren IT’ers bouwers van gereedschap voor anderen

Frederick Brooks, die afgelopen maand overleed, bracht daar verandering in. Hij kwam met het baanbrekende idee van uniforme computer­architecturen. De computerwetenschapper speelde begin jaren zestig een sleutelrol in de ontwikkeling van mainframes bij IBM. Daar nam hij de ontwikkeling van de System/360-familie en het bijbehorende besturingssysteem OS/360 over. In 1964 introduceerde IBM, dankzij Brooks, een lijn van zes compatibele machines met Model 360 als besturingssysteem. Software die voor deze ­systemen was geschreven, kon voor het eerst worden gebruikt op alle appraten in deze serie ­computers.

Vertraging softwareproject

Het systeem was bij lancering bepaald niet zonder fouten – ook dat fenomeen heeft een lange historie. De directie van IBM deed een dringend beroep op de programmeur vol te houden en de klus af te maken. Dat was een fors project: tussen 1963 en 1966 investeerde het bedrijf er ongeveer 5.000 mensjaren in.

Het leidde vervolgens niet alleen tot decennia­lange dominantie van IBM in de mainframewereld, maar ook tot een ander inzicht van Brooks dat tot op de dag actueel is: als een softwareproject vertraging oploopt, los je dat niet op door meer mensen op het project te zetten. Daarmee wordt de vertraging namelijk alleen maar groter, was de ervaring van de Amerikaan. Hij gaf de voorkeur juist aan ‘kleine chirurgische teams’. Zonder daarmee overigens het werk van een programmeur te willen vergelijken met de soms levensreddende ingrepen van chirurgen, Voor Brooks waren IT’ers de bouwers van het gereedschap dat anderen ­konden gebruiken.

Brooks werd 91 jaar.

TD SYNNEX breidt zijn aanbod voor Google Cloud verder uit in Nederland en veel andere landen in Europa, Zuid-Amerika en Azië. Hiermee wil de IT-distributeur het voor partners mogelijk maken om het aanbod van end-to-end cloudoplossingen uit te breiden en de overgang naar een cloudinfrastructuur te versnellen.

TD SYNNEX kondigde in mei al de eerste uitbreiding van Google Cloud aan met clouddiensten die zijn gericht op het verbeteren van de productiviteit en workflow. Met de nieuwe uitbreiding krijgen partners ook toegang tot diensten die zijn gericht op kunstmatige intelligentie (AI), machine learning (ML), data-analyses, infrastructuur en samenwerking.

Middelen voor cloud en digitale transformatie

“Steeds meer bedrijven zijn over de hele wereld drukdoende met processen voor digitale transformatie. Partners spelen hierbij een sleutelrol. Om organisaties succesvol naar de cloud te migreren, is de expertise van partners op het gebied van Google Cloud-technologieën immers cruciaal”, zegt Eric Buck, directeur commerciële partners en wereldwijde distributie bij Google Cloud. “Omdat TD SYNNEX de wereldwijde ondersteuning van het Google Cloud-aanbod uitbreidt, zullen meer organisaties toegang tot de cloudexperts en -technologieën krijgen.”

TD SYNNEX biedt verschillende middelen voor het opbouwen van cloudpractices en voor het leveren van cloudoplossingen. Voorbeelden hiervan zijn Cloud Practice Builder-programma’s, Rapid Risk Security Assessments en Google Cloud Migration Assessments.

Meer dan 1.000 professionals op maandag 20 en dinsdag 21 februari 2023 naar de RAI Amsterdam voor de zesde editie van Kickstart Europe. Hier wordt gesproken en nagedacht over toekomstbestendige oplossingen voor uitdagingen zoals de inflatiecijfers, stijgende energiekosten, het groeiende personeelstekort en de duurzaamheidstransitie.

Op 20 februari (welkomstavond) en 21 februari (conferentie) biedt Kickstart Europe 2023 een programma voor 1000+ professionals uit de datacenter-, fiber- en cloudindustrie. Tijdens dit jaarlijkse strategie- en netwerkevenement in de RAI bespreken experts uit de industrie de laatste ontwikkelingen op het gebied van innovatie, strategie en investeringen in de digitale infrastructuur.

Maak kennis met de eerste sprekers

Op 21 februari begint de conferentie met een ochtendprogramma met daarin discussies en keynotes over de datacentermarkt en investeringen in de digitale infrastructuur. Zo gaan diverse EMEA-vertegenwoordigers van belangrijke partijen, zoals Eric Boonstra (VP & GM, Iron Mountain), Dick Theunissen (Managing Director EMEA, EdgeConneX) en Eugene Bergen Henegouwen (President EMEA, Equinix) met elkaar in gesprek over de kansen en uitdagingen binnen de datacentermarkt, gebaseerd op de groei- en trendanalyse van CBRE Research Director Kevin Restivo.

KickStart 2022

In het ochtendprogramma wordt ook gesproken over de investeringen in digitale infra. In dit panel, onder leiding van de NIBC Bank, zullen C-level sprekers zoals o.a. Alex Goldblum (CEO, Eurofiber) en Anke Schlichting (CTO NIBC Bank) ingaan op de investeringsmogelijkheden binnen deze markt.

Paul Iske, hoogleraar Open Innovatie & Business Venturing aan Universiteit Maastricht en oprichter van het Instituut voor Briljante Mislukkingen, verzorgt als dagvoorzitter het ochtendprogramma.

In de middag zijn er netwerkmogelijkheden (met behulp van een eenvoudige speeddate-tool) en panelsessies over duurzame ontwikkelingen, investeringsstrategieën en inzichten in de Europese markt.

Voor het complete overzicht van alle sprekers, bezoek dan de website: https://www.kickstartconf.eu/speakers.html

Noodzaak innovatieve strategieën 

Stijn Grove, initiatiefnemer van Kickstart Europe, kijkt uit naar de zesde editie van het evenement. “Vorig jaar kreeg onze industrie het zwaar te verduren. Met de stijgende energiekosten en inflatiecijfers in het achterhoofd is de drang naar duurzame en innovatieve oplossingen om deze kosten te verlagen, torenhoog. Daarom rijst de vraag welke strategieën en bijbehorende oplossingen geschikt zijn voor de groei van onze industrie. We kijken ernaar uit om beide tijdens Kickstart Europe te bespreken.”

ChannelConnect was bij KickStart 2022, lees de impressie van het evenement hier terug.

Microsoft is voor de druk vanuit de EU gezwicht en maakt het vanaf 1 januari mogelijk voor Europese klanten om data binnen de Europese Unie te bewaren. Dit gaat om data in Azure, Microsoft 365, Dynamics 365 en Power BI.

De mogelijkheid vanaf 1 januari is de eerste van drie fasen. In de volgende twee fasen moeten ook andere gegevens in de EU opgeslagen kunnen worden. zoals logs en service data. De EU, met Duitsland voorop dreigde maatregelen te nemen tegen Microsoft als er geen regeling voor Europese dataopslag zou komen. De nieuwe mogelijkheid maakt dat Microsoft zijn clouddiensten in de EU kan blijven aanbieden `nder ingewikkelde omwegen en constructies.

Internetcriminelen bedreigen continu Nederlandse ondernemers. Ze maken daarbij vaak gebruik van kwetsbaarheden in, bijvoorbeeld, software. Het Digital Trust Center, in 2021 opgericht door het Ministerie van Economische Zaken, helpt ondernemers bij hun digitale veiligheid. Dit doen ze onder meer door hen te wijzen op zwakke plekken in de beveiliging.

Sinds de oprichting in de zomer van vorig jaar, verstuurde het Digital Trust Center (DTC) al meer dan 5.200 zogenoemde notificaties aan Nederlandse bedrijven. Een notificatie is een waarschuwing voor een ernstige kwetsbaarheid in één van de IT-systemen van het gewaarschuwde bedrijf.
Dit kan een systeem zijn dat benaderbaar is via het internet. Of een malware-besmetting. De waarschuwing kan echter ook gaan over gestolen inloggegevens. Of over het gebruik van verouderde applicaties of servers.

Remote Desktop Protocol

Afgelopen jaar verstuurde het DTC veel waarschuwingen die betrekking hebben op het Remote Desktop Protocol (RDP). Bij veel ondernemingen blijkt dit protocol benaderbaar via het internet. Omdat dit indringers aantrekt, helpt het DTC deze bedrijven door ze telefonisch of per e-mail te waarschuwen. In ongeveer 76% van de notificaties was het advies aan de ondernemers om direct actie te ondernemen.

Ook ransomware heeft de volle aandacht van het Digital Trust Center. De tijd is voorbij dat alleen grote ondernemingen door deze vorm van criminaliteit worden getroffen. Het Digital Trust Center waarschuwde in het voorbije anderhalf jaar honderden potentiële slachtoffers van dit soort aanvallen. De cyberonderzoekers stuiten dan bijvoorbeeld op gestolen inloggegevens die op het internet verhandeld worden. Ook worden lijsten van gebruikers van kwetsbare verouderde software bij het DTC aangeleverd. Via bekende beveiligingslekken in verouderde software kunnen cybercriminelen binnendringen en ransomware installeren.

Als het risico groot is, zoekt het DTC contactinformatie van het betreffende bedrijf op om rechtstreeks te kunnen waarschuwen. Het is van belang dat MS(S)P’s een dergelijke waarschuwing snel verwerken om de klant, en wellicht ook vele andere klanten binnen het portfolio, te waarschuwen.

Communicatie met de MSP

Precies bij de communicatie tussen ondernemer en MSP in geval van een waarschuwing gaat het soms mis. “Het gebeurt dan de notificatie niet bij de juiste persoon terecht komt,” geeft Kim van der Veen, projectleider bij DTC, aan op de website van de organisatie. “Daarom pleiten wij voor het gebruik van het security.txt-bestand. Daarin geef je als bedrijf aan wie op de hoogte gesteld moet worden van onze notificaties.”

Mkb-ondernemer ontzorgen

Zoals een belastingconsulent of accountant in veel gevallen het contact tussen een ondernemer en de Belastingdienst onderhoudt en zijn klant daarbij ontzorgt, zo zou een MSP, als partner van een mkb-ondernemer, zich steeds op de hoogte moeten stellen van de waarschuwingen die het Digital Trust Center verstuurt. En zoals ondernemers bij de Belastingdienst aangeeft wie de belastingconsultent is, zo kan door middel van het Security.txt-bestand de naam van de betroffen MSP  doorgegeven worden.

Dit staat natuurlijk nog los van het feit dat ook ICT-dienstverleners zelf slachtoffer kunnen worden. Het is dan ook verstandig als ook zij zich aanmelden bij de DTC Community.

De toeleveringsketen van de IT wordt in toenemende mate een interessant doelwit voor cybercriminelen. Cyber aanvallen op MSP’s zullen daardoor toenemen. Als gevolg daarvan zullen deze hun eigen cyberveiligheid op orde moeten hebben. Dat is een van de conclusies van een nieuw rapport van beveiligingsleverancier Trend Micro. 

Het rapport waarschuwt dat cybercriminelen het komende jaar meer aanvallen zullen uitvoeren op blinde vlekken in de beveiliging van thuiskantoren, de toeleveringsketen van software en de cloud. “De pandemie is misschien aan het afzwakken, maar werken op afstand blijft”, aldus John Clay, Vice President of Threat Intelligence bij Trend Micro. “Dat betekent een hernieuwde focus van cybercriminelen op ongepatchte VPN’s, aangesloten SOHO-apparaten en back-end cloud-infrastructuur in 2023.”

Volgens het rapport vormen VPN’s een bijzonder aantrekkelijk doelwit, omdat één enkele oplossing kan worden misbruikt om meerdere bedrijfsnetwerken aan te vallen. Thuisrouters worden ook doelwit omdat ze vaak niet worden gepatcht en niet worden beheerd door de centrale IT-afdeling.

Trends in cyber aanvallen

Naast de dreiging van cyber aanvallen voor hybride werknemers schetst het rapport verschillende trends waar IT-security-leiders in 2023 op moeten letten, waaronder:

  • Een groeiende dreiging voor de toeleveringsketen van managed service providers (MSP’s). Zij zullen doelwit worden omdat ze toegang bieden tot een groot volume van downstream klanten, waardoor de ROI van ransomware, gegevensdiefstal en andere aanvallen wordt gemaximaliseerd.
  • “Living off the cloud”-technieken kunnen de norm worden voor groepen die cloudinfrastructuur aanvallen om verborgen te blijven voor conventionele security tools. Een voorbeeld hiervan is het misbruiken van de back-upoplossingen van een slachtoffer om gestolen gegevens te downloaden naar de opslagbestemming van de aanvaller.
  • Bedreigingen voor connected cars, zoals het aanvallen van de cloud-API’s die zich bevinden tussen ingebedde SIM’s (eSIM’s) en back-end applicatieservers. In het ergste geval (Tesla API) kunnen aanvallen worden gebruikt om toegang te krijgen tot voertuigen. De verbonden auto-industrie kan ook worden getroffen door malware die op de loer ligt in open source-repositories.
  • Ransomware-as-a-service (RaaS)-groepen heroverwegen hun activiteiten naarmate de impact van dubbele afpersing afneemt. Sommige zullen zich richten op de cloud, terwijl andere ransomware helemaal links zullen laten liggen en proberen geld te verdienen met andere vormen van afpersing, zoals gegevensdiefstal.
  • Social engineering zal een vlucht nemen met BEC-as-a-service aanbiedingen en de opkomst van op deepfake gebaseerde BEC.

Zero trust

Volgens Trend Micro moeten organisaties sterk inzetten op Zero Trust-strategieën op basis van het ‘never trust, always verify’-principe, om de schade te beperken zonder de productiviteit van gebruikers te belemmeren. Daarnaast is training voor het verhogen van bewustwording van medewerkers nodig. Trend Micro pleit ook voor stresstests van IT-infrastructuren om ervoor te zorgen dat deze klaar zijn voor aanvallen in verschillende scenario’s, met name wanneer een perimeter gateway al is doorbroken. En voor een software bill of materials (SBOM) voor elke applicatie, om het beheer van kwetsbaarheden te versnellen en te verbeteren door inzicht te bieden in zelf ontwikkelde code, gekocht van commerciële bronnen en gebouwd met bronnen van derden.

In onze rubriek ‘Het meest opvallende nieuws’ volgt een prominent in de markt een week lang intensief de berichtgeving op ChannelConnect.nl. Hij of zij selecteert een bericht dat opviel en geeft er een korte reactie op. Deze week: Maarten Vervoorn van YaWorks. 

Maarten Vervoorn, CTO bij YaWorks, selecteerde het artikel waarin ChannelConnect schrijft het zogenoemde Schaduw-SaaS. En over de inzet van DNS-monitoring om dit inzichtelijk te maken.

Schaduw-saas zit inderdaad in veel IT-omgevingen, maar is hardnekkiger dan je denkt, en DNS-monitoring is slechts een deel van de oplossing. Hierbij zijn drie zaken van belang.

  • Ten eerste moet je goed weten wat je in huis hebt. Wat is je digitale backbone, welke systemen draaien er, welke apps worden gebruikt? Met zicht krijg je inzicht, pas dan is duidelijk in hoeverre er sprake is van schaduw-saas.
  • Daarnaast is het belangrijk dat de gebruikers worden voorzien van de functionaliteit die ze nodig hebben en met een goede gebruikerservaring. Dit verlaagt immers de kans op (groei van) schaduw-saas.
  • Tot slot moet je IT-infrastructuur en de daaraan gekoppelde security-oplossing kunnen meebewegen met de ontwikkelingen.

Data, applicaties en gebruikers uit kantoorpand

Internetsecurity om onbetrouwbare sites en applicaties te blokkeren wordt bijvoorbeeld traditioneel op de centrale internet toegangspoort van de organisatie geregeld. Dit komt doordat “vroeger” alles in onze eigen datacenters draaide en de gebruikers allemaal op kantoor zaten. Maar die werkelijkheid is inmiddels natuurlijk veranderd. De data, de applicaties en de gebruikers hebben het kantoorpand verlaten, we werken veel meer vanuit huis en andere plekken dan kantoor, en dat ook nog eens verspreid over de wereld.

Internetsecurity bij de gebruiker

Het is dus essentieel dat je ervoor zorgt dat je internetsecurity toepast waar de gebruiker zich ook bevindt. Het maakt niet of je thuis, in het internetcafé of op kantoor zit: de gegevens op je laptop moeten altijd beveiligd zijn en je zou alleen toegang moeten hebben tot applicaties die je nodig hebt. Daarnaast moet je ervoor zorgen dat op de toegestane saas-applicatie centraal security wordt toegepast, ongeacht in welke cloud zich deze bevindt.

Volledig voorkomen van schaduw-saas is lastig, maar met een sterke digitale backbone en de juiste security-maatregelen, kun je de gevolgen ervan wel goed opvangen.

Het Nationaal Cyber Security Centrum waarschuwt voor de risico’s van het gebruik van open source software. De overheidsorganisatie ziet dat open source software (OSS) inmiddels vrijwel overal is, vaak ook als componenten binnen betaalde producten. In een uitgebreid ‘advies’ zet het NCSC de risico’s op een rijtje.

In de praktijk blijkt dat het open, transparante karakter van OSS niet maakt dat het ook vrij is van kwetsbaarheden, schrijft de organisatie,  in tegenstelling tot wat vaak wordt aangenomen. “Het overgrote deel van de OSS (componenten) die in gebruik zijn, bevat meerdere kwetsbaarheden, soms ook ernstige. Het open karakter van OSS kan juist ook bepaalde nieuwe risico’s introduceren.”

De inzet van open source software kent specifieke continuïteitsrisico’s. “Er is namelijk veelal niet één specifieke (professionele) partij verantwoordelijk voor de continuïteit, het beheer en het tijdig patchen van software.” Omdat dit vaak gebeurt door een collectief van (vrijwillige) ontwikkelaars, kan die groep klein en kwetsbaar zijn. Gebruikers van OSS moeten daarom de ontwikkeling, professionaliteit en robuustheid van de betreffende OSS-community continu blijven volgen, zegt het NCSC.

Het vaak ontbreken van een aanwijsbare eindverantwoordelijke partij voor de (door) ontwikkeling, beveiliging en het beheer van OSS, compliceert ook de security governance en compliance borging. “De specifieke security risico’s die gelden bij open source software vragen om een goede, continue risico afweging. De inzetbaarheid zal ondermeer afhangen van de robuustheid en professionaliteit van de betreffende OS-community, hun werkwijze en het inzetscenario voor de betreffende software. Dat kan betekenen dat OSS soms wel, en in andere gevallen niet, toepasbaar is.”

Het advies sluit af met een ‘handreiking veilig gebruik van Open Source’ en is hier te downloaden.

Onderwijsspecialist Signpost heeft Luuk Slaats aangesteld in de Raad van Bestuur. Slaats is CEO van Uniserver Group en voormalig CEO van Centralpoint, totdat dit bedrijf werd verkocht aan Dustin.

Signpost richt zich op het digitaliseren van het Europese onderwijs en levert daarvoor hardware, software en digitale content aan studenten, scholen en hoger onderwijs in 12 landen. Het bedrijf wil in 2025 de Europese marktleider zijn als ICT-partner voor het onderwijs.

 

Alexandra Schless, CEO van NorthC Datacenters (NorthC) is recent toegetreden als bestuurslid van Dutch Data Center Association (DDA). Schless volgt hiermee voormalig bestuurslid Jasper Lankhorst op.

Stijn Grove, directeur van DDA: “Omdat wij als brancheorganisatie blijven doorgroeien en steeds meer datacenters mogen representeren is het van belang dat het bestuur een goede afspiegeling is van de verschillende soorten datacenters in Nederland. Als regionaal datacenter met 11 locaties door heel Nederland is NorthC een belangrijke speler in de Nederlandse datacentermarkt. Ook hecht het datacenterbedrijf veel waarde aan duurzaamheid en lopen ze voor in het ontwikkelen en implementeren van duurzame innovaties. Zo was NorthC onlangs het eerste datacenter in Europa dat een noodstroomvoorziening op groene waterstof heeft gerealiseerd.”

‘Om nu en in de toekomst private en publieke organisaties te kunnen blijven ondersteunen met een digitale infrastructuur van wereldniveau is het essentieel dat we als sector blijven innoveren en met alle belanghebbende in gesprek blijven. Inzet van groene waterstof, gebruik van restwarmte en modulair bouwen zijn de speerpunten voor een grootschalige verdere verduurzaming van onze industrie”, aldus Alexandra Schless.

Het bestuur bestaat momenteel uit Michiel Eielts (Equinix), Eric Boonstra (Iron Mountain Data Centers), Michel vd Assem (Interxion: a Digital Realty Company), Rob Stevens (Interconnect), Richard Boogaard (Smartdc), Dick Theunissen (EdgeConnex) en Alexandra Schless (NorthC Datacenters).