Your.Cloud meldt de overname te hebben afgerond van Pure Cloud Solutions, een IT- en telecomprovider uit het Britse Tamworth die al meer dan dertig jaar actief is in de West Midlands. De overname past in de bredere strategie van Your.Cloud om zijn aanwezigheid in het Verenigd Koninkrijk verder uit te breiden. Pure Cloud Solutions blijft zelfstandig opereren onder de eigen naam, met hetzelfde team en dezelfde directie.

Your.Cloud is een Europees managed services-platform met meer dan veertig aangesloten bedrijven. Your.Cloud is actief in meerdere Europese landen, telt ruim 1.500 medewerkers en realiseert een jaaromzet van meer dan 350 miljoen euro. Het platform werkt volgens een model waarbij lokaal gewortelde MSP’s hun eigen naam, identiteit en klantrelaties behouden en tegelijk gebruikmaken van gedeelde expertise en schaalvoordelen binnen de groep.

Van telefonie naar fullservice IT-provider

Pure Cloud Solutions is in 1990 opgericht door Martin en Darren Lake, en staat nu onder leiding van CEO Jamie Lake. Vanuit een oorsprong in telefonie en gestructureerde bekabeling groeide het uit tot een fullserviceprovider van cloud- en managed IT-diensten. Het bedrijf blijft na de overname zelfstandig opereren onder de bestaande naam, met hetzelfde team en dezelfde directie.

Jamie Lake geeft aan dat de aansluiting bij Your.Cloud het bedrijf in staat stelt sneller te bewegen en een breder dienstenaanbod te realiseren, met name op het gebied van AI en cybersecurity. Volgens Lake verandert er voor klanten niets aan wie hun vaste aanspreekpunt is. Nils Vermeulen, General Manager van het TICTS-segment bij Your.Cloud, meldt dat de diepgewortelde klantrelaties en het ondernemende leiderschap van Pure Cloud Solutions de doorslag gaven. Volgens Vermeulen is de overname een belangrijke volgende stap in de uitbreiding van de aanwezigheid van Your.Cloud in het Verenigd Koninkrijk.

Financiële details van de transactie worden niet bekendgemaakt.

De internationale ontmanteling van phishing-as-a-service-platform Tycoon 2FA heeft het aanvalsvolume fors teruggebracht, maar heeft de dreiging niet geëlimineerd. Concurrerende platforms namen het vrijgekomen marktaandeel snel over en de activiteit van Tycoon 2FA zelf is nog steeds goed voor miljoenen aanvallen per maand. Onderzoek van Barracuda laat zien hoe veerkrachtig het moderne phishingecosysteem is.

Begin maart werd Tycoon 2FA, destijds het meest actieve phishing-as-a-service-platform, ontwricht door een internationale politie- en justitieactie. Vóór die ingreep werden via het platform gemiddeld meer dan 9 miljoen phishingaanvallen per maand uitgevoerd. Concurrent Mamba 2FA volgde met ongeveer 8 miljoen aanvallen, EvilProxy stond derde met bijna 3 miljoen en Sneaky 2FA was verantwoordelijk voor bijna 700.000 aanvallen per maand.

Na de ontmanteling daalde de activiteit van Tycoon 2FA met 77 procent, maar bleef het platform verantwoordelijk voor ruim 2 miljoen aanvallen per maand. Mamba 2FA groeide uit tot het dominante platform met een verdubbeling naar 15 miljoen aanvallen, EvilProxy steeg naar circa 4 miljoen en Sneaky 2FA verdrievoudigde naar bijna 2 miljoen aanvallen.

Waarom Tycoon 2FA blijft voortbestaan

Barracuda beschrijft in zijn onderzoek vijf factoren die verklaren waarom de ontmanteling geen volledig einde maakte aan de dreiging. Ten eerste blijven gekloonde en aangepaste varianten van de aanvalscode van Tycoon 2FA in omloop, ook via onafhankelijk gehoste implementaties. Kleine campagnes met een laag volume blijven daardoor gewoon actief.

Daarnaast gedragen PhaaS-toolsets zich steeds meer als open-sourceontwikkelomgevingen. Code wordt hergebruikt, aangepast en opnieuw ingezet, en technieken migreren van de ene phishingkit naar de andere. Ten derde blijft een deel van de aanvalsinfrastructuur actief: domeinen lopen gewoon door tot ze verlopen, back-uphosting ontloopt vaak de directe inbeslagname en kleinere campagnes die onder de waarschuwingsdrempels blijven, overleven de eerste responsinspanningen.

Moderne phishing-frameworks bevatten bovendien ingebouwde redundantie, zoals failover-infrastructuur voor continuïteit van lopende campagnes en werkwijzen voor snel herstel na een verstoring. Tot slot betekent het platleggen van infrastructuur niet dat eerder getroffen organisaties veilig zijn. Gestolen session cookies kunnen geldig blijven, misbruik van OAuth kan cloudtoegang mogelijk maken en organisaties kunnen ook na het einde van een campagne nog steeds gecompromitteerd zijn.

Technieken migreren, ze verdwijnen niet

Saravanan Mohankumar, Manager van het Threat Analysis Team bij Barracuda, stelt dat phishingdreigingen niet netjes eindigen. Aanvalspatronen migreren in zijn ogen in plaats van te verdwijnen, en tools nemen bewezen technieken over en verfijnen die verder. De mogelijkheden die Tycoon 2FA populair maakte, zijn inmiddels opgepikt door tal van andere platforms en zijn volgens Mohankumar al succesvol ingezet bij aanvallen op apparaatcodes. Hij geeft aan dat detectietechnieken die aan individuele kits zijn gekoppeld, snel verouderd raken. Voor echte weerbaarheid moeten defensieve strategieën zich richten op brede modellen van op identiteit gebaseerde aanvallen en sessiemisbruik, stelt Barracuda.

Meer informatie is hier beschikbaar.

De AI-wereld stond deze week niet stil: Microsoft trekt de stekker uit de Copilot-branding in Windows, terwijl Adobe en Google juist flink doorduwen met nieuwe AI-integraties. OpenAI lanceert een beveiligingsmodel voor professionals, Anthropic maakt cron jobs overbodig en Europese toezichthouders richten hun pijlen op ChatGPT. En een nieuw onderzoek laat zien hoe kwetsbaar AI-pipelines zijn voor prompt injection — ook als het model zelf goed scoort.

In deze editie:

Microsoft schrapt Copilot-branding uit Notepad, maar de AI blijft gewoon zitten

Microsoft begint de Copilot-branding stap voor stap te verwijderen uit Windows 11-apps. In Notepad is het kleurrijke Copilot-icoon vervangen door een neutraal pennetje met het label “Writing tools” — de onderliggende AI-functies zijn ongewijzigd.

  • Update v11.2512.28.0 verwijdert alle Copilot-verwijzingen uit de interface; schrijven, herschrijven en samenvatten blijven beschikbaar.
  • De AI-schakelaar is verplaatst naar de neutrale sectie “Advanced features” in de instellingen.
  • In Snipping Tool verdween de Copilot-knop volledig, zonder vervanging.
  • Microsoft beloofde in maart minder opdringerig met AI-integraties om te gaan; dit is de eerste concrete uitvoering.

Bron: gHacks

top ^

Adobe lanceert Firefly AI Assistant als creatieve agent

Adobe introduceert de Firefly AI Assistant: een conversational agent die op basis van een tekstopdracht zelfstandig complexe workflows uitvoert over meerdere Creative Cloud-applicaties.

  • De assistant orkestreert meerstaps-workflows over Photoshop, Premiere, Lightroom, Illustrator en Express vanuit één interface.
  • Gebruikers beschrijven het gewenste resultaat in gewone taal; de agent bepaalt zelf welke stappen nodig zijn.
  • Adobe werkt aan integratie met externe modellen, waaronder Claude van Anthropic.
  • De public beta volgt in de komende weken; nieuwe video- en beeldbewerkingsfuncties zijn al beschikbaar.

Bron: Adobe Blog

top ^

OpenAI lanceert GPT-5.4-Cyber voor beveiligingsprofessionals

OpenAI introduceert een cybersecurity-variant van GPT-5.4, speciaal afgestemd op defensief beveiligingswerk. Toegang is voorbehouden aan geverifieerde professionals via het Trusted Access for Cyber-programma.

  • Het model heeft een lagere weigeringsgrens voor kwetsbaarheidsonderzoek en binary reverse engineering.
  • Toegang verloopt via een gelaagd verificatieprogramma; hogere tiers geven toegang tot het volledige model.
  • OpenAI schaalt op naar duizenden onderzoekers en honderden teams die kritieke software verdedigen.
  • OpenAI kiest bewust voor brede geverifieerde toegang, waar Anthropic zijn securitymodel Mythos beperkt tot een handvol organisaties.

Bron: OpenAI

top ^

Google lanceert Skills in Chrome: sla je beste AI-prompts op als herbruikbare workflows

Google introduceert Skills voor Gemini in Chrome: een functie waarmee je veelgebruikte AI-prompts opslaat en met één klik uitvoert op elke webpagina.

  • Een Skill activeer je via een forward slash (/) of de plusknop; de prompt draait op de actieve pagina of meerdere tabbladen tegelijk.
  • Google lanceert ook een bibliotheek met kant-en-klare Skills voor productiviteit, winkelen, recepten en budgetteren.
  • Skills synchroniseren over alle ingelogde Chrome-desktopapparaten en zijn op elk moment aanpasbaar.
  • Voor acties als e-mail versturen of agenda-afspraken toevoegen vraagt Chrome altijd om bevestiging.

Bron: Google Blog

top ^

Claude Code krijgt Routines: geautomatiseerde AI-taken zonder eigen infrastructuur

Anthropic introduceert Routines in Claude Code: herhaalbare automatiseringen die draaien op Anthropic-cloudinfrastructuur, zonder dat de eigen laptop aan hoeft te staan.

  • Een Routine bundelt prompt, repositorytoegang en connectors tot een configuratie die automatisch wordt uitgevoerd.
  • Drie triggers: op schema (uurlijks tot wekelijks), via API-aanroep of als reactie op GitHub-events.
  • Routines vervangen de behoefte aan eigen cron jobs voor AI-taken als buganalyse, PR-reviews of documentatiecontrole.
  • Daglimieten per abonnement: Pro 5 runs, Max 15, Team en Enterprise 25.

Bron: Anthropic

top ^

Onderzoek: prompt injection is een pipeline-architectuurprobleem, geen modelprobleem

Nieuw onderzoek introduceert een methodologie om prompt injection in multi-agent AI-systemen stapsgewijs te volgen, en verschuift daarmee de verantwoordelijkheid van het model naar de pipeline-architectuur.

  • Via cryptografische “canary tokens” worden vier aanvalsfasen gevolgd over 950 tests, vijf frontier-modellen en zes aanvalsoppervlakken.
  • Claude blokkeerde alle injecties op het punt van geheugenopslag; GPT-4o-mini liet 53% door; DeepSeek scoorde 0% en 100% op verschillende oppervlakken.
  • De plaatsing van het schrijfknooppunt in de pipeline is de meest impactvolle veiligheidsbeslissing.
  • Onzichtbare whitefont PDF-payloads waren even effectief als zichtbare tekst — visuele screening volstaat niet.

Bron: arXiv / Wang & Zhang

top ^

EU onderzoekt of ChatGPT als zoekmachine onder strengere DSA-regels valt

De Europese Commissie bekijkt of ChatGPT moet worden aangemerkt als een “zeer grote online zoekmachine” onder de Digital Services Act, wat OpenAI onder het zwaarste Europese digitale toezicht zou brengen.

  • OpenAI rapporteerde zelf meer dan 120 miljoen maandelijkse actieve EU-gebruikers — ruim boven de DSA-drempel van 45 miljoen.
  • De Commissie bevestigde de analyse, maar benadrukte dat kwalificatie per dienst afzonderlijk wordt beoordeeld.
  • Een DSA-aanwijzing verplicht tot risicoanalyses, algoritmische transparantie, antidesinfo-maatregelen en onafhankelijke audits.
  • OpenAI weigerde commentaar; een formeel besluit is nog niet genomen.

Bron: Handelsblatt / Reuters

top ^

De AI Update is samengesteld door Marcel Debets. Tips? Mail de redactie op redactie@channelconnect.nl.

Distributeur e92plus en ESET Nederland gaan samenwerken om het partnernetwerk voor ESET-securityoplossingen in de Benelux uit te breiden. De samenwerking combineert de distributiekracht van e92plus met de Europese securitytechnologie van ESET. MSP’s en resellers moeten hierdoor sneller kunnen instappen en bestaande partners verder kunnen groeien.

e92plus en ESET Nederland kondigen een distributiesamenwerking aan die gericht is op het uitbreiden van het partner-ecosysteem in de Benelux. Beide partijen beogen hiermee nieuwe resellers en MSP’s sneller aan te sluiten en bestaande partners te helpen groeien in volwassenheid.

Europese securitytechnologie als propositie

ESET Nederland brengt zijn ESET PROTECT-platform in als technologische kern van de samenwerking. Volgens ESET betreft het een XDR-native omgeving waarin preventie, detectie en respons samenkomen. Het bedrijf stelt dat het platform AI, machine learning en gedragsanalyse inzet om dreigingen vroeg in de aanvalsketen te stoppen, in tegenstelling tot reactieve oplossingen.

ESET geeft aan alle technologie en threat intelligence in eigen beheer te ontwikkelen, gevoed door een wereldwijd sensornetwerk van meer dan 110 miljoen endpoints. Het bedrijf meldt daarbij specifiek te focussen op dreigingen die Europa raken. Met een Nederlands Security Operations Center en Europese technologie verwacht ESET organisaties meer zekerheid te bieden rond compliance en data-soevereiniteit.

Dave Maasland, CEO van ESET Nederland, geeft aan dat partners naast sterke technologie vooral behoefte hebben aan richting, ondersteuning en kennis om security succesvol naar de markt te brengen. Volgens Maasland biedt de samenwerking met e92plus precies die combinatie van security-expertise en marktinzicht.

Distributiekracht en enablement

Als value-added distributeur richt e92plus zich op het ondersteunen van resellers en MSP’s via technische diensten, go-to-marketondersteuning en een breed technologieportfolio. Jeffrey de Heer, Sales Director Benelux & Nordics bij e92plus, stelt dat de toevoeging van ESET het cybersecurityportfolio van e92plus versterkt met een Europese partij met sterke threat intelligence en een solide marktreputatie.

De Heer verwacht dat de samenwerking organisaties beter in staat stelt te reageren op de groeiende vraag naar soevereine, Europese securityoplossingen.

Flexibele opties voor MKB tot enterprise

Partners krijgen via de samenwerking toegang tot flexibele deploymentopties, zowel on-premise als in de cloud. e92plus en ESET beogen ESET-oplossingen en MDR-diensten versneld in de markt uit te rollen. Het aanbod richt zich op het segment van MKB tot mid-market en enterprise.

De nadruk op Europese waarden als compliance en data-soevereiniteit moet de propositie onderscheiden van niet-Europese vendors, zo geven beide partijen aan. Partners kunnen dit inzetten als argument richting klanten die op zoek zijn naar een alternatief met meer controle over hun data en beveiliging.

KnowBe4 komt met Agent Risk Manager, een product dat het gedrag van autonome AI-agents in real time monitort, bewaakt en beheert. Het bedrijf positioneert de tool als aanvulling op bestaande beveiligingslagen die zich richten op mensen, en kondigt aan dat Agent Risk Manager deel wordt van het KnowBe4 HRM+-platform. Organisaties die AI-agents inzetten binnen hun workflows krijgen hiermee naar eigen zeggen grip op risico’s die traditionele beveiligingsoplossingen laten liggen.

Naarmate organisaties steeds meer workflows overdragen aan autonome AI-agents, ontstaat er volgens KnowBe4 een nieuw aanvalsoppervlak dat bestaande beveiligingstools niet afdekken. Waar klassieke oplossingen zich richten op statische code-analyse of API-beveiliging, richt Agent Risk Manager zich op het daadwerkelijke gedrag van agents nadat ze zijn uitgerold.

Greg Kras, Chief Product Officer bij KnowBe4, geeft aan dat het beveiligen van prompts slechts de helft van het beveiligingsvraagstuk afdekt. Kras stelt dat de output en acties van AI-agents minstens zo belangrijk zijn, en dat agents die zich ongecontroleerd door een netwerk bewegen kunnen uitgroeien tot een vorm van shadow IT of een ingang voor prompt-injectieaanvallen.

Gedragsmatige bewaking als kern

Agent Risk Manager biedt een operationele laag die in real time bepaalt hoe agents zich gedragen. KnowBe4 noemt onder meer gedragsmatige guardrails die ongeautoriseerde data-exfiltratie en ongewenste autonome uitvoering tegengaan. Daarnaast brengt de tool in kaart welke toegangsrechten en tools een agent heeft, wat KnowBe4 omschrijft als agentic identiteitsgovernance.

Het bedrijf meldt verder dat Agent Risk Manager AI-agents actief test met actuele prompt-injectie- en social-engineeringtechnieken. Voor de detectie van afwijkend gedrag maakt de tool gebruik van vijftien jaar gedragsdata die KnowBe4 binnen zijn platform heeft opgebouwd.

Detectie en compliance

Op functieniveau beschrijft KnowBe4 een reeks detectiemogelijkheden. Machine learning-gedreven analyse identificeert jailbreaks, logica-overschrijvingen en indirecte injecties in berichten en tool-output. Meer dan twintig classifiers scannen op persoonsgegevens en inloggegevens en maskeren die automatisch voordat ze in auditlogs worden vastgelegd.

Daarnaast signaleert de tool overmatig resourcegebruik en zogenoemde runaway agents die voor onverwachte API- of compute-kosten kunnen zorgen. Een automatische agent-inventaris catalogiseert agents en tools in meerdere omgevingen zonder handmatige input. Alle acties en detecties worden vastgelegd in een filterbare auditlog die is ingericht op incidentrespons en forensische analyse.

Voor de uitrol kondigt KnowBe4 een begeleide onboarding aan waarmee de eerste agent naar eigen zeggen binnen enkele minuten wordt ontdekt, zonder externe dienstverlening.

Breder risicobeheer

Kras geeft aan dat de ontwikkeling van Agent Risk Manager voortkomt uit een bredere verschuiving van human risk naar wat hij omschrijft als universal risk. Daarmee doelt hij op het samenspel van risico’s bij zowel menselijke gebruikers als autonome agents. KnowBe4 stelt dat zijn platform als enige beide categorieën afdekt.

Agent Risk Manager is een nieuw, zelfstandig product en wordt wereldwijd beschikbaar gemaakt als onderdeel van het KnowBe4 HRM+-platform.

Geopolitieke spanningen, door natiestaten geleide cyberoperaties en de snelle opkomst van AI veranderen het wereldwijde cyberwetgevingslandschap ingrijpend. Dat concludeert NCC Group in de vijfde editie van zijn Global Cyber Policy Radar. Cyberbeleid is geen technisch niche-onderwerp meer, maar een instrument van nationale veiligheid en geopolitieke machtsuitoefening. Voor organisaties betekent dit nieuwe en complexere compliance-eisen.

NCC Group, het moederbedrijf van Fox-IT, presenteert de vijfde editie van zijn Global Cyber Policy Radar. Het rapport signaleert dat cyberwetgeving wereldwijd steeds nadrukkelijker wordt gevormd door geopolitieke belangen, economische strategie en nationale veiligheidsoverwegingen, in plaats van door puur technische of sectorspecifieke drijfveren.

Drie bepalende trends

Volgens NCC Group zijn er drie ontwikkelingen die het mondiale cyberwetgevingslandschap momenteel het sterkst bepalen.

Als eerste noemt het bedrijf digitale soevereiniteit. Overheden eisen steeds meer controle op over data, cloudinfrastructuur, technologische toeleveringsketens en kritieke diensten. Omdat een gezamenlijk internationaal kader ontbreekt, leidt dit tot verdere fragmentatie van het wereldwijde cyberlandschap.

Daarnaast meldt NCC Group dat AI-security vaker wordt afgedwongen via bestaande cyberwetgeving dan via nieuwe, zelfstandige AI-wetgeving. Organisaties worden daardoor strenger beoordeeld op de manier waarop zij AI inzetten en beveiligen.

Ten slotte geeft het bedrijf aan dat cyberverantwoordelijkheid steeds nadrukkelijker bij de boardroom wordt neergelegd. Toezichthouders richten zich direct op senior leiderschap en leggen persoonlijke verantwoordingsplicht op aan bestuurders.

Van verdediging naar offensief

Een tweede centrale conclusie van het rapport betreft de verschuiving in de houding van overheden tegenover cyberoperaties. NCC Group stelt dat zuiver defensief optreden door steeds meer landen als onvoldoende wordt beschouwd. Offensieve cybercapaciteiten worden daarmee een vast onderdeel van nationale veiligheidsstrategieën.

Als voorbeeld noemt het rapport recente Amerikaanse cyberoperaties die in verband worden gebracht met Iran. Deze illustreren, aldus NCC Group, hoe cybercapaciteiten verweven raken met bredere militaire en geopolitieke strategieën. Een groeiend aantal Europese landen, waaronder Nederland, volgt dit voorbeeld.

Deze ontwikkeling brengt risico’s mee voor internationaal opererende organisaties. Bij het ontbreken van afgesproken internationale spelregels vergroot de uitbreiding van offensieve cyberactiviteiten de kans op escalatie en maakt zij compliance complexer. Daarnaast neemt de druk op bedrijven toe om mee te werken aan door overheden geleide cyberinitiatieven.

Wetgevingskaders stapelen zich op

Tegelijkertijd treden Europese wetgevingskaders als NIS2, DORA, de EU Cyber Resilience Act en de AI Act in werking of worden al actief gehandhaafd. NCC Group stelt dat organisaties hierdoor geconfronteerd worden met strengere eisen op het gebied van governance, weerbaarheid en besluitvorming op bestuursniveau.

Katharina Sommer, Director of Government Affairs and Analyst Relations bij NCC Group, benadrukt dat cyberbeleid inmiddels een verlengstuk is geworden van geopolitiek. Nu het vertrouwen tussen staten afneemt, wordt cyberwetgeving volgens haar steeds vaker bepaald door nationale veiligheidsbelangen en de strategische inzet van cybercapaciteiten. Sommer geeft aan dat organisaties die hier vroeg op inspelen, aantoonbaar werken aan weerbaarheid en cybersecurity stevig op bestuursniveau verankeren, het best zijn voorbereid op een verder fragmenterend landschap.

NCC Group adviseert organisaties in het rapport om proactief hun cyber governance te versterken, hun positie ten aanzien van publiek-private samenwerking te verduidelijken en bestuurders voor te bereiden op een omgeving waarin cyberrisico’s, geopolitiek en regelgeving onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Aanvallers organiseren zich als grote ondernemingen, zetten AI in voor deepfake-fraude en exploiteren op industriële schaal kwetsbaarheden. Dat blijkt uit het eerste dreigingsonderzoek van HPE Threat Labs, gebaseerd op 1.186 actieve aanvalscampagnes wereldwijd in 2025. Overheden, financiële instellingen en techbedrijven waren het vaakst doelwit. Voor IT-dienstverleners geeft het rapport concrete handvatten om klanten beter te beschermen.

HPE presenteert zijn eerste jaarlijkse dreigingsrapport, de ‘In the Wild Threat Report’, uitgevoerd door het nieuw opgerichte HPE Threat Labs. Het onderzoek analyseerde 1.186 actieve aanvalscampagnes wereldwijd over de periode januari tot en met december 2025. De conclusie: cybercriminaliteit heeft een industrieel karakter aangenomen, waarbij aanvallers gebruikmaken van hiërarchische structuren, gespecialiseerde teams en geautomatiseerde infrastructuur om aanvallen sneller en grootschaliger uit te voeren dan verdedigers kunnen bijbenen.

Overheden zwaarst getroffen

Volgens HPE was de overheid wereldwijd de meest aangevallen sector, goed voor 274 van de geregistreerde campagnes — verspreid over nationale, regionale en gemeentelijke overheidsorganen. De financiële sector volgde met 211 campagnes, gevolgd door de technologiesector met 179. HPE meldt dat aanvallers strategisch prioriteit geven aan sectoren die zijn verbonden met nationale infrastructuur, gevoelige data en economische stabiliteit. Defensie, maakindustrie, telecom, gezondheidszorg en onderwijs werden eveneens zwaar getroffen.

Tijdens de onderzoeksperiode werden meer dan 147.000 kwaadaardige domeinen ingezet, bijna 58.000 malwarebestanden verspreid en 549 kwetsbaarheden actief misbruikt. HPE stelt dat het professionele karakter van deze aanvallen ze voorspelbaarder maakt in uitvoering, maar tegelijk moeilijker te verstoren: het uitschakelen van één onderdeel van een operatie stopt zelden de bredere campagne.

AI ingezet voor deepfakes en stemfraude

Een opvallende bevinding is het gebruik van generatieve AI voor gerichte impersonatiefraude. HPE geeft aan dat aanvallers synthetische stemmen en deepfake-video’s inzetten voor zogeheten video-phishing (vishing) en fraude waarbij executives worden nagebootst. Sommige operaties maakten gebruik van geautomatiseerde workflows via platforms als Telegram om gestolen data in realtime door te sluizen. Een afpersingsgroep voerde daarnaast marktonderzoek uit naar VPN-kwetsbaarheden om de eigen inbraakstrategie te optimaliseren.

Mounir Hahad, hoofd van HPE Threat Labs, benadrukt dat het rapport gebaseerd is op daadwerkelijk waargenomen dreigingsactiviteit — geen theoretische laboratoriumscenario’s. Hahad stelt dat de bevindingen organisaties helpen detectie te verscherpen, verdedigingen te versterken en een realistisch beeld te krijgen van de dreigingen die hun infrastructuur en data het meest bedreigen.

Praktische stappen voor betere weerbaarheid

Het rapport bevat concrete aanbevelingen. HPE adviseert organisaties om dreigingsinformatie actief te delen tussen interne teams, klanten en sectoren, en een Secure Access Service Edge-aanpak (SASE) te hanteren om netwerk en beveiliging te verenigen. Veelgebruikte toegangspunten zoals VPN’s, SharePoint en edge-apparaten dienen regelmatig gepatcht te worden. Daarnaast raadt HPE aan zero trust-principes toe te passen, waarbij gebruikers en apparaten continu worden geverifieerd via Zero Trust Network Access (ZTNA). Uitgebreide zichtbaarheid via dreigingsinformatie, deceptietechnologie en AI-gedreven detectie moet de responstijd verkorten. Tot slot wijst HPE erop dat beveiliging zich moet uitstrekken tot thuisnetwerken, externe tools en toeleveringsketens.

HPE Threat Labs bundelt expertise van HPE en Juniper

HPE kondigt tegelijk de formele oprichting van HPE Threat Labs aan, dat de beveiligingsonderzoekscapaciteiten van HPE en Juniper Networks samenbrengt. David Hughes, SVP en GM SASE and Security for Networking bij HPE, geeft aan dat de combinatie van expertise en een uitgebreider databestand het mogelijk maakt om real-world dreigingen beter te identificeren en te vertalen naar detectie- en blokkeerfunctionaliteit in HPE-producten.

De bevindingen zijn gebaseerd op telemetrie van de Juniper Advanced Threat Prevention Cloud, een wereldwijd privaat netwerk van honeypots en open-source dreigingsinformatie. Het rapport is beschikbaar voor CISO’s, beveiligingsleiders en IT-beslissers. HPE presenteert de resultaten ook tijdens RSA Conference 2026, van 23 tot en met 26 maart, in stand 1255 in de South Hall van het Moscone Center in San Francisco.

Scale Computing kondigt het Velocity Partnerprogramma aan, een vervanging voor volumegerichte partnermodellen. Het programma richt zich op snellere dealuitvoering, competentiegebaseerde beloningen en minder afhankelijkheid van leveranciersmiddelen. Daarmee wil het bedrijf partners beter positioneren in de groeiende markt voor edge computing en gedistribueerde IT.

Scale Computing presenteert het Velocity Partnerprogramma, dat traditionele volumemodellen vervangt en is ontworpen om partners zelfstandiger te laten opereren. Volgens het bedrijf helpt het programma partners bij het begeleiden van klanten tijdens overstappen naar private cloud — van architectuurontwerp tot implementatie en doorlopend beheer.

Het bedrijf stelt dat het nieuwe programma operationele frictie vermindert en de doorlooptijd van offerte tot deal verkort. Daarnaast geeft Scale Computing aan dat partners een groter deel van de totale projectwaarde kunnen benutten, met name op het gebied van professionele diensten.

Competentie als basis voor doorgroei

Het Velocity Partnerprogramma kent een gelaagde opbouw waarbij doorgroei is gekoppeld aan aantoonbare expertise. Scale Computing meldt dat het programma zowel een laagdrempelige instap biedt voor nieuwe partners als erkenning geeft aan partners met een hoge betrokkenheid en bewezen capaciteiten.

Kyle Fenske, Global Channel Chief bij Scale Computing, geeft aan dat het programma tot stand is gekomen op basis van directe feedback van partners die vroegen om meer differentiatie in lijn met hun investeringen. Fenske stelt dat het programma partnergedreven groei op schaal ondersteunt en partners in staat stelt zelfstandiger deals te sluiten.

Volgens Fenske biedt het programma een alternatief voor zogenoemde rip-and-replace-transities, wat de frictie voor partners bij klantoverstappen verkleint.

Vier pijlers

Scale Computing omschrijft het Velocity Partnerprogramma aan de hand van vier onderdelen. Ten eerste een snellere weg naar omzet, door minder operationele drempel en een helder pad naar de eerste deal. Ten tweede competentiegebaseerde beloningen, waarbij expertise de economische waarde bepaalt. Ten derde voorspelbare marges en beschermde deals via incentives en beschermingsmechanismen die kanaalconflicten moeten beperken. Ten vierde een partner-first ervaring met duidelijkere verwachtingen en ondersteuning bij het opbouwen van een duurzame praktijk.

Breed productportfolio als fundament

Het programma bouwt voort op het productportfolio van Scale Computing. Daartoe behoren onder meer SC//HyperCore, een virtualisatiesuite die software, servers en storage integreert in één oplossing, en SC//Fleet Manager, waarmee edge-infrastructuur centraal te beheren valt via Zero-Touch Provisioning. Verder kondigt het bedrijf SC//Reliant aan als hardware- en cloudagnostisch edgeplatform voor organisaties met meerdere locaties, en SC//Connect als cloud-native SD-WAN- en SASE-oplossing.

Fenske verwacht dat de groei van edge computing en gedistribueerde IT leidt tot meer locaties en meer complexiteit, en dat partners daardoor behoefte hebben aan programma’s die marges beschermen en expertise belonen.

Negentig procent van de organisaties zegt vertrouwen te hebben in hun vermogen om te herstellen na een cyberincident. Toch blijkt uit het 2026 Data Trust and Resilience Report van Veeam Software dat slechts 28% van de ransomware-slachtoffers hun gegevens volledig weet te herstellen. De kloof tussen zelfvertrouwen en aantoonbare herstelprestaties groeit — en AI vergroot dat probleem.

De meeste organisaties overschatten hun cyberveerkracht aanzienlijk. Dat is de centrale conclusie uit het 2026 Data Trust and Resilience Report van Veeam Software, gebaseerd op wereldwijd onderzoek onder organisaties van uiteenlopende omvang. Volgens Veeam herstellen organisaties na een ransomware-aanval gemiddeld slechts 72% van de getroffen gegevens, terwijl 44% van de getroffen organisaties minder dan 75% van hun data terugkrijgt.

Kloof tussen vertrouwen en bewijs

Ninety procent van de ondervraagde organisaties geeft aan er vertrouwen in te hebben binnen de Recovery Time Objectives (RTO) te kunnen herstellen van een cyberincident. Veeam meldt echter dat slechts 69% van diezelfde organisaties aangeeft dat die RTO’s volledig zijn afgestemd op de eigen continuïteitsdoelen. Dat verschil illustreert wat het rapport omschrijft als het fundamentele onderscheid tussen vertrouwen in herstel en bewijs van herstel.

CEO Anand Eswaran van Veeam stelt dat zelfs geavanceerde organisaties dit onderscheid onderschatten. Volgens hem weten organisaties onvoldoende welke data ze hebben, waar die zich bevinden en wie er toegang tot heeft — laat staan dat ze kunnen bewijzen dat ze bij een aanval snel schone en betrouwbare data kunnen terughalen.

Van de organisaties die een cyberincident meemaakten, meldt 42% een verstoring van de dienstverlening aan klanten en andere stakeholders, 41% financieel verlies of omzetverlies en 38% langdurige downtime van kritieke systemen.

AI-adoptie loopt voor op beveiliging

Veeam geeft aan dat AI een nieuwe risicodimensie toevoegt die de kloof verder vergroot. Uit het rapport blijkt dat 43% van de organisaties zegt dat AI-adoptie sneller gaat dan hun vermogen om data en modellen te beveiligen. Daarnaast meldt 42% beperkt inzicht te hebben in alle AI-tools en -modellen die intern worden gebruikt, en geeft 40% aan dat het beveiligingsbeleid nog niet is bijgewerkt om AI-specifieke risico’s te adresseren. Schaduw-IT en ongeautoriseerd gebruik van AI-tools worden door 25% aangemerkt als een concrete zorg voor dataprotectie.

Regelgeving als drijfveer

Regelgeving wint terrein als motivatie voor investeringen in veerkracht. Veeam meldt dat 33% van de organisaties veranderingen in regelgeving noemt als een van de grootste opkomende dreigingen — bijna net zo vaak als cyberaanvallen, die door 36% worden aangehaald. Dat signaleert een verschuiving waarbij compliance-druk en operationele continuïteit steeds meer samenvallen.

Vier kenmerken van betere herstelprestaties

Het onderzoek identificeert vier praktijken die consistent samengaan met betere herstelresultaten: duidelijk inzicht in bedrijfsdata en AI-risico’s in zowel productie- als back-updata, het daadwerkelijk afdwingen van beveiligingsmaatregelen in plaats van alleen beleid voeren, het uitvoeren van realistische hersteltests en validatie, en afstemming op directieniveau over verantwoordelijkheid en definitie van herstel.

Organisaties die afdwingbare maatregelen zoals data loss prevention toepassen, rapporteren volgens Veeam aantoonbaar beter inzicht en een lagere beveiligingsachterstand naarmate AI-gebruik toeneemt.

Budget als onderscheidende factor

Veeam stelt dat 49% van de ondervraagde organisaties hun cybersecuritybudget jaarlijks verhoogt. Organisaties met een verhoogd budget investeren vaker in onveranderlijke opslag en geautomatiseerde back-ups, en rapporteren significant betere herstelresultaten na ransomware-aanvallen. Volledig herstel komt voor bij 40% van de organisaties met een verhoogd budget, tegenover 16% bij organisaties zonder budgetverhoging.

Bijna geen enkele organisatie (7%) is adequaat voorbereid op fraude met AI en deepfakes, terwijl dit type fraude wereldwijd snel toeneemt. De kloof tussen de snelheid waarmee criminelen AI inzetten en de weerbaarheid van organisaties groeit gevaarlijk snel.

Dat concluderen de Association of Certified Fraud Examiners (ACFE) en SAS op basis van nieuw gezamenlijk onderzoek. Fraudeprofessionals melden over de afgelopen twee jaar een toename van elke onderzochte vorm van AI-gedreven fraude. De sterkste groei zit bij deepfake social engineering: 77% van de respondenten ziet hier een kleine tot significante stijging. Fraude en oplichting (75%), documentvervalsing met generatieve AI (75%) en deepfake digitale injectie (72%) volgen op korte afstand. Voor de komende twee jaar verwacht 55% van de respondenten een verdere sterke toename van deepfake social engineering en op generatieve AI gebaseerde documentfraude.

Het onderzoek omvat respondenten uit meer dan tien sectoren. Overheid en publieke sector (26%) en banken en financiële diensten (23%) zijn daarin het sterkst vertegenwoordigd.

Adoptie van AI groeit, maar governance blijft ver achter

Een kwart van de onderzochte organisaties gebruikt inmiddels AI of machine learning in fraudebestrijding, een stijging van 18 procentpunt ten opzichte van 2024. Nog eens 28% plant adoptie vóór 2028.

Tegelijk signaleren ACFE en SAS een ernstige governance-achterstand: hoewel 86% van de respondenten nauwkeurigheid van AI-resultaten belangrijk vindt, test slechts 18% zijn AI-modellen op bias en eerlijkheid. En waar 82% verklaarbaarheid van belang acht, geeft slechts 6% aan met vertrouwen te kunnen uitleggen hoe zijn AI-modellen beslissingen nemen in fraudebestrijding. Voor gereguleerde sectoren zoals banken en verzekeraars brengt dit reputatierisico, maar ook potentiële juridische aansprakelijkheid met zich mee.

Budgetten groeien, beperkingen blijven

Meer dan de helft van de respondenten (55%) verwacht dat het budget voor fraudebestrijdingstechnologie de komende twee jaar toeneemt. Toch blijft budgettaire druk het grootste obstakel: 84% noemt financiële beperkingen een grote tot middelgrote uitdaging bij implementatie.

Opkomende technologieën in opmars

Fysieke biometrie is inmiddels de meest geadopteerde opkomende technologie in fraudebestrijding: 45% van de organisaties past het toe, tegenover 34% in 2022. Generatieve AI wordt als anti-fraudetool door slechts 16% ingezet, maar 58% geeft aan dit in de toekomst te willen doen. Huidige toepassingen zijn vooral gericht op het opsporen van phishing (49%), risicobeoordeling (46%) en rapportage (45%).

Agentic AI heeft nog een beperkte voetafdruk: 8% van de organisaties zet het al in, maar 31% plant adoptie vóór 2028. Dat is de hoogste kortetermijn-adoptieverwachting van alle onderzochte technologiecategorieën. Cloud-native platforms voor fraudedetectie en automatisering blijven opvallend onderbenut, met adoptiecijfers van respectievelijk 10% en 29%.

De meeste respondenten (62%) verwachten dat kwantumcomputing en kwantum-AI vóór 2030 merkbare impact zullen hebben op fraudedetectie. Opvallend genoeg geeft al 11% aan dat dit nu al het geval is.

Meer informatie is hier te vinden.