De Belgische IT-consultant Axxes heeft een kantoor in Utrecht geopend en daarmee de overstap naar Nederland gemaakt. Axxes is geen onbekende in de Nederlandse markt, want het werkt al voor onder andere Alphabet en DPG Media. Axxes wil het Nederlandse klantenbestand verder uitbreiden en zich in eerste instantie richten op software engineering projecten.

Axxes is een familiebedrijf dat al 25 jaar in België bestaat. Vanuit het hoofdkantoor in Antwerpen worden ruim 250 IT-consultants aangestuurd die zich focussen op onder andere software architecture, development en quality assurance. Axxes bedient zo’n 120 klanten in branches zoals media, logistiek en health.

De keuze om uit te breiden naar Nederland is een logische stap voor Axxes, zegt het bedrijf. Naast de geografische ligging, de taal en de al bestaande aanwezigheid op de Nederlandse markt, speelt de bedrijfscultuur een doorslaggevende factor. Met een open, transparante en horizontale organisatiestructuur wil Axxes aansluiting vinden bij het Nederlandse bedrijfsleven.

Roel van Heurck, Business Lead Nederland bij Axxes: “Door de toenemende vraag naar IT-consultancy en onze fijne samenwerking met Nederlandse bedrijven in de afgelopen jaren, is dit het juiste moment om een eerste Nederlandse vestiging te openen. Hoewel we dus een van de nieuwste spelers in Nederland zijn, nemen we ook 25 jaar aan kennis en expertise mee. We kijken ernaar uit om samen te werken met Nederlands software experts. Zij zullen een grote impact hebben op de richting dat ons bedrijf de komende maanden uitgaat. En we zullen daarbij zorgen voor een goede en soepele samenwerking met onze Belgische seniors.”

Volgens de Autoriteit Consument & Markt (ACM) gaat de ontwerpversie van de Europese Data Act niet ver genoeg als het gaat om het stimuleren van concurrentie tussen cloudaanbieders. Het ontbreekt met name aan prikkels om de interoperabiliteit van clouddiensten te vergroten, zodat het voor bedrijven gemakkelijker wordt om diensten te combineren of om over te stappen. In de huidige markt dreigt voor veel bedrijven een locked-in situatie te ontstaan.

Uit een marktstudie van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) blijkt dat het voor gebruikers van zakelijke clouddiensten moeilijk is om van aanbieder te wisselen. Ook kunnen zij clouddiensten van verschillende aanbieders niet goed combineren. Hierdoor zijn er risico’s voor de prijs, kwaliteit en innovatie van cloudiensten, zegt de ACM. “De ontwerpversie van de Data Act die in Europa wordt besproken zal het voor gebruikers makkelijker maken om te wisselen van cloudaanbieder. Dat is alleen nog niet genoeg voor een goed werkende markt. De ACM stelt daarom een aanpassing van de Data Act voor zodat het ook makkelijker wordt om clouddiensten te combineren (ook wel interoperabiliteit genoemd).” Ook doet de ACM vervolgonderzoek om vast te stellen in welke mate de overstapdrempels in de praktijk concurrentieproblemen veroorzaken en of die nu al kunnen worden aangepakt.

Het Nederlandse bedrijfsleven is een van de koplopers in het gebruik van de zakelijke cloud: 65 procent van de Nederlandse bedrijven maakte in 2021 gebruik van clouddiensten, terwijl dat in Europa gemiddeld 41 procent was. “Dataverwerking en digitalisering zijn in diverse sectoren essentieel geworden om te kunnen concurreren. Clouddiensten spelen met hun innovatieve toepassingen hier een essentiële rol in”, zegt Manon Leijten, bestuurslid van de ACM. “Aanbieders van clouddiensten krijgen hierdoor een steeds belangrijkere positie in de digitale economie. De ACM ziet risico’s voor de concurrentie op deze markt en vindt het belangrijk om bedrijven en organisaties hiertegen te beschermen. Daarom suggereren we enkele verbeteringen in de Data Act, waarvoor een eerste voorstel is gedaan. Die suggesties zijn erop gericht dat het makkelijker wordt om verschillende clouddiensten flexibel met elkaar te combineren zodat ondernemingen naar eigen keuze clouddiensten van verschillende aanbieders kunnen afnemen en zo de dienstverlening kunnen krijgen die voor hen het beste is en tegen de beste prijs. Ook kunnen hierdoor nieuwe innovatieve spelers makkelijker toetreden tot de markt.”

Welke risico’s ziet de ACM?
Uit de marktstudie blijkt dat de grootste twee aanbieders (Microsoft Azure en Amazon Web Services) elk een marktaandeel hebben van 35 procent à 40 procent. Gezien de kenmerken van de markt is het voor kleinere spelers moeilijk om effectief met grote geïntegreerde aanbieders te concurreren. Daarom maakt de ACM zich zorgen over verdere consolidatie.

Daarnaast wijst de ACM erop dat de concurrentie tussen clouddiensten zich vooral richt op het moment waarop bedrijven of instellingen hun aanbieder voor het eerst kiezen. Aanbieders proberen hen dan te verleiden door bijvoorbeeld gratis clouddiensten en door volumekortingen aan te bieden. Wie eenmaal een keuze heeft gemaakt, kan daarna moeilijk overstappen naar een andere aanbieder. Bedrijven en organisaties zijn dan locked-in. Het risico bestaat dat de cloudaanbieders door deze afhankelijkheid de prijzen verhogen of de kwaliteit van de dienstverlening verlagen. Ook zijn er risico’s voor de innovatie.

Cloudaanbieders ontmoedigen het overstappen naar andere aanbieders door bijvoorbeeld hoge vergoedingen te vragen voor het verplaatsen van data. Daarnaast zijn de verschillende clouddiensten van één aanbieder vaak zodanig met elkaar verweven, dat het technisch ingewikkeld is om van aanbieder te wisselen. Bovendien kunnen gegevens door het gebrek aan standaarden niet altijd goed worden overgezet. Daardoor is dataportabiliteit soms beperkt.

Daarnaast is het flexibel combineren van clouddiensten van verschillende aanbieders lastig, want clouddiensten van verschillende aanbieders kunnen zelden goed met elkaar communiceren. Door deze beperkte interoperabiliteit hebben bedrijven en organisaties weinig vrijheid in de keuze tussen clouddiensten van verschillende aanbieders.

De ACM onderzoekt de komende maanden verder in welke mate overstapdrempels zoals uitstaptarieven (egress fees) daadwerkelijk concurrentieproblemen veroorzaken en of ze dan het beste kunnen worden aangepakt op basis van de mededingingsregels of andere instrumenten, zoals de Digital Markets Act (DMA) of de aankomende Data Act.

Voorstellen voor verbetering Data Act
In de DMA staat al dat grote aanbieders (de zogenoemde poortwachters) van clouddiensten geen beperkingen mogen opleggen aan eindgebruikers om van aanbieder wisselen en moeten ze het mogelijk maken als gebruikers hun data elders willen kunnen onderbrengen. De DMA treedt volgend jaar in werking.

De ACM wil dat daarnaast interoperabiliteit makkelijker wordt gemaakt door de Data Act, die de Europese Commissie recent heeft voorgesteld. In het voorstel wordt al het nodige bepaald over het verlagen van overstapdrempels; deze gaan met name over dataportabiliteit. De ACM vindt dat daarin ook moet worden opgenomen dat aanbieders van clouddiensten verplicht zijn om interoperabiliteit mogelijk te maken. Gebruikers kunnen de diensten van verschillende cloudaanbieders dan makkelijker aan elkaar koppelen. De ACM heeft hierover enkele aanpassingen in de Data Act voorgesteld aan de Europese wetgever, zoals het maken van een duidelijk onderscheid tussen dataportabiliteit (makkelijk data elders kunnen onderbrengen) en interoperabiliteit (dat clouddiensten met elkaar kunnen samenwerken). Ook stelt de ACM voor de tarieven voor interoperabiliteit te maximeren.

Ontwikkelaars van Android-apps binnen de Europese Economische Ruimte (EER) hoeven voortaan niet langer betalingen voor apps verplicht langs de Google Play Store te laten lopen. Naast EU-lidstaten zijn ook Australië, Indonesië en Japan toegevoegd aan de lijst met landen die dat niet meer hoeven.

De wijziging geldt voor alle apps, behalve games. Developers moeten nog wel drie procent van hun inkomsten via in-appaankopen afstaan aan Google. Dit is fors lager dan de dertig procent commissie die Google rekent voor aankopen via zijn eigen betaalsysteem. Het betalen van commissie in app-stores staat al geruime tijd ter discussie. Niet alleen bij Google, ook bij Apple klagen ontwikkelaars daarover. In verschillende landen zijn claims ingediend tegen Google en Apple. Google halveerde eerder dit jaar al de commissie voor abonnementen die ontwikkelaars via de Google Play Store verkopen van dertig naar vijftien procent.

De Nederlandse investeerder Main Capital maakt de overstap naar de Belgische markt met de opening van een kantoor in Antwerpen. Daar zullen zes medewerkers gestationeerd worden. Het is het vijfde kantoor wereldwijd, naast hoofdkantoor Den Haag, Düsseldorf, Stockholm en Boston.

Main Capital investeert in softwarebedrijven die een winstgevende groeistrategie hebben. In het portfolio vinden we onder meer WoodWing, Relyon, Optimizers, Paragin en Exxcellence. Het investeringsfonds van oprichter Charly Zwemstra startte ongeveer twintig jaar geleden met een kapitaal van 2 miljoen euro. Inmiddels is dat gegroeid naar ruim 2 miljard euro. Met meer dan zestig consultants is Main Capital een van de actiefste techinvesteerders in Europa.

Leverancier van financiële software Exact heeft een overeenkomst getekend voor de overname van ERP-software weclapp van 3U Holding. weclapp is vooral actief in de Duitstalige regio’s in Europa.

weclapp, opgericht in 2008 in Frankfurt, is een cloud-based aanbieder van ERP- en CRM-software voor het MKB, met naar eigen zeggen meer dan 7.000 klanten. Het bedrijf heeft onlangs zelf twee bedrijven overgenomen: ITscope, een inkoop/B2B-handelsportaal voor het MKB, en FinanzGeek, cloud-based software voor micro-enterprises.

Exact zegt dat het sinds de overname door KKR in 2019 en  dankzij de minderheidsinvestering door Silver Lake in 2021 een snelle groei doorgemaakt. Exact streeft naar verdere fusies en overnames in de DACH-regio om de consolidatie en de overgang naar cloud te stimuleren. Paul Ramakers, CEO van Exact: “Het team van weclapp heeft een indrukwekkend bedrijf opgebouwd dat in de loop der jaren hard is gegroeid. Dat is ook beloond met meerdere industrieprijzen. We verheugen ons op de samenwerking met Ertan en zijn team.”

Ertan Özdil, CEO en oprichter, weclapp: “Onderdeel worden van Exact geeft ons meer middelen en stelt weclapp in staat om de evolutie van onze producten te stimuleren om aan de groeiende behoeften van onze klanten te voldoen. We zijn enthousiast dat we nu zijn aangesloten bij Paul en het Exact-team, die een van de meest toonaangevende softwarebedrijven in Europa hebben gecreëerd. We kijken ernaar uit om deel uit te maken van hun ambitieuze groeistrategie nu de vraag naar cloud-based diensten blijft versnellen.”

SentinelOne heeft de financiële resultaten bekendgemaakt voor het tweede kwartaal van het fiscale jaar 2023, dat eindigde op 31 juli 2022. De totale omzet bedroeg $102,5 miljoen in het tweede kwartaal van fiscaal jaar 2023, een stijging van 124 procent vergeleken met $45,8 miljoen in dezelfde periode van fiscaal jaar 2022.

“We hebben in het tweede kwartaal wederom een grote groei gerealiseerd voor alle aspecten van ons bedrijf, zoals ARR, omzet, klanten, netto-retentie en marges”, zegt Tomer Weingarten, CEO van SentinelOne.

De jaarlijkse terugkerende omzet (ARR) steeg jaar-op-jaar met 122 procent en groeide tot $438,6 miljoen op 31 juli 2022.

Het totaal aantal klanten groeide met ongeveer 60 procent tot meer dan 8.600 klanten op 31 juli 2022. Het aantal klanten met een ARR van meer dan $100K groeide met 117 procent, tot 755 klanten op 31 juli 2022. De op dollar gebaseerde netto-omzet retention rate bedroeg een record van 137 procent.

De GAAP-brutomarge was 65 procent in het tweede kwartaal van fiscaal jaar 2023, vergeleken met 59 procent voor dezelfde periode in fiscaal 2022. De Non-GAAP brutomarge was 72 procent, vergeleken met 62 procent voor dezelfde periode in fiscaal jaar 2022.

Operationele marge: De GAAP operationele marge bedroeg (106) procent in het tweede kwartaal van het fiscale jaar 2023. De non-GAAP operationele marge bedroeg (57) procent in het tweede kwartaal van het fiscale jaar 2023.

Brief aan aandeelhouders
SentinelOne heeft ook een brief aan aandeelhouders gepubliceerd. De brief geeft inzicht in de resultaten voor het tweede kwartaal van het fiscale jaar 2023 alsook de financiële vooruitzichten voor de rest van het fiscale jaar 2023.

In onze rubriek ‘Het meest opvallende nieuws’ volgt een prominent in de markt een week lang intensief de berichtgeving op ChannelConnect.nl. Hij of zij selecteert een bericht dat opviel en geeft er een reactie op.

Deze week is het de beurt aan Rene Altena, CTO bij Conclusion MBS. Zijn oog viel op het bericht dat veel bedrijven worstelen met het effectief gebruik van data. In het artikel staat dat maar liefst zeventig procent van de bedrijven worstelt om de waarde van hun data te ontsluiten. Hoewel dit percentage Altena niet per se verbaast, vindt hij het wel merkwaardig dat bedrijven anno nu nog steeds met dit soort problemen te maken hebben. Volgens hem is dat namelijk volstrekt onnodig.

Data overload

“Werken met computers en data is niks nieuws, daar werken we al decennia mee. Veel bedrijfsprocessen zijn tegenwoordig geautomatiseerd en ieder bedrijf werkt met databases. Je zou dan ook verwachten dat de meeste bedrijven inmiddels een pro zijn in het managen van data. Het tegendeel is waar. Als we de onderzoeksresultaten moeten geloven, lijkt het alsof we door de bomen het bos niet meer zien. Dat is op zich niet zo gek.”

“We werken in de cloud en dat maakt het heel gemakkelijk om letterlijk alles op te slaan. Zit de opslag vol? Dan kopen we opslagcapaciteit bij. Dat resulteert aan een berg met data, opgeslagen in data lakes bijvoorbeeld, waarin we als mens niet meer weten wat er precies opgeslagen ligt of relevant is. Maar kennelijk beschikken veel bedrijven ook niet over systemen die deze data op een gewenste manier kunnen interpreteren of ontsluiten. 83 procent van de bedrijfsleiders vindt namelijk dat zijn/haar organisatie te veel data heeft, 74 procent vindt het lastig om toegang te krijgen tot de juiste data en 60 procent spreekt van technologische beperkingen.”

Van data naar informatie

“De crux lijkt dat – wanneer we het over IT-systemen hebben – het heel vaak over technologie en de functionaliteit of schaalbaarheid ervan gaat. Er wordt te weinig vooraf stilgestaan bij wat je er als organisatie daadwerkelijk uit wil halen aan data. Aan ons als IT-sector is het daarom de taak om al aan de voorkant na te denken over welke data je nodig hebt en waarom. Zodat je het vervolgens kunt omzetten naar informatie waar je als bedrijf iets aan hebt. Doe je dat niet, dan zit je straks met een berg aan overbodige data. Bovendien is de data die je wél nodig hebt mogelijk onvindbaar, of in het ergste geval ontbreekt dit zelfs.”

Een goede datastrategie

“Maar hoe zorg je dat je data verandert in informatie waar je daadwerkelijk wat aan hebt? Daarvoor is het belangrijk om je te focussen. Juist omdat er anders wildgroei ontstaat. In plaats van alle informatie klakkeloos op te slaan zonder dat je weet of je dit ooit nog wel nodig hebt, is het beter om vóóraf na te denken over welke data je daadwerkelijk nodig hebt. En te bedenken wat je hier dan vervolgens mee wil doen.”

“Bij Conclusion MBS hanteren we een projectaanpak waarbij we focussen op vier datadeelgebieden: klanten, producten, processen en medewerkers. Voor elk van deze gebieden ontwikkelen we vervolgens een datastrategie die voortkomt uit de bedrijfsstrategie. Dat doe je door te bedenken welke plek het bedrijf in de markt inneemt, welke data je daar vanuit wilt genereren van ieder deelgebied, om daar vervolgens de tools op af te stemmen. Dat doen we altijd samen met de klant. Wat voor klantdata willen we opslaan? Welke data willen we uit de processen halen? Denk ook na over wat je wil meten van de producten. En hoe je omgaat met medewerkers én welke tools je hen geeft zodat ze chocola van data kunnen maken. Hoe modern en flexibel moeten deze tools zijn? Door hier samen vooraf goed en kritisch over na te denken en de link met de business te houden, creëer je uiteindelijk nieuwe businessmodellen die je bedrijf verder helpen.”

IT en business versmelten

“In plaats van data klakkeloos op te slaan, is het belangrijk om dit te doen volgens een vooraf uitgedachte datastrategie. Zo voorkom je dat je te veel data verzamelt, het overzicht verliest en daardoor businesskansen misloopt. Denk ook na over de plek van je organisatie in de markt: voor wie besta je en hoe pak je dit aan? Pas je IT daar vervolgens op aan. Daarmee blijf je je data de baas én je concurrenten een stap voor. Dat is echte innovatie.”

Securitybedrijf Barracuda heeft Chris Ross benoemd tot Chief Revenue Officer (CRO), verantwoordelijk voor de wereldwijde sales en partnerschappen.

Chris Ross

Ross kwam in 2015 bij Barracuda in dienst als senior vice-president international sales en heeft meer dan 30 jaar technologie-ervaring. Als CRO zal Ross zich richten op het versnellen van het huidige groeitraject van het bedrijf in de diverse regio’s.

“We zijn blij dat Chris deze rol op zich heeft genomen in deze spannende tijd voor Barracuda”, zegt Hatem Naguib, CEO van Barracuda. “Ondersteund door KKR stimuleren we innovatie binnen het hele bedrijf terwijl we onze geïntegreerde suite van geavanceerde securityoplossingen verder ontwikkelen om te voorzien in de behoeften van klanten en partners. Sinds hij bij Barracuda kwam werken, heeft Chris gezorgd voor een snelle uitbreiding en versterking van de internationale activiteiten van Barracuda. Als CRO zal hij ons wereldwijde sales team helpen om best practices te benutten, te zorgen voor meer groei en productiviteit en zal hij zorgen voor verdere afstemming van sales met andere belangrijke functies binnen het bedrijf.”

Accenture heeft de overname van Sentia’s activiteiten in Nederland, België en Bulgarije afgerond. De Sentia-groep, met hoofdkantoor in Nederland, levert cloudadvies- en leveringsdiensten voor onder andere hybride en multi-cloud strategie, cloud transformatie en migratie.

De overname, die op 2 augustus werd aangekondigd voegt meer dan 300 cloudspecialisten toe aan Accenture Cloud First.

“De prioriteit van Accenture Cloud First is om klanten te helpen met de totale transformatie van ondernemingen door hun digitale kern uit te bouwen, activiteiten te optimaliseren en groei te versnellen”, zegt Karthik Narain, global lead voor Accenture Cloud First. “Met de toevoeging van het Sentia-team breiden we onze migratie- en moderniseringsmogelijkheden uit en zijn we nog beter in staat om bedrijven te helpen hun workloads over het cloudcontinuüm te optimaliseren.”

Roy Ikink, lead voor Accenture Cloud First Nederland, voegt toe: “De overname van Sentia’s activiteiten in Nederland, België en Bulgarije versterkt onze capaciteiten in Europa, met name rond hybride cloud en souvereine cloud. De ervaring van het Sentia-team op dit gebied is van onschatbare waarde bij het ondersteunen van  klanten met regionale regelgeving op het gebied van dataprivacy.”

De financiële voorwaarden van de overname zijn niet bekendgemaakt.

De Deense activiteiten van Sentia maken overigens geen deel uit van de overname en zullen als onafhankelijk bedrijf onder de merknaam Sentia worden voortgezet, gesteund door Waterland Private Equity als hoofdaandeelhouder.

Overheidsinstanties mogen gebruik gaan maken van commerciële cloud-diensten. Daaraan zijn weliswaar voorwaarden verbonden, maar het is een behoorlijke beleidswisseling. Tot nu toe mochten overheidsinstanties alleen eigen clouddiensten gebruiken. Staatssecretaris Alexandra van Huffelen (Digitalisering, D66) maakte het nieuwe beleid bekend in een brief die ze deze week naar de Tweede Kamer stuurde.

Veel mensen en bedrijven gebruiken commerciële cloud-diensten al geruime tijd. Er is in de praktijk vaak al een hybride mix ontstaan van private cloud, public cloud en on-premise omgevingen. De overheid had in dat opzicht nog een weg te gaan, en verbood zelfs het gebruik van de bekende public clouds. Anders dan een paar jaar geleden winnen de voordelen het nu van de risico’s, aldus Van Huffelen.

Aantrekkelijk perspectief

Commerciële clouddiensten hebben zich de afgelopen jaren, mede onder invloed van de coronapandemie, razendsnel ontwikkeld. De kosten zijn relatief laag en risico’s zijn vaak beter te beheersen dan voorheen. Dat wordt mede veroorzaakt doordat leveranciers grote bedragen investeren en veel expertise inzetten bij het beveiligen van hun services. De cloud biedt daarmee een aantrekkelijk perspectief voor de ontwikkeling naar een meer innovatieve, transparante, flexibele en efficiënte digitale Rijksoverheid, is de overtuiging van de Staatssecretaris.

Om veiligheidsrisico’s te minimaliseren zijn overheidsinstellingen verplicht vooraf een risico-analyse te maken. Het gebruik van commerciële clouddiensten is bovendien niet toegestaan voor het opslaan of verwerken van staatsgeheime informatie. En er mogen geen diensten worden afgenomen van leveranciers uit landen met een actief cyberprogramma dat gericht is tegen Nederlandse belangen. Het ministerie van Defensie valt buiten de reikwijdte van dit nieuwe beleid.

Privacyvereisten

De nieuwe cloudstrategie vervangt het huidige beleid, dat dateert uit 2011. Daarbij werd nog geen gebruik gemaakt van commerciële clouddiensten. In de nieuwe situatie mogen overheidsorganisaties clouddiensten extern gaan afnemen. Alle opslag en verwerking van persoonsgegevens vindt plaats op een verantwoorde manier, die aansluit bij geldende privacyvereisten.